Ten Dienste van Jehovah's Getuigen en het Wachttorengenootschap
   

19 Oktober 2003

 
 

 

 

 

 

Opties
Print Commentaar
Download Commentaar *


* Vereist Adobe Acrobat Reader 5 of nieuwer, gratis te downloaden vanaf Adobe.com


 
Op een dag zouden we kunnen terugkijken naar de huidige periode en de parallel met wat er 25 eeuwen geleden gebeurde herkennen; toen de Babylonische militaire machine voor het eerst optrok om de natiën in de regio te vertreden. Jeremia 4:7 markeert een specifiek punt in de tijd waarop de Chaldeeuwse moloch aan het rollen ging. Dat vers luidt: "Hij is opgerezen als een leeuw uit zijn struikgewas, en degene die de natiën in het verderf stort, is uitgetrokken; hij is uitgegaan uit zijn plaats om uw land tot een voorwerp van ontzetting te maken. Uw eigen steden zullen in puin vallen, zodat er geen inwoner zal zijn."

Nu het Anglo-Amerikaanse duo wordt erkend als de enige supermacht in de wereld en Amerikaans militarisme geaccepteerd wordt als de orde van de dag, lijkt het alsof de weg richting volledige wereldhegemonie werkelijk is ingeslagen. Scherpzinnige waarnemers van de huidige aangelegenheden is de duidelijke verandering van natuur van het beest sinds 9-11 zeker opgevallen. Het zou heel goed kunnen dat de beestachtige tiran, die volgens profetieën de democratische natiën en de heiligen zal vertreden, ondanks dat hij nog niet geheel getransformeerd is, eindelijk tevoorschijn is opgerezen uit zijn schuilplaats en de jacht is begonnen.

Er bestaat zeker een parallel tussen het oude Babylonische koninkrijk en de toekomstige opkomst van de 8ste koning, in dat beide entiteiten deel uitmaken van hetzelfde samenstel - in de schrift gesymboliseerd als een enkelvoudig meerkoppig beest.

In de 5de Eeuw v.G.T. diende de roofzuchtige Babylonische supermacht als Jehovah's middel voor het straffen van de natiën. Nebukadnezars niet te stoppen legers gingen als een zwiepende woestijnstorm over de landen. Vooral Juda en Jeruzalem kwamen in aanmerking voor Gods oordeel, omdat ze Jehovah voor de natiën beschaamd maakten. Daarom zegt Jeremia verder: "In die tijd zal tot dit volk en tot Jeruzalem gezegd worden: "Er is een verschroeiende wind van de veel betreden paden door de wildernis op de weg naar de dochter van mijn volk; niet om te wannen, noch om te zuiveren. Ja, de volle wind komt zelfs van deze tot mij. Nu zal ikzelf ook tegen hen de oordelen uitspreken. Zie! Als regenwolken zal hij komen opzetten en zijn wagens zijn als een stormwind. Zijn paarden zijn sneller dan arenden. Wee ons, want wij zijn met geweld geplunderd!""

Het patroon is gesteld; de teerling is geworpen. Zowel de oude Babylonische verwoester en het hedendaagse "walgelijke ding dat verwoesting veroorzaakt," hebben het werk van God gedaan en zullen dat in de toekomst ook doen, doordat ze Jehovah's volk plunderen en straffen.

Er bestaat ook een duidelijke parallel tussen de houding die door de Joodse leiders in Jeremia's tijd aan de dag werd gelegd en die van het huidige leiderschap van Jehovah's Getuigen. In Jeremia 2:35 zegt Jehovah bijvoorbeeld: "Maar gij zegt: 'Ik ben onschuldig gebleven. Waarlijk, zijn toorn heeft zich van mij afgewend.' Zie, ik ga met u in het gericht omdat gij zegt: 'Ik heb niet gezondigd.' Waarom neemt gij het als iets zeer onbetekenends op dat gij uw weg verandert?"

