Ten Dienste van Jehovah's Getuigen en het Wachttorengenootschap
   

8 December 2003

 
 

 

 

Opties
Print Essay
Download Essay *


* Vereist Adobe Acrobat Reader 5 of nieuwer, gratis te downloaden vanaf Adobe.com



 

11. Het WTG beweert dat Jeruzalem in 607 v.G.T. vernietigd werd en gebruikt Dan. 4:23-25, Openb. 12:6, 14, Num. 14:34 en Ezech. 4:6 om te komen tot 1914 G.T. als het jaar waarin Jezus begon te regeren in de hemel, wat 2520 jaar later is. Als de bewering van het WTG, dat Jeruzalem in 607 v.G.T. verwoest werd, correct is, waarom zeggen alle naslagwerken dan dat het in 586 v.G.T. vernietigd is? (Zie Encyclopedia Brittanica, Microsoft Encarta, The World Book Encyclopedia, Encyclopedia Americana, Compton's Encyclopedia, Academic American Encyclopedia, Cambridge Ancient History - Vol. III, The Oxford Dictionary of World History, enz. Enz.) Als het WTG gelijk heeft in dat Christus' regering 2520 jaar na de vernietiging van Jeruzalem begonnen is, moet deze gebeurtenis dan niet hebben plaatsgevonden in 1935 in plaats van 1914? Moeten we de overweldigende mening van vrijwel elke historicus die experts zijn op het gebied van oude geschiedenis of het WTG als onbetrouwbaar bezien?


De kwestie met betrekking tot 1914 wordt elders op deze website besproken en er bestaat geen reden het hier meer ruimte in beslag te laten nemen.


12. Volgens Strong's Greek Dictionary, betekent het Griekse woord "heos" (Strong's #2193) "tot, totdat." Als de NWV de meest nauwkeurige woord-voor-woord vertaling is van de Bijbel, waarom wordt het Griekse woord "heos" in Mattheüs 5:18 dan verkeerd vertaald met "eerder zouden" in plaats van "totdat," waardoor de betekenis van het vers compleet verandert? Als het Griekse woord "heos" in dit vers juist was vertaald met "totdat," wat zou het vers dan zeggen over de toekomst van de huidige aarde? Waarom is dit Griekse woord vertaald met "totdat" in de KIT, maar in de NWV weergegeven met "eerder zouden." Waarom deze inconsistentie in de vertaling? Zie Zefanja 3:13 en Jesaja 28:15.


Er bestaat in essentie geen verschil tussen de twee termen in dat specifieke gebruik ervan. De moeilijkheid ontstaat als gevolg van een bepaalde gedachtegang die geïsoleerde teksten letterlijk leest om zodoende te trachten onbijbelse leerstellingen te ondersteunen. Jezus zei niet dat de hemel en aarde letterlijk bestemd waren om voorbij te gaan. In tegendeel, hij illustreerde hoe Gods Woord zelfs duurzamer is dan het fysieke universum. The Contemporary English Version (CEV) van de Bijbel vertaalt het als volgt: "Hemel en aarde zouden kunnen verdwijnen. Maar ik beloof u dat niet eens een punt of komma ooit zal verdwijnen uit de Wet."

Maar, noch de hemel, noch de aarde zal letterlijk voorbij gaan. Noch Gods Woord. Enkele verzen voor het vers dat je aanhaalde, zei Jezus dat de zachtmoedigen de aarde zouden beërven. Dus, waarom houdt je vol dat de aarde vernietigd zal worden? Ongeacht de details van vertalingen, is het in plaats daarvan niet zo dat de vragensteller niet begrijpt wat Jezus bedoelde in Mattheüs 5:18?



