| |
Week van: 20 t/m 26 Oktober 2003
|
| In Openbaring 22:12,
13 verwijst het vers naar de Alfa en Omega die vlug zal komen.
Alle Jehovah's Getuigen zullen beamen dat dit niemand anders
dan Jehovah is. Het luidt: "'Zie! Ik kom vlug, en
het loon dat ik geef, heb ik bij mij, om een ieder te vergelden
naar zijn werk. Ik ben de Alfa en de Ómega, de eerste
en de laatste, het begin en het einde.'" Maar Openbaring
22:20 luidt: "Hij die getuigenis van deze dingen aflegt,
zegt: 'Ja, ik kom vlug.' "Amen! Kom, Heer Jezus.""
Gebruik makend van de redering van Jehovah's Getuigen moeten
we concluderen dat Degene die "vlug komt" inderdaad
de Alfa en Omega is, en daar in vers 20 naar Hem wordt verwezen
als Jezus, moet dit Jezus de enige ware God [Yahweh] maken.
(Yahweh Zelf uitte de volgende belangrijke bewering in Jesaja
44:6: "Dit heeft Jehovah gezegd, de Koning van Israël
en zijn Terugkoper, Jehovah der legerscharen: 'Ik ben de eerste
en ik ben de laatste, en buiten mij is er geen God.'" |
|
|
|
Met één
vers kunnen we bij lange na niet de waarheid omtrent de
identiteit van Jehovah en Christus Jezus en de speciale
relatie die ze met elkaar hebben, bepalen. Voor Jehovah's
Getuigen is staat het schriftuurlijk bezien onomstotelijke
vast dat Jehovah de Schepper is en dat Jezus zijn eerste
schepping en Eniggeboren zoon is. We hebben bemerkt dat
Jezus in alle Christelijke geschriften zich altijd in een
ondergeschikte positie ten opzichte van Jehovah God bevindt.
Dat was het geval voordat Christus naar de aarde kwam, evenals
toen hij daadwerkelijk mens was, en de Bijbel laat blijken
dat Jezus zelfs na zijn terugkeer naar de hemel nog steeds
in onderworpenheid is aan God.
We erkennen
echter dat er een grote mate van verwarring bestaat omtrent
de ware relatie van Jehovah en Jezus. Dit valt gedeeltelijk
te wijten aan het feit dat de persoonlijke naam van Jehovah
uit de meeste Bijbels is verwijderd en vervangen is door
de algemene termen "Heer" en "God."
De verwarring ontstaat dus omdat Jezus Christus ook Heer
wordt genoemd en op een paar plaatsen wordt hij ook God
genoemd, of beter gezegd "een god." We begrijpen
ook dat Jezus en zijn Vader ook andere titels delen zoals
"Redder" en dat ze beiden de rol van rechter op
een juiste manier vervullen. Maar, we denken dat de Schrift
volledig helder is over het feit dat Jezus een heer en redder
is en, ja, een machtige god, door Jehovah's goedgunstige
aanstelling tot zo'n eervolle positie. Met andere woorden:
Jehovah is van nature God. Jezus is het omdat Jehovah hem
geschapen heeft en hem goedgunstig de verhoogde positie
van Koning der koningen en Heer der heren gegeven heeft.
Jezus werd vooral verhoogd als beloning voor zijn gehoorzaamheid
aan God toen hij als mens werd beproefd.
Dus, met in
ons achterhoofd dat Jehovah en Christus dezelfde titels
delen, als gevolg van het feit dat Jezus door zijn Vader
is aangesteld tot zulke hoge posities die alleen God bezit,
zou het niet vreemd moeten zijn dat Christus en Jehovah
ook een titel delen zijnde de A tot Z, wat natuurlijk de
betekenis is van de Alfa en de Ómega. Jehovah is
de absolute Meester van het universum, de Eerste Oorzaak
van het begin tot het einde, in de zin dat hij altijd bestaan
heeft en altijd God zal zijn. Jezus Christus is echter ook
een uniek individu. Hij is het eerste schepsel van God.