Het Wachttorengenootschap is niet geneigd enige wandaad of fout toe te geven. De enige uitzondering is dat er wordt toegegeven dat de vroegere Bijbelonderzoekers het bij een paar zaken bij het verkeerde eind hadden. Vele Jehovah's Getuigen zijn tot grote woede gedreven door de dubbele maatstaf die door het Genootschap wordt gebruikt om zichzelf in dit opzicht in te dekken. Maar, het valt niet te ontkennen dat de Bijbelinstelling in Brooklyn nooit zelfs maar een kleine verklaring of verontschuldiging heeft gegeven voor het feit dat ze vele struikelblokken voor miljoenen mensen hebben neergelegd. We mogen verwachten dat ware en nederige dienaren van God de leiding zullen nemen in het zoeken van vergeving vanuit de hemel en van mensen. In tegenstelling daarmee schrijft het beleid van het Wachttorengenootschap voor dat elke Jehovah's Getuige die wellicht wijst op een inconsistentie of die de kleinste klacht of kritiek uit tegen de organisatie, meestal uitgesloten wordt. Het Wachttorengenootschap is zelfs zo ver gegaan om te schrijven dat een Jehovah's Getuige die het in zijn geest oneens is met hen, zich schuldig maakt aan afvallig denken.

En nog erger, klaarblijkelijk beweert het nieuwe beleid van het Wachttorengenootschap dat elke Christen die het in zijn hoofd haalt publiekelijk enig afwijkende mening op te werpen, zichzelf automatisch heeft teruggetrokken. Dat betekent dat de gemeente eenvoudig de formaliteit van een rechterlijk verhoor overslaat. De ontstemde broeder of zuster wordt zonder vorm van proces uitgesloten - al is "teruggetrokken" de officiële theocratische terminologie.

Ter contrast, Nikodémus sprak eens in verdediging van Jezus tegen zijn mede-Farizeeërs, door te zeggen: "Onze wet oordeelt een mens toch niet zonder hem eerst te hebben gehoord en te hebben vernomen wat hij doet?" Het lijkt erop dat het Wachttorengenootschap dezelfde mentaliteit als de Farizeeën heeft aangenomen.

Maar, Nikodémus had gelijk. Iemand zonder verhoor veroordelen is illegaal. Het gaat compleet in tegen de Mozaïsche Wet, alsook het apostolische Christendom. Als bewijs daarvan moedigt Judas ouderlingen aan te trachten de harten van broeders en zusters te bereiken die gestruikeld zijn. Zelfs wanneer ze serieus de fout zijn ingegaan, moedigt Judas 22, 23 ouderlingen aan om "voort [te gaan] barmhartigheid te tonen jegens sommigen die twijfels hebben; redt hen door hen uit het vuur te rukken. Maar blijft jegens anderen barmhartigheid tonen, doch doet dit met vrees, terwijl gij zelfs het onderkleed, dat door het vlees bezoedeld is, haat."

Maar, in plaats van barmhartigheid te betonen aan degenen in moeilijkheden, zoals de Bijbel voorschrijft, is het Wachttorengenootschap genadeloos geweest - zelfs wreed, vooral in de behandeling van slachtoffers van kindermisbruik. Waar is de eerlijkheid of rechtvaardigheid te vinden wanneer er officiëel verklaard wordt dat een broeder of zuster zich vrijwillig heeft teruggetrokken, wanneer ze dit niet uit eigen beweging hebben gedaan? Het is oneerlijk en onchristelijk.

De uiteindelijke beschikking in de zaak van Vicky Boer is de meest recente gruweldaad van het Wachttorengenootschap. De rechter die oorspronkelijk in het voordeel van Vicky Boer gesproken heeft en een vergoeding van $5,000 heeft toegewezen, heeft nu, in wat enkel een grof falen van gerechtigheid genoemd kan worden, bepaald dat ze de torenhoge wettelijke rekening van het Wachttorengenootschap moet betalen. We huiveren bij de gedachte wat er gebeurd zou zijn wanneer Mevr. Boer haar zaak verloren zou hebben.

Het Wachttorengenootschap wil ons laten geloven dat de Canadese rechtbank geheel verantwoordelijk is voor de gruwelijke beslissing die genomen is. Klaarblijkelijk hebben de juristen van het Wachttorengenootschap echter gezocht naar mogelijkheden om gaten in de Canadese wet uit te buiten toen ze bij de rechtbank een verzoek indienden voor restitutie. In een zeldzaam moment van openhartigheid geeft het bijkantoor in London nu toe (in een brief van het Genootschap op de Silentlambs' website) dat het Wachttorengenootschap Mevr. Boer in eerste instantie met $20,000 heeft proberen af te kopen om haar te laten zwijgen, geld wat afkomstig is uit de schat van gegeven koninkrijksgelden.

