Wacht u Voor de Bedriegende Bedienaren van het Koninkrijk

 

De recente schandelijke onthulling van de pedofiele, criminele activiteiten van een Betheliet doet opnieuw vragen rijzen met betrekking tot de geloofwaardigheid van het Wachttorengenootschap en zou nadenkende Jehovah's Getuigen ertoe moeten bewegen de bewering dat Jehovah's Getuigen in een geestelijk paradijs zonder roofdieren leven opnieuw onder de loep te nemen. (Links naar andere nieuwsartikelen 1, 2)

In antwoord op eerdere onthullingen met betrekking tot de belabberde reputatie van het Wachttorengenootschap in het beschermen van kinderen tegen de misdaden die pedofielen binnen de gemeenten begaan, zei de woordvoerder van het Genootschap, J.R. Brown, in een public relations video dat ”kindermisbruik een kwaad is. Het is een kwaad van onze tijd en een kwaad in onze maatschappij.” Brown deed verder de aanmatigende bewering dat het beleid van het Wachttorengenootschap onze kinderen adequaat beschermd heeft tegen zulke kwaden. Hoe die bewering gedaan kan worden wanneer tienduizenden van onze kinderen seksueel misbruikt zijn en talloze pedofielen ongestraft zijn gebleven of zelfs niet ontmaskerd zijn, is onbegrijpelijk.

De openhartige bewering van J.R. Brown bevestigt echter dat het Wachttorengenootschap geplaagd wordt door dezelfde kwaden die in de maatschappij ook voorkomen – kwaden zoals pedofilie. Hoe kan dat echter wanneer het Wachttorengenootschap een geestelijk Eden is? Volgens de profetische beschrijving uit de bijbel zal het geestelijke paradijs verstoken zijn van alle kwaadwillende en op roofdieren gelijkende personen. De vraag die alle Jehovah's Getuigen zich daarom zou moeten stellen is deze: Wanneer pedofilie een “kwaad van onze tijd” is, een kwaad waardoor Jehovah's organisatie geteisterd wordt, zoals J.R. Brown eerlijk toegeeft, waarom zijn kindermisbruikers dan zo aanwezig in ons vermeende geestelijke paradijs; zelfs in zoverre dat het Wachttorengenootschap zich genoodzaakt voelde een openbare verklaring af te leggen in verdediging van de effectiviteit van haar beleid aangaande dit probleem? Spreekt de bijbel niet de waarheid wanneer er voorzegd wordt dat er zelfs niet één onrein of goddeloos persoon zal wandelen met Jehovah's teruggekochten op de geestelijk hoofdweg der heiligheid?

De public relations verklaring van het Wachttorengenootschap strookt duidelijk niet met de leerstellingen die het Genootschap aan Jehovah's Getuigen onderwijst. Waarom niet? Het is duidelijk dat de schrijversafdeling en wettelijke afdeling van het Wachttorengenootschap verschillende agenda's hebben en hun woorden zijn bedoeld voor een verschillend soort publiek. Beschouw eens enkele recente voorbeelden van tegenstrijdigheden die de woordvoerders van het Genootschap hebben geuit in de media.

In een telefonisch interview dat enkele dagen na de arrestatie van Jesus Cano plaatsvond, werd J.R. Brown gevraagd of het leiderschap van Jehovah's Getuigen geïnspireerd is of “door de geest geleid” wordt. (Klik hier voor de audio clip van het interview. Er is hier ook een transcript van het interview beschikbaar.)

De interviewer stelde de volgende specifieke vraag: “Dus noch de vrijwilligers, noch het leiderschap zelf van de Jehovah's Getuigen kerk beweert door de geest geïnspireerd of geleid of wat maar ook te zijn?”

Brown's antwoord: “Nee, nee, er is hier niemand die dat verwacht.”

In essentie vroeg de interviewer of Jehovah's Getuigen het gevoel hebben dat de organisatie exclusief door Gods geest geleid wordt, waarop de woordvoerder van het Genootschap ontkennend antwoordde. Toch luidt één van de doopvragen van het Wachttorengenootschap als volgt: ”Begrijp je dat je opdracht en doop je identificeren als één van Jehovah's Getuigen verbonden aan de door Gods geest geleide organisatie?”

