| |
|
|

Het commentaar van deze week is gewijd aan vragen betreffende
de bloedkwestie.
|
Want het heeft de heilige
geest en ons goedgedacht U geen verdere last toe
te voegen dan deze noodzakelijke dingen: U te blijven
onthouden van dingen die aan afgoden ten slachtoffer
zijn gebracht en van bloed en van al wat verstikt
is en van hoererij.
Indien gij U nauwlettend voor
deze dingen wacht, zal het U goed gaan.
Wij wensen U een goede gezondheid
toe!"
- Handelingen 15:28, 29 -
|
|
| Als het consumeren
van bloed een hoofdzonde was, waarom werden Sauls
mannen dan niet terechtgesteld toen zij niet alleen
het vlees, maar ook tot het eten van bloed vervielen?
(1 Sam. 14:31-35) |
|
|
|
De bijbel vertelt niet waarom. Natuurlijk handelde
Saul ondoordacht door zijn mannen het bevel te geven
dat zij niet mochten eten totdat hun vijanden waren
verslagen. Jehovah had het vijandelijke kamp al
in verwarring gebracht, maar toch vertrouwde Saul
ongelovig op de kracht van mensen. Ironisch genoeg
had dat het omgekeerde effect en zijn dwaze bevel
deed zijn mannen onnodig in een zeer gevaarlijke
situatie belanden, doordat hun kracht en uithoudingsvermogen
gedurende een hele dag durende slag met de Filistijnen
in gevaar werd gebracht. Het resultaat was dat de
uitgehongerde strijdende mannen, toen zij de buit
van de vijand aantroffen, niet de tijd namen de
dieren fatsoenlijk te laten uitbloeden.
Er staat: "En op die dag bleven
zij de Filistijnen neerslaan, van Michmas tot Ajalon
toe, en het volk werd zeer vermoeid. En het volk
wierp zich nu gulzig op de buit en nam schapen en
runderen en kalveren en slachtte
ze op de aarde, en het volk ging het vlees eten
met het bloed."
We kunnen ons echter afvragen als de Wet zou zijn
toegepast, wie had dan de uitgehongerde soldaten
ter dood gebracht: Saul? Hij had waarschijnlijk
een oproer gehad als hij ze volgens de wet had proberen
te straffen. Hij was degene die er in de eerste
plaats verantwoordelijk voor was dat zij in die
situatie beland waren. Maar het verslag zegt op
geen enkele manier hoe Jehovah de zaak beoordeelde.
Het verslag erkent echter wel dat de mannen zondigden
tegen God door het vlees met het bloed te eten.
Toch kunnen we, doordat Jehovah geen rechterlijke
beslissing uitbracht in deze specifieke zaak, dit
verslag niet gebruiken als één of
andere wettig precedent om Gods wet ten aanzien
van bloed in een noodsituatie opzij te schuiven.
|
|
| Aangezien een
Israeliet een niet uitgebloed dier, dat een natuurlijke
dood was gestorven, mocht eten wanneer dat noodzakelijk
was (Zie Lev. 17:15) en dit alleen in ceremoniële
onreinheid resulteerde die baden en het wassen van
de kleding vereiste, waarom stelt het Wachttorengenootschap
dan dat we degenen die een bloedtransfusie aanvaarden
om het leven te redden, moeten uitsluiten? |
|
|
|
In dat gedeelte van de wet staat het volgende:
"Wat enige man betreft van de zonen
van Israël of een inwonende vreemdeling die in uw
midden vertoeft, die tijdens het jagen een wild
dier of gevogelte vangt dat gegeten mag worden,
die moet in dat geval het bloed daarvan uitgieten
en dat met stof bedekken. Want de ziel van elke
soort van vlees is zijn bloed door de ziel die erin
is. Dientengevolge heb ik tot de zonen van Israël
gezegd: "Gij moogt het bloed van geen enkele soort
van vlees eten, want de ziel van elke soort van
vlees is zijn bloed. Een ieder die het eet, zal
worden afgesneden." Wat enige ziel betreft die een
lichaam dat reeds dood is of iets wat door een wild
dier verscheurd is, eet - hetzij ingeborene of inwonende
vreemdeling - die moet in dat geval zijn kleren
wassen en zich in water baden en tot de avond onrein
zijn; en hij moet rein zijn. Maar indien hij ze
niet zal wassen en zijn vlees niet zal baden, dan
moet hij de verantwoordelijkheid voor zijn dwaling
dragen."
In het geval van op natuurlijke wijze gestorven
of door een wild beest gedode dieren, maakte Jehovah
een uitzondering op zijn eigen Wet. Dus, bijvoorbeeld,
zeg dat een herder één van zijn schapen
verloor door een wolf, maar de wolf doodde het schaap
alleen maar en verzwolg het niet: Jehovah stond
dan toe dat dat dier als voedsel diende voor de
herder, ook al was het niet mogelijk geweest het
dier afdoende te laten uitbloeden en het bloed met
stof te bedekken. Vooropgesteld dat hij naderhand
zichzelf en zijn kleren baadde, werd de man niet
voor schuldig gehouden. Als de man echter naderhand
niet baadde zou hij voor God bloedschuld hebben.