13. Als de Heilige Geest Gods onpersoonlijke "werkzame kracht" is, waarom kan hij dan rechtstreeks spreken en naar zichzelf verwijzen als "Ik" en "mij" in Handelingen 13:2? Als de Heilige Geest Gods onpersoonlijke "werkzame kracht" is, hoe kan hij dan: "hij" en "hem" worden genoemd in Joh. 16:7, 8 en Joh. 16:13, 14; getuigenis afleggen (Joh. 15:26, Hand. 20:23); zich gegriefd voelen (Jes. 63:10); gelasterd worden (Mark. 3:29, Luk. 12:10); dingen zeggen (Ezech. 3:24; Hand. 8:29, 10:19 en Hebr. 10:15-17); iemand verbieden iets te zeggen (Hand. 16:6); verlangen (Gal. 5:17); woedend zijn (Hebr. 10:29); zoeken (1 Kor. 2:10); troosten (Hand. 9:31); geliefd worden (Rom. 15:30); voorgelogen worden en God zijn (Hand. 5:3, 4)? Wat zegt de Bijbel over personen die tegen de heilige geest spreken? Zie Matth. 12:32 en Lukas 12:10.


Wanneer we Gods Woord met intelligentie benaderen, moeten we erkennen dat niet alle dingen letterlijk genomen moeten worden. Deuteronomium 32:5 geeft God bijvoorbeeld de titel "De Rots." Moeten we dan concluderen dat God een inerte mineraal is? Of, wat te denken van Hebreeën 12:29 waar wordt gezegd dat "onze God ook een verterend vuur is," moeten we ons dan indenken dat God een soort van superheet plasma is? Nadenkende personen erkennen dat de Schriften tot ons spreken in vergelijkingen. We kunnen dus het begrip bevatten dat God als een rots is, of op bepaalde manieren als een verterend vuur is.

Om die reden maakt de Bijbel ook gebruik van een algemeen literair middel dat bekend staat als personificatie. Dat betekent dat dingen en zelfs ongrijpbare begrippen soms worden voorgesteld als personen. Hier volgen een paar voorbeelden: Toen Jehovah Kaïn probeerde te waarschuwen voor de ernstige morele gevaren die hij liep, personifiëerde God zonde door te zeggen dat het op de loer lag bij de ingang, alsof het ernaar hunkerde zich plotseling op Kaïn te storten. Of, een ander voorbeeld: de Spreuken zeggen dat luiheid in de hand zal werken dat armoede over ons komt als een gewapend man. Nog één voorbeeld: Paulus verwees naar dood als regerend als koning over de mensheid. Dit zijn bijbelse voorbeelden van personificatie.

God leeft in de hemel, toch is hij in staat om door zijn dynamische werkzame kracht zijn controle over de uithoeken van het universum alsook onze kleine aarde uit te spreiden. Omdat de heilige geest van God afkomstig is en zorgt dat zijn Wil wordt gedaan, in overeenkomst is met Gods eigen karakter, altijd tot zijn dienst is en zelfs voor hem spreekt, is het volledig passend dat Gods werkzame kracht soms gepersonifiëerd wordt.

Er zijn echter andere gevallen waarbij er met een "het" wordt verwezen naar Gods geest. 1 Korinthiërs 12:11 zegt bijvoorbeeld: "Maar al deze werkingen worden door een en dezelfde geest tot stand gebracht, die aan een ieder respectievelijk uitdeelt zoals hij het wil." (In het Engels staat in deze tekst het woordje 'it' ('het') in plaats van "hij." Wegens Nederlandse grammatica is het in het Nederlands echter nodig "hij" te schrijven. Het griekse woord voor "geest" (pneuma) wat hier wordt gebruikt, is echter onzijdig - vertalers) Als de heilige geest een persoon zou zijn, zou het ongepast zijn naar hem te verwijzen als een "het." Naar Jehovah en Jezus wordt nooit op die wijze verwezen, maar naar de geest wel. Verreweg de meeste verwijzingen in de Bijbel naar de heilige geest zijn onpersoonlijk.

Voor meer over wat de heilige geest is, klik hier.



