Ten Dienste van Jehovah's Getuigen en het Wachttorengenootschap
   

8 December 2003

 
 

 

 

Opties
Print Essay
Download Essay *


* Vereist Adobe Acrobat Reader 5 of nieuwer, gratis te downloaden vanaf Adobe.com



 

61. Openbaring 20:10 zegt: "En de Duivel...het wilde beest als de valse profeet [reeds waren]; en zij zullen dag en nacht GEPIJNIGD worden TOT IN ALLE EEUWIGHEID." Deze gebeurtenis zal plaatsvinden na de 1000-jarige regering van Christus (Openb. 20:7). Waar zullen de Duivel, het wilde beest en de valse profeet zijn om "dag en nacht gepijnigd te worden tot in alle eeuwigheid?" Wat betekent het woord "gepijnigd" volgens jou? Op soortgelijke wijze zegt Openbaring 14:9-11: "...Indien IEMAND het wilde beest aanbidt...hij zal GEPIJNIGD worden met vuur en zwavel...En de rook van hun pijniging stijgt op TOT IN ALLE EEUWIGHEID..." Waar kan "iemand" "tot in alle eeuwigheid gepijnigd worden?"


De lezer die tot op dit punt gekomen is, zou het patroon moeten kunnen herkennen dat is ontstaan, waarbij de vragensteller geneigd is om Bijbels symbolisme en beeldspraak letterlijk te nemen.

Openbaring staat vol met symbolische vertegenwoordigingen van zowel hemelse als aardse zaken. Als de vragensteller veronderstelt dat het meer van vuur een letterlijk brandend meer is, dan is het wilde beest dat samen met de Duivel in het meer van vuur geworpen wordt ook letterlijk. Die redenering verder volgend, moeten we dan verwachten dat de Duivel op een gegeven moment als geheim wapen een gigantisch zevenkoppig monster zal loslaten om de wereld te terroriseren; een soort van amfibisch meerkoppige Godzilla? Zo ja, wellicht wordt "Daniël" uit de Katholieke Apocrieve boeken dan wel uit de mythologie geroepen om redding te brengen, door wederom een van het vet druipende haarbal te voeren aan het beest, zoals hij deed in het boeiende verhaal over Bel en de Draak!

Het sarcasme even verlatend, het vergt voor niemand erg veel mentale kracht om te interpreteren wat het meer van vuur symboliseert. De verlichtende engel die Johannes de Openbaring gaf, interpreteerde zijn voorstelling ook, door in Openbaring 20:14 te zeggen: "Dit betekent de tweede dood: het meer van vuur." Of, als dat je voorkeur heeft: "Dit is de tweede dood, het meer van vuur."

Willen we begrijpen wat de tweede dood is, moeten we eerst begrijpen wat de eerste dood is. De eerste dood is de dood die we ondergaan als gevolg van overgeërfde zonde. Door middel van Jezus' offer, heeft Jehovah echter de basis verschaft om de angel van de dood weg te doen, door middel van de opstanding. De Bijbel belooft dat de zogenoemde Adamitische dood vernietigd zal worden, feitelijk wordt de dood ook in het meer van vuur geworpen. Maar, nadat de Adamitische zonde vernietigd is zullen sommige personen die een opstanding in het paradijs hebben gekregen, uiteindelijk een opstanding des oordeels ontvangen, zoals Jezus het in Johannes 5:29 noemde. Dat betekent dat ze als onwaardig zullen worden geoordeeld om verder op aarde te leven. Zij zullen wederom sterven; voor hen zal het letterlijk een tweede dood zijn. Anders dan de eerste dood is de tweede niet het gevolg van overgeërfde zonde, maar van opzettelijke rebellie tegen God. De tweede dood is definitief. Dus, dat is wat het meer van vuur betekent - eeuwige vernietiging.