Ja, het Wachttorengenootschap staat het niemand toe gedoopt te worden, tenzij zij hun verbondenheid aan het Wachttorengenootschap als zijnde Gods door de geest geleide organisatie belijden. Hier is nog een citaat uit De Wachttoren van 15 januari 1989: ”Alleen indien de persoon bevestigend antwoordt en ook begrijpt dat zijn opdracht en doop hem identificeren als een van Jehovah's Getuigen, verbonden met Gods door de geest geleide organisatie, kan hij zich gevoeglijk laten dopen.”

Wellicht begreep J.R. Brown de vraag niet. De interviewer gebruikte enkele andere bewoordingen en vroeg: “Het lijkt erop dat dat een verschuiving in theologie is. In de late 70'er en 80'er jaren werd de kerk juist apart gezet als de enige organisatie van God hier op aarde, maar wat ik nu hoor is dat de organisatie iets meer binnen de hoofdstroming past, wat iets positiefs zou zijn?”

Brown antwoordde: “Ik weet niet of je ons tot de hoofdstroming kunt rekenen, dat is aan anderen om te bepalen, maar we hebben nooit de bewering gedaan dat we op enige wijze boven anderen staan of dat we een soort speciaal kanaal naar God of speciale informatie hebben.”

Door te zeggen dat Jehovah's Getuigen nooit de bewering hebben gedaan dat de organisatie boven alle anderen staat of dat het Genootschap niet beweert een “speciaal kanaal naar God” te hebben, is de woordvoerder van het Genootschap óf niet op de hoogte van de leerstellingen van Jehovah's Getuigen óf is hij de media opzettelijk aan het misleiden. Het is namelijk een feit dat het Wachttorengenootschap beweert boven alle anderen te staan. Ja, het Wachttorengenootschap verklaart zich ongegeneerd tot het enige kanaal van waarheid op aarde, zelfs in zoverre dat niemand de bijbel kan begrijpen zonder het onderwijs van het Genootschap. Hier volgen enkele aanhalingen uit Wachttorenartikelen die de bewering van J.R. Brown in de media tegenspreken:

De Wachttoren van 1 oktober 1973, blz. 594

“Beschouw ook eens het feit dat op de gehele aarde alleen Jehovah's organisatie door Gods heilige geest of werkzame kracht wordt geleid (Zach. 4:6). Alleen deze organisatie functioneert voor Jehovah's voornemen en tot zijn eer. Alleen voor deze organisatie is Gods Heilige Woord, de bijbel, geen verzegeld boek. In de wereld zijn veel intelligente mensen die in staat zijn ingewikkelde zaken te begrijpen. Zij kunnen de Heilige Schrift lezen, maar zij kunnen niet de diepe betekenis ervan begrijpen. Toch kan Gods volk zulke geestelijke dingen begrijpen. Hoe komt dit? Niet wegens speciale intelligentie van hun zijde, maar doordat, zoals de apostel Paulus verklaarde, „God het [aan ons heeft] geopenbaard door middel van zijn geest, want de geest onderzoekt alle dingen, zelfs de diepe dingen Gods” (1 Kor. 2:10).”


De Wachttoren van 1 oktober 1994, blz. 6

“Jehovah heeft echter door middel van zijn organisatie zijn loyale dienstknechten toegestaan in deze tijd de betekenis ervan te begrijpen.”


De Wachttoren van 15 november 1992, blz. 19

“Vooral aangestelde ouderlingen dienen waardering te hebben voor het voedzame geestelijke voedsel dat door God via de getrouwe slaaf wordt verschaft. Jaren geleden misten enkele ouderlingen die waardering. Eén waarneemster merkte op dat deze mannen 'de artikelen in De Wachttoren bekritiseerden en niet bereid waren dit tijdschrift als Gods kanaal der waarheid te erkennen, terwijl zij altijd trachtten anderen te beïnvloeden net zo te denken als zij'. Loyale ouderlingen trachten anderen echter nooit te beïnvloeden om ook maar iets van het geestelijke voedsel waarin God via de getrouwe slaaf voorziet, te verwerpen.”