Hij is het enige schepsel die Jehovah rechtstreeks heeft
geschapen, omdat alle andere dingen na zijn schepping door
middel van Jezus zijn geschapen. Ook was hij het eerste
schepsel die door Jehovah tot onsterfelijkheid in de hemel
uit de doden is opgewekt. Paulus zei dat het God goed heeft
gedacht Christus in alle dingen eerste te maken (Kolossenzen
1:18).
Maar, betekent
Jezus superioriteit echter dat hij voor Jehovah kwam of
dat hij Jehovah zelf is? Nee, natuurlijk niet. Het betekent
slechts dat Christus altijd het belangrijkste in Jehovah's
voornemens is geweest. Christus zal verder ook nooit verdrongen
worden door enig ander schepsel. Hij zal altijd de voornaamste
plaats bij zijn Vader innemen. En ondanks dat Paulus profeteerde
dat Christus uiteindelijk het koninkrijk zou overgeven aan
zijn God en Vader, wordt er van Jezus' koninkrijk gezegd
dat het voor eeuwig zal zijn, doordat de goede dingen die
door Christus Jezus tot stand zullen komen nooit ongedaan
zullen worden gemaakt. Zo is het dus dat Jezus de laatste
alswel de eerste is. Wanneer we hier zo over redeneren,
wordt duidelijk dat zowel Jezus als Jehovah terecht de eerste
en de laatste kunnen worden genoemd, maar wel voor geheel
verschillende redenen.
|
|
| Ik studeer nu zo'n
vier jaar met de Getuigen. Mijn vraag is hoe ik mijn kinderen
uitleg dat wat de Wachttoren over 1914 leert, verkeerd is?
Hoe kan ik hen vertellen dat ze eerlijk moeten zijn en vervolgens
van hen verwachten dat ze andere mensen iets vertellen dat
niet waar is wanneer ze gedoopt worden? Ik weet dat wanneer
ze gedoopt worden er van hen verwacht wordt dat ze deze dingen
over de Christenheid en 1914 moeten vertellen of anders uitgesloten
worden. Is het juist gedwongen te worden andere mensen te
misleiden wanneer we veronderstellen dat we een "God
van Waarheid" aanbidden? Zullen we als leraren niet verantwoordelijk
zijn voor elk verkeerd woord dat we spreken? Ik ben slechts
iemand die lang heeft gezocht naar de juiste weg en iemand
die nooit iets aan zijn kinderen zou willen leren dat schadelijk
voor hen zou kunnen zijn. Kunt u me alstublieft helpen? |
|
|
|
Het probleem wat we over onszelf hebben gebracht, is dat
we in verband met het interpreteren van profetieën,
en dan vooral chronologie, gebruik hebben gemaakt van onuitwisbare
inkt terwijl we een potlood met een goede gum hadden moeten
gebruiken. Er zijn zoveel dingen die we zeker weten, dingen
die te maken hebben met wie Jehovah is; de schitterende
waarheden over waarom Christus naar de aarde kwam en hoe
zijn koninkrijk een einde zal maken aan menselijke dwaasheid
en lijden en de aarde tot een paradijs zal maken. Dat zijn
de dingen waarover we zouden moeten prediken. Maar, wat
profetieën aangaat: daar profetieën ontworpen
zijn om waarheid te verbergen in plaats van te onthullen,
bewijzen we onszelf een slechte dienst wanneer we zoveel
belangrijkheid toedichten aan een bepaald aspect dat open
staat voor andere interpretaties.
Beschouw
echter eens wat Paulus zei over wat het belangrijkste is.
