Babylon de Grote: Wanneer Valt Ze?

 

Het voorspellen van de toekomst is menselijkerwijs onmogelijk. Zonder twijfel kan geen enkele ongeïnspireerde profeet of priester, medium, helderziende of waarzegger, analytisch voorspeller, noch enig computermodel foutloos de toekomstige gebeurtenissen voorspellen. In de toekomst kijken is uitsluitend voorbehouden aan God.

Om dat feit duidelijk te maken, vaardigde Jehovah God een directe uitdaging aan de wereld en haar goden en godinnen uit om hun profeten naar voren te brengen die foutloos de toekomst konden voorzeggen. Jesaja 41:21-23 beschrijft Gods uitdaging welke tot nu toe onbeantwoord is gebleven. Er staat: "Brengt uw geschil voor", zegt Jehovah. "Voert uw argumenten aan", zegt de Koning van Jakob. "Voert aan en vertelt ons de dingen die geschieden zullen. De eerste dingen - wat ze waren - vertelt toch, opdat wij ons hart erop kunnen toeleggen en de toekomst ervan weten. Of doet ons zelfs de toekomstige dingen horen. Vertelt de dingen die later zullen komen, opdat wij weten dat gij goden zijt."

Verderop, in het 26ste vers, zegt Jehovah onomwonden dat er buiten hem niemand is die toekomstige gebeurtenissen kunnen zien, door te zeggen: "Wie heeft iets verteld van de aanvang af, opdat wij het weten, of sinds vervlogen tijden, opdat wij kunnen zeggen: 'Hij heeft gelijk'? Werkelijk, er is niemand die iets vertelt. Werkelijk, er is niemand die doet horen. Werkelijk, er is niemand die woorden van u hoort."

Aan de andere kant heeft Jehovah een grote hoeveelheid profetieën voortgebracht, zoals die in de Bijbel staan, welke, tot nog toe, foutloos en in aanzienlijk detail de toekomst hebben voorzegd. Gods verklaringen van de komende dingen onderscheiden zich doordat hetgeen hij voorzegt over het algemeen recht tegen de heersende opinies en trends ingaat. Terwijl mensen patronen kunnen analyseren en nauwkeurige korte termijn voorspellingen van zaken kunnen doen, lijken de gebeurtenissen die God voorzegt over het algemeen ongelooflijk en onwaarschijnlijk - maar ze komen altijd uit.

Maar, zelfs wanneer we aannemen dat we de Bijbel als een goddelijk geïnspireerd boek van ware profetie bezien, is het vooraf juist interpreteren ervan, zodat we feitelijk de toekomst voorzien, een geheel andere zaak. Het Wachttorengenootschap heeft enkele malen beweerd dat profetie over het algemeen niet begrepen kan worden totdat het in vervulling is gegaan. Maar, is dat geen erkenning van een gebrek aan inzicht? Is één van de hoofddoelen van Bijbelse profetieën niet om de dingen die gaan komen te onthullen? Het is echter zeker dat, zoals Jozef in de Bijbel zei, "uitleggingen een zaak van God zijn." Omdat profetie een produkt is dat afkomstig is uit de geest van God, is het onmogelijk het te begrijpen, tenzij God zijn zaken aan de oprechte onderzoeker onthult, zoals ook de Spreuk zegt: "De glorie van God is het, een zaak geheim te houden, en de glorie der koningen is het, een zaak uit te vorsen."

Jehovah's Getuigen zouden nederig moeten erkennen dat het Wachttorengenootschap, ondanks dat ze een opmerkelijke mate van inzicht heeft in de vervulling van profetieën in de oudheid, niet echt een goede naam heeft wanneer het aankomt op het interpreteren van profetieën die verbonden zijn aan ons hedendaagse tijdperk. Dat wordt duidelijk uit het feit dat het meeste wat door de Internationale Bijbelstudenten eens werd bezien als het laatste woord aangaande Gods profetische Woord, sinds lange tijd opzij is geschoven. Net zoals die vroegere getuigen van Jehovah dachten dat ze profetie begrepen, nemen hedendaagse Jehovah's Getuigen evenzo overtuigd aan dat hetgeen het Wachttorengenootschap nu onderwijst het absolute laatste woord over profetische interpretatie is. De meeste Jehovah's Getuigen denken zich in dat er wellicht enkel een paar onbeduidende "aanpassingen" zullen komen.