14. Als de NWV de meest nauwkeurige woord-voor-woord vertaling is van de Bijbel, waarom verandert het het geschreven woord van God dan door in Mark. 1:4 de woorden "[als een symbool]" toe te voegen, ondanks dat deze woorden niet in het Grieks verschijnen? Zie Grieks-Engelse Interlinear. Hoe zou Mark. 1:4 luiden wanneer de woorden "[als een symbool]" niet waren toegevoegd? In Handelingen 2:38 zegt Petrus: "…Hebt berouw, en laat een ieder van u worden gedoopt in de naam van Jezus Christus TOT VERGEVING VAN UW ZONDEN…" en in Handelingen 22:16 zegt Ananias het volgende tegen Paulus: "…Sta op, laat u dopen en WAS UW ZONDEN WEG doordat gij zijn naam aanroept." Als de doop enkel een symbolische uiting is van geloof in God en geen invloed heeft op de vergeving van zonden, waarom zegt Petrus de mensen in Jeruzalem dan zich te laten dopen "tot vergeving van uw zonden" en waarom zegt Ananias tegen Paulus dat hij gedoopt moet worden om zijn "zonden weg te wassen"?


De zinsnede "als een symbool van berouw" lijkt ietwat overbodig te zijn. Het zou duidelijk moeten zijn dat de doop van Johannes enkel een symbolisch ritueel was, zodat mensen voorbereid werden op het aannemen van Christus. The New Living Translation (NLT) verwoordt Markus 1:4 als volgt: "Deze boodschapper was Johannes de Doper. Hij leefde in de wildernis en predikte dat mensen gedoopt zouden moeten worden om te laten zien dat ze zich afgekeerd hadden van hun zonden en zich tot God hadden gewend voor vergeving."

De doop van Johannes was trouwens niet de werkelijk doop. Personen die wellicht gedoopt waren door Johannes, maar die om wat voor reden dat ook afwezig waren in de Bovenkamer op Pinksteren, toen de oorspronkelijke zalving plaatsvond, moesten opnieuw gedoopt worden in Jezus' naam voordat ze gezalfd konden worden met Gods geest. Dat wordt duidelijk uit het 19de hoofdstuk van Handelingen. Als de doop van Johannes letterlijk hun zonden wegwaste en meer was dan een uiterlijk symbool van het innerlijke berouw van de Joden, waarom was het dan noodzakelijk dat ze opnieuw gedoopt moesten worden in de naam van Jezus? En, als de doop van Johannes enkel een religieus ritueel was, waarom zouden we dan moeten veronderstellen dat de doop in Jezus' naam iets meer is dan een symbolische openbare bekendmaking van geloof?

Het wegwassen van onze zonden is het gevolg van ons geloof in het vergoten bloed van Christus. En de doop is een daad van geloof in de dood en opstanding van Christus.



15. Het WTG beweert dat Ezechiëls profetie over de Joden die terugkeren naar hun land in vervulling gaat in hun organisatie. Ezechiël 36:24, 28 zegt: "En ik wil u uit de natiën halen en u bijeenbrengen uit alle landen en u brengen op uw grond" en "Gij zult stellig wonen in het land dat ik aan uw voorvaders heb gegeven, en gij moet mijn volk worden en ikzelf zal uw God worden." Als dit in de Wachttorenorganisatie in vervulling gaat, hoe keren zij dan terug naar het land KANAÄN zoals beloofd aan de voorvaders? Psalm 105:8-11.


De menselijke geest werkt op zo'n manier dat het complexe en abstracte ideeën het beste kan bevatten wanneer ze een patroon heeft om het vanaf te leiden. Zonder in de ingewikkeldheden van de profetieën zelf te duiken, kan er worden gesteld dat de profetieën die gericht zijn aan het oude Israël voorbeelden en patronen stellen voor de Christelijke organisatie van het geestelijk Israël gedurende de tijd van Gods definitieve oordeel. Paulus verwees naar dat principe toen hij het volgende aan Christenen schreef: "Deze dingen nu bleven hun overkomen als voorbeelden en ze werden opgeschreven tot een waarschuwing voor ons, tot wie de einden van de samenstelsels van dingen gekomen zijn." (1 Korinthiërs 10:11)

Paulus werd ook geïnspireerd om uit te leggen hoe alle aspecten van de oorspronkelijke tabernakel-aanbidding en de tempelregeling enkel "een voorafbeelding en een schaduw van de hemelse dingen" was.