Het 13de hoofdstuk van 1 Korinthiërs is één
van de mooiste en diepgaande uit de gehele schrift. Paulus
laat overtuigend zien dat liefde de belangrijkste
eigenschap is, niet profetie. Na opgemerkt te hebben dat
de liefde nimmer faalt, stelde Paulus het tegenover kennis
en profetie toen hij zei: "Want wij hebben gedeeltelijke
kennis en wij profeteren gedeeltelijk...Want op het ogenblik
zien wij door middel van een metalen spiegel vage omtrekken,
maar dan van aangezicht tot aangezicht. Op het ogenblik
ken ik gedeeltelijk, maar dan zal ik nauwkeurig kennen,
evenals ik nauwkeurig gekend word."
Redenerend
over bovenstaande verzen: Als gezalfde Christenen pas "nauwkeurige"
waarheid kennen wanneer ze Jezus uiteindelijk zullen zien,
betekent dat dan niet dat we nu opgezadeld zitten met onnauwkeurigheden?
En daar de apostel toegeeft dat alle Christenen slechts
gedeeltelijk profetie kennen, is dat dan geen tegemoetkoming
voor onze fouten en verkeerde interpretaties? Zeker, wat
1914 betreft zijn er veel goede redenen waarom Jehovah's
Getuigen hebben geaccepteerd dat die datum het begin was
van Christus' tegenwoordigheid. Ondanks dat die datum niet
nauwkeurig is, heeft het toch een doel gediend. En Christus
zal uiteindelijk aankomen, zodat we zullen zien hoe de profetieën
juist begrepen moeten worden en ze zullen ons leiden naar
waar we moeten zijn wanneer de tijd daar rijp voor is. Op
dit moment moeten we dus schande dragen dat we de dingen,
wat profetieën aangaat, niet zo helder zien als we
denken; dat is slechts onderdeel van het dragen van onze
martelpaal en het vóórkomen als dwazen ter
wille van Jezus.
Het
zien van slechts een "vage omtrek," zoals Paulus
opmerkte, beschrijft onze huidige situatie perfect. Maar,
het laatste vers van dat schitterende 13de hoofdstuk zet
alles in het juiste perspectief. Het luidt: "Nu
blijven echter geloof, hoop, liefde, deze drie; maar de
grootste van deze is de liefde." Dat zijn dus de
belangrijke dingen, niet de speculaties over chronologie.
Dat zijn de dingen die we onze kinderen moeten onderwijzen.
Geloof, hoop en liefde is waar het om gaat in de waarheid.
|
|
| Zouden broeders zich
moeten blijven "uitstrekken" in de gemeente en ouderling
of meer moeten worden? Welk advies zou je hebben voor broeders
die zich reeds in die positie bevinden en die degenen in de
gemeente willen ondersteunen, maar niet publiekelijk tegen
de leerstellingen van het genootschap in willen gaan en zodat
ze niet uit hun positie verwijderd worden, een positie waarin
ze rechtmatig anderen kunnen helpen? |
|
|
|
We hebben zeker broeders nodig die begrijpen wat de problemen
zijn waar veel van onze vrienden mee te kampen hebben. Veel
van Jehovah's Getuigen worstelen met twijfels en zijn verontrust
over sommige dingen die in de organisatie spelen, en het
probleem is dat ze het gevoel hebben dat ze die niet aan
de ouderlingen kunnen toevertrouwen zonder het risico te
lopen als "zwak" of "afvallig" bezien
te worden. Het hebben van herders in de gemeente die inzicht
hebben in sommige dingen die Jehovah's schapen verontrusten
kan hen helpen niet veroordelend te zijn, zodat ze werkelijk
een bron van kracht kunnen zijn voor degenen onder ons die
verontruste gedachten hebben.
Terwijl
elke broeder die zich uitstrekt naar het voorrecht als opziener
van Jehovah's volk te dienen zich ervan bewust is dat de
Schrift zegt dat opzieners een zwaarder oordeel zullen ontvangen,
is het een daad van geloof. Het ontvangen van een zwaarder
oordeel wil niet automatisch zeggen dat men verworpen wordt
door God. Het betekent slechts dat ouderlingen meer verantwoordelijk
worden gehouden door God. Paulus schreef Timotheüs
het volgende: "Want zij die op een voortreffelijke
wijze dienen, verwerven zich een voortreffelijke reputatie
en grote vrijmoedigheid van spreken in het geloof in verband
met Christus Jezus."