Voor sommigen is het wellicht moeilijk te slikken, maar de waarheid is dat we, terwijl we een solide leerstellig fundament hebben, evenals essentiële inzichten in Gods karakter en zijn voornemens voor de mensheid, op het gebied van profetie te maken hebben met een tragische blindheid. Ongetwijfeld stelt Jehovah daarom de volgende ongemakkelijke retorische vraag: "Wie is blind, zo niet mijn knecht, en wie is doof als mijn bode die ik zend? Wie is blind als de beloonde, of blind als de knecht van Jehovah?" (Jesaja 42:19)

Wat is de verklaring voor dit gebrek aan inzicht? Het lijkt alsof de fundamenten voor onze interpretaties juist zijn. Het hoofdprobleem is onze verknochtheid aan 1914 als het begin van Christus' tegenwoordigheid. Het Wachttorengenootschap heeft een groot aantal profetieën aangemerkt als reeds vervuld in de periode van 1914-1919; daarom hebben we geen Schriftuurlijke basis om bepaalde toekomstige ontwikkelingen te verwachten.

Ten tweede heeft het Wachttorengenootschap vrijwel alle negatieve profetieën, die Jehovah uitte tegen het afgedreven Israël, op de Christenheid van toepassing gebracht. De nadenkende persoon zou zich kunnen afvragen waarom God zoveel moeite zou doen om een afgodisch systeem van valse aanbidding, waarmee hij niets van doen heeft en welke hij uiteindelijk zal vernietigen, te veroordelen, te tuchtigen en te corrigeren.

Door een diepgeworteld organisatorisch taboe wat "onafhankelijk denken" ontmoedigt, bestaat er voor Jehovah's Getuigen ook geen stimulans om Gods Woord persoonlijk te onderzoeken met het oog op het bijstellen van onze interpretaties van profetieën. Enkel de suggestie dat het Wachttorengenootschap het bij het verkeerde einde zou kunnen hebben, zou een broeder of zuster een gerechterlijk onderzoek kunnen opleveren. We zitten dus opgescheept met leerstellingen die achterhaald en niet werkbaar zijn en die geen inzicht geven in de feitelijke toekomstige gebeurtenissen. Terzelfdertijd zijn we niet ontvankelijk voor enig soort van hervorming van onze verkeerde interpretaties. In essentie hebben we de aanmoediging van de apostel in 1 Thessalonicenzen 5:20 genegeerd, waar staat: "Behandelt profetische uitspraken niet met verachting." Desondanks is Jehovah's Woord niet gebonden door onze gebreken.

Eén gedeelte van profetieën waarvan het Wachttorengenootschap beweert dat ze reeds vervuld zijn in Jehovah's Getuigen, zijn profetieën die een geestelijke bevrijding van Babylon de Grote voorzeggen. Een groot deel van het boek van Jesaja, vooral van het 40ste tot het 66ste hoofdstuk, bevat Jehovah's aankondigingen die van toepassing waren op zijn volk ten tijde van hun op handen zijnde bevrijding van gevangenschap uit Babylon.

Terwijl de vroegere setting van de profetieën oorspronkelijk uiteraard te maken had met de letterlijke bevrijding van de Joden uit gevangenschap van het Chaldeeuwse Rijk, zijn we er van overtuigd dat diezelfde profetieën vooral van toepassing zijn op het geestelijk Israël ten tijde van Christus' aankomst en Jehovah's definitieve oordeel. Voor die mening zijn heel wat redenen aan te dragen. Eén duidelijke reden waarom we ervan overtuigd kunnen zijn dat het oude Babylon een hedendaagse tegenhanger kent, is dat Openbaring verwijst naar een internationale organisatie die Babylon de Grote wordt genoemd. Net zoals de Joden door Cyrus' decreet eens bevrijd werden van gevangenschap in het imperialistische Babylon, worden Christenen, volgens Openbaring 18:4, gedurende de Dag des Heren evenzo tot het volgende aangespoord: "Gaat uit van haar, mijn volk."

De vraag is echter of het geestelijk Israël reeds bevrijding van het hedendaagse tegenbeeldige Babylon heeft meegemaakt, of dat Gods volk in de nabije toekomst nog in ballingschap zal gaan? Overbodig om te zeggen, maar elke toekomstige ballingschap in Babylon de Grote zal voor alle Jehovah's Getuigen als een totaal onverwachte ramp komen.

Reeds lang is het de zienswijze van het Wachttorengenootschap dat Jehovah's volk in 1919 uit babylonische ballingschap werd bevrijd. Volgens ons huidige begrip "viel" Babylon toen, doordat valse religie niet langer enig soort van dominantie over Gods gezalfde zonen en dochters kon hebben. Waarom geloven we dat?