Voor de Duivel en anderen is hun eerste dood ook hun tweede dood; wat wederom definitieve vernietiging betekent. In dat opzicht is Jehovah's oordeel over Satan een eeuwigdurende straf. In die betekenis worden Satan en zijn samenstel gemarteld, omdat ze van tevoren weten dat ze voor altijd in volledige oneer herinnerd zullen worden door God en alle overlevende schepselen.

Klik hier voor de waarheid over de hel en het meer van vuur.



62. Daar het WTG op dit moment de meeste leerstellingen van haar stichter, Charles Taze Russell (die van 1879-1916 president van de organisatie was) heeft verworpen, en daar ze ook "rechter" Joseph Franklin Rutherford verworpen hebben, die Russell opvolgde als president van 1916-1942, hoe kan je er dan zeker van zijn dat het WTG over 25 jaar niet de huidige president, Milton Henschel (1992-nu) verwerpt, zoals ze bij Russell en Rutherford hebben gedaan? Welk vertrouwen kun je hebben in een organisatie die de stichter en eerste twee presidenten uit de 63 eerste jaren van haar bestaan verwerpt - meer dan 50% van de tijd dat ze bestaat?


Je hebt het volledig bij het verkeerde eind. Russell heeft een solide leerstellig fundament gelegd, wat tot op de dag van vandaag op zijn plaats ligt.


63. In Johannes 20:28 verwijst Johannes in het Grieks naar Christus als "Ho kyrios moy kai ho theos moy". Dit wordt letterlijk vertaald als "de Heer van mij en DE God van mij". Waarom bevestigt Jezus Thomas in Johannes 20:29 voor het komen tot dit besef? Als Jezus in werkelijkheid niet de Heer en DE God van Thomas was, waarom verbeterde Jezus hem dan niet voor óf het maken van een verkeerde veronderstelling óf voor het uiten van een godslasterlijke bewering?


De reden dat Jezus Thomas niet verbeterde, is ongetwijfeld omdat Jezus uit Thomas bewering niet begreep wat jij denkt dat hij bedoelde. Een paar verzen verder wordt gezegd: "Maar deze zijn opgetekend opdat gij moogt geloven dat Jezus de Christus is, de Zoon van God, en opdat gij door te geloven leven moogt hebben door middel van zijn naam."

Toen Johannes het verslag jaren later optekende, was hij kennelijk ook niet in verwarring. De apostelen erkenden Jezus als de Zoon van God. Ze stonden toen niet onder Trinitarische misleiding. Veel hedendaagse lezers zien echter de uitdrukking "Zoon van God," en hun jaren lang door Trinitarische theologie geconditioneerde geest zet die uitdrukking onwillekeurig om in "God de Zoon."

Het is interessant dat Jezus dezelfde Griekse uitdrukking gebruikte als Thomas toen hij met zijn laatste adem voor zijn dood uitbracht: "De God van mij, de God van mij, met wat laat gij mij achter"? (Vertaald: "Mijn God, Mijn God, waarom hebt gij mij verlaten?) De vraag is: Wanneer Thomas naar Jezus verwees toen hij zei "De God van mij," naar wie verwees Jezus dan als zijn God? De Trinitariër zal je waarschijnlijk het onzinnige antwoord geven dat "God de Zoon," éénderde van de triade, sprak tegen de andere tweederde van de zogenaamde Drieënige Godheid.

De meer redelijke uitleg is dat Thomas, overweldigd door zijn verbazing over de realiteit van Christus' opstanding, welke hij daarvoor ontkend had, bewogen werd een uiting te doen om te bevestigen dat hij Jezus als zijn Heer erkende en als vergetenwoordiger van Jehovah God.



64. Daar het WTG "nieuw licht" heeft ontvangen aangaande het geslacht van 1914 en hun zienswijze hierover volledig veranderd heeft, betekent dit dat alle voormalige Getuigen die jaren geleden uitgesloten zijn voor het hebben van dezelfde gedachten die de organisatie nu zelf leert, automatisch weer opgenomen worden in de broederschap? Werden deze ex-Getuigen in feite uitgesloten voor wat nu als "de Waarheid" wordt onderwezen?


