| |
|
|
|
| 71. Kunnen Jehovah's
Getuigen openlijk meningen die verschillen van de orthodoxe
WTG leerstellingen hebben en bediscussiëren met andere
Getuigen? Zo nee, waarom niet? Moedigt het WTG mensen die
geen Getuigen zijn aan hun eigen religie te onderzoeken? Zo
ja, waarom ontmoedigt het Getuigen dan om in alle eerlijkheid
de leerstellingen van het WTG te onderzoeken? Als het WTG
werkelijk "de Waarheid" onderwijst, wat hebben ze
dan te vrezen van een eerlijk onderzoek? |
|
|
|
Nee. Maar, Jehovah's Getuigen zijn nauwelijks uniek in
dat opzicht. De meeste religies staan niet veel ruimte toe
voor een andere mening. Dat deden de apostelen trouwens
ook niet. Paulus schreef aan Timotheüs om "zekere personen
[te] gebieden geen andere leer te brengen, noch aandacht
te schenken aan onware verhalen en aan geslachtsregisters,
die ten slotte nergens op uitlopen, maar die eerder vragen
ter navorsing verschaffen dan dat er iets door God wordt
uitgedeeld in verband met geloof." (1 Timotheüs
1:3)
Paulus was nog stelliger bij het schrijven aan Titus,
door te zeggen: "Het is noodzakelijk hun de mond te
snoeren, daar juist deze personen voortdurend hele huisgezinnen
ondersteboven keren door ter wille van oneerlijke winst
dingen te onderwijzen die zij niet behoren te onderwijzen."
(Titus 1:11)
|
|
| 72.
In Openbaring 22:12, 13 zegt Jezus Christus, degene die "vlug
komt," van zichzelf: "Ik ben de Alfa en de Ómega, de eerste
en de laatste, het begin en het einde." In Openbaring 1:17,
18 verwijst Jezus, degene die "een dode [werd], maar zie!
ik leef tot in alle eeuwigheid," naar zichzelf als de eerste
en de laatste. Openbaring 21:6 zegt het volgende sprekend
over God: "…Ik ben de Alfa en de Ómega, het begin en het einde."
In Jesaja 44:6 en Jesaja 48:12 wordt ook naar God verwezen
als de "eerste" en de "laatste." Hoe kan dit, daar er volgens
de definitie van die woorden slechts één eerste en één laatste
kan zijn? |
|
|
|
Zoals in eerdere antwoorden werd aangetoond, delen Jehovah
en Jezus bepaalde titels, ondanks dat er subtiele verschillen
bestaan. Alfa en Omega, het Griekse equivalent van
het Nederlandse 'van A tot Z,' is een beschrijvende titel
die Jehovah en Jezus kunnen delen, maar met verschillende
redenen. Jehovah is de ultieme Eerste en Laatste, doordat
hij de enige bestaande persoon is die geen begin heeft gehad.
En, alleen hij bezit 'aangeboren' onsterfelijkheid
en leven in zichzelf. Niemand heeft Jehovah leven gegeven,
maar hij geeft leven aan alle anderen, inclusief zijn eerstgeboren
en eniggeboren Zoon.
Als zijnde de eerstgeborene Zoon van heel de Schepping
is Jezus uniek onder al Gods zonen, doordat hij het eerste
en enige schepsel is dat rechtstreeks is geschapen
door Jehovah. Alle [anderen] werden geschapen door bemiddeling
van de Zoon. Dat is ook de reden waarom Jezus de eniggeboren
Zoon van God wordt genoemd. Jezus is ook het eerste schepsel
dat een opstanding uit de dood heeft gekregen tot onsterfelijkheid.
Daarom noemt de Bijbel hem de "eerstgeborene uit de doden."
In Kolossenzen 1:18 zegt Paulus het volgende over Christus:
"Hij is het begin, de eerstgeborene uit de doden, opdat
hij in alle dingen de eerste zou worden." Het
volgende vers laat zien dat het God behaagde zijn zoon in
alle dingen de eerste te maken.