Het Wachttorengenootschap zou op zijn minst een cheque van $5,000 moeten uitschrijven aan Mevr. Boer en het goedgunstig daarbij laten. Ze hoeven de beslissing van de rechtbank niet op te volgen. Maar, kennelijk heeft het Wachttorengenootschap de intentie om het in de rechtbank toegekende geld tot de laatste cent te innen.

Het 3de hoofdstuk van Micha stelt een onderzoekende vraag aan de leiders van Jehovah's volk die passend is om hier te beschouwen. Micha 3:1 vraagt: "Hoort alstublieft, gij hoofden van Jakob en gij aanvoerders van het huis van Israël. Is het niet aan u gerechtigheid te kennen?"

Ja, waar is de gerechtigheid wanneer de grote bronnen van een miljoenencorporatie worden gebruikt om de reeds getraumatiseerde slachtoffers van kindermisbruik te vertrappen? Met geen mogelijkheid kan dit gekwalificeerd worden als zorgen voor weduwen en wezen in hun tijden van nood.

Waar is de gerechtigheid in demonisering en uitsluiting van personen die reeds lange tijd Jehovah's Getuigen zijn en die opkomen voor gerechtigheid en advocaten worden van slachtoffers van misbruik?

Waar is de gerechtigheid wanneer broeders en zusters wordt geweigerd aanwezig te zijn bij een gerechtelijk verhoor en in plaats van in het recht van beroep te voorzien, eenvoudig een stempel op hun dossier te drukken: Teruggetrokken?

Een vertegenwoordiger van Jehovah God zijn is een zeer zware verantwoordelijkheid. Jehovah verwacht dat zijn herders de kudde met tederheid behandelen - niet met wreedheid. Jehovah verwacht dat degenen naar wie door zijn volk opgekeken wordt voor leiding, zijn eigen liefde en mededogen weerspiegelen - geen harteloosheid en meedogenloosheid. Jehovah verwacht dat de leiders van zijn volk de leerstellingen van Christus volgen door vergevensgezind te zijn; vlug te zijn om iets extra's te doen om zaken met anderen recht te zetten.

Jehovah's visioen voorziet echter wat anders dan het mededogen van Christus. De teerhartige Jehovah spreekt door middel van Micha verder tot de leiders van zijn volk, zeggende: "Gij die het goede haat en het kwade liefhebt, die de mensen hun huid aftrekt en hun organisme van hun beenderen; gij die ook het organisme van mijn volk hebt gegeten en hun zelfs de huid hebt afgestroopt en zelfs hun beenderen hebt stukgeslagen en hen hebt verbrijzeld als dat wat in een pot met wijde opening zit en als vlees midden in een kookpot."

In de zaak van Vicky Boer, en helaas ook vele anderen, heeft het Wachttorengenootschap haar spreekwoordelijke volle pond gehad, zoals ook de profeet van Jehovah beeldend beschrijft.

Micha 3:5 is zelfs nog vernietigender in zijn veroordeling. Er staat: "Dit heeft Jehovah gezegd tegen de profeten die mijn volk doen dolen, die met hun tanden bijten en die werkelijk uitroepen: 'Vrede!'; die, wanneer iemand niet iets in hun mond stopt, ook werkelijk de oorlog tegen hem heiligen."

We zitten er niet ver naast wanneer we zeggen dat het Wachttorengenootschap oorlog tegen Mevr. Boer geheiligd heeft en dat ze zichzelf kunnen feliciteren met hun klinkende overwinningsveldtocht. Evenzo kan elke Jehovah's Getuigen die niet op aanbiddende toon over het Genootschap spreekt grote problemen van bovenaf verwachten.

