Ten Dienste van Jehovah's Getuigen en het Wachttorengenootschap
 

Week van: 3 t/m 16 November 2003


 

Zoals je zelf hebt opgemerkt, werkt brieven schrijven aan Bethel niet en worden ze dikwijls teruggekoppeld met de ouderlingen zodat zij "je denken kunnen bijstellen." Mij is geadviseerd mijn "afvallige redeneringen" voor me te houden of anders uitsluiting uit de gemeente tegemoet te zien. Wanneer ik niet "de waarheid" spreek, maar blijf zwijgen, zal ik zeker door Jehovah worden gestraft. Wanneer ik wel "de waarheid" spreek en niet blijf zwijgen, zal ik door Jehovah's organisatie worden gestraft. De schrift zegt dat we God meer moeten gehoorzamen dan mensen. Hoe is het mogelijk "de waarheid" te spreken en toch in een goede verhouding tot de Gemeente te blijven staan? Hoe ga jij met dit probleem om?


Waarschijnlijk doe je er goed aan het advies van de ouderlingen op te volgen wanneer je in de gemeente wilt blijven. Zoals je weet heeft de Wachttoren de exclusieve rechten om te bepalen wat er in de gemeenten geleerd wordt aan Jehovah's Getuigen. Iedereen die dus iets onderwijst wat tegen de Wachttoren in gaat, werkt de gemeente tegen en wordt beschouwd als een vijand. En het gaat er niet om of wat je zegt nu wel of niet waar is. Wat we moeten bedenken is dat de meeste Jehovah's Getuigen geen problemen hebben met wat de Wachttoren ons leert. Ze gaan er vanuit dat dat wat ze geleerd wordt waar is. Waarom zouden we daarom degenen willen zijn die een struikelblok voor anderen neerleggen door op de fouten van de Wachttoren te wijzen?

We zijn verplicht elkaar lief te hebben. Liefde houdt altijd rekening met de belangen van een ander. Jezus zelf hield liefdevol dingen voor zijn dicipelen achter, dingen waarvan hij wist dat ze ze op dat moment niet konden dragen. Tot op heden heeft Jezus zijn belofte om ons in alle waarheid te leiden nog niet vervuld. Wanneer Christus nu terughoudend is door zijn dicipelen niet op te zadelen met de hele waarheid, totdat hij bepaald dat we klaar zijn om het te kunnen dragen, waarom zouden wij ons dan indenken dat het onze door God gegeven plicht is de fouten van de Wachttoren in de gemeente bloot te leggen?

Het internet is echter een ander verhaal, omdat een persoon op het internet hoogstwaarschijnlijk reeds geconfronteerd is met potentiële geloofsvernietigende negativiteit over de Wachttoren. En, mensen op het internet zijn gewoonlijk actief op zoek naar informatie, dus in dat geval moet de waarheid evenzo goed beschikbaar zijn als de blootgelegde fouten.



Wanneer iemand als afvallige wordt uitgesloten (of het noodzakelijk acht zich terug te trekken voordat dit gebeurt) omdat hij/zij het oneens is met bepaalde verkeerde leerstellingen van Jehovah's Getuigen, hoe zal zo iemand door Jehovah worden bezien? Vereist Jehovah van diegene moeite te doen voor herstel in de gemeente? Hoe is dit mogelijk zonder eerst toe te geven dat men eerst fout zat en aldus door Jehovah als leugenaar bezien te worden? De Schrift is duidelijk over het lot van leugenaars.


Er zijn duizenden die uit de waarheid gestruikeld zijn en vele anderen die, voor welke reden dan ook, afgedreven zijn van de organisatie. Er staat een verslag in de Bijbel die zulke personen hoop zou kunnen geven. Dat verslag heeft te maken met David en een man genaamd Simeï, toen David werd vernederd en gedwongen werd van zijn troon te vluchten wegens Absoloms inbezitneming. Toen David en zijn gevolg in ballingschap gingen, liep Simeï een stuk met hen mee waarbij hij stof in de lucht wierp, stenen wierp en kwaad afsmeekte over David door te zeggen: "Ga weg, ga weg, gij met bloedschuld beladen man en nietswaardige man... En daar zijt gij nu in uw rampspoed, omdat gij een met bloedschuld beladen man zijt!" (2 Samuël 16:7)