Jehovah was dus redelijk en plaatste niet
de waarde van een dier boven de behoeften van mensen.
Op dezelfde manier erkende Jezus onze waarde in
relatie tot het dierenrijk toe hij zei: "U
bent meer waard dan vele mussen." Toch,
zelfs waneer het werd toegestaan dat een onuitgebloed
dier gegeten werd (vooropgesteld dat het niet mogelijk
was een reeds dood karkas uit te laten bloeden),
verlangde God van de persoon dat hij de schuld ten
aanzien van de Levengever erkende door naderhand
te baden. In plaats van Gods Wet, waarin stond dat
het bloed uitgegoten moest worden, te verzwakken,
versterkte het de verplichting van de Hebreeën
Jehovah's eigendomsrecht op het leven en bloed van
iedere ziel te erkennen.
Sommigen zijn geneigd dit principe toe te passen
als een middel om de apostolische verordening "zich
van bloed te onthouden" geheel te ontkrachten,
alsof het geen enkele invloed heeft op het medisch
gebruik van bloed. Doet dat echter recht aan de
uitzondering die Jehovah in de Mozaïsche Wet
maakte? Meer nog, waardeert dit de geest van de
christelijke wet die zegt "je van bloed
te onthouden"? Redelijkerwijs volgt de
benadering die Jehovah's Getuigen hebben ten aanzien
van de vele verschillende vormen van bloedtransfusie
dichter de geest die in de oude Israëlische
Wet wordt belichaamd.
Onze zienswijze is dat bloed en zijn hoofdbestanddelen
onder geen enkele omstandigheid zouden moeten worden
getransfuseerd. Maar we staan ieders individueel
geweten toe zaken te overwegen met betrekking tot
medische procedures waarbij derivaten van deze bestanddelen
worden gebruikt. In essentie belichaamt onze benadering
de uitzondering die Jehovah in de Wet heeft gemaakt.
Net als de Hebreeuwse man, die een onuitgebloed
dier at, zijn onreinheid voor God moest erkennen
en anders ter dood gebracht diende te worden, is
ons doel de Levengever te eren die al lang geleden
het bloed van iedere ziel opeiste, zonder daarbij
terzelfder tijd toe te staan dat Farizees fanatisme
en dogmatisme het leven dat Jehovah zo'n hoge waarde
toekent, devalueert. Zeker, het is niet altijd makkelijk
aan God te refereren en onze persoonlijke belangen
in evenwicht met hem te brengen. Maar Jehovah's
Getuigen proberen het tenminste.
|
|
| Aangezien het
vereiste dat bloed moet worden uitgegoten dat ligt
opgesloten in de Mozaïsche Wet niet wordt herhaald
in de Griekse Geschriften en aangezien Christenen
niet onder de Mozaïsche Wet staan, waarom zou
het dan verkeerd zijn je eigen bloed op te slaan voor
een operatie? |
|
|
|
Je vergist je. De apostelen sloten specifiek in
hun verordening het bevel in zich te onthouden "van
wat is verstikt." Wanneer een dier was
verstikt kon het niet, overeenkomstig de Joodse
Wet, voldoende zijn uitgebloed. Meer nog, de apostelen
erkenden dat deze voorschriften uit de Mozaïsche
Wet kwamen. Handelingen 15:19-21 zegt: "Daarom
is mijn beslissing om degenen uit de natiën die
zich tot God keren, niet lastig te vallen, maar
hun te schrijven zich te onthouden van dingen die
door afgoden zijn bezoedeld en van hoererij en van
het verstikte en van bloed. Want van oudsher heeft
Mozes in stad na stad mensen gehad die hem prediken,
omdat hij elke sabbat in de synagogen wordt voorgelezen."
Vanzelfsprekend was de Mozaïsche Wet van toepassing
op dierlijk bloed dat moest worden uitgegoten. Maar
lang voor de Wet tot bestaan kwam eiste God het
bloed van zowel ieder mens als dier op. In Genesis
9:4-5 zegt God: "Alleen vlees met zijn ziel
- zijn bloed - moogt gij niet eten. En bovendien
zal ik uw bloed van uw zielen terugeisen. Van de
hand van elk levend schepsel zal ik het terugeisen;
en van de hand van de mens, van de hand van een
ieder die zijn broeder is, zal ik de ziel van de
mens terugeisen."
Aangezien Noach de voorvader van alle tegenwoordig
levende personen is en zijn bloed de bron van ons
bloed was, is het verbond dat God met hem sloot
na de vloed bindend voor de hele mensheid. Jehovah
is de eigenaar van ons leven. En aangezien het bloed
in onze aderen datgene is wat ons leven onderhoud
zolang we leven, eist Jehovah specifiek het bloed
van iedere levende ziel op.