De Wachttoren van 1 september 1991, blz. 18

“Die getrouwe en beleidvolle slaaf wordt in onze tijd vertegenwoordigd door het Besturende Lichaam van Jehovah's Getuigen, dat als publiciteitsinstrument het Wachttoren-, Bijbel- en Traktaatgenootschap heeft. Heel passend is die getrouwe en beleidvolle slaaf ook Gods communicatiekanaal genoemd.”


De Wachttoren van 1 juni 2003, blz. 21

“Op Jehovah vertrouwen betekent ook vertrouwen op het hedendaagse zichtbare kanaal waarvan hij al tientallen jaren onmiskenbaar gebruik maakt om zijn voornemens te dienen. Dan zullen ware christenen als nooit tevoren hun vertrouwen moeten stellen op medeaanbidders die door Jehovah en zijn regerende Koning zijn gemachtigd om de leiding te nemen. Deze getrouwe mannen zullen Gods volk leiden. Het negeren van hun leiding zou op rampspoed kunnen uitlopen.”


Het is duidelijk dat het Wachttorengenootschap wel degelijk leert dat ze het exclusieve waarheidskanaal is in de wereld – “een speciaal kanaal tot God” – precies zoals de interviewer vroeg en wat werd ontkend door de woordvoerder van het Wachttorengenootschap. Personen die werkzaam zijn in de media en dit artikel lezen, moeten op hun hoede zijn voor de misleidende bedoelingen van de woordvoerder van het Wachttorengenootschap. Maar helaas is dit niet alles.

De interviewer zegt vervolgens: “Het type scenario, hetzelfde scenario als wat hier is gebeurd met Cano, verschilt niet van het scenario dat in vele andere religies is voorgekomen, en trouwens, Jehovah's Getuigen verkondigen niet dat ze de enige ware religie zijn.”

Hierop antwoordde J.R. Brown: “Dat is niet echt het antwoord … dat laatste deel, om helemaal correct te zijn zou ik zeggen nee, we gaan er niet op uit en zeggen, “We zijn de enige ware religie.” Wanneer je tegen me zou zeggen: “Geloof je dat je de waarheid uit de bijbel hebt?” Dan zou mijn antwoord zijn, zoals ik even geleden al zei, “Ja”. Als ik dat niet zou geloven, zou ik weggaan en lid worden of onderdeel gaan uitmaken van waarvan ik maar dacht dat het wel zou zijn.”

Is het echt waar dat Jehovah's Getuigen niet openlijk verkondigen dat het Wachttorengenootschap de “enige ware religie” is? Absoluut niet. Het Wachttorengenootschap beweert bij herhaling de enige ware religie te zijn. Hoewel er niet openlijk wordt toegegeven de enige ware religie te zijn, impliceert zelfs de website van het Wachttorengenootschap dat het wel zo is. Hier volgen enkele voorbeelden uit andere artikelen.

De Wachttoren van 1 februari 1964, blz. 81

“Waarom zou iemand een religie beoefenen wanneer hij er niet van overtuigd is dat zijn religie waar en juist is? Het is niet egoïstisch wanneer een aanbidder zegt en gelooft dat zijn religie de enige ware religie is. Hij moet echter kunnen bewijzen dat zijn religie de enige juiste religie is die eeuwige zegeningen tot resultaat heeft. Anders is zijn geloof in zijn religie ongefundeerd en louter lichtgelovigheid.”


De Wachttoren van 1 juni 2001, blz. 16

“Miljoenen mensen overal op aarde hebben de feiten op hun waarde beoordeeld en zijn ervan overtuigd geraakt dat alleen Jehovah's Getuigen de ware religie beoefenen. Zij zijn tot deze conclusie gekomen op grond van wat Jehovah's Getuigen leren en hoe zij zich gedragen, alsook op grond van de voordelen die hun religie heeft afgeworpen.”