Het
Besturende Lichaam en verantwoordelijke broeders op Bethel
hebben uiteindelijk de hoogste graad van verantwoordelijkheid
voor God en Christus. Op lokaal niveau kan er niets worden
gedaan om een verandering aan te brengen in de gevestigde
leerstellingen en het beleid. Daar dit nu zo is, zal Jehovah
lokale ouderlingen niet verantwoordelijk stellen voor het
onderwijzen van iets dat verkeerd is. Echter, ter wille
van het geweten, wanneer een ouderling zich ongemakkelijk
voelt bij het dogmatisch onderwijzen van bepaalde dingen
vanaf het podium, kan hij deze dingen over het algemeen
minder benadrukken, waarmee hij de gemeente feitelijk een
dienst kan bewijzen.
Op
een gegeven moment zal de organisatie in de maalstroom van
verwarring worden geworpen. Dan zullen de werkelijke herders
nodig zijn die hun vrijheid van meningsuiting zullen moeten
gebruiken om hun gemeenten bij elkaar te houden. We verwijzen
dikwijls naar Jesaja die spreekt over herders die een wijkplaats
voor de wind zijn, ik verzeker je dat de wind nog niet eens
is gaan waaien. Maar, wanneer storm zal beginnen, hebben
we mannen nodig die de moed en overtuiging hebben voor de
waarheid op te staan. Dus, verwerf nu het vertrouwen en
respect van de broeders en wees er voor hen wanneer ze je
nodig hebben, nu en gedurende de tijd van verdrukking.
|
|
| Mijn ouders zijn Jehovah's
Getuigen dus ik ben bekend met veel profetieën in de
Bijbel. Laatst was ik aan het browsen op the history channel
op zoek naar wat info over verwoesting van de eerste tempel
van Israël en ik vond een interessante tegenstrijdigheid.
Ik heb altijd gedacht (van wat mijn ouders zeiden) dat de
tempel in 609 v.G.T. vernietigd was, maar the history channel
geeft een iets andere datum, kun je mij vertellen waarom er
zo'n verschil bestaat? Ik heb dezelfde datum ook op veel andere
plaatsen gevonden. |
|
|
| (Toegevoegde
link door de persoon) In werkelijkheid is 607 v.G.T. de
datum die de Wachttoren aan de vernietiging van Jeruzalem
toeschrijft. Volgens onze leer werd de stad in het jaar 609
v.G.T. belegerd, maar kostte het Nebukadnezar bijna twee jaar
voordat hij het in onderworpenheid had. Historici wijzen het
jaar 586 aan voor het jaar van Jeruzalems vernietiging en
539 voor de val van Babylon. De tegenstrijdigheid zit hem
in het feit dat de Bijbel zegt dat Jeruzalem 70 jaar woest
zou liggen. Van 586 tot 539 is slechts 47 jaar. Daar we de
Bijbel accepteren als hoogste autoriteit, kunnen niet alletwee
de datums nauwkeurig zijn. De Wachttoren accepteert dus 539
als de datum voor de val van Babylon en door in aanmerking
te nemen dat er twee jaar verstreken vanaf de tijd dat Cyrus
het decreet uitvaardigde totdat de Joden in Jeruzalem aankwamen
in 537, trekken we enkel de 70 jaar waarover Jehovah had gezegd
dat Jeruzalem woest zou liggen ervan af. 607 v.G.T. is daarom
het jaar waarvan we geloven dat Jeruzalem is vernietigd. (Onthou
dat de jaartallen voor de Gewone Tijdrekening [v.G.T.] afnemen
wanneer we vooruit in de tijd gaan) |
|
|
|
|