Om kort te gaan: In de veertig jaar vóór WOI hadden het Wachttorengenootschap en de Internationale Bijbelonderzoekers een aanzienlijke impact op de religieuze wereld in de Verenigde Staten, en in mindere mate Europa; dat ging zover dat enkele politiek machtige geestelijken gedurende de hysterie van de Eerste Wereldoorlog, in een poging de organisatie te vernietigen, samenzworen met de rechterlijke stand van de Verenigde Staten om de leidende functionarissen van het Wachttorengenootschap op valse beschuldiging van opruiïng te vervolgen. Acht functionarissen, inclusief de tweede President van het Wachttorengenootschap, werden overgebracht naar de federale penentiaire inrichting in Alaska, Georgia, om 20 jaar uit te zitten op grond van de beschuldiging van opruiïng. Gedurende die moeilijke tijd kwam het predikingswerk van de Bijbelonderzoekers bijna tot een halt. Jaren later schreef één van de gevangen gezette broeders een boek getiteld "Faith on the March," wat een persoonlijk verslag geeft van de gebeurtenissen welke in die tijd in de organisatie plaatsvonden.

Na minder dan een jaar van gevangenschap werden alle acht mannen echter vrijgelaten en vrijgesproken van de valse beschuldigingen. Na hun vrijlating uit de gevangenis organiseerden de Bijbelonderzoekers zich weer en werden ze opgeladen om grotere inspanningen te doen in het verkondigen over Gods koninkrijk en zichzelf van de Christenheid af te scheiden. Een serie jaarlijkse congressen in Cedar Point Ohio, en andere plaatsen, waren behulpzaam bij het in juiste banen leiden en motiveren van de organisatie gedurende het eerste gedeelte van de 1920'er jaren. Enkele decennia later begon het Wachttorengenootschap met terugwerkende kracht Jesaja's profetie van toepassing te brengen op het geestelijke herstel van Jehovah's Getuigen die volgde op de moeilijkheden waarmee de organisatie gedurende de Eerste Wereldoorlog te maken had gehad.

Tot op de dag van vandaag blijven Jehovah's Getuigen ervan overtuigd dat het gebod van de engel om van Babylon de Grote uit te gaan symbolisch begon te weerklinken in 1919. Kunnen we er echter absoluut zeker van zijn dat de ontwikkelingen die sindsdien hebben plaatsgevonden passen in de bewuste profetieën? Wanneer de profetieën niet in overeenstemming zijn met de werkelijkheid, dan wordt duidelijk dat er een enorme verkeerde inschatting is gemaakt. En erger nog, het betekent dat Jehovah's Getuigen geen fundament hebben om een toekomstige geestelijke ballingschap aan Babylon de Grote te verwachten

Het is nog treuriger dat de vroegere Joden de boodschap van de profeten, die voorzeiden dat hun heilige stad vernietigd zou worden en dat de gehele natie gedeporteerd zou worden naar het verre Babylon, weigerden te accepteren. Bevindt het geestelijk Israël dat bestaat uit koninkrijkserfgenamen zich heden ten dage in zo'n zelfde positie? Het is de gevreesde taak van deze schrijver om te bewijzen dat deze vraag met ja moet worden beantwoord.

Elke lezer wordt dringend verzocht de moed op te brengen om alles wat we op dit gebied tot nog toe als waarheid hebben aangenomen opnieuw te bestuderen. Dat is in overeenstemming met de aanmoediging van de apostel Johannes in 1 Johannes 4:1, waar we lezen: "Geliefden, gelooft niet elke geïnspireerde uiting, maar beproeft de geïnspireerde uitingen om te zien of ze uit God voortspruiten, want er zijn vele valse profeten tot de wereld uitgegaan."

In de geest van die apostolische aanmoediging gericht aan gezalfde Christenen, is het onze verantwoordelijkheid om alles wat we geleerd hebben en aangenomen hebben als de waarheid, te beproeven en te bestuderen. Zouden Jehovah's Getuigen van alle mensen niet dubbel zo zeker moeten maken dat hetgeen we geloven en onderwijzen aangaande profetie een stevig fundament heeft in Gods Woord van waarheid? Hoe kunnen we de ogenschijnlijk geïnspireerde uitingen "beproeven" die we tot nu toe als waar hebben aangenomen? Daar veel van wat het Wachttorengenootschap Jehovah's Getuigen heeft geleerd, zoals eerder gezegd, te maken heeft met voorbije 20ste Eeuwse vervullingen, vereist het beproeven van de geïnspireerde uitingen enkel dat we ons redeneringsvermogen gebruiken om te bezien of onze interpretaties overeenkomen met de feiten uit de geschiedenis. Ook moeten we onderscheidingsvermogen gebruiken wanneer we de Schrift lezen.