De Wachttoren van 1 december 1994, blz. 16

“De ware religie zegeviert in onze twintigste eeuw. Ze loochent God niet — noch zijn bestaan, noch zijn autoriteit. Wij nodigen u uit om u daar zelf van te overtuigen door Jehovah's Getuigen in een van hun Koninkrijkszalen te bezoeken.”


Wederom tonen de feiten aan de Jehovah's Getuigen, in tegenstelling tot de beweringen van de officiële woordvoerder van het Genootschap, wel degelijk geloven en in het openbaar verkondigen dat zij de exclusieve beoefenaars van ware religie zijn.

De interviewer probeerde het diverse malen om een eerlijk antwoord van de woordvoerder van het Genootschap te krijgen, maar tevergeefs. Ze vroeg J.R. Brown meerdere keren of God andere religies dan Jehovah's Getuigen gebruikte en hij ontweek de vraag eenvoudig. Er wordt natuurlijk stilzwijgend aangenomen dat iemand de vragen die hij gesteld krijgt naar waarheid beantwoord wanneer hij toestemming geeft voor een interview. Elke Jehovah's Getuige die het interview beluistert of het transcript ervan leest, zal echter moeten concluderen dat de woordvoerder van het Genootschap ontwijkend was en zijn best deed de media verkeerd voor te lichten.

Maar waarom, waarom vertroebelde en ontkende de woordvoerder van het Wachttorengenootschap de feiten? Het moge duidelijk zijn dat het Genootschap richting de media gematigder en minder dogmatisch en sektarisch over wil komen. Het is alsof de organisatie twee waarheden heeft – één voor de media en de openbaarheid en de andere voor Jehovah's Getuigen.

Geen wonder dat de vooraf opgetekende rechterlijk beslissing in het 43ste hoofdstuk van Jesaja die binnenkort over degenen zal komen die door Jehovah “zijn getuigen” worden genoemd, verklaart: ”en uw eigen woordvoerders hebben overtredingen tegen mij begaan.”

Door middel van Jesaja legt Jehovah zijn vinger op de onderliggende reden van de routinematige leugens van het Wachttorengenootschap. Het is de vrees voor mensen, in tegenstelling tot vrees voor God. ”Voor wie werdt gij beducht en bevreesd, zodat gij uw toevlucht tot liegen hebt genomen? Maar aan mij hebt gij niet gedacht. Gij hebt niets ter harte genomen. Bewaarde ik niet het stilzwijgen en hield ik geen zaken verborgen? Voor mij hadt gij dus geen vrees.”

J.R. Brown is echter niet de enige bedriegende dienaar van het koninkrijk. Een andere onzin uitkramende JG man op het Internet verkondigt zonder blikken of blozen “de waarheid over de waarheid over de waarheid” – wat dat ook moge wezen. Eén artikel op de blog pocht e-watchman te weerleggen in verdediging van de godslasterlijke “geestelijk paradijs” leerstelling van het Wachttorengenootschap. Maar laten we eens zien of zijn redeneringen stand kunnen houden wanneer we er een kritische blik op werpen.

De anonieme blogger impliceert dat Jehovah's Getuigen in een geestelijk paradijs leven om het eenvoudige feit dat alle gezalfde christenen sinds het begin van het Christendom in een geestelijk paradijs leven. Maar, is dat schriftuurlijk? En zijn zijn ideeën wel in overeenstemming met het Wachttorengenootschap?

Na een passage uit Efeziërs te hebben geciteerd oordeelt de blogger: ”Paulus spreekt over de geestelijke toestand van de gezalfden zelfs voordat ze hun hemelse beloning ontvangen. God heeft hen ‘mede plaats doen nemen in de hemelse gewesten' terwijl ze nog op aarde zijn. Het feit dat ze opgewekt zijn tot de hemelse gewesten terwijl ze nog op aarde zijn, zelfs in het onvolmaakte vlees, vormt zeer zeker een geestelijk paradijs!”

