| Salomo schreef dat 'er niets
nieuws onder de zon is.' En in het menselijke samenstel lijkt
er sinds de Schepping vrijwel niets echt nieuw te zijn.
De apostelen Petrus en Paulus verwezen echter vaak naar God
die iets nieuws schiep in verband met het Christendom. De
Bijbel spreekt bijvoorbeeld over het zingen van een nieuw
lied; er is ook een nieuw verbond, de nieuwe
persoonlijkheid; nieuw in de geest gemaakt worden;
een nieuwe geboorte; het nieuwe Jeruzalem en
uiteindelijk de nieuwe hemelen en nieuwe aarde.
In Galatan 6:15 verwees Paulus naar de gezalfde Christenen
die het Israël Gods vormen als zijnde een nieuwe schepping.
Wat is een nieuwe schepping precies?
Gods nieuwe schepping bestaat uit degenen die geroepen
zijn om in de volledige betekenis als Christus te worden,
door het ontvangen van een hemelse opstanding als onsterfelijke,
onvernietigbare wezens, met leven in zichzelf. Jehovah's
nieuwe schepping is wonderbaarlijker dan enig andere
schepping die ooit heeft bestaan sinds het begin van de
Schepping. Want, voordat Jezus een hemelse opstanding kreeg,
was geen één van Gods schepselen onsterfelijkheid gegeven;
de engelen niet, noch serafs, noch cherubs en zelfs niet
Michaël de aartsengel voordat hij als Jezus naar de aarde
kwam, was de gave van onsterfelijkheid gegeven. Daarom is
het een nieuwe schepping, omdat het iets is wat nooit
eerder bestaan heeft.
Wedergeboren worden, of een nieuwe geboorte ontvangen,
verschilt niet veel van het mysterieuze verschijnsel wat
bekend staat als metamorphoses, wat oorspronkelijk in enkele
aardse schepselen gelegd is en bewerkstelligt dat een kruipende
rups zichzelf transformeert tot een schitterende, nieuwe
vlinder. Evenzo tranformeert de geestelijke nieuwe geboorte
aardse schepselen, die letterlijk uit stof gevormd zijn,
tot een organisatie bestaande uit 144.000 onvernietigbare
verheerlijkte geestelijke zonen van God. Jehovah heeft de
openbaring van zijn nieuwe schepping gepland tijdens het
besluit van het samenstel van dingen. In Romeinen 8:19 schreef
Paulus het volgende: "Want de vurige verwachting van
de schepping wacht op het openbaar worden van de zonen Gods."
Het is interessant dat Jehovah zijn nieuwe schepping vóór
zijn metamorfose aanspreekt als een worm. Jesaja 41:14 zegt:
""Wees niet bevreesd, gij worm Jakob, gij
mannen van Israël. Ikzelf wil u helpen", is de uitspraak
van Jehovah, ja, uw Terugkoper, de Heilige Israëls."
Het woord "teruggekochten" en verwijzingen naar Jehovah
als de "Terugkoper," komen meer dan 20 keer in het
profetische boek Jesaja voor. Het boek Inzicht in de
Schriften van het Genootschap, onder het kopje terugkopen,
past Jehovah's terugkoping van zijn volk toe op Christus'
loskoopoffer. De Christelijke schrijvers gebruikten echter
niet de uitdrukking "terugkopen" in verwijzing naar Christus'
loskoopoffer. De apostelen zeggen eenvoudigweg dat Christus
ons kocht of loskocht. Wat is het verschil? Wel, het moge
duidelijk zijn dat iets terugkopen suggereert dat
het reeds eerder gekocht is en voor welke reden dan ook
verkocht of verloren is, en vervolgens weer gekocht is -
teruggekocht dus.
In het geval van Israël, was Jehovah eigenaar van de natie
krachtens het verbond dat hij door middel van Mozes sloot
met Israël. Als gevolg van hun rebellie verkocht Jehovah
zijn eigendom tot gevangenschap en kocht hen later terug
en herstelde hen tot hun thuisland. Jesaja 50:1 luidt: "Of
aan wie van mijn schuldeisers heb ik ulieden verkocht? Ziet!