"Ik Zal U Het Mysterie Zeggen Van
De Vrouw en Van Het Wilde Beest"

Het Wachttorengenootschap heeft sinds vele jaren overtuigend beweerd dat de grote verdrukking begint wanneer Babylon de Grote wordt vernietigd door de 8ste koning uit profetieën. Ondanks dat er voor Jehovah's Getuigen geen geldige reden lijkt te bestaan om vraagtekens te zetten bij de identificatie van het Wachttorengenootschap van Babylon de Grote als zijnde het wereldrijk van valse religie, hebben we gegronde reden om de vermeende timing van toekomstige gebeurtenissen in twijfel te trekken.

Plat gezegd bestaat er geen enkele Schriftuurlijke ondersteuning voor de door het Wachttorengenootschap vaak herhaalde bewering dat Babylon de Grote aan het begin van de tijd van verdrukking ten onder zal gaan. En, onvoorstelbaar genoeg, geeft het Wachttorengenootschap die ook niet.

In de Wachttoren van 1 juni 1996 wordt op pagina 19 bijvoorbeeld de volgende opmerking gemaakt: "De voltrekking van het goddelijk oordeel zal aanvangen met de vernietiging van Babylon de Grote. Dat met een hoer te vergelijken wereldrijk van valse religie zal voor altijd weggevaagd worden. Die tijd is heel nabij!" Gewoonlijk ondersteunt de Wachttoren leerstellingen met overvloedig gebruik van Schriftuurlijke aanhalingen, maar bij de bovenstaande bewering staat zelfs niet één vers!

Hier is een ander citaat uit de Wachttoren van 1 april 1997, blz. 14, 15: "De "grote verdrukking" begint wanneer de politieke elementen "Babylon de Grote" plotseling zullen aanvallen. Ze "zullen de hoer haten en zullen haar woest en naakt maken, en ze zullen haar vleesdelen opeten en zullen haar geheel met vuur verbranden" (Openbaring 17:16)" Laat de lezer opmerken dat de geciteerde aanhaling uit Openbaring 17:16 niets zegt over de timing van gebeurtenissen in relatie tot het begin van de grote verdrukking. Toch uit het Wachttorengenootschap regelmatig deze bewering.

Deze ogenschijnlijk "geïnspireerde uiting" houdt onder beproeving echter geen stand.

Volgens het 17de hoofdstuk van Openbaring zal het zevenkoppige wilde beest in een afgrond van vernietiging afdalen. Later komt het beest als de 8ste koning uit de afgrond, op dat moment wordt de hoer afgeschilderd als rijdend op het herleefde beest, dit is vlak voordat God in de geest van het beest ingeeft haar te verslinden. IJverige Bijbelonderzoekers zouden nu de volgende vraag moeten stellen: Hoeveel symbolische zevenkoppige wilde beesten zijn er eigenlijk? Dat is geen domme vraag daar er volgens ons huidige begrip twee verschillende zevenkoppige beesten in profetieën als symbool worden gebruikt. Er is het zevenkoppige beest dat uit de zee opstijgt in het 13de hoofdstuk van Openbaring, en dan is er nog het scharlakengekleurd zevenkoppige beest uit Openbaring het 17de hoofdstuk.

Verder beschrijft Openbaring hoofdstuk 11, 13 en 17 een beest dat in een op dood gelijkende toestand terecht komt om vervolgens opnieuw op te leven. Maar, volgens de interpretatie van het Wachttorengenootschap zijn er twee verschillende beesten die bij twee verschillende gelegenheden verwoesting ondergaan en vervolgens beide weer tot leven komen. We nemen aan dat het zevenkoppige beest de voorzegde symbolische zwaardslag als gevolg van de Eerste Wereldoorlog kreeg toegediend. Dat de Anglo-Amerikaanse bondgenoten vernietigd zouden zijn door de barensweeën van WOI (wat ook besproken wordt in dit essay), is echter eenvoudig niet in overeenstemming met de historische feiten.

Het in de afgrond afdalen van het scharlakengekleurd beest heeft naar men denkt plaatsgevonden toen de geflopte Volkerenbond gedurende de Tweede Wereldoorlog ontbonden was, en daarop volgend een "opstanding" kreeg in de vorm van de Verenigde Naties. Maar, in vergelijking met de zeven rijken uit Bijbelse profetieën, had de Volkerenbond zeer weinig macht gekregen - net als de huidige VN. Met geen mogelijkheid kan de Volkerenbond gekwalificeerd worden als een rijk zoals het Babylonische, Romeinse of Britse rijk. Bijbelonderzoekers moeten zichzelf eraan herinneren dat elk van de zeven machten uit Bijbelse profetieën grote rijken waren die grote delen van de aarde overheersten - en niet slechts arbitrage forums, zoals de Volkerenbond toen het bestond. Trouwens, de Verenigde Staten was niet eens een lid van de Volkerenbond. Het is waar dat enkele prominente geestelijken de pas opgezette Volkerenbond eens prezen als de "politieke uitdrukking van het koninkrijk Gods," maar ondanks zulke godslasterlijke lofbetuigingen lijkt het zeer onwaarschijnlijk dat Jehovah zo'n machteloze instantie, zoals de Volkerenbond was, als een monsterlijk scharlakengekleurd wild beest zou afschilderen. (Klik hier voor een speciaal BBC artikel over de Volkerenbond.)