Volgens deze redenering gaat men automatisch het geestelijke paradijs binnen door het feit dat alle wedergeboren christenen een plaats in de hemel gereserveerd hebben gekregen. En doordat alle gezalfde christenen sinds de tijd van Christus het voorrecht hebben gehad samen met Christus in de “hemelse gewesten” plaats te nemen, moet het ook zo zijn dat ze ook het geestelijke paradijs zijn gaan bewonen. Als dat echter waar is, waarom was het dan noodzakelijk het geestelijke paradijs in 1919 te herstellen als alle gezalfde christenen vóór die tijd zich reeds in het geestelijke paradijs bevonden doordat hun inwonerschap van de hemel reeds was vastgelegd? Charles Russell heeft bijvoorbeeld veel over de hemelse hoop geschreven en hij geloofde zeker dat hij en zijn metgezellen in de hemelse gewesten zaten die gereserveerd waren voor degenen die in eenheid met Christus zijn. De blogger mag dus uitleggen waarom Russell en de oorspronkelijke Bijbelonderzoekers zogenaamd uitgesloten waren van het geestelijk paradijs dat volgens het Wachttorengenootschap pas in 1919 hersteld werd. (De bewijslast ligt feitelijk bij het Genootschap om uit te leggen hoe alle profetieën van verbanning en herstel in 1918-1919 in vervulling zijn gegaan door de korte gevangenzetting van enkele Wachttorenfunctionarissen.)

Laat hem dan ook uitleggen hoe het kan dat miljoenen niet-gezalfde Jehovah's Getuigen nu zogenaamd genieten van een geestelijk paradijs terwijl toegegeven wordt dat ze niet 'plaats nemen in de hemelse gewesten in eendracht met Christus Jezus.' Wanneer toegang tot het geestelijke paradijs wordt verkregen door in eendracht met Christus te zijn, hoe profiteren niet-gezalfden daar dan van? Er is heden ten dage tenslotte maar een relatief handjevol ware gezalfde Christenen in leven, en als toegang tot het geestelijke paradijs afhankelijk is van het in eendracht zijn met Christus, hoe kunnen niet-gezalfden die gezegende toestand dan überhaupt bereiken? Is het lezen van een tijdschrift dat naar verwachting geschreven is door een gezalfde christen de sleutel tot het paradijs?

De waarheid is dat het Wachttorengenootschap niet expliciet leert dat de eerste eeuwse christenen in een geestelijk paradijs verkeerden. (En de bijbel leert het in ieder geval niet!) De meest recente Wachttoren over het geestelijke paradijs impliceert dat de oorspronkelijke christenen zich niet in een geestelijk paradijs verheugden. Dit is wat De Wachttoren van 15 oktober 2004 te zeggen had: ”Dit historische prototype helpt ons te begrijpen wat Paulus in zijn visioen zag. Het zou gaan om de christelijke gemeente, die hij „Gods akker, die wordt bebouwd,” noemde en die vruchtbaar moest zijn (1 Korinthiërs 3:9). Wanneer zou dat visioen in vervulling gaan? Paulus noemde dat wat hij zag een 'openbaring', iets toekomstigs. Hij wist dat er na zijn dood een omvangrijke afval zou komen (2 Korinthiërs 12:1; Handelingen 20:29, 30; 2 Thessalonicenzen 2:3, 7). Toen de afvalligen de overhand kregen en ze de ware christenen schenen te overschaduwen, hadden die zeker niets weg van een bloeiende tuin. Toch zou de tijd komen dat de ware aanbidding weer verheven zou worden. Gods volk zou hersteld worden, zodat 'de rechtvaardigen zo helder konden schijnen als de zon in het koninkrijk van hun Vader' (Mattheüs 13:24-30, 36-43). Dat gebeurde in feite enkele jaren nadat Gods koninkrijk in de hemel was opgericht. En met het verstrijken van de decennia blijkt heel duidelijk dat Gods volk zich verheugt in een geestelijk paradijs, dat Paulus in dat visioen voorzag.”