Het 36ste hoofdstuk van Ezechiël is één van de vele profetieën die spreken over de verzameling en het herstel van de Joodse natie. Israël stond in een verbondsverhouding met Jehovah en die verhouding werd bijna verbroken door de afgoderij en immoraliteit van de Joden. Jehovah strafte hen door hen uit het land te werpen dat hij hen gegeven had; maar later nam hij hen weer aan als zijn volk.

Volgens Paulus is de gezalfde Christelijke gemeente het werkelijke zaad van Abraham. En wanneer we het patroon van de profetieën gericht aan de tegenhanger uit de oudheid volgen, wordt het hedendaagse Israël evenzo getuchtigd door God; verstrooid gedurende een tijd van verdrukking. Maar, zoals Jezus zei, zullen Gods uitverkorenen uiteindelijk verzameld worden vanuit de vier uithoeken van de aarde.

Evenzo, in plaats van de beërving van een letterlijk land Kanaän, gebruikte Jesaja de uitdrukking "nieuwe hemelen" en "nieuwe aarde" om het herstelde Joodse thuisland te beschrijven. Bijbelstudenten merken natuurlijk direct op dat de apostelen Petrus en Johannes ook specifiek verwezen naar een nieuwe hemel en nieuwe aarde, welke door getrouwe Christenen beërfd zal worden aan het eind van deze huidige oude hemelen en het oude aardse samenstel van dingen.



16. Beschouw ook wat er gezegd wordt over degenen die de profetie vervullen. Ezechiël 36:22 zegt: "Daarom, zeg tot het huis van Israël: 'Dit heeft de Soevereine Heer Jehovah gezegd: "Niet ter wille van u doe ik het, o huis van Israël, maar voor mijn heilige naam, die gij ONTHEILIGD hebt onder de natiën waar gij zijt gekomen."'" Daar het WTG beweert dat het het geestelijk Israël is en deze profetieën in Ezechiël vervult, hoe geloven Jehovah's Getuigen dan dat ze Gods naam onder natiën hebben ontheiligd?


Je oorspronkelijke vragen werden enkele jaren geleden gepubliceerd. Sinds die tijd zijn er echter diverse schandalen aan het licht gekomen en zijn wijds gepubliceerd. In het bijzonder hebben Jehovah's Getuigen Gods naam in de ogen van de mensen ontheiligd door het bedekken van pedofilie in onze gemeenten. Toch moeten we niet verwachten dat Jehovah's Getuigen gemakkelijk de verantwoordelijkheid accepteren voor het brengen van smaad over de naam van Jehovah. Als we de profeten als patroon mogen nemen, moet God eerst zijn volk veroordelen met gebruik van vrij strenge maatregelen voordat ze nederig zullen toegeven Gods naam te hebben ontheiligd. Daar de Oordeelsdag nog steeds in de toekomst ligt, heeft de dag van onze afrekening nog niet plaatsgevonden.


17. De NWV voegt het woord "[de]" toe aan de zinsnede "van onze God en redder Jezus Christus" in 2 Petr. 1:1. In 2 Petr. 1:11, 2:20 en 3:18, welke exact dezelfde zinsnede bevatten in het Grieks, behalve dat deze verzen het woord "heer" (kyrios) weergeven in plaats van het woord "God" (Theos), wordt het woord "[de]" niet toegevoegd. Zie Grieks-Engelse Interlinear. Wat is de reden voor deze grove inconsistentie in de vertaling van deze zinsneden? Hoe zou 2 Petr. 1:1 luiden wanneer die hetzelfde vertaald zou zijn als 2 Petr. 1:11, 2:20 en 3:18 en het woord "[de]" niet was toegevoegd? Wat zegt de Schrift over het toevoegen van woorden aan de Bijbel? Zie Spr. 30:5, 6.