Conclusie: We hebben een waanidee aangenomen; een onwerkelijkheid.

Verder wordt de 8ste koning in het 13de hoofdstuk van Openbaring tevens afgeschilderd als een beeld dat tot leven komt en aanbidding van iedereen op de aarde eist op straffe van de dood. Het moge duidelijk zijn dat noch de Bond, noch de Verenigde Naties ooit zo'n erkenning vereist heeft, laat staan absolute loyaliteit.

In het licht van de huidige relatief krachteloze toestand van de Verenigde Naties, kunnen we ons het volgende afvragen: Wat zou er gebeuren wanneer de Verenigde Naties plotseling van start zou gaan met een wereldwijde veldtocht om georganiseerde religie uit te roeien? Het antwoord is - er zou absoluut niets gebeuren - enkele beschamende momenten voor VN functionarissen wellicht daargelaten. Onder de huidige omstandigheden is het politiek ondenkbaar - ja - onmogelijk voor de Verenigde Naties om zich tegen de sterk vervlochten religieuze instellingen van deze wereld keren.

De profetische Schriften voorzeggen echter een grote opschudding en catastrofale ineenstortting die over dit samenstel van dingen zal komen, gelijk met de feitelijke komst van Gods koninkrijk. Het is onnodig om te zeggen dat zo'n wereldwijde verdrukking nog niet heeft plaatsgevonden. Wanneer hij echter wel plaatsvindt, zal de voortgaande levensvatbaarheid van de huidige beschaving in twijfel worden getrokken. We zouden ons niet langer moeten indenken dat de symbolische dood en opstanding van het werelddominerende politieke samenstel, gesymboliseerd door het zevenkoppige beest, ook maar een beetje minder zou zijn dan een unieke en beangstigende wereldwijde calamiteit.

In verband met Babylon de Grote is het punt echter dat wanneer de 8ste koning oprijst uit de as van ineenstorting en tot leven komt om voor zijn toegewezen één uur de wereld te regeren, het uur van beproeving en verdrukking, de grote hoer van Babylon op de rug van het scharlakengekleurd opgestane beest zal zitten. (De scharlaken kleur van het beest lijkt woede en razernij na de bijna dood ervaring af te beelden; wat enkel een weerspiegeling zou zijn van Satans grote woede gedurende zijn eigen korte tijdsperiode.)

Alleen onder de uitzichtloze en chaotische toestanden van wereldoorlog en wereldwijde financiële ineenstorting is het geloofwaardig dat de Verenigde Naties het soort van politieke en militaire macht kan vergaren die benodigd is om de diepgewortelde georganiseerde religie van deze wereld omver te werpen. Het is opmerkenswaardig dat zowel de Volkerenbond als de Verenigde Naties oorspronkelijk in het leven werden geroepen in de nasleep van respectievelijk de Eerste en Tweede Wereldoorlog. Het is daarom niet zo'n grote speculatieve sprong om te veronderstellen dat een volgende wereldoorlog of terroristische aanslag met gebruik van nucleaire wapens de voorbode kan zijn voor volledige toerusting van de VN, zodat ze kan dienen als een wereldregering - de achtste koning uit profetieën.

Maar, in plaats dat de vernietiging van georganiseerde religie het begin van de grote verdrukking markeert, brengt de verdrukking klaarblijkelijk de ineenstorting van het huidige Anglo-Amerikaans gedomineerde democratische samenstel. Dat is ook in overeenstemming met de profetie van Daniël waarin wordt voorzegd dat een koning met bars gelaat de machtigen in het verderf zal storten, alsook de zonen van het koninkrijk. Nadien, wanneer de democratische natiën neergehaald zijn, mogen we verwachten dat de Verenigde Naties de macht krijgt om zelfs een wereldwijd rijk te worden.

Daar de natiën reeds geconditioneerd zijn om voor antwoorden naar de VN op te zien en daar er reeds duidelijk een wereldwijde bureaucratische infrastructuur bestaat, is het enkel een kwestie van het uiteindelijk wegtrekken van macht van soevereine natiën, ongetwijfeld gedurende een tijd van onvoorziene gebeurtenissen, zodat de 8ste koning volledig tot leven komt als het eerste echte wereldwijde rijk. Dan, en alleen dan, zal het mogelijk zijn dat Gods woord aangaande de vernietiging van Babylon de Grote door de 8ste koning tot stand kan komen.