In de Tuin van Eden eiste Jehovah het alleenrecht
op een zeer bijzondere boom in de tuin op - de boom
der kennis van goed en kwaad. Het resultaat van
het eten van de verboden vrucht van die boom door
Adam en Eva is welbekend. In de kern der zaak werden
Adam en Eva fruitdieven. Ze namen en aten van iets
wat niet hun eigendom was. Jehovah's Getuigen geloven
dat, aangezien God specifiek ons bloed opeist, en
het in zichzelf evident is dat hij ons ons bloed
onder voorwaarde geeft, het daarom ongepast
is iets wat niet echt van onszelf is te geven
of zelfs op te slaan voor toekomstig gebruik.
|
|
| Jezus was bereid
op de Sabbat wonderen te verrichten om levens te redden
of gewoon de zieken te genezen en hij veroordeelde
de vrouw die aan een bloedvloeiing leed niet voor
het aanraken van hem waarmee ze hem ceremonieel onrein
maakte. Eerder veroordeelde hij de Farizeeën
wegens hun Talmoedische zienswijze. Zou Jezus niet
een uitzondering maken op een dieetregel? |
|
|
|
In de eerste plaats zette Jezus niet Gods Sabbatwet
aan de kant. Hij negeerde eenvoudig de Farizeese
tradities die valselijk aan de Sabbat waren gehecht.
In de tweede plaats was Gods verbod op het eten
van bloed niet slechts een "dieetregel".
Dat blijkt duidelijk uit het feit dat in het 11de
hoofdstuk van Leviticus, waar God talrijke dieetregels
uiteenzette zoals welke dieren wel en niet konden
worden gegeten, bloed in die context niet eens wordt
genoemd. In plaats daarvan wordt Gods wet tegen
het eten van bloed in het 17de hoofdstuk van Leviticus
in samenhang met dierlijke slachtoffers genoemd.
Als verder een Israëliet de wet overtrad door
een dier, vis of vogel, die onder de wet als onrein
werd beschouwd, te eten of aan te raken, dan was
hij of zij eenvoudig onrein tot de avond. Dat gaat
echter niet op voor de persoon die bloed at. Zij
werden niet slechts als tot de avond ceremonieel
onrein beschouwd - zij moesten ter dood worden gebracht.
God stelde het eten van bloed buiten de wet, niet
omdat in zijn ogen onrein was, zoals sommig soorten
vogels, maar omdat het bloed voor Jehovah heilig
is.
Er werd tevens in een visioen aan Petrus getoond
dat God rein had verklaard wat vroeger onrein werd
beschouwd. Petrus en de andere apostelen wisten
dus dat God niet langer de dieetregels van de Mozaïsche
Wet op de Christelijke gemeente toepaste. Maar dat
wetende, maakte het apostolische gebod duidelijk
dat het onthouden van bloed nog steeds één
van de "noodzakelijke dingen" was die
voor Christenen nog steeds bindend waren, ook al
waren de talrijke voedselbeperkingen van de Wet
van Mozes dat niet meer. Het is dus verkeerd om
te beweren dat Gods wet ten aanzien van bloed slechts
een dieetregel was en is.
Gezien het voorbeeld dat Jezus stelde zouden we
er goed aan doen ons te herinneren dat, terwijl
hij het onbarmhartige Talmoedische gedrag van de
Farizeeën veroordeelde, hij nooit Gods wet
ontkrachtte. Jezus leerde ons dat gehoorzaamheid
aan God belangrijker is dan het leven zelf. De zoon
van God legde het beginsel neer dat hij die zijn
ziel zoekt te redden (waarschijnlijk door zijn geloof
geweld aan te doen), hem zou verliezen, maar hij
die zijn ziel verliest ten behoeve van Christus,
hem zou redden. Jezus bracht wat hij leerde in praktijk
toen hij zijn eigen leven gaf om Gods wil te volbrengen.
Maar je vraag komt er op neer dat het Wachttorengenootschap
geen respect voor menselijk leven toont door Jehovah's
Getuigen er ongevoelig van te weerhouden een potentieel
levenreddende behandeling te ontvangen. Dat is verkeerd.
Eén ding moge duidelijk zijn, een bloedtransfusie
nemen is geen garantie op leven, noch betekent het
weigeren van bloed een zekere dood - zoals velen
naïef genoeg geloven. Veel onfortuinlijke zielen
hebben hun leven verloren door een vermeend levenreddende
transfusie te nemen, alleen om een fatale hemolitische
reactie te krijgen of een of andere afschuwelijk
ziekte op te lopen. Aan de andere kant hebben vele
Jehovah's Getuigen, ondanks de ernstige waarschuwingen
en voorspellingen van doktoren, transfusie geweigerd
en maken het heel goed.
Behalve dat heeft het Wachttorengenootschap verantwoordelijk
gehandeld door heel ver te gaan in het onderwijzen
van doktoren en medisch personeel wat betreft aanvaardbare
alternatieven voor Jehovah's Getuigen die een behandeling
nodig hebben. In de meeste grote steden met groepen
Jehovah's Getuigen heeft het Wachttorengenootschap
geschikte ouderlingen ondersteund en opgeleid tot
wat bekend staat als Ziekenhuiscomité's.