Degenen die bekend zijn met het dubbelzinnige taalgebruik, of “dubbelzinnige waarzegging” zoals Ezechiël het verwoordt, zouden moeten zien dat de schrijvers van Bethel de indruk willen wekken dat de 1ste eeuwse christenen zich in het paradijs bevonden, zonder zich openlijk aan een zienswijze vast te leggen waarvan men weet dat deze schriftuurlijk onverdedigbaar is.

Als de Korinthiërs zich echter in een geestelijk paradijs verheugden, zoals de blogger beweert en het Genootschap handig suggereert, waarom was Paulus' visioen over de derde hemel dan zo speciaal? Als Paulus en de Korinthiërs zich reeds in het geestelijke paradijs bevonden, waarom werd Paulus dan ”weggerukt tot in het paradijs”? Wat zou het nut daarvan zijn? Ja, waarom zei de apostel dat de dingen die hij hoorde zo verheven waren dat ze “onuitsprekelijk” waren en “niet geoorloofd om te spreken”? Ja, laat de blogger uitleggen waarom Paulus zou roemen over het ontvangen van een speciale openbaring van een toestand, wanneer deze toentertijd reeds zou bestaan en heel gewoon was onder de medegelovigen.

Verder, als het geestelijke paradijs een gevolg is van de reiniging die Christus uitvoert over de gemeente, wat zeker het geval is, waarom spreken de brieven van Jezus aan de gemeenten in Openbaring dan over de schandelijke aanwezigheid van “Izebel” en “Bileam” onder de getrouwen? Zullen de immorele en geestelijk corrumperende invloeden van Izebel en Bileam soms nog langer bestaan nadat Christus de geestelijke tempel van zijn Vader heeft gereinigd? Hoe absurd!

Plaats hebben in de hemelse gewesten betekent duidelijk niet dat Christus Jehovah's organisatie noodzakelijkerwijs gereinigd heeft van alle verderfelijke invloeden, zoals dat het geval zal zijn in het geestelijke paradijs. De “waarheid over de waarheid over de waarheid” blogger weet eenvoudig niet waar hij het over heeft.

De koninkrijksbedriegende blogger verlaat zich op regelrechte leugens en laster om het Wachttorengenootschap te verdedigen. Hij schrijft: ”Geloofde Paulus dat volmaaktheid bereikt moet zijn voordat er een geestelijk paradijs kan bestaan? Nee, de apostel Paulus is het oneens met de redeneringen van de ‘profeet/watchman'. En u? Wie gelooft u? De apostel Paulus, specifiek door Jezus Christus uitgekozen en door Jehovah God gebruikt om een groot deel van de heilige bijbel te schrijven? Of de redeneringen en ongegronde beweringen van een door zichzelf aangestelde watchman/profeet die zich schuldig maakt aan dubbelzinnige uitspraken en het kopiëren van andermans werk?”

E-Watchman heeft nooit beweerd of geïmpliceerd dat het geestelijke paradijs ontstaat doordat mensen een volmaakte toestand bereiken, zoals in het citaat hierboven beweerd wordt. Wellicht is dat de reden dat de blogger geen hyperlinks plaatst naar specifieke artikelen van e-watchman over dit onderwerp, zodat zijn lezers zich beter kunnen informeren over de feiten, namelijk wat e-watchman wél schrijft en gelooft. Hier is wat één commentaar schreef over het geestelijke paradijs: ”Dus, wat is het geestelijke paradijs? Het geestelijke paradijs is de gezegende toestand die Jehovah zal brengen nadat hij zijn volk terugkoopt uit de gevangen toestand waarin ze zich zullen bevinden gedurende de verdrukking. Dat paradijs zal gekenmerkt worden door absolute afwezigheid van elke vorm van goddeloosheid.”