Alle Bijbelvertalingen hebben woorden toegevoegd die niet in de oorspronkelijke tekst verschijnen. Daar is niets sinisters aan. Het wordt gedaan wanneer de vertaler oordeelt dat het de tekst verduidelijkt.

De reden waarom de vragensteller moeite heeft met de invoeging van [de] in de tekst van 2 Petrus 1:1 is duidelijk vanwege de wensaanname van de zijde van geïndoctrineerde Trinitariërs dat de tekst zegt dat Jezus God is. Het vers luidt: "Simon Petrus, een slaaf en apostel van Jezus Christus, aan hen die een geloof hebben verkregen dat als een even groot voorrecht wordt beschouwd als het onze, door de rechtvaardigheid van onze God en [de] Redder Jezus Christus."

Of het bepalend lidwoord nu wel of niet wordt ingevoegd, de tekst zegt in geen geval dat God Jezus Christus is. Het zegt enkel "onze God en Redder Jezus Christus." In het direct daarop volgende vers worden God en Jezus weer genoemd. De NBG luidt hier: "Genade en vrede worde u vermenigvuldigd door de kennis van God en van Jezus onze Here."

Dit zegt het woordenboek over het woordje "en": gebruikt als een functiewoord om verbinding of toevoeging aan te duiden, vooral van onderdelen binnen dezelfde groep of soort."

Geen enkel eerlijk, redenerend persoon zou concluderen dat omdat God en Jezus in één zin worden genoemd, ze daarom automatisch één persoon zijn. God en Christus zijn Vader en Zoon. Ze zijn twee onderscheiden entiteiten. We kunnen stellen dat deze manier van ondervraging, die Jehovah's Getuigen zogenoemd moet overdonderen, in plaats daarvan een aanwijzing is van de wijze waarop de Trinitarische indoctrinatie het gezonde verstand van iemand kan vertroebelen.



18. Zacharia 2:10-12 zegt: "Roep luidkeels en verheug u, o dochter van Sion; want zie, IK KOM, en ik wil IN UW MIDDEN VERBLIJVEN verblijven", is de uitspraak van Jehovah...En gij zult moeten weten dat Jehovah der legerscharen zelf mij tot u heeft gezonden. En Jehovah zal stellig Juda als zijn deel op de heilige grond in bezit nemen, en hij moet alsnog Jeruzalem uitkiezen." Als Jezus en Jehovah niet één en dezelfde God zijn, hoe verklaar je dan het feit dat Christus degene ie die "komt" en "in uw midden zal verblijven," maar Jehovah in deze passage beweert dat hij degene is die komt en in hun midden zal verblijven? Hoe verklaar je dat "Jehovah der legerscharen" hem (Jehovah) zendt om in hun midden te verblijven?


De onredelijkheid van dit soort vragen is bijna slaapverwekkend. Moeten we soms veronderstellen dat God zichzelf opdrachten geeft en ze uitvoert? Is dat wat de vragensteller gelooft?

Ter herhaling, het vers dat je citeerde luidt: "En gij zult moeten weten dat Jehovah der legerscharen zelf mij tot u heeft gezonden.

Alleen al in het boek Johannes zegt Jezus bijna 50 keer dat zijn Vader hem in de wereld gezonden heeft als zijn vertegenwoordiger. Dat is niet zo moeilijk te begrijpen, toch? Jezus zei de ongelovige Joden vele malen dat hij niet uit zichzelf was neergedaald uit de hemel. God gaf zijn Zoon een opdracht en Jezus gehoorzaamde zijn Vaders geboden. Zo eenvoudig is het. En omdat Jezus de nauwkeurige weerspiegeling van Jehovah is, kan er terecht worden gezegd dat Jehovah in ons midden was toen Christus op aarde was.