Er zijn talrijke seminars
over de hele wereld gehouden ten einde confrontaties
in de bloedkwestie tot een minimum te beperken.
Als resutaat van het voortschrijdende werk van de
Ziekenhuiscomité's
zijn nu meer dan 90.000
doktoren en ander medisch personeel meer dan
bereid met Jehovah's Getuigen samen te werken. En
niet alleen dat, maar er zijn nu ongeveer 80 medische
centra over de wereld waar bloedloze medicatie en
operaties worden uitgevoerd.
Jehovah's Getuigen kunnen trots zijn op het feit
dat het Wachttorengenootschap het instrument is
geweest waardoor operaties
zonder bloed en andere bloedloze therapieën
aanvaardbare alternatieven zijn geworden, niet alleen
voor Jehovah's Getuigen maar ook tot het welzijn
van anderen. Hier staat een link
naar een website, die de bijdrage die de Getuigen
hebben geleverd tot het acceptabeler maken van bloedloze
alternatieven voor het grote publiek, bevestigt.
Dus de beschuldiging of suggestie dat het Wachttorengenootschap
op een of andere manier onzorgvuldig of onachtzaam
in deze zaken is geweest, is absoluut niet waar.
|
|
| Hoe kan het
Wachttorengenootschap de vermaning "geen vlees
te ETEN wat aan afgoden ten slachtoffer is gebracht"
als het symbool van de grotere kwestie "Afgoderij"
en niet als een voedselregel bezien? Terwijl zij tegelijkertijd
"zich onthouden van het ETEN van bloed"
als een letterlijke voedselregel beziet en niet als
een symbool van de grotere kwestie van "Heiligheid
van het Leven"? Hoe kan zij zo'n drastisch verschil
in zienswijze hebben, terwijl de twee voedselregels
in dezelfde zin en vers van de bijbel staan? (Hand.
15:29) |
|
|
| Je vergist je. De apostelen zeiden
niet dat Christenen zich moesten "onthouden van
het eten van bloed." Ze zeiden eenvoudig:
"onthoud u van bloed." Nogmaals,
de apostelen legden Christenen geen voedselregel op. |
|
| Zou het ontzeggen
van een medische behandeling aan je kind, wanneer
de dood het alternatief is, je verantwoordelijk voor
de dood maken? |
|
|
| De uitdrukking dat Jehovah's Getuigen,
die ouders zijn, hun kind een "medische behandeling"
onthouden, is verkeerd. Er is een uitgebreide serie
effectieve behandelingen zonder bloed, die in de meeste
gevallen acceptabel zijn. |
|
| Als een bloedtransfusie
in essentie een orgaantransplantatie is, hoe kan het
dan worden bezien als "het eten van bloed,"
aangezien er geen spijsverterings- of voedingswaarde
uit voortspruit? Kan het tegelijkertijd een orgaantransplantatie
en een maaltijd zijn? |
|
|
| Het maakt niet uit hoe jij
verkiest een bloedtransfusie te classificeren, of
het nu wordt beschouwd als een of andere orgaantransplantatie
of wat dan ook; het bijbelse gebod is tamelijk ondubbelzinnig
- onthoud u van bloed. |
|
| Als het opslaan
van bloed voor een autologe transfusie verkeerd is,
waarom staat het Wachttorengenootschap dan wel het
gebruik van verscheidene bloedcomponenten toe die
moeten worden gedoneerd en opgeslagen voordat ze door
Jehovah's Getuigen kunnen worden gebruikt? |
|
|
|
Het is niet echt juist te zeggen dat het Wachttorengenootschap
verscheidene bloedcomponenten toestaat. Het standpunt
van het Wachttorengenootschap is dat het gebruik
van bloedfracties een gewetenszaak is. Het is beter
te zeggen dat sommige Jehovah's Getuigen zichzelf
toestaan bloedfracties te gebruiken. Daarentegen
denken anderen dat dat niet juist is. Het is aan
een ieder dit voor de ogen van God te beslissen.
Dit is het correcte standpunt en in overeenstemming
met het in de bijbel opgenomen precedent dat het
eten van vlees, dat aan afgoden ten slachtoffer
is gebracht, behandelt.
Zoals je weet zegt de apostolische verordening
die christenen zegt zich van bloed te onthouden
ook zich te "onthouden van dingen die door
afgoden verontreinigd zijn." Dat zou er op
lijken dat het christenen verboden wordt enig soort
van voedsel dat aan afgoden is geslachtofferd te
eten. Echter, toen Paulus aan de Korinthiërs
schreef, beredeneerde hij dat het Christenen is
toegestaan voedsel dat aan afgoden is geslachtofferd
te eten, zolang de christenen maar niet rechtstreeks
deelnamen aan het afgodische offer. Uiteindelijk
stelt de afgod niets voor. Alles is sowieso van
Jehovah, beredeneerde Paulus, en christenen die
dank aan Jehovah zeiden konden met een rein geweten
voor Jehovah alle voedsel eten.