Wegens uw eigen dwalingen zijt gij verkocht, en wegens uw
eigen overtredingen is uw moeder weggezonden."
In het 52ste hoofdstuk van Jehovah's langdurige dialoog
met zijn volk zegt hij: "Want dit heeft Jehovah gezegd:
"Om niet werdt gijlieden verkocht, en zonder geld
zult gij teruggekocht worden.""
Daar terugkoping enkel van toepassing is op de verlossing
van Gods dwalende dienstknechten, dient de vraag zich aan
wanneer de hedendaagse tegenhanger van het oude Israël
verkocht wordt en daarop volgend wordt teruggekocht? Volgens
de context van Jesaja vindt het plaats gedurende
Gods oordeel, het is in feite Gods oordeel om zijn
geestelijk natie tot gevangenschap te verkopen. Beschouw
eens de volgende woorden van God in Jesaja 41:1: "Hoort
mij zwijgend aan, gij eilanden; en laten nationale groepen
zelf nieuwe kracht verkrijgen. Laten ze toetreden. Laten
ze in die tijd spreken. Laten wij samen ten geríchte
naderen."
De tijd van gericht over dit samenstel is wanneer de natiën
vast zitten in een strijd op leven en dood, wat, zoals Christus
zei, een verdrukking zou zijn die verkort zou worden, waarbij
nationale groepen "nieuwe kracht verkrijgen" zoals
het boek Jesaja vermeldt. En de volgende verzen van
het 41ste hoofdstuk verhalen hoe de natiën, in die opschorting,
een primitieve afgod maken. Dat is in harmonie met Openbaring,
waar de leidende macht van Satans politieke wilde beest
na een bijna fatale slag opnieuw kracht krijgt, enkel om
een beeld van zichzelf te maken welke de mensheid moet aanbidden.
De eeuwige toekomst van een ieder wordt bepaald doordat
ze het beeld wel of niet aanbidden.
Het is in de context van Gods oordeel over de natiën dat
hij zijn volk zowel verkoopt als terugkoopt. Beschouw de
volgende verzen uit Jesaja 43:25-28 eens. Daar staat: "Ik
- ik ben het die uw overtredingen uitwist om mijnentwil,
en uw zonden zal ik niet gedenken. Maak mij indachtig; laten
wij samen in het gericht gaan; laat uw eigen relaas horen,
opdat gij gelijk moogt hebben. Uw eigen vader, de eerste,
heeft gezondigd, en uw eigen woordvoerders hebben overtredingen
tegen mij begaan. Daarom zal ik de vorsten van de heilige
plaats ontwijden, en ik wil Jakob overgeven als een man
die aan de vernietiging prijsgegeven is en Israël aan woorden
van beschimping."
In de bovenstaande verzen spreekt Jehovah tot zijn gezalfde
zonen gedurende het oordeel van hen. Daarom nodigt God hen
uit te spreken in hun eigen verdediging. Maar, zij hebben
duidelijk geen verdediging. Er bestaat geen
excuus. En daar we het Wachttorengenootschap en de getrouwe
slaaf als woordvoerder van alle Jehovah's Getuigen erkennen,
zouden we Gods oordeel serieus moeten nemen wanneer hij
zegt - "uw eigen woordvoerders hebben overtredingen tegen
mij begaan."
Het is dus Gods oordeel dat zijn zonen als straf verkocht
moeten worden tot gevangenschap. Bijbelstudenten zouden
ook moeten opmerken dat het oordeel over de vorsten van
de heilige plaats overeenkomt met de profetie in het 8ste
hoofdstuk van Daniël, waar wordt voorzegd dat een koning
met bars gelaat de heiligen en hun heiligdom zal verderven,
vanwege hun overtredingen voor God. Het is duidelijk dat
het verderven plaatsvindt als een onmiddellijke voorbode
van de tijd waarin Jezus, de Vorst der vorsten, de koning
met bars gelaat vernietigt.
Er kan nog veel meer worden gezegd over bovenstaande profetieën,
maar wat hebben ze te maken met de nieuwe schepping?