Het visioen van de Apocalyps aangaande het laatste uur van de 8ste koning wacht ongetwijfeld een toekomstige vervulling. Daarom heeft het van engelen afkomstige gebod "gaat uit van haar mijn volk" klaarblijkelijk nog niet weerklonken. Maar, op welke wijze is het voor Jehovah's Getuigen mogelijk in babylonische ballingschap te gaan in de toekomst?

Om beter te kunnen begrijpen hoe dat mogelijk is, is het noodzakelijk in te zien dat religie heden ten dage een zeer controlerende factor is achter de gestage stuwing richting wereldregering.

Het Vaticaan is politiek bezien verreweg de meest machtige religieuze instelling in de wereld. Het heeft tot op de dag van vandaag niet overleefd als enkel een relikwie van het Romeinse Rijk, maar als een levensvatbaar functionerend overblijfsel van het oude rijk. Het Vaticaan opereert vrijwel gelijk aan een politieke natie, doordat ze ambassadoriale vertegenwoordigers heeft in de meeste landen. Hier is een link naar de website van het Vaticaan waarop haar vele diplomatische connecties over de gehele wereld staan beschreven. Hier is een website die de vele verbonden met internationale organisaties van de Kerk opsomt. Het Vaticaan onderscheid zich ook doordat ze het enige religieuze lichaam is met een officiële waarnemers zetel binnen de Verenigde Naties. Het Vaticaan is echter niet enkel een passieve waarnemer, maar ook een invloedrijke beleidsmaker.

De meeste andere religies geven ook ondersteuning aan de Verenigde Naties. Hier volgen er een paar: Het Bahai geloof is vanaf haar begin een vurige ondersteuner van de Verenigde Naties geweest. Het geniet zelfs een zogenoemde "consultant status" bij diverse VN instellingen.

De voormalige mede-NGO'er van het Wachttorengenootschap, de Moonies, en hun zogenoemde nieuwe wereld messias, Sun Moon, zijn grote promotors van de VN geweest.

De filosofie van het Boedhisme wordt als het fundament van de Verenigde Naties beschouwd.

Hier is een eigenaardigheid: Islam en conservatieve Christenen hebben hun krachten gebundeld om de VN te lobbyen voor hun gezamelijke belangen.

De National Council of Churches en de World Council of Churches trachten beiden hun invloed te gebruiken om de Verenigde Naties te sturen. (Voor een lijst van alle kerken die aangesloten zijn bij de WCC, klik hier.)

Wat ook niet mag ontbreken, is dat de Mormonen Kerk haar invloed over de VN tracht uit te oefenen met betrekking tot familieaangelegenheden.

Intussen is New Age pantheïsme de officiële religieuze partner van de Organisatie van de Verenigde Naties zelf, de zogenoemde moeder aarde religie van Gaia.

Zonder twijfel zijn georganiseerde religie en hun vele NGO's zeer actief in hun ondersteuning aan de Verenigde Naties. En het blijkt dat dit andersom ook het geval is: De VN streeft ijverig naar hun religieuze ondersteuning. Net zoals dit gold in de oorspronkelijke stad Babel en gedurende de opeenvolging van bijbelse wereldmachten, startend met het oude Egypte, Assyrië, Babylon, Perzië, Griekenland en Rome tot nu, waren het regerende element en de algemene religie onscheidbaar. Zo is het ook op het hoogtepunt: Het laatste politieke rijk, de vervalsing van Christus' koninkrijk, en de religie van de Duivel genaamd 'Babylon de Grote,' zullen samen klaar staan om de wereld, alsook Jehovah's Getuigen, als nooit te voren te overheersen. "Het mysterie van de vrouw en het wilde beest" is opgelost.

Hoe kunnen we met zekerheid vaststellen dat Babylon de Grote niet aan het begin van de verdrukking ten onder zal gaan, maar dat ze het beest dat ze onder controle heeft zal sturen om Jehovah's Getuigen gedurende de komende tijdsperiode te vervolgen en te vertreden? Dat kunnen we doen door niemand minder dan Jezus Christus zelf als autoriteit te raadplegen. Wat had Jezus te zeggen over dit onderwerp?

"De Lezer Gebruike Onderscheidingsvermogen"

Wanneer u, geliefde lezer, sinds lange tijd één van Jehovah's Getuigen bent, hebt u ongetwijfeld Jezus' uitgebreide profetie omtrent het teken van het besluit vele malen gelezen. Maar, laten we bepaalde passages uit het 24ste hoofdstuk van Mattheüs nog eens lezen en dan in het licht van bovenstaande vraag of valse religie als eerste ten onder zal gaan.