Ik heb nog nooit gehoord van iemand die voor zo'n onbeduidend iets is uitgesloten - alhoewel het mogelijk is dat enkelen uitgesloten zijn op grond van gerelateerde kwesties.

Naarmate de laatste jaren van het afgelopen millenium naderden, werd er aangenomen dat het geslacht dat niet voorbij zou gaan niet de in de Bijbel opgetekende 80 jaar zou overschrijden, welke in de Bijbel als de dagen van onze jaren beschreven wordt en past in de huidige gemiddelde 75-jarige levensduur. 1994 was het einde van de 80 jaar vanaf 1914, dus werd het Wachttorengenootschap er door omstandigheden toe gedwongen met een verklaring te komen. Voordat die 80 jaar voorbij waren gegaan, kon niemand met zekerheid zeggen dat het geslacht niet betekende wat het Genootschap aannam dat het betekende.

Natuurlijk moet het laatste hoofdstuk hier nog over geschreven worden.



65. Als er 144.000 met geest gezalfde mensen zijn die een hemelse hoop hebben en een grote schare van mensen die een andere hoop hebben van eeuwig leven op een paradijs aarde, waarom zegt Paulus dan dat er slechts ÉÉN hoop is (Efeziërs 4:4), in plaats van twee? Evenzo, wanneer er slechts één lichaam van mensen is dat naar de hemel zal gaan en een ander compleet verschillend lichaam van mensen voor eeuwig in het paradijs op aarde zullen leven, waarom zegt Paulus dan dat een ieder die gedoopt wordt, gedoopt wordt in "EEN lichaam" (1 Kor. 12:13)? Wat betekenen de woorden "allen" en "één" volgens jou?


Paulus sprak specifiek over het lichaam van Christus, wat de 144.000 is. Het volledige vers luidt: "Eén lichaam is er en één geest, zoals gij ook werdt geroepen in de ene hoop waartoe gij werdt geroepen; één Heer, één geloof, één doop; één God en Vader van allen, die boven allen en door allen en in allen is."

In Efeziërs 1:10 verwijst Paulus echter naar God die alle dingen op de aarde alsook de dingen in de hemel weer bijeen vergadert en beide groepen onderwerpt aan Christus. Daar wordt gesproken over degenen die geen deel uitmaken van het lichaam van Christus, maar de hoop hebben op eeuwig leven op aarde.

Jehovah's Getuigen onderwijzen de waarheid omtrent het feit dat enkelen van de mensheid een hemelse hoop hebben en anderen de hoop op het voor eeuwig leven in een paradijs op aarde.



66. Openbaring 7:11 zegt dat "voor de troon" in de hemel is waar "alle engelen stonden". Openbaring 14:2, 3 zegt: "En ik hoorde een geluid uit de hemel…En zij zingen als het ware een nieuw lied vóór de troon…" Openbaring 7:9 zegt: "…zie! een grote schare…STAANDE VOOR DE TROON…" Openbaring 7:14, 15 zegt: "…Dezen zijn het die uit de grote verdrukking komen…Daarom zijn zij VOOR DE TROON van God…" Daarom, als "voor de troon" in de hemel betekent (Openb. 7:11, 14:2, 3) en de "grote schare" "voor de troon" is (Openb. 7:9, 7:14, 15), waar bevindt de grote schare zich dan? Waar zegt Openb. 19:1 dat de grote schare zal zijn?


Voor God of voor de troon zijn, betekent niet altijd in de hemel te zijn. In Lukas 21:36 moedigde Jezus zijn volgelingen bijvoorbeeld aan God te smeken "dat gij erin moogt slagen te ontkomen aan al deze dingen die stellig gaan geschieden, en te staan voor het aangezicht van de Zoon des mensen." In die context betekent "staan voor de Zoon des mensen" eenvoudig het ontvangen van een gunstig oordeel.