In Jesaja 43:18, 19 zegt Jehovah: "Gedenkt niet de
eerste dingen, en richt op de vroegere dingen niet uw aandacht.
Ziet! Ik doe iets nieuws. Nu zal het uitspruiten. Zult gijlieden
het niet weten?"
Vanuit een toekomstig standpunt bezien, hebben de "eerste
dingen" en de "vroegere dingen" kennelijk te
maken met veel van wat we nu beoefenen en beschouwen als
zijnde Gods waarheid. Bij de openbaring van Jehovah's heerlijkheid,
zullen we de oude wijn van waarheid en de oude organisatorische
wijnzakken waarin die waarheden zaten echter wegdoen, om
wat nieuw is te ontvangen.
Eruit met onze dogmatische, voorbarige, onbezonnen interpretaties
van profetie welke Christus' glorieuze parousia naar
het verre verleden hebben verplaatst!
Jesaja zegt: "En de ogen der zienden zullen niet dichtgestreken
zijn, en zelfs de oren der horenden zullen aandacht schenken.
En zelfs het hart der voorbarigen zal acht geven op kennis,
en zelfs de tong der stamelenden zal vaardig zijn in het
spreken van duidelijke dingen."
Eruit met de saaie vergaderingen waar Jehovah's geboden
aan ons geleerd worden als een constant herhaald kinderversje:
"gebod op gebod, gebod op gebod, meetsnoer op meetsnoer,
meetsnoer op meetsnoer, hier een weinig, daar een weinig."
(Jesaja 28:13)
Eruit met onze verafgoding van Jehovah's zichtbare organisatie!
God illustreert onze reactie in Jesaja 30:22, waar staat:
"Als een menstruerende vrouw zult gij ertegen zeggen:
"Louter vuil!""
Eruit met streng, farizees, veroordelend wettisme!
Over de tijd waarin Christus feitelijk onze koning wordt,
gedurende een wereldwijde storm die wordt geinitiëerd door
zijn eigen tegenwoordigheid, schrijft Jesaja: "Zie! Een
koning zal regeren voor louter rechtvaardigheid; en wat
vorsten betreft, zij zullen als vorsten heersen voor louter
gerechtigheid. En een ieder moet als een wijkplaats voor
de wind blijken te zijn en een schuilplaats voor de slagregen,
als waterstromen in een waterloos land, als de schaduw van
een zware, steile rots in een uitgeput land."
Eruit met onreine pedofielen in ons midden en trouweloze
geestelijke roofdieren in ons vermeend geestelijke paradijs!
Jesaja zegt het volgende over de teruggekochten: "En
daar zal stellig een hoofdweg komen, ja, een weg, en de
Weg der Heiligheid zal die worden genoemd. De onreine zal
er niet langs trekken. En hij zal zijn voor degene die op
de weg wandelt, en geen dwazen zullen erop ronddolen. Geen
leeuw zal daar blijken te zijn, en het roofdierachtige wild
gedierte zal er niet op komen. Niet één zal er aangetroffen
worden; en de teruggekochten moeten daarop wandelen.
En het zijn de door Jehovah losgekochten die zullen terugkeren
en stellig naar Sion zullen komen met vreugdegeroep, en
verheuging tot onbepaalde tijd zal op hun hoofd zijn."
Eruit met onze boze slaven en hun trouweloze volgelingen
die in ons midden op de loer liggen!
Jesaja verhaalt op de volgende wijze hun oordeel: "In
Sion zijn de zondaars in angst komen te verkeren, huivering
heeft de afvalligen aangegrepen: 'Wie van ons kan voor enige
tijd bij een verslindend vuur vertoeven? Wie van ons kan
voor enige tijd bij langdurige branden vertoeven?'"
Eruit met onze hardvochtigheid en het hypocriete pochen
over onze vermeende rechtvaardigheid en organisatorische
reinheid!