Het was zeker dat David een man met bloedschuld was - vooral door het voorval waarbij Bathséba's man ter dood werd gebracht - dus, dat was waar. En David erkende dat Jehovah het toestond dat hij als straf door zo'n periode van moeilijkheden moest gaan. Maar, Jehovah had ook genade voor David, voornamelijk om het verbond dat hij eerder had gesloten met David. God herstelde David dus tot de troon. En nu wordt het interessant. Toen hij hoorde dat Absalom vermoord was en dat David terugkeerde naar Jeruzalem om zijn troon weer in bezit te nemen, ging Simeï David tegemoet en smeekte hem om vergiffenis. En ondanks dat Abisaï David zei dat Simeï ter dood gebracht moest worden omdat hij kwaad had afgesmeekt over Jehovah's gezalfde koning, weigerde David hem terecht te stellen. In plaats daarvan zei David: "Zal er vandaag iemand in Israël ter dood gebracht worden?" (2 Samuel 19:22) Het lijkt er dus op dat David amnesty verleende aan een ieder die de zijde van Absalom hadden gekozen.

Het punt is dat vele, vele Psalmen en profetieën voorzeggen dat Gods gezalfden tijdens Christus' tegenwoordigheid evenzo geveld, vernederd en daarna hersteld zullen worden - net zoals dat het geval was met David. Het verslag in Samuël lijkt een patroon te zijn voor hoe Jehovah de zaken zal beoordelen. Indien dat zo is, kunnen we verwachten dat de Grotere David, Jezus, een mogelijkheid voor amnestie zal aanreiken aan al degenen die voorheen tegenstand hebben geboden aan de broeders, mits zij natuurlijk het geloof en nederigheid bezitten om Christus' broeders dan te accepteren. Dat is in harmonie met de illustratie van de schapen en de bokken. (Terzijde: Simeï had door Salomo restricties opgelegd gekregen en werd later ter dood gebracht omdat hij zich niet hield aan die overeenkomst.)

Dus, ondanks dat Simeï gelijk had over David die bloedschuld had, had hij zich schuldig gemaakt aan het afsmeken van kwaad over Jehovah's gezalfde koning en daarom verdiende hij de dood. Evenzo hebben veel van de beschuldigingen tegen de slaaf ook een kern van waarheid in zich. Ze zijn echter nog steeds Jehovah's gezalfde zonen en uiteindelijk zullen wij worden geoordeeld op basis van hoe we Christus' broeders behandelen. Daarom, degenen die uitgesloten zijn voor afvalligheid zijn schuldig aan het kwaad afsmeken over Christus' broeders. Dus, op enig moment zullen ze hun fout moeten erkennen of de consequenties onder ogen moeten zien.



Wie vermoordde Goliath in de NWV? 1 Samuël 21:9 zegt David. 2 Samuël 21:19 zegt Elhanan. Het weglaten van de cursivering creëert hier een contradictie. Zeggen dat er meer dan één Goliath is, lost het probleem niet op. Er is er slechts één, 1 Samuël 17:4, 23. Hij is Goliath van Gath, de Filistijn en de Gathiet. Leg uit alstublieft.


1 Kronieken 20:5 herhaalt het verslag wat opgetekent staat in 1 Samuël 21:19 en zegt dat Elhanan "Lachmi, de broer van de Gathiet Goliath" neersloeg. Klaarblijkelijk verwees Samuël enkel naar Lahmi door de beruchte naam van zijn broer Goliath te gebruiken.


Deze site heeft een hoop duidelijk voor me gemaakt, wat ik zeer waardeer. Kun je echter uitleggen hoe je op het idee bent gekomen wanneer je beweert één van Jehovah's Getuigen te zijn? Ben je het oneens? Vertel ons je motief. En sta je nog steeds in een goede positie binnen de gemeente? Hoe ga je met dit probleem om?


Ik geloof dat Jehovah's Getuigen Gods volk zijn en dat we de profetieën vervullen op een manier die de meeste niet echt hebben voorzien. Mijn intentie is Jehovah's oordelen bekend te maken en terzelfdertijd hoop te verschaffen. Mijn motief is een liefde voor Gods waarheid.


Waarom zeggen Jehovah's Getuigen de Pledge of Allegiance niet op?


Wij zijn van mening dat trouw zweren aan een nationaal symbool buiten het schriftuurlijke vereiste gaat om onderworpen te zijn aan wereldlijke autoriteiten. Jehovah's Getuigen bezien het trouw zweren als een uiting van loyaliteit die de uiting van loyaliteit aan God ondermijnt. God en Christus geboden ons bijvoorbeeld onze vijanden lief te hebben en te bidden voor degenen die ons vervolgen. De natie waarin we leven kan echter bevelen dat we degenen die we als nationale vijanden zien, doden. Er onstaat hierdoor een duidelijk conflict met betrekking tot loyaliteit. Hoe kunnen we dan in alle eerlijkheid trouw zweren aan een instelling die zulke dingen vereist? Jehovah's Getuigen gehoorzamen de wet van mensen zolang dat niet resulteert in het ongehoorzaam zijn aan Gods wet. Trouw zweren aan een vlaggen die machten vertegenwoordigen die in conflict staan met God vinden we daarom iets verwerpelijks.