Een ander voorbeeld kan worden gevonden in Exodus 16:9, waar staat: "Voorts zei Mozes tot Aäron: "Zeg tot de gehele vergadering van de zonen van Israël: 'Nadert voor Jehovah, want hij heeft uw murmureringen gehoord.'""

Het is natuurlijk duidelijk dat het gehele Israëlische kamp niet naar de hemel werd opgeheven om "voor Jehovah te naderen."

In Numeri 5:30 zegt de wet dat een vrouw die beschuldigd werd van ontrouw "voor het aangezicht van Jehovah" moest staan, zodat God haar als schuldig of onschuldig kon oordelen.

De Hebreeën drukten zichzelf uit in letterlijke termen, net zoals vele vroegere personen. En veel van die uitdrukkingen staan in de Bijbel. Maar dat betekent niet dat we een letterlijke uitdrukking ook altijd letterlijk moeten opvatten. Dat de grote schare voor de troon staat betekent eenvoudig dat zij een gunstig oordeel van Gods troon van Oordeel ontvangen.

Openbaring 19:1 luidt: "Na deze dingen hoorde ik iets dat was als een luide stem van een grote schare in de hemel. Zij zeiden: "Looft Jah! De redding en de heerlijkheid en de kracht behoren aan onze God, want zijn oordelen zijn waarachtig en rechtvaardig.""

De uitdrukking "grote schare," of grote menigte zoals sommige vertalingen het verwoorden, verwijst niet altijd naar de specifieke "grote schare" die in Openb. 7:9 wordt genoemd. Het evangelieverslag zegt bijvoorbeeld dat er bij één gelegenheid een grote schare van mensen Jezus volgde. In dezelfde gedachtegang is de grote schare uit Openbaring 19:1 kennelijk een menigte engelen en niet dezelfde grote schare die als komend uit de grote verdrukking wordt beschreven.

Het is interessant dat bij de gelegenheid van Jezus' geboorte een grote schare engelen aan de herders verscheen en God lof toezong terwijl ze in het midden van de hemel zweefden. De Groot Nieuws Bijbel verwoordt dat verslag als volgt: "En ineens was er bij de engel een hele menigte andere engelen uit de hemel, die allemaal God loofden." En de Leidsche Vertaling luidt: "En plotseling was bij den engel een schare van het hemelse heirleger, die God prees." (Lukas 2:13). Het is dus niet zonder precedent dat Openbaring 19:1 naar een grote menigte van engelen verwijst die God loven.

Wanneer we hierover verder redeneren, de grote schare van 19:1 wordt in het 3de vers beschreven waarbij ze "Hallelujah" roepen. Letterlijk betekent die uitdrukking: "Looft Jah, gij volk!" Wanneer de gehele mensheid uiteindelijk tot de hemel wordt opgewekt, zoals velen verkeerd veronderstellen, waarom geeft de grote schare in de hemel het volk dan het gebod Jah te loven? Verder, als de aarde onbevolkt zou zijn na Gods oordeel, waarom zegt Openbaring 20:7-9 dan dat Satan aan het eind van Christus' duizendjarige regering vrijgelaten wordt uit de afgrond om een aanval op de heiligen te doen die aan de vier hoeken van de aarde zijn? Wie leven er dan op aarde wanneer iedereen in de hemel zou zijn?

Jehovah's Getuigen onderwijzen de waarheid omtrent Gods voornemen om een grote schare het einde van de wereld te laten overleven en letterlijk de aarde te beërven. Voor meer, klik hier.