Ezechiël voorzegt een definitieve uitstorting van geest
welke zal resulteren in de schepping van een nieuw hart
en nieuwe geest. Ezechiël 36:26-29a luidt: "En ik wil
u een nieuw hart geven, en een nieuwe geest zal ik in uw
binnenste leggen, en ik wil het stenen hart uit uw vlees
wegnemen en u een hart van vlees geven. En mijn geest zal
ik in uw binnenste leggen, en ik wil dusdanig handelen dat
gij in míjn voorschriften zult wandelen en míjn rechterlijke
beslissingen zult onderhouden en werkelijk zult uitvoeren.
En gij zult stellig wonen in het land dat ik aan uw voorvaders
heb gegeven, en gij moet mijn volk worden en ikzelf zal
uw God worden.' 'En ik wil u redden van al uw onreinheden.'"
Eruit met de oude formele manier van aanbidding en prediking!
Eruit met het enkel murmelen van onze liederen van toewijding!
Jesaja belooft dat er een nieuw lied gezongen zal worden:
""De eerste dingen - zie, ze zijn gekomen, maar
nieuwe dingen kondig ik aan. Nog voordat ze uitspruiten,
doe ik ze ulieden horen." Zingt Jehovah een nieuw
lied, zijn lof van het uiteinde der aarde, gij die afdaalt
naar de zee en naar dat wat haar vult, gij eilanden en gij
die ze bewoont."
De Psalmen bevestigen ons dat het nieuwe lied niet gezongen
wordt tot de tijd waarin we gered worden van onze doodlopende
weg. Psalm 144:5-9 luidt:
"O Jehovah, buig uw hemel neer opdat gij moogt afdalen;
raak de bergen aan, opdat ze roken. Doe het bliksemen met
bliksem, opdat gij hen verstrooit; zend uw pijlen uit, opdat
gij hen in verwarring brengt. Steek uw handen uit van den
hoge; red mij en bevrijd mij uit de vele wateren, uit de
hand van de buitenlanders, wier mond onwaarheid heeft gesproken
en wier rechterhand een rechterhand van leugen is. O God,
een nieuw lied wil ik voor u zingen."
Wellicht zelfs eruit met de naam - Jehovah's Getuigen!
Nadat Jehovah zijn op een vrouw gelijkende organisatie
teruggekocht heeft en de koning van zijn nieuwe hemelen
installeert, voorzegt Jesaja: "En de natiën zullen stellig
uw rechtvaardigheid zien, o vrouw, en alle koningen uw heerlijkheid.
En gij zult werkelijk met een nieuwe naam worden
genoemd, die Jehovah's eigen mond zal aanduiden." Het
zou kunnen dat God in verband met de openbaring van de zonen
Gods de exacte uitspraak van zijn eigen naam zal onthullen.
Om kort te gaan, Jehovah 'maakt alle dingen
nieuw!'
Nu de vraag: Nou en?
Wel, tienduizenden Jehovah's Getuigen zijn reeds gestruikeld
over juist die dingen waarvan God zegt dat hij ze weg zal
doen. Sommigen trachten de leerstelling van 1914
van het Genootschap en alle gerelateerde verkeerde interpretaties
van profetieën recht te zetten. Andere groepen van ontevreden
Jehovah's Getuigen trachten een soort van hervorming te
bewerkstelligen in het beleid van het Wachttorengenootschap
op het gebied van bloedtransfusies en kindermisbruik. Al
die hervormingen lijken tot mislukking gedoemd. Zulke zogenaamde
hervormers zouden zichzelf Jezus' raad in herinnering moeten
brengen dat je geen nieuwe wijn in oude wijnzakken zou moeten
doen. De nieuwe wijn van Jehovah's toekomstige openbaring
is het te prefereren plengoffer.
In dat verband zegt het 8ste vers van Jesaja's één na
laatste hoofdstuk: "Dit heeft Jehovah gezegd: "Net als
de nieuwe wijn in de druiventros wordt gevonden en
iemand moet zeggen: 'Verderf hem niet, want er is een zegen
in', zo zal ik doen ter wille van mijn knechten, om niet
iedereen te verderven.""
De enige realistische hoop voor werkelijke en blijvende
hervorming wordt samengevat door het volgende: "Het oude
eruit, het nieuwe erin."
|