Jezus is de "laatste" in de zin dat hij nooit in glorie
overtroffen zal worden door welk medeschepsel maar ook.
Hij zal altijd het dichste bij Jehovah zijn.
|
|
| 73.
Als het WTG beweert dat ze niet "geïnspireerd" zijn, maar
wel naar zichzelf verwijst als "Gods door de geest geleide
Profeet," wat is dan het verschil? Bestaat er zoiets als een
ongeïnspireerde profeet? Waarom zou iemand deel willen uitmaken
van een religieuze organisatie die beweert dat hun leerstellingen
NIET geïnspireerd zijn? |
|
|
|
We moeten aannemen dat de vragensteller niet de nuances
begrijpt aangaande wat het betekent door Gods geest geleid
te worden - in tegenstelling met door de geest geïnspireerd
te worden om te profeteren. Ter illustratie: 1 Petrus 3:18
zegt dat Jezus stierf "om u tot God te leiden." Betekent
het volgen van Christus' leiding echter dat zijn volgelingen
geïnspireerd zijn om zonder fouten Gods boodschap te spreken,
zoals de Bijbelschrijvers dat waren? Geen enkel redelijk
persoon zou zo'n conclusie trekken.
In Openbaring 19:10 wordt ons door een engel gezegd dat
"het getuigenis afleggen omtrent Jezus tot profeteren
inspireert." Maar, betekent dit dat Christelijke evangelisten
geïnspireerd zijn in de zin dat ze de mogelijkheid bezitten
profetische uitspraken te doen zoals Jeremia of Jesaja,
of één van de andere profeten? Nee, dat is in het geheel
niet wat het betekent. Het betekent dat wanneer we over
Christus spreken, we van nature de vele profetieën van de
Bijbel aanhalen omtrent Christus. Jehovah's Getuigen leggen
getuigenis af omtrent Christus door Jehovah's koninkrijk
aan te kondigen. En onze Christelijke getuigenis is onlosmakelijk
verbonden met Bijbelse profetieën. Daar we de Bijbelse patronen
en profetieën vervullen en in de voetstappen van de oorspronkelijke
Christenen treden, dienen we in dat opzicht als profeten.
Maar, we worden niet geïnspireerd om aankondigingen te doen
die verschillen van hetgeen reeds opgetekend staat in de
geïnspireerde Schriften.
|
|
| 74.
Als de grote schare eeuwig leven op een paradijsAARDE zal
krijgen, waarom zegt 1 Thess. 4:17 dan: "…wij, de levenden,
die overblijven, te zamen met hen in wolken worden weggerukt,
DE HEER TEGEMOET IN DE LUCHT; en aldus zullen wij altijd met
de Heer zijn"? |
|
|
|
Het voorgaande vers zegt: "zij die dood zijn in eendracht
met Christus zullen eerst opstaan." De uitdrukking
"in eendracht met Christus" verwijst specifiek naar
degenen die wedergeboren zonen van God zijn; oftewel geestelijke
broeders van Christus. Zij ontvangen datgene wat de Bijbel
de eerste opstanding noemt. Het spreekt voor zich
dat wanneer er een eerste opstanding is, er daarna ook een
tweede opstanding moet zijn. En, inderdaad zei Jezus dat
een ieder in de herinneringsgraven uiteindelijk zijn
stem zullen horen en terug zullen keren tot het land der
levenden. Daar Paulus in eendracht met Christus was, bedoelde
hij toen hij zei: "wij, de levenden," niet eenvoudig
iedereen die toen in leven was, maar in plaats daarvan specifiek
degenen die in eendracht met Christus zijn.
|
|
| 75.
Naar wie verwijst Mattheüs in Mattheüs 1:23 die de naam heeft
gekregen die betekent "Met Ons is God"? |
|
|
|
En moeten we nu veronderstellen dat dat betekent dat Jezus
God was? Hoe kunnen we dan het feit verklaren dat de Bijbel
eenvoudig zegt dat niemand God ooit heeft gezien? De Lutherse
vertaling zegt: "Niemand heeft ooit God gezien: de eengeboren
Zoon, die in des Vaders schoot is, die heeft hem ons verkondigd."