67. Als de hel niet bestaat, wat is dan het "eeuwige vuur" (Matth. 18:8, Matth. 25:41 en Judas 7) waarin mensen geworpen kunnen worden? Als vuur een symbool van vernietiging is, wat is dan het schriftuurlijke bewijs om dit te ondersteunen? Evenzo, Jezus spreekt over de "vuuroven" en zegt "Daar zullen [zij] wenen en knarsetanden" Matth. 13:42, 13:50). Als de hel niet bestaat, waar is dan de "vuuroven" waar zij zullen "wenen en knarsetanden"? Als de "vuuroven" slechts symbool staat voor volledige vernietiging waarin een persoon compleet niet meer bestaat en geen bewustzijn meer heeft, hoe kunnen ze dan wenen en knarsetanden?


De Bijbel zegt niet dat de hel een plaats van eeuwig vuur is. Elk geïnformeerd persoon weet dat "hel" in dat specifieke vers een verkeerde vertaling is van het Griekse woord Gehenna. Gehenna is niet hetzelfde als hades of Sjeool. Gehenna was een vuilnishoop die zich buiten de muren van Jeruzalem bevond. Ze hielden het vuur brandend met gebruik van zwavel zodat het afval zou verbranden. Soms werden de overblijfselen van criminelen, waarvan men vond dat ze geen fatsoenlijke begrafenis verdienden, op de hoop gegooid. Jezus gebruikte die toen welbekende plek als een symbool voor Gods oordeel van eeuwige dood. Daarom zei Jezus dat de made en het vuur niet zouden sterven. In Openbaring heeft het meer van vuur dezelfde betekenis als Gehenna.

Wat betreft het schriftuurlijke bewijs dat vuur een symbool is van vernietiging, Hebreeën 12:29 zegt: "Want onze God is ook een verterend vuur." Personen met redeneringsvermogen kunnen begrijpen dat Paulus bedoelde dat God een vernietiger is van degenen die hij veroordeelt. 2 Thessalonicenzen 1:7 zegt tevens duidelijk dat Christus' oordeel komt als een vuur met als doel degenen die tegenwerken eeuwig te vernietigen. Daar wordt niet gezinspeeld op eeuwig leven in pijniging voor degenen die veroordeeld zijn. "Verlichting te zamen met ons bij de openbaring van de Heer Jezus vanuit de hemel met zijn krachtige engelen, in een vlammend vuur, wanneer hij wraak oefent over hen die God niet kennen en over hen die het goede nieuws omtrent onze Heer Jezus niet gehoorzamen. Dezen zullen de gerechtelijke straf van eeuwige vernietiging ondergaan, ver van het aangezicht van de Heer en van de heerlijkheid van zijn sterkte."

Wat betreft de uitdrukking "daar zullen zij wenen en knarsetanden," oplettende lezers zullen opmerken dat de vuuroven gebruikt wordt in de context van een illustratie met betrekking tot het verbranden van op onkruid gelijkende nep-Christenen. Dus, wat is verbranden? Het onkruid wordt verbrand. Het is een illustratie! Jezus gebruikte de uitdrukking "wenen en knarsetanden" ongeveer zes maal. Op andere plaatsen dan in de context van de illustratie van het tarwe en het onkruid, verbond Jezus wenen en knarsetanden aan buiten Jehovah's organisatie geplaatst worden. In Mattheüs 25:30 zei Jezus bijvoorbeeld: "En werpt de onnutte slaaf in de duisternis buiten. Daar zal hij wenen en knarsetanden."

In plaats van in een ondoofbaar onderaardse inferno te worden geworpen, zoals de niet onderwezenen zich indenken, geeft bovenstaande tekst aan dat het wenen en knarsetanden plaatsvind in het mensenrijk als gevolg van Christus' oordeel.