Eerlijke personen zullen toegeven dat er een enorm verschil bestaat tussen onvolmaaktheid en regelrechte goddeloosheid. Laten we bijvoorbeeld eens zeggen dat we op straat lopen en ik per ongeluk tegen je aan bots. Natuurlijk zeg ik gelijk ‘Oh, sorry, het spijt me' en het voorval wordt vergeten – dat is onvolmaaktheid. Maar laten we nu zeggen dat ik van plan ben je te verkrachten, te beroven en in elkaar te slaan en nadat ik dat gedaan heb weiger ik toe te geven dat ik fout zat of mijn verontschuldigingen aan te bieden – dat is goddeloosheid. Er is duidelijk een zeer groot verschil. Het Wachttorengenootschap en de blogger weigeren dat onderscheid echter te maken. Het is waar dat het Wachttorengenootschap braaf toegeeft dat er enkele problemen binnen de organisatie zijn als gevolg van onvolmaaktheden, maar ze verdoezelt op oneerlijke wijze de grove goddeloosheid die ook bestaat – en waarvan ze zich terdege bewust is.

Het werkelijke geestelijke paradijs dat is voorzegd in de schrift is een toestand die wordt gekenmerkt door complete afwezigheid van goddeloze personen en niet door menselijke volmaaktheid, zoals e-watchman volgens de leugenachtige blogger zou beweren. Om het onderscheid te illustreren: de grote schare die Armageddon overleeft zal niet volmaakt zijn, maar we kunnen er zeker van zijn dat niemand van degenen die redding ontvangen goddeloze personen zullen zijn. Hetzelfde criterium geldt voor het binnengaan van het geestelijke paradijs. Het geestelijke paradijs komt tot stand doordat de engelen alle goddeloze personen verhinderen omgang te hebben met Jehovah's op dat moment goedgekeurde volk. De bewering van het Wachttorengenootschap dat Jehovah een dergelijke toestand reeds heeft gebracht is een godslasterlijke leugen.

De Wachttorenapologeet probeert profetieën te interpreteren door te beweren dat alle aspecten van bepaalde profetieën in ieder opzicht in vervulling zijn gegaan in de 1ste eeuw, omdat Paulus uit die profetieën citeerde. Zonder het te weten werpt hij hiermee echter een grote tegenstrijdigheid op met betrekking tot de meest geliefde leerstelling van het Wachttorengenootschap, namelijk dat Christus in 1914 over de natiën is gaan regeren. De “waarheid over de waarheid over de waarheid” blog citeert bijvoorbeeld het 15de hoofdstuk van Romeinen, waarin Paulus op zijn beurt het 11de hoofdstuk van Jesaja citeert, en zegt hierover: ”En wederom zegt Jesaja: “Er zal zijn de wortel van Isaï, en er zal iemand opstaan om over de natiën te heersen; op hem zullen de natiën hun hoop vestigen.” Ja, hier toont Paulus wederom aan dat de verzameling van de mensen der natiën in zijn organisatie een vervulling is van de profetie over het herstel en het paradijs uit Jesaja 11. Volgens Paulus hoefde de vervulling niet te wachten tot na de vernietiging van de goddeloze, omdat het een vervulling kende in zijn dagen. We vragen nogmaals, wil je de bijbel geloven of een zogenaamde ‘profeet' die bewezen heeft de schrift niet te kunnen interpreteren?”

De betrouwbaarheid van Paulus' geschriften staat niet ter discussie. Het zijn de verdraaide redeneringen en tegenstrijdigheden van het Wachttorengenootschap en haar absurde verdedigers waar het om gaat. Wanneer alle aspecten van Jesaja's profetie bijvoorbeeld in vervulling zouden zijn gegaan omdat Paulus er eenvoudig een vers uit citeerde, dan zou dat betekenen dat Jezus Christus in de 1ste eeuw over de natiën is gaan regeren. Paulus citeerde er tenslotte uit, dus dat moet betekenen dat elk aspect van de profetie van Jesaja toen in vervulling is gegaan – tenminste volgens de apologeet van het Wachttorengenootschap. Als dat echter het geval is, waarom was het dan noodzakelijk dat Jezus in 1914 opnieuw over de natiën ging regeren?