Verder zei Jezus ronduit: "Een slaaf is niet groter dan zijn meester, noch is iemand die wordt uitgezonden, groter dan degene die hem heeft gezonden." Daar het niet te betwisten valt dat Jezus instructies van Jehovah God aannam toen hij door zijn Vader werd gezonden, waarom doen Trinitariërs dan de godslasterlijke bewering dat God zichzelf instructies geeft?



19. Is het waar dat het WTG eens leerde dat: De tweede tegenwoordigheid van Christus begon in 1874 (WT, 1/11/'22, blz. 332-337; Prophecy, 1929, blz. 65-66); Vaccinaties nooit een mensenleven heeft gered, pokken niet voorkomt en afgekeurd worden (Gouden Tijdperk, 4 Febr. 1931, blz. 293, 294); De grote pyramide van Egypte een getuigenis van de Heer is (WT, 15/5/'25, blz. 148-149); God het universum bestuurd vanaf een ster genaamd Alcyone (Thy Kingdom Come, 1903 Ed, blz. 327); Leviathan uit de Bijbel een stoomlocomotief is (The Fynished Mystery, blz. 84-86); Tonsillectomie afgekeurd wordt; het beter is zelfmoord te plegen dan het hebben van een tonsillectomie (GT, 7/4/'27, blz. 26, 29); Het zwarte ras ontstond bij Noach's vloek over Kanaän (GT, 24/7/'29, blz. 702); Joden niet langer belangrijk zijn voor God (Vindication, Deel II, blz. 257-258); God kleding draagt (GT, 19/5/'26, blz. 534); Het WTG achter de principes van Nazi Duitsland staat (Jaarboek 1934, blz. 134-137); Aspirine de veroorzaker van hartziekten is (GT, 27/2/'35, blz. 343, 344); geen gebruik maken van röntgen (GT, 23/9/'36, blz. 828); mensen in 1938 niet zouden moeten trouwen (Face the Facts, blz. 46-50); orgaantransplantaties afgekeurd werden als zijnde kanibalisme (WT, 15/11/'67, blz. 702-704)? Het WTG leert dat het de spreekbuis van Jehovah en Gods enige communicatiekanaal op de wereld is. Daar God geen leugens vertelt of zijn gedachten verandert (Num. 23:19, Ps. 89:34, Hebr. 6:18), en daar het duidelijk is dat het WTG met geen mogelijkheid voor God gesproken kan hebben toen ze deze dingen beweerden, hoe weten we dan dat het WTG nu voor God spreekt? Zie Zef. 3:13 en Jes. 28:15. Om vele rechtstreekse citaten van het WTG te zien, klik: WTS Quotes.


Om de zaken weer enigzins in perspectief te zien: De officiële leerstelling van de Katholieke Kerk was dat de aarde het centrum van het universum was. Het Vaticaan dwong Galileo zelfs zijn wetenschappelijke waarnemingen die het tegenovergestelde beweerden, in te trekken. Wanneer het beleid dat de Katholieke Kerk in de Middeleeuwen hanteerde nog steeds zou bestaan, zouden we op een brandstapel verbrand worden voor het bediscussiëren van de Bijbel buiten hun goedgekeurde liturgische grenzen. Het lijkt dus heel passend te zijn om te wijzen op de uitgesproken hypocrisie van onze Katholieke vragensteller. En niet alleen dat, zijn redenatie is sluw en oneerlijk. Beweringen die uit hun historische en contextuele setting worden genomen, zijn bedoeld om de lezer ertoe aan te zetten zich dezelfde bevooroordeelde mening te vormen die jij wilt dat zij hebben.