Ik kan niet in woorden uitdrukken hoe dankbaar ik ben voor het vinden van deze site. Ik heb getracht mijn Liefde voor Jehovah en Christus Jezus te te verenigen met de duidelijk fouten van deze menselijke organisatie. We leven niet in een hedendaags geestelijk paradijs. Wat ons wordt aangeboden is verre superieur aan wat maar ook, maar het komt nog steeds te kort. Ik wil God dienen, maar ik heb het gevoel dat ik gedwongen word om mensen te dienen. Op veel manieren wordt aan de Wachttoren meer belangrijkheid toegekend dan Christus. Hoe kan dit?


Jehovah's Getuigen gebruiken uitdrukkingen zoals theocratisch en theocratie om onze pogingen om Gods wil te doen te omschrijven. Ondanks dat we geloven dat God op een dag rechtstreeks over ons zal regeren, is de waarheid dat God op dit moment niet echt in ons midden regeert zoals Hij dat zal gaan doen. We wijzen dikwijls op fouten van menselijke regeringen en religieuze instellingen als bewijs dat God nooit heeft bedoeld dat mensen over elkaar regeren, toch moeten ook wij uiteindelijk ons eigen falen om een theocractie te stichten onder ogen zien. In sommige opzichten is ons falen misschien nog wel meer flagrant, omdat we werkelijk hebben getracht de dingen op Gods manier te doen. Meer dan ieder ander hebben Jehovah's Getuigen bewezen dat hoe oprecht en vooruitstrevend onze pogingen ook moge zijn; hoe toegewijd we ook aan Jehovah moge zijn; hoe goed we ook ons best proberen te doen om in Christus' voetstappen te treden, we komen tekort.

Maar, in dat opzicht dienen we God ook. We behartigen Gods belangen door te bewijzen dat zelfs Christus' beleidvolle slaaf niet succesvol zijn eigen schreden kan richten. We zullen God verder dienen door Zijn terechtwijzing en correctie te aanvaarden.
Veel van de Psalmen spreken over Jehovah's komende Koning. Terwijl Jehovah altijd Koning van het universum is geweest, heeft hij zijn koningschap niet echt over Zijn volk en de wereld laten gelden. Maar, wanneer hij dat wel doet, zal het foutloos zijn. Wanneer Jehovah zegt dat hij zijn glorie met niemand anders zal delen, wordt bedoeld dat Hij niet langer zal toelaten dat enig mens of menselijke instelling tussen Hem en Zijn volk zal staan.



Je kunt niet met de ouderlingen redeneren ook al kun je je beweringen met behulp van de schriften bewijzen. Ze zullen de interpretatie van de "Slaaf" altijd boven de duidelijke bewering van de bijbel stellen…Wat wil ik nu zeggen? Wanneer Jehovah zijn volk in de juiste mate wil tuchtigen en hun verkeerde denkwijze wil corrigeren, moet Hij dan niet het gehele WB&TG en al diegenen die onderdeel zijn van de organisatorisch structuur verwijderen, van het Besturende Lichaam tot de Ouderlingen en Dienaren in de bediening in de lokale gemeenten? Dit is van belang voor een ieder die Jehovah willen dienen zoals hij dat vereist.


Toen Jezus werd vermoord, ging de profetie van Zacharia 13:7 in vervulling waar wordt gezegd dat de herder geslagen wordt en de schapen van de kudde verstrooid worden. Volgens de context heeft die profetie echter een veel grotere vervulling. We kunnen daarom verwachten dat de leiding van de organisatie te schande gemaakt zullen worden. Het 4de vers beschrijft bijvoorbeeld Gods boodschapper door te zeggen: "En het moet geschieden op die dag dat de profeten beschaamd zullen worden, een ieder om zijn visioen wanneer hij profeteert; en zij zullen geen haren ambtsgewaad dragen met het doel te bedriegen." Met andere woorden, het zal niet langer nodig zijn om te bewijzen dat bepaalde interpretaties van ons verkeerd zijn. Het zal duidelijk zijn. Zelfs zo duidelijk dat degenen die die dingen onderwezen het zullen betreuren dat ze het ooit hebben gedaan.