De blogger bevindt zich in de luxe positie zijn eigen onlogische interpretaties niet te hoeven uitleggen.

In dezelfde context van Jesaja plaatst het korte 12de hoofdstuk de vervulling van de profetie onmiddellijk na de uiting van Jehovah's woede tegen zijn natie. Vraag: Uitte Jehovah zijn verontwaardiging tegen de 1ste eeuwse gemeente? Nee. Vormden de relatief geringe vervolgingen van Rutherford en een handjevol Bijbelonderzoekers in 1918 de vervulling van de vele profetieën die spreken over God die zijn verontwaardiging over zijn volk uitstort? Wederom moet het antwoord nee zijn.

Geen wonder dat het Wachttorengenootschap de broeders heeft aangeraden niet hun eigen websites op te zetten. Het is duidelijk dat de blogger niet geschikt is om de waarheid te verdedigen.

Wellicht is de blogger onwetend of, waarschijnlijker, verdraait hij op onaangename wijze datgene wat e-watchman heeft gepubliceerd over dit onderwerp. In ieder geval schetst de blogger een verkeerd beeld over wat e-watchman heeft geschreven door te beweren dat het geestelijke paradijs pas tot stand komt nadat de goddeloze in Armageddon is vernietigd. E-watchman heeft dit nooit gezegd. Hier volgt een citaat uit het commentaar dat de blogger ook heeft gelezen en waaruit hij ook geciteerd heeft: ”In het werkelijke paradijs dat Jehovah voor de zachtaardigen onder zijn volk zal scheppen, als voorbode van hun binnengaan in de nieuwe wereld, zullen er geen onreine, smerige kindermisbruikers meer zijn - zelfs niet één!”

In diverse essays en commentaren heeft e-watchman aangetoond dat er een toekomstig oordeel over Jehovah's organisatie zal komen (Zie ook het hoofdstuk: Het Oordeel Begint.) Dat oordeel begint bij de tegenwoordigheid van Christus en beleeft zijn hoogtepunt in de grote verdrukking. Gedurende die louterende tijd, wanneer Jehovah zijn oordeel uitgiet, zullen alle goddeloze en slechte personen uit de organisatie verwijderd worden door de hitte van Jehovah's woede en door smelting uitgezuiverd worden als met loog.

In diverse andere illustraties zei Jezus dat degenen die uit de organisatie geworpen worden, buiten zullen wenen en knarsetanden, terwijl de ware zonen van het koninkrijk zo helder zullen schijnen als de zon. Degenen die buiten geworpen zijn zullen wenen en knarsetanden omdat ze zich er volledig bewust van zullen zijn dat ze veroordeeld zijn tot eeuwige dood. In die betekenis voert Christus dan ook een oordeelswerk aan tegen de boze en luie slaven binnen de gemeente. Dit vindt plaats vóór de uitvoering van Jehovah's oordeel tegen de natiën te Armageddon en zorgt ervoor dat de teruggekochten in een gereinigde organisatie gebracht worden – een geestelijk paradijs. Degenen die wenen en knarsetanden worden niet letterlijk ter dood gebracht, in ieder geval niet meteen, want hoe zouden zij anders kunnen wenen en weeklagen daar de doden zich van niets bewust zijn?

De blogger heeft niet alleen op leugenachtige wijze verdraaid wat e-watchman over het onderwerp heeft gezegd, maar heeft bewezen een incompetente Wachttorenapologeet en bijbelonderwijzer te zijn. Net zoals de officiële woordvoerder van het Genootschap heeft de auteur van “de waarheid over de waarheid over de waarheid” bewezen slechts een bedriegende bedienaar van het koninkrijk te zijn.

Red mij toch, o Jehovah, want de loyale persoon heeft een eind genomen;
Want de getrouwen zijn verdwenen uit de mensenzonen.
Onwaarheid blijven zij tot elkaar spreken;
Met gladde lip blijven zij zelfs dubbelhartig spreken.
Jehovah zal alle gladde lippen afsnijden.

- Psalm 12:1-3 -


Gepubliceerd in: Juni 2004