Bijvoorbeeld: de bewering dat vaccinaties nog nooit een mensenleven hadden gered werd in 1931 gedaan. Vaccinaties stonden toen nog in hun kinderschoenen, dus het is nogal waarschijnlijk dat er geen echt bewijs voor was dat vaccinaties effectief waren. Het is duidelijk dat het de bedoeling van de vragensteller is te laten zien hoe dom zo'n bewering nu is, maar toen was het in het geheel geen ongepaste bewering. Verder onthult de vragensteller zijn eigen onwetendheid over deze kwestie. Dat komt omdat vaccinaties toen omstreden waren en dat ze nu nog steeds omstreden zijn - zo niet nog meer omstreden. Ongetwijfeld leek de bewering in het Gouden Tijdperk in 1931 in het geheel niet onredelijk. Vele personen in 2003 vermoeden dat immunisering aan de verzwakking van het natuurlijke afweersysteem van het lichaam heeft bijgedragen en één van onderliggende oorzaken is van nieuwe ziekten aan het afweersysteem, ziekten die in voorgaande generaties niet bestonden. Ondanks dat er geen twijfel over bestaat dat vaccinaties vele levens hebben gered, is immunisering een voortgaand experiment waarbij de gevolgen op lange termijn nog steeds onbekend zijn.

Hetzelfde geldt voor andere gezondheidskwesties. Tonsillectomies worden nu als routine-ingrepen beschouwd; maar sommige dokters denken nu dat het onnodig verwijderen van de amandelen in het latere leven tot ernstige gezondheidsproblemen kan leiden. Evenzo is het Wachttorengenootschap bekritiseerd omdat ze beweerd heeft dat aluminium kookgerei gevaarlijk is. Maar, heden ten dage, zo'n 70 jaar later, zijn er personen die vermoeden dat aluminium een factor kan zijn bij de ziekte van Alzheimer. Het lijkt erop dat het Wachttorengenootschap op dit gebied de zaken ver vooruit was.

Hetzelfde geldt voor de aspirine-kwestie. Terwijl de gigantische farmaceutische bedrijven mensen ervan hebben overtuigd dat het nemen van aspirines hartproblemen voorkomt, zijn anderen nu van mening dat aspirines schadelijk voor de gezondheid zijn. Dus, met betrekking tot deze triviale kwesties moeten we conluderen dat de vragensteller eenvoudig inspeelt op algemene vooringenomenheid en onwetendheid.

Dit wil niet zeggen dat het Wachttorengenootschap niet heel wat domme beweringen heeft gedaan, maar veel van de hierboven aangehaalde zaken hebben niets te maken met de Bijbel. Het waren slechts meningen van bepaalde mannen. Trouwens, de apostelen hadden ook heel wat verkeerde ideeën. Jezus corrigeerde hen zelfs keer op keer en toch bezag Jezus hen als de fundamenten van zijn gemeente. De Schriften staan echter toe dat de kinderen van God door de lastige fase van adolescentie gaan, voordat ze geestelijke volwassenheid bereiken. Ter illustratie van de groei van de gemeente van God tot de tijd van Christus' wederkomst, zei Paulus het volgende over zichzelf: "Want wij hebben gedeeltelijke kennis en wij profeteren gedeeltelijk; wanneer echter het volledige gekomen is, zal dat wat gedeeltelijk is, worden weggedaan. Toen ik een klein kind was, placht ik als een klein kind te spreken, als een klein kind te denken, als een klein kind te overleggen; nu ik echter een man ben geworden, heb ik de trekken van een klein kind weggedaan. Want op het ogenblik zien wij door middel van een metalen spiegel vage omtrekken, maar dan van aangezicht tot aangezicht. Op het ogenblik ken ik gedeeltelijk, maar dan zal ik nauwkeurig kennen, evenals ik nauwkeurig gekend word." (1 Korinthiërs 13:9-12)