De uitdrukking "met ons is God" zou ons niet in verwarring
moeten brengen. Het is feitelijk een heel algemeen iets
om iemand Gods zegen te wensen door zoiets te zeggen als
'Moge God met je zijn.' Het Spaanse woord om gedag te zeggen,
"adios," betekent letterlijk 'ga met God.' Geen enkel
helder persoon verwart zo iemand met God zelf. Er kon van
Jehovah worden gezegd dat hij in de persoon van Jezus met
de Joden was, omdat alles wat Jezus deed in vertegenwoordiging
van zijn Vader was. Hebreeën 1:3 zegt zelfs dat Jezus de
"nauwkeurige afdruk" van de Vader was. Een afdruk
is niet hetzelfde als het origineel, maar een nauwkeurige
afdruk is zo goed als het origineel. Daarom zei
Jezus dat "wie mij heeft gezien, heeft ook de Vader gezien,"
omdat hij in alle opzichten net als Jehovah was - 'een aardje
naar zijn vaartje' - zoals de uitdrukking zegt.
|
|
| 76.
Met betrekking tot Jesaja 14:9-17: wanneer er geen bewustzijn
is na de dood, hoe kan Sjeool dan "…in beroering komen ten
einde u bij uw aankomst tegemoet te gaan…" (vers 9), hoe kunnen
de zielen in Sjeool "…aanheffen en tot u zeggen…" (vers 10,
11), hoe kunnen de zielen in Sjeool "die u zien, zullen u
zelfs aanstaren; zij zullen u zelfs goed bekijken [en zeggen:]
'Is dit de man'…" (vers 16, 17) en hoe zou je je er bewust
van kunnen zijn dat dit gebeurt? |
|
|
|
De vragensteller verkeert in de luxe positie om vragen
te stellen zonder te hoeven antwoorden.
Maar, hier is een vraag voor jou: Als het meer van vuur
een letterlijke plaats van helse, eeuwige marteling is,
zoals je aanneemt, hoe kan het dan dat de onderaardse verblijfplaats
van de dode koningen van de aarde vergeleken wordt met een
rustbed van maden en wormen? Worden de koningen gepijnigd
in onblusbare vlammen of rotten ze weg in wormenland, wat
is het? Verder, wanneer je de beeldspraak van lijken die
de koning van Baylon welkom heten letterlijk neemt, moet
je ook het 13de vers letterlijk nemen waar wordt beschreven
dat de hoogmoedige koning zichzelf boven de sterren van
God zelf verheft. Kun je uitleggen hoe de vroegere koning
van Babylon het klaarblijkelijk voor elkaar kreeg interstellair
te reizen?
|
|
| 77. Hebreeën
3:1 verwijst naar "heilige broeders, deelgenoten van de hemelse
roeping." In Markus 3:35 zegt Jezus: "Al wie de wil van God
doet, die is mijn broer…" Volgens de Bijbel is daarom een
ieder die de wil van God doet een broeder van Christus en
een deelnemer aan de hemelse roeping. Hoe kan dit daar het
Wachttorengenootschap leert dat enkel 144.000 personen naar
de hemel gaan? |
|
|
| Volgens de gehele Bijbel, en niet
slechts een geïsoleerde zinsnede, zijn de broeders van Christus
tevens zonen van God en medeërfgenamen met Christus
voor een koninkrijk. De Bijbel noemt de broeders van Christus
de heiligen. Daniël onthult dat het Jehovah's voornemen is
de heiligen een aandeel te geven in de hemelse koninkrijksregering
van de Messias. Openbaring wijst erop dat er slechts 144.000
uitverkoren zijn om met Christus te regeren. Maar, anderen
die Christus aannemen, zullen uiteindelijk ook als kinderen
van God worden aangenomen. Zij zullen voor altijd op de aarde
leven. |
|
| 78. Hebreeën
11:16 spreekt over enkele getrouwe personen in het Oude Testament