Zoals de profetie ook vermeldt, hebben de organisatorische profeten en visionairs ook veroorzaakt dat Jehovah's Getuigen van het pad zijn "gedoold," doordat ze grote gedeelten van profetie toepassen op óf de periode van 1914-1919 óf de Christenheid. Vanwege de misleidende interpretaties van het Wachttorengenootschap, bezitten Jehovah's Getuigen geen Schriftuurlijke basis om enig soort van oordeel van God te verwachten bij de feitelijke aankomst van Christus. Het toneel waarop Micha 3:6, 7 in vervulling kan gaan, is nu gereed. Daar staat: "Daarom zult gijlieden nacht hebben, zodat er geen visioen zal zijn; en duisternis zult gij hebben, zodat gij geen waarzeggerij zult beoefenen. En de zon zal stellig ondergaan over de profeten, en de dag moet donker worden over hen. En de visionairs zullen beschaamd moeten worden, en de waarzeggers zullen stellig teleurgesteld worden. En zij zullen de snor moeten bedekken, zij allen, omdat er geen antwoord van God komt."

De institutionele visionairs en profeten die, samen met andere zaken, hardnekkig volhouden dat Christus is teruggekeerd in 1914 en dat het wilde beest toen opleefde na zijn voorzegde doodsslag, zullen uiteindelijk verantwoording moeten afleggen voor de zich ontvouwende realiteit waarbij zij niet de mogelijkheid hebben er een bepaalde draai aan te geven. De gerechtigheid van Jehovah vereist dat degenen die in zijn naam leugens spreken in het openbaar vernedered moeten worden.

(Het is interessant dat de berekeningen van de zeven tijden oorspronkelijk verbonden waren aan spiritistische piramidologie, wat natuurlijk reeds lang geleden verworpen is. Echter, zelfs het verbinden van Christus' wederkomst aan Bijbelse chronologie is afhankelijk van buiten-bijbelse bronnen, zoals astrologische dateringen en Babylonische spijkerschrifttabletten. Wat Jehovah betreft staat de poging om dingen die niet te voorzien zijn door middel van zulke handigheidjes toch proberen te voorzien, gelijk aan waarzeggerij - zoals het bovenstaande vers beschrijft.)

In afgelopen jaren heeft het Wachttorengenootschap zonder twijfel gedemonstreerd dat het geen enkele intentie heeft de onredelijke interpretaties van profetieën te herzien en zodoende meer op één lijn met de waarheid te komen. Integendeel, de organisatie lijkt zich vooral bezig te houden met de stabiliteit en financiële welvaart van de organisatie. Micha 3:11 beschrijft deze houding en laat ook Jeremia's profetie weerklinken, in dat de leiders van Gods volk aannemen dat ze de zegen van de hemel hebben en boven Gods oordeel staan. Het vers luidt: "Haar eigen hoofden spreken recht louter om steekpenningen, en haar eigen priesters onderrichten alleen om een prijs, en haar eigen profeten beoefenen waarzeggerij enkel om geld; toch blijven zij op Jehovah steunen en zeggen: "Is Jehovah niet in ons midden? Ons zal geen rampspoed overkomen.""

Nu, om onszelf beter te situeren in verband met de vervulling van deze veroordelingen, beschouw de context waarin de profetie is geschreven eens. Wanneer we vanaf het bovenstaande vers twee verzen verder kijken, zegt Micha 4:1: "En het moet geschieden in het laatst der dagen dat de berg van het huis van Jehovah stevig bevestigd zal worden boven de top der bergen, en hij zal stellig verheven worden boven de heuvels; en daarheen moeten volken stromen. En vele natiën zullen stellig heengaan en zeggen: "Komt, en laten wij opgaan naar de berg van Jehovah en naar het huis van de God van Jakob; en hij zal ons onderrichten omtrent zijn wegen, en wij willen zijn paden bewandelen.""

Het genootschap leert dat "het laatst der dagen" in 1914 begon en dat het op een berg gelijkende koninkrijk van God sinds die tijd prominenter is geworden dat alle andere op bergen gelijkende instellingen. Maar, is dat werkelijk zo? Op welke wijze is Gods koninkrijk verheven boven al het andere op aarde? Is enkel het feit dat enkele miljoenen mensen zijn gaan geloven dat Christus in 1914 terugkeerde een vervulling van de profetie? Dat is niet redelijk. Andere religies ervaren ook een snelle groei. De religie van de Mormonen is naar men zegt de snelst groeiende "Christelijke" religie in de wereld. De Islam is de snelst groeiende religie. Op welke wijze is de aanbidding van Jehovah daarom belangrijker geworden dan die religies? Het is duidelijk dat dit niet het geval is. Enkel beweren dat de lucht groen is terwijl hij blauw is, maakt nog niet dat hij ook werkelijk groen is.