68. Het WTG beweert: "Net als de eerste christelijke gemeenschap - In de religieuze publikatie "Interpretation" werd in juli 1956 gezegd: "In hun organisatie en getuigeniswerk benaderen zij [Jehovah's Getuigen] de eerste christelijke gemeenschap dichter dan welke groep maar ook..." - Jehovah's Getuigen - Verkondigers van Gods Koninkrijk, blz. 234. En op blz. 677 van hetzelfde boek verschijnt een onderkopje getiteld "Als de vroege christenen". Bidden Jehovah's Getuigen het "Onze Vader" (Matth. 6:9-13), breken ze dikwijls samen brood (Eucharistieviering) (Hand. 2:42, 1 Kor. 10:16, 17, 1 Kor. 11:26-27), komen ze Zondags samen om brood te breken (Hand. 20:7), bevestigen ze de Heilige Geest door handen op te leggen (Hand. 8:15-17, 19:5, 6, Hebr. 6:2, 2 Tim. 1:6), ordineren (aanstellen) ze priesters (ouderlingen) door middel van het opleggen van handen Hand. 6:5-6, 13:2-3), bidden ze tot Jezus (Matth. 11:28, Hand. 7:59-60, 1 Kor. 16:22-23, Openb. 22:20), zalven ze de zieken met olie (Mark. 6:12-13, Jak. 5:14), knielen ze neer om te bidden (Hand. 9:40, 20:36, 21:5, Luk. 22:41), beschouwen ze zichzelf als getuigen van Christus (Hand. 1:8, 10:39, 13:31), hebben ze diaken (1 Tim. 3:8, 10, 12), gebruiken ze altaren (1 Kor. 10:18-21, Hebr. 13:10), vasten ze (Matth. 6:16-18), geloven ze dat er redding is in niemand anders dan Jezus Christus (Hand. 4:10-12), vieren ze Pinksteren (Hand. 2:1, 20:16, 1 Kor. 16:8), hebben ze speciale personen die zorgen voor weduwen en wezen (Hand. 6:1-4, Jak. 1:27), drinken ze bij gelegenheid wijn (1 Tim. 5:23)? Zo niet, hoe kunnen Jehovah's Getuigen zichzelf dan beschouwen als de vroegere Christelijke gemeente? Daar het woord "Jehovah" niet voorkomt in het oorspronkelijke Nieuwe Testament en niet verscheen tot aan het eind van de 12de eeuw (Zie Hulp tot Begrip van de Bijbel, blz. 884, 885), waardoor duidelijk wordt dat de eerste eeuwse Christelijke gemeenschap niet naar zichzelf verwezen kunnen hebben met die naam, hoe kan het WTG dan als de vroegere Christelijke gemeenschap zijn wanneer ze zichzelf "Jehovah's Getuigen" noemen?


Als kort antwoord op deze nogal vreemde en uitgebreide vraag: Met betrekking tot het zogenoemde "Onze Vader Gebed," in het voorgaande vers zei Jezus ons specifiek niet elke keer dezelfde woorden te zeggen in gebed. Maar, is dat niet precies wat Katholieken wordt geleerd? Jezus herhaalde echter geen gebeden aan God en Jehovah's Getuigen ook niet.

Sommige van de gebruiken en praktijken van de vroegere Christenen waren slechts cultureel; het opleggen van handen en het gebruik van zalvende olie was toen heel gebruikelijk. Andere zaken echter, zoals het drinken van wijn of een speciale houding aannemen wanneer men bidt, zijn persoonlijke zaken. En ja, Jehovah's Getuigen hebben "diaken", die we dienaren in de bediening noemen. We eten jaarlijks het Avondmaal des Heren op de dag van Jezus' dood. En wanneer er behoeftige weduwen en wezen in onze gemeenten aanwezig zijn, worden er regelingen getroffen om voor hen te zorgen.

Met betrekking tot de naam Jehovah's Getuigen: die aanduiding is genomen uit een profetie in het 43ste hoofdstuk van Jesaja, waar staat: "Ikzelf heb het aangekondigd en heb gered en heb het doen horen, toen er geen vreemde god onder u was. Daarom zijt gij mijn getuigen," is de uitspraak van Jehovah, "en ik ben God. Ook ben ik altijd Dezelfde; en er is niemand die bevrijding uit míjn hand bewerkt. Ik zal handelen, en wie kan ze afwenden?" (Jesaja 43:12)

Zoals wordt gezegd heeft de profetie relevantie voor de tijd waarin Jehovah God zal "handelen" en voor bevrijding voor zijn dienstknechten zal zorgen. Dus, ondanks dat de 1ste Eeuwse Christenen slechts in naam als Jehovah's getuigen dienden, was de profetie niet van toepassing op Jehovah's dienstknechten uit die tijd.