In het 10de hoofdstuk van 1 Korinthiërs verklaart
Paulus verder hoe gewetenszaken in die kwestie in
het geding zijn, als hij schrijft: "Blijft
alles eten wat op een vleesmarkt wordt verkocht,
zonder vanwege uw geweten navraag te doen, want
"de aarde en dat wat haar vult, behoort Jehovah
toe". Indien iemand van de ongelovigen u uitnodigt
en gij wenst te gaan, eet dan alles wat u wordt
voorgezet, zonder vanwege uw geweten navraag te
doen. Maar zou iemand tot u zeggen: "Dit is iets
wat ten offer is gebracht", eet dan niet ter wille
van degene die het heeft onthuld en vanwege het
geweten."
De situatie die Paulus beschreef is niet anders
dan de kwestie in verband met het nemen van bloedfracties
wat sommige Jehovah's Getuigen tegenwoordig doen.
In het geval van op de markt verkocht vlees dat
op iemands eettafel belandt en waar u misschien
voor een maal bent uitgenodigd, zou volgens de apostel
een redelijke christen er geen kwestie van moeten
maken of het vlees al dan niet als slachtoffer aan
een afgod was geofferd. Klaarblijkelijk was het
vlees verscheidene stappen verwijderd van de daadwerkelijke
afgodische ceremonie - dus waarom zou je er een
punt van maken? Waar het om gaat is: De eter offerde
dat dier niet aan een valse god en had de vrijheid
het met een goed geweten te eten.
Hetzelfde principe zou van toepassing kunnen zijn
op degenen die de keus zouden kunnen maken gebruik
te maken van derivaten van gedoneerd bloed. De bloeddonatie
zelf zou met het daadwerkelijke dierlijke offer
kunnen worden vergeleken. Naderhand gaat het bloed
door een industrieel proces waar het wordt opgedeeld
in zijn samenstellende delen en hun derivaten en
op dat punt bereiken de talrijke onderdelen "de
markt." Op welk punt lijken de fracties echter
niet meer op het bloed waaraan ze zijn onttrokken
en afgeleid? Het Wachttorengenootschap heeft een
lijst van hoofdbestanddelen die volbloed vormen
gemaakt. Dat is redelijk. Sommige Jehovah's Getuigen
hebben echter beredeneerd dat kleinere componenten,
zogenoemde derivaten, onherkenbaar zijn ten opzichte
van het bloed van de oorspronkelijke persoon uit
wiens aderen het was verwijderd; en net als met
het dierlijke slachtoffer dat op iemands eettafel
terechtkomt, doen zij, om het zo maar eens te zeggen,
geen navraag naar de donor. In andere woorden: Het
is een zaak die ieder christelijk geweten voor zichzelf
moet oplossen - net zoals met de kwestie van slachtoffervlees
uit de eerste eeuw.
Zaken van het geweten kunnen echter voor onrijpe
christenen erg moeilijk zijn om mee om te gaan.
Zoals Paulus verder redeneerde, al hadden rijpe
christenen de autoriteit te eten wat zij wilden,
dan nog moesten zij het geweten van anderen, die
niet zo sterk in hun geloof waren, onzien. Het gevaar
bestond dat sommige zwakke chrisenen, die de "sterke"
broeder dergelijk voedsel zagen eten, misleid zouden
kunnen worden deel te nemen en hun eigen geweten
geweld aan te doen - dat ze dachten een zonde te
begaan, maar dat het wel goed zat. Anderen zouden
kunnen worden aangemoedigd daadwerkelijk aan een
afgodische ceremonie deel te nemen.
Dus het probleem is dat sommige Jehovah's Getuigen
deze gewichtige kwesties niet begrijpen. Sommigen
zouden kunnen redeneren dat aangezien het 'OK is'
bloedderivaten te nemen, waarom dan niet het doneren,
opslaan of nemen van volbloedtransfusies? Dat zou
net zo zijn als wanneer een christen uit de 1ste
eeuw redeneerde dat aangezien Paulus zei dat het
'OK was' het geslachtofferde vlees te eten, ze net
zo goed in een heidense tempel een stier aan Zeus
konden gaan offeren. Zoals Paulus aangaf in het
8ste hoofdstuk van 1 Korinthiërs ligt het probleem
in het gebrek aan kennis van de zijde van degenen
die zwak in het geloof zijn.
|
|
| Waarop baseert
het Wachttorengenootschap het gebruik van uitdrukkingen
als "leven verlengend" of "aanvaarden"
met betrekking tot het accepteren van een bloedtransfusie
als deze woorden niet eens in de bijbel voorkomen?
|
|
|
| Het Wachttorengenootschap gebruikt
een heleboel uitdrukkingen die nergens in de bijbel
voorkomen. De uitdrukking "atoombom" komt
bijvoorbeeld niet in de bijbel voor. Dus? |
|
| Wat betekent
de uitdrukking "onthouden van bloed" (Zie
Hand. 15:29) nu echt? Wat blijkt uit de context? |
|
|
| Het woordenboek definieert onthouden
van als 'je ervan weerhouden iets te doen'. Zoals
aangegeven in een van de vorige vragen zou het zich
onthouden van dingen die aan afgoden zijn geofferd
echter voor een christen niet noodzakelijkerwijs betekenen
dat hij geen vlees zou mogen eten dat uit de afgodische
omgeving is verwijderd. Echter in dezelfde context
zegt de apostel zich 'te onthouden van hoererij'.