Omdat de ouderlingen en dienaren in de bediening hun aanstelling verkrijgen via de Wachttoren en ze overeenkomstig de structuur en het programma dat hen gegeven is onderwijzen, zal de teneergang van de Wachttoren een geweldige weerslag hebben op de gehele organisatie, van boven tot onder. Zacharia 13:9 legt uit dat wanneer de herder geslagen wordt, dit door Jehovah zal worden gebruikt om zijn volk te louteren. Wanneer de Wachttoren ineenstort is het niet langer nodig om met ouderlingen over onbeduidende argumenten in conclaaf te gaan, omdat de komende ramp ons zal dwingen niet langer onredelijk te zijn en het zal vereisen dat elk persoon met geloof naar Jehovah opkijkt voor antwoorden.



Geachte Watchman. Wat zijn je gedachten over de regeling van uitsluiting van de WB&TG? Dit gebruik resulteert in een pijnlijke isolatie van voormalige geliefden en familie-scheuringen en heeft klaarblijkelijk velen doen struikelen en veel hartzeer, wrok en vijandigheid tegen JG's veroorzaakt. Het heeft velen doen struikelen en het heeft schande gebracht over het volk dat Jehovah's naam draagt. Natuurlijk is de bijbel duidelijk over dat de goddeloze man uit ons midden 'verwijderd' moet worden, maar denk je dat het Genootschap wellicht een wrede, onbuigzame en harteloze Farizee-achtige interpretatie van de schrift heeft met betrekking tot uitsluiting?


Elke keer wanneer onvolmaakte mensen macht krijgen over anderen, lijkt het enkel onze onvolmaaktheden te benadrukken. Aan de ene kant wordt de Wachttoren ervan beschuldigd dat ze niet uitsluiten wanneer dat zou moeten, zoals in het geval van pedofielen bijvoorbeeld. Maar, aan de andere kant lijkt het erop dat uitsluiting verder gaat dan wat God ermee bedoeld heeft. De enige oplossing hiervoor, en alle andere problemen, is dat we Jehovah's oordeel nodig hebben. Hij is de Enige die capabel is om de zaken werkelijk recht te zetten.

Interessant genoeg spreekt Jehovah door middel van Bijbelse profetieën over dit onderwerp. Dat laatste acht hoofdstukken van Ezechiël bevatten Jehovah's gedetailleerde instructies aan zijn herstelde aanbidders. Ezechiël 45:9b zegt: "'Doet het geweld en de gewelddadige plundering weg en oefent enkel gerechtigheid en rechtvaardigheid. Ontlast mijn volk van uw onteigeningen', is de uitspraak van de Soevereine Heer Jehovah."

De voetnoot in de Studie Bijbel voorziet in de alternatieve weergave "uw verdrijvingen (uitdrijvingen)." Uitsluiting wordt juist beschreven als een daad van uitdrijving. Het lijkt duidelijk te zijn dat de profetie handelt over een einde aan uitsluiting. Maar, hoe kunnen we dat in overeenstemming brengen met Paulus' gebod aan de Korinthiërs om "de goddeloze man uit uw midden" te verwijderen? Wel, klaarblijkelijk zal de profetie van Ezechiël van betekenis voor ons worden nadat Christus zijn engelen uitgezonden heeft om 'alle dingen die aanleiding tot struikelen geven en alle wetteloze personen' uit zijn koninkrijk te verzamelen. Zoals Christus ook zei, 'twee zullen samen zijn en de een zal meegenomen, maar de ander achtergelaten worden.'

Dus, onberouwvolle immorele personen, seksuele roofdieren en soortgelijke, zullen fysiek uit het midden van Gods volk verwijderd worden. De dingen die aanleiding tot struikelen geven, die klaarblijkelijk te maken hebben met onjuiste leerstellingen en pijnlijke praktijken, zullen ook tot het verleden behoren. Dat betekent dat er uiteindelijk geen redenen meer voor daden van uitdrijving zullen zijn, omdat Christus alle goddeloze voorgoed uit de gemeente heeft verwijderd. Niet alleen dat, maar Christus zal ons uiteindelijk in alle waarheid leiden zodat er geen struikelblokken over blijven. Het eindresultaat zal een geestelijk paradijs zijn voor degenen die binnen de organisatie overblijven na die reiniging. De gezegenden zullen niet langer onderworpen zijn aan dingen als uitsluiting.



 
         
Home | Essays | Postzak | Commentaren | Gastenboek | Links | Tools | Site Map | The Watchman