69. Als de naam Jehovah zo belangrijk is, waarom wordt hij dan nooit gebruikt in het hele Nieuwe Testament en waarom komt hij niet voor in de oudste Griekse manuscripten van het Nieuwe Testament of in de eerste Bijbel, de 5de eeuwse Latijnse Vulgaat? Als mensen de persoonlijke naam van God, "YHWH," geschrapt hebben toen ze het Nieuwe Testament overschreven, zoals enkel het WTG beweert, aldus het geschreven woord van God veranderend, hoe kunnen we dan vertrouwen hebben in IETS van het Nieuwe Testament? Moeten we het Nieuwe Testament of het WTG als onbetrouwbaar verwerpen? Daar Jezus de Vader nooit met "Jehovah" aansprak en daar hij leerde dat we God als "Vader" kunnen aanspreken (Matth. 6:8-18, Mark. 14:36, enz.), betekent dit dan niet dat de term "Jehovah" niet de enige uitdrukking is waarmee we God kunnen aanspreken? Waarom volgen Getuigen het voorbeeld van Jezus niet en spreken ze God aan met "Vader" in plaats van "Jehovah"? Daar het woord "Jehovah" niet verscheen tot zeker de 12de eeuw, waarbij het dus onmogelijk is dat de eerste eeuwse Christenen deze term voor God gebruikte, waarom blijven Jehovah's Getuigen dan stug die naam gebruiken? Daar deze naam afkomstig is van een verkeerde afleiding van het tetragrammaton "YHWH", zou "Yahweh", dat door veel Christenen wordt gebruikt en ook in enkele Bijbels, niet een veel nauwkeurigere naam zijn om te gebruiken?


De naam van Jehovah komt niet voor in het NT omdat hij kennelijk verwijderd is door latere afschrijvers. Dat wordt duidelijk uit het feit dat Jezus en de apostelen dikwijls citeerden uit de Hebreeuwse tekst waar het YHWH in voorkwam. Toen Jezus bijvoorbeeld driemaal door de Duivel werd verzocht, citeerde Jezus in elk antwoord de Joodse Wet waarin het YHWH voorkwam. Het zou niet te begrijpen zijn dat Jezus, terwijl hij deze teksten waarin het YHWH stond citeerde, nooit de naam van zijn Vader zou hebben uitgesproken.

Dat Jehovah-haters altijd getracht hebben de heilige Naam van God uit te wissen of te verbergen, ondermijnt niet ons vertrouwen in Gods Woord. We weten dat de Joodse schriftgeleerden een bijgeloof ontwikkelden dat hen verbood de Naam uit te spreken. Evenzo hebben moderne vertalers toegegeven aan hun bevooroordeeldheid door het YHWH uit de Hebreeuwse tekst te vervangen met HEER. Het moet geen verrassing zijn dat de vroegere NT afschrijvers evenzo bedrogen zijn door de Duivel en beïnvloed zijn om Gods naam te verwijderen en hem te vervangen door HEER.

Wat betreft de naam Yahweh, de Nederlandse taal bestond niet in Bijbelse tijden. Daarom werden woorden als Jeremia en Jezus niet op dezelfde wijze gespeld of uitgesproken als nu in het Nederlands. Maar, we spreken en lezen wel Nederlands.