Er is geen relativisme in verband met hoererij.
Paulus schreef dat er van Gods zijde "geen
ruimte" is voor enige vorm van sexuele onreinheid
van de zijde van zijn dienaren. Dus "onthouden
van" kan wel of niet absoluut zijn. In het geval
van hoererij - ja, absolute onthouding is vereist.
In het geval van voedsel dat aan afgoden is geofferd
en klaarblijkelijk kwesties die gerelateerd zijn aan
het moderne gebruik van bloed, zijn de zaken echter
niet zo duidelijk en absoluut. |
|
| Waarom overdrijft
het Wachttorengenootschap de risico's van bloedtransfusies
en doen zij het voorkomen alsof het altijd slechte
medicatie is, terwijl bijna alle ter zake kundigen
het hier niet mee eens zijn? |
|
|
|
Dat is een oneigenlijke manier van redeneren die
inspeelt op het zogenaamde bandwagon-effect.
Deze manier van redeneren wordt ook wel "de
autoriteit van de meerderheid" genoemd. Om
die redenatie te illustreren: De hele geestelijkheid
van de christenheid is het er over eens dat Jezus
een deel van de drieëenheid is. Maar maakt
die bijna unanieme afspraak van de geestelijkheid
die doctrine waar? Maakt alleen de mening van honderden
miljoenen aanbidders, van wie de wens de vader van
de gedachte is, de drieëenheid waar? Natuurlijk
niet. Net zo maakt het, omdat de medische stand
zegt dat bloed veilig is, nog niet dat dat zo is.
De waarheid is dat het nemen van een transfusie
een riskante zaak is. Dat wordt bewezen door het
feit dat ziekenhuizen gewoonlijk van een patient
verlangen dat hij een verklaring ondertekent waarin
hij het ziekenhuis en de medische staf van aansprakelijkheid
ontslaat in het geval dat een bloedtransfusie schade
toebrengt aan de patient. Het lijkt er niet op dat
het Wachttorengenootschap de risico's heeft overschat.
Aan de andere kant, meer dan al het andere, lijken
de bewijzen aan te tonen dat de bloedindustrie vele
van de aan bloed klevende risico's hebben afgezwakt.
Wij moeten niet naief zijn. Bloed is handel. Het
is een commerciële handel met gevestigde belangen
in het bevorderen van het gebruik van het product
dat zij verkopen. Er wordt geschat dat over een
paar jaar de bloedindustrie een wereldwijde onderneming
is, goed voor 8 miljard dollar per jaar. De website
bloodbook.com
schat dat, vergeleken met de 25 dollar voor een
vat olie, en vat plasma wel 90.000 dollar en veel
meer kan doen, afhankelijk van hoe het is geraffineerd.
In tegenspraak met de populaire opvatting komt het
meeste bloed niet van vrijwillige donoren die hun
mouw opstropen in de bloedmobiel. In plaats daarvan
komt het van betaalde donoren. Velen daarvan zijn
onveranderlijk de mislukte onfortuinlijken, die
door hun wanhopige omstandigheden gedwongen zijn
letterlijk hun ziel te verkopen - per halve liter.
Het is welbekend dat een hoog percentage van de
betaalde donoren drugsgebruikers zijn, alcholisten
en zieke individuen. Dat is niet bepaald een gezonde
bron voor een verondersteld levenreddend gezondheidselixer.
Enkele van de gevaren die aan besmet bloed kleven
zijn al net zo bekend. Voor er bijvoorbeeld screeningtechnieken
werden gebruikt werden op een zeker moment 60% van
alle hemofiliepatienten die een transfusie hadden
ondergaan door transfusiebloed geïnfecteerd
met AIDS. Sommige sterfgevallen doen zich voor als
resultaat van een hemolitische
reactie op transfusiebloed. Bacteriële
besmetting heeft over een periode van tien jaar
verschillende honderden slachtoffers gedood. Hepatitis
C is een voortdurende kwestie die de bloedindustrie
heeft afgezwakt. Waar je je het meest zorgen om
kan maken zijn echter niet de ziekten waarvan bekend
is dat ze door transfusies worden doorgegeven, maar
welke opduikende virussen liggen nog op de loer
die nog niet bekend zijn? De Gekke
Koeienziekte is bijvoorbeeld, hoewel niet algemeen
voorkomend, zeker in staat de bloedvoorraad te infecteren.
Welke andere gevaren blijven nog verborgen? De tijd
zal het leren.
Hier staat een Wachttorenartikel
dat spreekt over de gevaren van bloedtransfusies.
Elke lezer mag voor zichzelf uitmaken of het Wachttorengenootschap
de risico's die aan transfusiebloed kleven overdreven
heeft.