(Abel, Noach, Abraham, enz.) en zegt: "Maar nu trachten zij
een betere [plaats] te verkrijgen, namelijk een die tot de
hemel behoort…" en "…hun God te worden aangeroepen, want hij
heeft een stad voor hen gereedgemaakt." De voetnoot bij het
woord "stad" verwijst naar het HEMELSE Jeruzalem uit Hebreeën
12:22 en Openbaring 21:2. Hoe kan dit daar het Wachttorengenootschap
leert dat de enige personen die naar de hemel gaan de 144.00
met de geest gezalfden zijn die geleefd hebben nadat Christus
gestorven is? |
|
|
| Het antwoord is: Gods symbolische hemelse
stad daalt neer tot hen - zij stijgen er niet naar
op. Daarom bestaat één van de laatste beschrijvingen in
de Bijbel uit een afschildering van de geweldige stad van
het Nieuwe Jeruzalem dat uit de hemel neerdaalt tot
de aarde. "Ik zag ook de heilige stad, het Nieuwe Jeruzalem,
van God uit de hemel neerdalen, toebereid als een bruid
die zich voor haar man versierd heeft." (Openbaring 21:2) |
|
| 79. In Lukas 24:36-39
en Johannes 20:26, 27 liet Jezus zijn dicipelen de wonden
in zijn lichaam zien als bewijs van zijn opstanding. Als Jezus'
lichaam door God was vernietigd na zijn dood, hoe kon Jezus
zijn dicipelen dan zijn eigen lichaam met de wonden in zijn
handen, voeten en zij laten zien? In Lukas 24:39 zegt Jezus:
"Ziet MIJN handen en MIJN voeten, dat IK HET ZELF ben;
betast mij en ziet, want een GEEST HEEFT GEEN VLEES EN BEENDEREN,
zoals gij aanschouwt dat ik heb." Als Jezus werkelijk
zonder lichaam was opgewekt in de geest, zoals het WTG leert,
waarom zou hij dan trachten zijn dicipelen te misleiden door
ze te laten denken dat hij was opgewekt in zijn echte lichaam
met "vlees en beenderen"? Betekent "levend
worden gemaakt IN de geest" (1 Petrus 3:18) werkelijk
hetzelfde als "opgewekt worden ALS een geest"? Zie
Rom. 8:11. |
|
|
| De Bijbel zegt duidelijk dat Jezus in het
vlees ter dood is gebracht, maar levend gemaakt is in de geest.
Sommige vertalingen vertalen dat vers helaas verkeerd door
te zeggen dat Jezus levend gemaakt werd "door de geest"
in plaats van "in de geest." Door de context zou duidelijk
moeten zijn dat Petrus Jezus' vleselijke bestaan contrasteerde
met zijn geestelijke bestaan na zijn opstanding. Het vers
zegt verder dat Jezus in die staat (in de geest) "is
heengegaan en heeft gepredikt tot de geesten in de
gevangenis." Ongeacht wat jij denkt dat die geesten in
de gevangenis vertegenwoordigen, het moet duidelijk
zijn dat Jezus geest moest zijn om een boodschap aan die geesten
af te leveren.
De apostelen konden toen echter niet de hemelse, geestelijke
natuur van Gods koninkrijk begrijpen. Ze dachten in fysieke
termen - net als vele zogenaamde hedendaagse interpreteerders
van de Bijbel.
De apostelen zouden nooit begrepen hebben dat Jezus naar
de hemel was gegaan, tenzij hij zich eerst voor hen materialiseerde,
zichzelf ommantelend met vlees om hen ervan te overtuigen
dat hij leefde en daarna in hun zicht op te stijgen naar
de hemel. Lang nadat Jezus teruggekeerd was naar de hemel
verscheen hij echter aan Paulus. In die ontmoeting was Jezus
absoluut niet menselijk. Hij was een geest, glansrijker
als de zon. Paulus was zelfs drie dagen blind als gevolg
van de ontmoeting die hij met Christus had op de weg naar
Damaskus.