In Mattheüs 24:15-22 wees Jezus erop dat de verdrukking begint wanneer een profetisch "walgelijk ding" Gods heilige plaats verwoest. Het Wachttorengenootschap heeft de hedendaagse "heilige plaats" geïdentificeerd als de Christenheid, omdat de Christenheid beweert Christelijk te zijn, maar in werkelijkheid afvallig en corrupt is, net zoals het Jeruzalem in de tijd van Christus. In de volgende verzen maakt Jezus echter duidelijk dat er tot enige tijd nadat de profetische heilige plaats vertreden is valse religie zal bestaan. Na een beschrijving hebben gegeven van de uitzichtloze tijden die over de wereld komen, zegt Jezus in Mattheüs 24:23-27 verder: "Wanneer dan iemand tot u zegt: 'Ziet! Hier is de Christus', of: 'Daar!' gelooft het niet. Want er zullen valse christussen en valse profeten opstaan, die grote tekenen en wonderen zullen doen ten einde, indien mogelijk, zelfs de uitverkorenen te misleiden. Ziet! Ik heb u van tevoren gewaarschuwd. Als men daarom tot u zegt: 'Ziet! Hij is in de wildernis', gaat niet uit; 'Ziet! Hij is in de binnenkamers', gelooft het niet."

"Dan," betekent in de context van Jezus' profetie "dan," gedurende de verdrukking - na de vernietiging van de tegenbeeldige heilige plaats door het walgelijke ding. Wanneer de verwoesting van de heilige plaats echter de vernietiging van de Christenheid betekent, zoals we nu veronderstellen, hoe kan het dan dat wonderen verrichtende valse profeten en valse messiassen tijdens de verdrukking actief zullen zijn op een tijd waarvan wij denken dat valse religie reeds weggevaagd is? Het Wachttorengenootschap heeft geen antwoord op deze vraag.

Het moet echter duidelijk zijn dat de Meester tot doel had zijn getrouwen te waarschuwen voor de gevaren van misleiding door valse godsdienstijveraars gedurende de verdrukking. De reden voor de verblindende discrepantie is onze verkeerde interpretatie van de heilige plaats uit Jezus' profetie als symbool van de Christenheid.

Beschouw, als een realistisch, hypothetisch voorbeeld van de manier waarop valse profeten en pseudo messiassen in de toekomst zouden kunnen opereren, eens het volgende mogelijke scenario: In recente jaren zijn Evangelisten meegegaan met de Armageddon hype. Ontelbare boeken en webpaginas met diverse eindtijd scenario's zijn gepubliceerd. Maar, één van de algemene thema's onder al dezen is dat de stichting van de moderne staat Israël een bijbels teken is en dat Christus binnenkort wederkeert en dat Armageddon letterlijk in het Midden Oosten zal worden uitgevochten door oorlogvoerende natiën. Eén van de meest invloedrijke eindtijd orakels is Hal Lindsey.

In basis is Evangelische eindtijd theologie echter niets meer dan uitgewerkte Anglo-Zionistische propaganda welke zijn wortels heeft in het 19de Eeuwse, uit London afkomstige Brits-Israelisme. Wat gebeurt er niettemin bij een nucleaire oorlog in het Midden Oosten? Overbodig om te zeggen, maar zelfs een kleine nucleaire aanval met kleine kernbommen zou een plotselinge en beangstigende schokgolf de wereld in sturen. In een voortdurende periode van angst en hysterie is het begrijpelijk hoe de valse profeten het bij het rechte eind gehad lijken te hebben. Wellicht zal de lichtgelovigen zelfs door middel van Hollywood-achtige special effects worden laten geloofd dat Christus werkelijk ergens "in de wildernis" van het Midden Oosten is verschenen.

In het licht van het feit dat Babylon de Grote onbetwistbaar een bron voor een diversiteit aan nep-messiassen is, die kennelijk allemaal onder haar vleugels afwachten om de goedgelovigen gedurende de komende tijd van verwarring en verschrikking uit te buiten, beschouw nóg eens een mogelijk scenario: Een man genaamd Benjamin Crème is een prominent New Age orakel oracle die losjes verbonden is aan de Nieuwe Wereldorde en de VN. Hij beweert de woordvoerder te zijn van de nieuwe wereld messias. De onzichtbare entiteit waarmee hij communiceert, Maitreya genaamd, was, naar men aanneemt, Christus' meester en Crème verkondigt dat Maitreya binnenkort persoonlijk op aarde zijn opwachting zal maken. Dus, wederom lijkt het erop dat "Lord Maitreya" gedurende de hysterie van een wereldwijde catastrofe in de positie is gezet om in de "binnenkamers" van het New Age heiligdom van de VN te verschijnen.