Het is echter opmerkenswaardig dat de apostolische
verordening je zorgvuldig van afgoderij, bloed en
hoererij te onthouden, besluit met hun zegenwens:
"Wij wensen u een goede gezondheid."
|
|
| Hoe wil het
Wachttorengenootschap beslissen welke bloedcomponenten
hoofdbestanddelen zijn en welke kleinere onderdelen
zijn. |
|
|
| De bloedindustrie heeft zich over
vele tientallen jaren ontwikkeld. Vroeger werd er
volbloed getransfuseerd en dat was het. Het was dus
tamelijk simpel vanuit ons standpunt - geen bloed,
daar hoefde je niet over na te denken. Maar gaandeweg
werden er nieuwe technieken ontwikkeld die het mogelijk
maakten bloed in zijn samenstellende delen en afgeleiden
daarvan te scheiden. De broeders hebben dus vele jaren
gehad de kwesties zoals zij zich voordeden te onderzoeken.
Net als in de 1ste eeuw, toen de apostelen en andere
oudere mannen discussiëerden en argumenteerden
over de kwestie van de besnijdenis, zo heeft ook ongetwijfeld
het Besturend Lichaam van Jehovah's Getuigen overleg
gehad met goed geïnformeerde doctoren en andere
Jehovah's Getuigen om inzicht in deze zaken te krijgen. |
|
| Waarom zijn
bijvoorbeeld witte bloedcellen verboden maar is albumine
toegestaan, aangezien albumine een groot percentage
van bloed uitmaakt en melk en orgaantransplantaten
vol zitten met witte bloedlichaampjes. |
|
|
| Dat kan ik niet precies zeggen,
maar het zou kunnen zijn omdat albumine niet alleen
in bloed voorkomt. Albumine komt ook voor in eieren
en melk. Er bestaat zelfs zoiets als plantaardig albumine.
Maar nogmaals, het gebruik van aan bloed onttrokken
albumine wordt als een gewetenszaak beschouwd en niet
iets waaraan alle Jehovah's Getuigen zich moeten conformeren. |
|
| Waarom is plasma
verboden terwijl al zijn verschillende componenten
op de goedgekeurde lijst voor de Getuigen staan, om
te nemen teneinde "het leven te verlengen"? |
|
|
|
Dit gaat terug tot het principe dat Paulus besprak
en dat betrokken was bij de kwestie van voedsel
dat aan afgoden ten slachtoffer was gegeven. Redelijkerwijs
is er een punt dat gedoneerd bloed is geraffineerd
voorbij het punt dat het als bloed herkenbaar is.
Welk punt is dat? Het Besturend Lichaam van het
Wachttorengenootschap heeft het besluit uitgevaardigd
dat voorbij het punt van plasma, witte cellen en
rode bloedcellen en bloedplaatjes het gebruik van
geraffineerd bloed een zaak van het geweten is.
Er bestaat een behoorlijke mate van hypocrisie
van de kant van onze tegenstanders, doordat het
Wachttorengenootschap (aan de ene kant) is beschuldigd
Farizees te zijn in hun overkoepelend bloedbeleid;
maar tevens worden zij (aan de andere kant) beschuldigd
niet Farizees en fanatiek genoeg te zijn omdat zij
de broeders toestaan voor zichzelf te beslissen
bij kleinere bloedderivaten.
|
|
| Waarom gebruikt
het Wachttorengenootschap vergelijkingen zoals die
over alkohol en bloed die in de aderen wordt gespoten,
waarvan de foute redenatie duidelijk kan worden gemaakt
door deze vergelijking te beschouwen: "Stel je
een man voor die van zijn dokter te horen krijgt dat
hij zich moet onthouden van vlees. Zou hij gehoorzaam
zijn als hij het eten van vlees zou laten, maar een
niertransplantatie zou aanvaarden?" Waarom neemt
het Genootschap haar toevlucht tot foutieve vergelijkingen
om haar standpunt te ondersteunen? |
|
|
| Jouw illustratie is niet bepaald
een goede. Ik veronderstel dat als je ooit aan de
Theocratische Bedieningsschool hebt deelgenomen je
wel een paar W-tjes voor het goed gebruik van illustraties
moet hebben gekregen. Maar alle gekheid op een stokje,
er is ten enen male een aanzienlijk verschil tussen
het eten van een lapje vlees en een transplantatie
van een menselijke nier, op zijn minst in de manier
waarop er tegenaan wordt gekeken, wat kan worden waargenomen
door het feit dat de meeste mensen niet bewust een
menselijke nier zouden opeten. Maar alkohol is alkohol.
Dus als een dokter zijn patient zou verbieden alkohol
te consumeren is het redelijk te veronderstellen dat
dat de patient ook van grote zuippartijen zou uitsluiten.