Jezus zei: "Wijsheid wordt gerechtvaardigd door haar werken." Wat betekent dat? Het betekent dat je het eindresultaat beoordeelt. Het eindresultaat van de toenmalige leerstellingen van het Wachttorengenootschap was dat er een volk werd voortgebracht dat hetzelfde krachtige geloof tentoonspreidde als de oorspronkelijke Christenen. Gedurende WOII bijvoorbeeld, namen Katholieken, Lutheranen en Protestantse Trinitariërs allen deel aan het afslachten van elkaar op een schaal die alle voorgaande oorlogen overtrof. Aan de andere kant belandden duizenden Jehovah's Getuigen in Duitsland en in de Engelssprekende wereld in gevangenissen en concentratiekampen, omdat ze vastbesloten waren de leerstellingen van Christus te volgen, ongeacht de persoonlijke prijs die daarvoor betaald moest worden. Wanneer het Wachttorengenootschap zo dwaas was als onze tegenstanders ons willen laten geloven, hoe verklaar je dan het feit dat de toenmalige Jehovah's Getuigen aan de wereld toonden dat ze een onoverwinnelijk geloof hadden dat in kwaliteit verre superieur was aan wat de Christenheid ook voortbracht?



20. De NWV vertaalt het Griekse woord "esti" in vrijwel alle voorkomende gevallen met "is" in het Nieuwe Testament (Zie Matth 26:18, 38, Mark. 14:44, Luk. 22:38, enz), behalve in Matth. 26:26-28; Mark. 14:22-24 en Luk. 22:19 waar het wordt vertaald met "betekent," ook al wordt het woord met "is" vertaald in de KIT. Waarom deze inconsistentie in de vertaling van het woord "esti" in deze verzen. Als de NWV consistent was geweest en het Griekse woord "esti" met "is" had vertaald in deze verzen, wat zouden deze verzen dan zeggen?


Deze vraag komt voort uit de ongelooflijk bizarre Katholieke leerstelling van de transsubstantiatie die beweert dat de wijn en het brood dat Christus' vlees en bloed vertegenwoordigt, op wonderbaarlijke wijze verandert in Jezus' letterlijke vlees en bloed eens dat het geconsumeerd is.

Enkele van Christus' dicipelen veronderstelden ook dat Jezus zo'n kanibalisme voorstond toen hij hen zei dat ze zijn vlees moesten eten en zijn bloed moesten drinken, wat de reden was dat ze geshockeerd waren en weigerden hem verder te volgen. Maar, in het direct daarop volgende vers in het verslag van Johannes 6:63 legt Jezus uit dat hij het niet letterlijk bedoelde. Er staat: "Het is de geest die levengevend is; het vlees is volstrekt van geen nut. De woorden die ik tot u heb gesproken, zijn geest en zijn leven. Maar er zijn sommigen onder u, die niet geloven."

Als het vlees van geen waarde is met betrekking tot redding, zoals Jezus zei, waarom houden Katholieken dan vol dat ze letterlijk Jezus' vlees moeten eten door middel van de magie van transsubstantiatie? Door Jezus' woorden letterlijk op te vatten, verraden Katholieken hun eigen gebrek aan geestelijk onderscheidingsvermogen. In plaats van te erkennen dat de gezegden van Christus geestelijk zijn en niet fysiek, hebben Katholieken dezelfde dwaasheid aangenomen welke degenen die niet geloven kenmerkt.

Als je beweert dat het brood Christus' feitelijke vlees is, omdat Jezus zei "dit is mijn lichaam," wat valt er dan te zeggen over het volgende vers waar Jezus zegt: "dit is mijn bloed van het verbond." Moeten we dan aannemen dat de wijn op magische wijze getranssubstantiëerd wordt in een nieuw verbond in de magen van onze Katholieke vrienden? Dat wordt er gezegd, "deze beker is het nieuwe verbond."

De Katholieke leerstelling van transsubstantiatie is niet alleen moeilijk om uit te spreken, hij ligt zeker ook zwaar op de maag.




 
         
Home | Essays | Postzak | Commentaren | Gastenboek | Links | Tools | Site Map | The Watchman