Jezus verscheen na zijn opstanding bij vele gelegenheden
aan zijn dicipelen. Elke keer verscheen hij in een ander
lichaam, dat niet werd herkend door de dicipelen. Elke keer
moesten de dicipelen Christus herkennen door het hetgeen
hij zei in plaats van zijn aangezicht. Jehovah dwong hen
in geestelijke termen te denken in plaats van vleselijke.
De enige uitzondering was toen Jezus verscheen waarbij hij
de wonden van zijn executie droeg, wat specifiek werd gedaan
om Thomas te confronteren, die daarvoor had gezegd dat hij
het bewijs van Christus' opstanding nooit zou geloven, tenzij
hij persoonlijk zijn wonden had gevoeld.
|
|
| 80. Hoe kunnen Abraham,
Isaak en Jakob in Lukas 20:37, 38 "allen voor hem (God)
leven," daar zij allemaal honderden jaren voordat Jezus
dit zei gestorven zijn? Als de WTG leerstelling dat een onsterfelijke
ziel niet voortleeft na de dood van het lichaam correct is
en er geen bewustzijn is na de dood, hoe kunnen Mozes en Elia
dan niet enkel verschijnen aan Petrus, Jakobus en Johannes,
maar ook werkelijk met Jezus spreken (Matth. 17:3)? Evenzo
zegt Jezus in Joh. 8:56: "Abraham, uw vader, verheugde
zich zeer over het vooruitzicht mijn dag te zien, en HIJ HEEFT
HEM GEZIEN EN ZICH VERHEUGD." Daar Abraham honderden
jaren voordat Jezus dit zei stierf, hoe kon Jezus dan zeggen
dat Abraham "hem gezien heeft en zich verheugd heeft,"
wanneer er geen bewustzijn bestaat na de dood? |
|
|
| Lukas 20:37-38 zegt niet dat Abraham, Isaäk
en Jakob in leven zijn. Jezus zei dat de doden "voor
hem allen leven." Jezus zei dat om te wijzen op de zekerheid
van de opstanding, dat die mannen voor Jehovah zo goed als
levend zijn, omdat ze leven in Gods herinnering ondanks dat
ze in werkelijkheid dood zijn. Maar, wanneer de tijd gekomen
is voor Christus om de opstanding uit te voeren, zal het zijn
alsof ze nooit gestorven zijn. In die zin "leven zij allen
voor hem."
Wat betreft je verkeerde aanname dat Mozes en Elia echt
waren toen ze in de transfiguratie verschenen aan Christus,
dat waren ze niet. Het was een visioen. Hoe weten
we dat het een visioen was? Dat zei Jezus. In Mattheüs 17:9
lezen we: "En onder het afdalen van de berg gebood Jezus
hun en zei: "Vertelt het visioen aan niemand voordat
de Zoon des mensen uit de doden is opgewekt.""
Wat betekent het woord "visioen" volgens jou?
Wat betreft Abraham die Christus' dag "zag": Abraham "zag"
Christus' dag doordat hij de vervulling van Gods belofte
om een zoon voort te brengen meemaakte. Zoals je weet beloofde
Jehovah aan Abraham dat Sara een zoon zou baren, ondanks
dat ze de leeftijd waarop ze kinderen zou kunnen krijgen
reeds lang gepasseerd was. Maar, God hield zijn woord en
gaf hem op wonderbaarlijke wijze Isaäk. Jezus' geboorte
was evenzo een wonder van God. Het was daarom dezelfde wonderbaarlijk
werkende God die Jezus voortbracht, die eerst de geboorte
van Isaäk veroorzaakte. In die betekenis zag Abraham Christus'
dag in dat hij verheuging had in de wonderbaarlijke geboorte
van de erfgenaam van Christus.
En niet alleen dat, maar Abraham "zag" Christus' dag door
te trachten zijn eniggeboren zoon van Sara te offeren. In
dat opzicht zei Paulus dat Abraham een profetisch drama
opvoerde, wat een duidelijke voorafschaduwing was van Jehovah
die zijn eniggeboren Zoon offerde.
|
|
|
|
|