In ieder geval kunnen we er vrijwel zeker van zijn dat het YHWH oorspronkelijk in drie lettergrepen werd uitgesproken. Yah-weh heeft slechts twee lettergrepen en is geen ware weerspiegeling van het oorspronkelijke Hebreeuwse woord. Het is een gevolg van het feit dat Hebreeuws alleen met gebruik van medeklinkers en zonder klinkers geschreven werd, ongeveer gelijk aan onze hedendaagse manier van afkorten, waarbij de Hebreeuwse lezer de juiste klinkers zelf aanvulde om het woord te completeren. Al het Hebreeuws werd zo geschreven en niet slechts het zogenoemde Tetragrammaton - YHWH. Klaarblijkelijk bestaat er echter geen controverse over de correcte spelling en uitspraak van honderden Hebreeuwse eigennamen in de Bijbel. Veel Hebreeuwse namen bevatten een gedeelte van Gods persoonlijke naam als een voorvoegsel of achtervoegsel. Een paar voorbeelden van hoe de eerste twee lettergrepen van de Goddelijke naam als voorvoegsel worden gebruikt zijn: Je-ho-ram, Je-ho-as, Je-ho-sua, Je-ho-nadhav, Je-ho-iakim, Je-ho-jarib, Je-ho-jada, Je-ho-jaqim, Je-ho-chanan, Je-ho-sjafat, Je-ho-nathan and Je-ho-ahaz.

Gezien het feit dat de Hebreeuwse "Y" in het Nederlands met "J" wordt vertaald, suggereert het algemeen voorkomende "Je-ho" als voorvoegsel sterk dat YHWH normaliter werd uitgesproken in drie lettergrepen en dat de middelste klinker, verbonden aan de "H," een "O" was, waardoor de "H" een ho klank kreeg - zoals in Je-ho-vah. Of, wanneer de Hebreeuwse vorm je voorkeur heeft: Ye-ho-wah.

Terwijl we voor de precieze uitspraak wellicht op een toekomstige onthulling vanuit de hemel moeten wachten, is het Wachttorengenootschap volledig gerechtvaardigd in haar gebruik van de algemeen geaccepteerde naam van Jehovah. Voor meer over het gebruik van de naam van Jehovah, klik hier.



70. Als Jezus terechtgesteld is aan een martelpaal, met beide handen bij elkaar boven zijn hoofd, zoals alleen het WTG leert, waarom zegt Johannes 20:25 dan: "…als ik niet in zijn handen het teken van de spijkerS zie…," daar dit aangeeft dat er meer dan één spijker is gebruikt voor zijn handen? Zouden er geen twee spijkers gebruikt zijn wanneer Christus werd gekruisigd, terwijl er slechts één spijker gebruikt zou zijn wanneer hij terechtgesteld zou zijn aan een rechtop staande paal?


De oorspronkelijke Griekse woorden die in de Bijbel worden gebruikt, stauros en xylon, betekenen respectievelijk paal en boom. Er bestaat geen enkele twijfel over hun betekenis. Griekse lexicons geven als primaire betekenis van stauros paal, niet kruis. Verder is de Nieuwe Wereldvertaling niet de enige Bijbel die boom gebruikt in plaats van kruis. De King James en zelfs de populaire N[ew] I[nternational] V[ersion] vertalen xylon in Handelingen 5:30 met het woord boom.

Er zijn ook oude platen en beelden gevonden die laten zien dat mannen aan rechtop staande palen hangen die in de grond staan zonder dwarsbalken Er bestaan geen bewijzen dat kruizen werden gebruikt als middel tot executie. Het gebruik van het kruis als een heidens religieus symbool is echter vele eeuwen ouder dan het Christendom en werd pas later door de Katholieke Kerk aangenomen als een symbool van het Christendom. Ons gebruik van het woord martelpaal om het middel waarmee Christus werd terechtgesteld te beschrijven, is niet gebaseerd op het aantal spijkers die wellicht gebruikt zijn om hem eraan vast te nagelen. Trouwens, voor Pinksteren deden de apostelen veel beweringen die enkel als ongeïnspireerd kunnen worden beschreven.




 
         
Home | Essays | Postzak | Commentaren | Gastenboek | Links | Tools | Site Map | The Watchman