Verder zegt het zo vaak geciteerde 3de vers van Micha's profetie: "Want uit Sion zal de wet uitgaan, en het woord van Jehovah uit Jeruzalem. En hij zal stellig rechtspreken onder vele volken en de zaken rechtzetten met betrekking tot verre, machtige natiën. En zij zullen hun zwaarden tot ploegscharen moeten smeden en hun speren tot snoeimessen. Zij zullen, natie tegen natie, geen zwaard opheffen, ook zullen zij de oorlog niet meer leren. En zij zullen werkelijk ieder onder hun wijnstok en onder hun vijgeboom zitten, en er zal niemand zijn die hen doet beven; want het is de mond van Jehovah der legerscharen die het heeft gesproken."

Op dit moment in de geschiedenis worden de natiën door een handjevol, door demonen bestuurde mannen, gemanipuleerd tot een botsing der beschavingen en een Derde Wereldoorlog. Op geen enkel ander tijdstip in de geschiedenis hebben we het zo hard nodig dat Jehovah God ingrijpt met zijn oordeel om de zaken recht te zetten. Maar, wil enkel het feit dat Jehovah's Getuigen weigeren in oorlog te gaan zeggen dat God de zaken onder de natiën eindelijk heeft rechtgezet? Heeft het feit dat wij de kunst van het oorlog voeren niet leren ervoor gezorgd dat er vrede is in deze door oorlog verwoeste wereld? En heeft het feit dat onze dienstplichtige jonge mannen hebben geweigerd in dienst te gaan de wereld veiliger gemaakt? Betekent de beoefening van vrede door Jehovah's Getuigen dat we niet hoeven te beven bij de nu opdoemende vooruitzichten van angstwekkende nucleaire oorlogsvoering? Het antwoord op die vragen is uiteraard nee.

Het laatst der dagen, de tijd waarin de profetie in vervulling zal gaan, moet parallel lopen aan dezelfde periode die we kennen als de tijd van het einde, wat bewezen de periode van verdrukking is. Gods oordelen die ervoor zorgen dat de natiën stoppen met oorlog voeren, zodat mensen in volledige veiligheid wonen, zijn op geen enkele wijze reeds realiteit geworden. De enige keer dat de profetie mogelijkerwijs bewaarheid kan worden, is gedurende de holocaust van de verdrukking. Micha's vredesprofetie kan alleen betekenis hebben in het geval van Gods ingrijpende en diepgaande tussenkomst gedurende een oorlog die vernietiging over de gehele planeet dreigt te brengen.

Dat is goed nieuws, omdat wij, die zich bewust zijn van zoveel zaken die Gods dringende aandacht vereisen binnen onze Christelijke organisatie, niet langer hoeven te veronderstellen dat zijn oordelen reeds hebben plaatsgevonden.

Het best mogelijke nieuws voor degenen wiens flikkerend geloof niet geheel en al vernietigd is door twijfel, is dat onze hoop en ons geloof in Jehovah niet aangepast hoeft te zijn aan de hoofdbrekende versie van de realiteit van het Wachttorengenootschap. Volgens de Bijbels eigen definitie van geloof in Hebreeën 11:1, waar staat: "Geloof is de verzekerde verwachting van dingen waarop wordt gehoopt, de duidelijke demonstratie van werkelijkheden die echter niet worden gezien;" bestaat de duidelijke demonstratie van werkelijkheden die ons geloof ons laat zien hieruit, dat de kritieke fase is bereikt, zowel in wereldgebeurtenissen als binnen de organisatie, wat past binnen het bijbelse patroon waarin Jehovah's ingrijpen om de zaken werkelijk recht te zetten wordt beschreven.


 
         
Home | Essays | Postzak | Commentaren | Gastenboek | Links | Tools | Site Map | The Watchman