Geen wonder dat Jezus benadrukte dat zelfs zijn eigen uitverkorenen misleid zouden kunnen worden; daarom zei hij: "Ziet! Ik heb u van tevoren gewaarschuwd." Jezus' waarschuwing krijgt zelfs nog meer belangrijkheid wanneer we beschouwen dat het gebrek aan onderscheidingsvermogen van het Wachttorengenootschap met betrekking tot deze essentiële zaken, Jehovah's Getuigen evenzo kwetsbaar heeft gemaakt voor misleiding!

Het is opmerkenswaardig dat Jezus ons aanmoedigde onderscheidingsvermogen te gebruiken toen hij sprak over de gebeurtenissen van de verdrukking. Mattheüs 24:15 luidt: "Wanneer gij daarom het walgelijke ding dat verwoesting veroorzaakt, waarover door bemiddeling van de profeet Daniël gesproken is, in een heilige plaats ziet staan (de lezer gebruike onderscheidingsvermogen),..."

Wat we moeten onderscheiden in de profetie van Daniël is dat de heilige plaats een verwijzing is naar Christus' gemeente van heiligen. Daniël 11:31 luidt bijvoorbeeld: "En er zullen strijdkrachten opstaan die uit hem (de koning van het noorden) voortkomen; en ze zullen werkelijk het heiligdom, de vesting, ontwijden en het bestendige kenmerk verwijderen. En men zal stellig het walgelijke ding dat verwoesting veroorzaakt, plaatsen."

Daniël 12:11 verbindt het plaatsen van een walgelijk ding ook met de verwijdering van het bestendige kenmerk. Er staat: "En vanaf de tijd dat het bestendige kenmerk verwijderd is en het walgelijke ding dat verwoesting veroorzaakt is geplaatst, zullen er duizend tweehonderd negentig dagen zijn."

Het 8ste hoofdstuk van Daniël noemt het walgelijke ding niet bij name. In plaats daarvan wordt er een beschrijving gegeven van de koning met bars gelaat die de zonen van het koninkrijk in het verderf stort en het bestendigde kenmerk verwijdert en Gods heilige plaats vertreedt. Dat gedeelte van de Schrift legt voor de lezer met onderscheidingsvermogen echter belangrijke verbanden, doordat de verlichtende engel aangeeft dat het bestendige kenmerk van onze aanbidding en de heilige plaats onderdelen van hetzelfde iets zijn. En niet alleen dat, zij worden ook vertrapt en verwoest.

Daniel 8:11-13 luidt: "En zelfs tegen de Vorst van het heerleger nam hij een groot air aan, en hem werd het bestendige kenmerk ontnomen, en de vaste plaats van zijn heiligdom werd omvergehaald. En een heerleger zelf werd geleidelijk overgegeven, te zamen met het bestendige kenmerk, wegens overtreding; en hij bleef waarheid ter aarde werpen, en hij handelde en had succes. En ik kreeg een zekere heilige te horen die sprak, en een andere heilige zei vervolgens tot die ene die sprak: "Hoe lang zal het visioen duren van het bestendige kenmerk en van de overtreding die verwoesting veroorzaakt, om zowel de heilige plaats als het heerleger tot dingen te maken om te vertrappen?"

Door parallelle profetieën uit Daniël te vergelijken, zijn we in staat te onderscheiden dat de heilige plaats uit Christus' profetie dat verwoest en vertreden zal worden door een walgelijk ding, de geestelijke tempel van God is - niet de Christenheid. Ongetwijfeld heeft de "overtreding die verwoesting veroorzaakt" betrekking op de afvalligheid van het Wachttorengenootschap door een NGO te worden en op onze hypocrisie in de kindermisbruik gruwelijkheden. Daarom zei Jezus dat de verwoesting van de heilige plaats een tijd is waarin aan gerechtigheid wordt voldaan.

We zouden ook moeten onderscheiden dat de overlappende profetieën aangaande de koning met bars gelaat, de 11de horen van het beest in het 7de hoofdstuk van Daniël, het walgelijke ding en de laatste manifestatie van de koning van het noorden, alsook de 8ste koning uit Openbaring allemaal verschillende aspecten van dezelfde politieke entiteit afbeelden - namelijk, de Verenigde Naties in de toekomst. Daar dit het geval is, kunnen we verwachten dat wanneer de 8ste koning de gezalfde gemeente van God vertreedt, de symbolische hoer van Babylon op haar op een beest gelijkende zetel zal zitten. Op die wijze zullen Jehovah's Getuigen overmeesterd en in ballingschap gevoerd worden door onze wreker - Babylon de Grote.

Wordt vervolgd in deel 3...


Gepubliceerd op: 24 Oktober 2003