De illustratie, zoals hij op bloed van toepassing
is, zou duidelijk moeten zijn. |
|
| Als we ons
geheel van bloed moeten onthouden, zoals het Genootschap
zegt, verklaar dan alsjeblieft waarom het Genootschap
ons vertelt dat we wel derivaten of componenten van
menselijk bloed mogen accepteren? Is dit niet tegenstrijdig? |
|
|
| Klaarblijkelijk begrijpt de vraagsteller
de gecompliceerdheid van kwesties die verband houden
met het geweten, zoals die hierboven in verband met
voedsel dat aan afgoden is geofferd, niet. Spijtig
genoeg lijkt het of sommige Jehovah's Getuigen zijn
gestruikeld en helemaal geen acht meer slaan op Jehovah's
wil in deze zaken, doordat hun geweten zwak is en
ze niet in staat zijn zaken op een evenwichtige manier
te beslissen. In plaats van de rijpheid en de wijsheid
in het standpunt van het Wachttorengenootschap in
te zien, zijn individuen, die het aan kennis ontbreekt,
geneigd het bijbelse gebod je van bloed te onthouden
op dwaze wijze te negeren omdat het Wachttorengenootschap
niet strikt ieder medicament dat een spoor van gedoneerd
bloed zou kunnen bevatten heeft verboden. |
|
| Waarom kunnen
Jehovah's Getuigen wel bloedfracties aanvaarden en
voordeel trekken van het bloed dat anderen doneren,
maar zullen ze niet zelf bloed doneren? Zou het geven
van bloed om andermans leven te redden, inclusief
dat van je geestelijke broeders en zusters, niet een
liefdevolle en christelijke daad zijn? |
|
|
| Zoals hiervoor al vermeld, Jehovah
eist het bloed van elke levende ziel op aarde op.
Aangezien dat het geval is, is ons bloed niet werkelijk
van ons. Het is van God. Onderscheid daarom voor jezelf
de gepastheid iets te geven wat sowieso al niet van
ons is. |
|
| Als de American
Medical Association zou aanbevelen dat hartpatienten
zich van vlees moeten onthouden, zouden zij dan bedoelen
dat deze patienten zich moeten onthouden van orgaantransplantaties,
en in het bijzonder, harttransplantaties? Waarom? |
|
|
| Afgezaagde vergelijkingen die gebaseerd
zijn op hypothetische uitingen van de American Medical
Association zouden geen enkele invloed moeten hebben
op het geloof en de daden van Jehovah's Getuigen,
toch? |
|
| Als het Wachttorengenootschap
haar standpunt inzake bloedtransfusies zou wijzigen,
zoals zij heeft gedaan met de "onschriftuurlijkheid"
van orgaantransplantaties en vaccinaties, zou je dan
meegaan met de verandering? |
|
|
|
In al je vragen heb je keer op keer gezegd: "Het
Genootschap zegt, het Genootschap zegt."
Maar je hebt niet één keer de waarde
overwogen van wat Jehovah zegt. Waarom is
dat zo? Waarom kan het Wachttorengenootschap niet
aan jouw ideaalbeeld van het perfecte religieuze
instituut voldoen, zodat je het wegwerpt alsof het
geen nuttig doel voor Gods volk dient?
Zelfs Paulus was verbijsterd over het feit dat
vele van de gezalfde Korinthische christenen beleden
bij hem of bij Apollos of Cefas te horen. Was Paulus
hun aanbidding waard? Zij begrepen gewoon niet wat
de waarheid inhoudt. Maar deed het feit dat sommige
niet geestelijk ingestelde Korinthiërs mensen
volgden, het geloof van degenen die dat wel hadden
teniet? Het gevaar dat voortspruit uit het volgen
van mensen en geen persoonlijke binding met God
hebben, wordt duidelijk wanneer een meningsverschil
of misverstand de kop opsteekt. Tragisch genoeg
is het over het algemeen, wanneer de persoon zich
realiseert dat hij blindelings achter mensen aangelopen
heeft en vanwege het geschaad vertrouwen in de voorheen
nagevolgde mensen, op dat punt te laat om dan nog
een echte verhouding met Jehovah op te bouwen. Erger
nog, de persoon die het Wachttorengenootschap volgt
zonder werkelijke waardering te hebben voor de relatie
die Jehovah's Getuigen hebben met Jehovah is ook
geneigd andere mensen die op zijn pad komen te volgen.
Zo komt het dat Wachttorennavolgers ontvankelijk
zijn voor misleiding door individuen zoals, bijvoorbeeld,
Ray Franz. Feitelijk is de sekte van Ray Franz
de drijvende kracht achter de zogenoemde bloedreformatie
beweging binnen het tegenwoordige Wachttorengenootschap;
en als je eerlijk bent voor je zelf, zul je toegeven
dat de vragen die je stelt niet uit jezelf komen.
Maar, wat je vraag aangaat, ik betwijfel ten zeerste
of het Wachttorengenootschap ooit haar standpunt
over bloed zal wijzigen, zoals je het uitdrukt.
Maar al zouden ze dat doen, dan beroep ik mij op
de woorden van Jozua, die zegt: "Maar wat
mij en mijn huisgezin aangaat, wij zullen Jehovah
dienen."
|
|
| |
|
|
|
|