| |
Week van: 8 t/m 14 December 2003
|
| Wanneer de sprinkhanen
uit Joëls profetie Jehovah's volk [Christus' broeders]
zullen aanvallen, hoe kan dan worden gesteld dat de spinkhanen
uit Openbaring 9 Jehovah's volk zijn [Christus' broeders]?
Hoe kan er worden gezegd dat Jezus uit de hemel VIEL? Is het
waar dat deze ster/engel in vroegere publicaties van Jehovah's
Getuigen als Satan werd geïdentificeerd? |
|
|
|
In de propetie
van Joel worden Gods natie en volk afgeschilderd als dat
ze overlopen worden door een plaag van verslindende insecten
en rupsen. Jehovah komt zijn onder vuur liggende volk dan
tot hulp en vergoed hen ten slotte de verwoesting die door
de plaag veroorzaakt is. Zie het essay: Dag
van de Sprinkhanen Aanval.
Terwijl Joël
Gods volk beschrijft als personen die berouw hebben en die
Jehovah aanroepen om hulp en bevrijding te geven van de
sprinkhanenaanval, verhaalt Openbaring precies het tegenovergestelde
resultaat voor degenen die slachtoffer zijn geworden van
de sprinkhanen met stekende schorpioenenstaarten. Openbaring
9:4 zegt dat de sprinkhanen "alleen aan de
mensen die het zegel van God niet op hun voorhoofd hebben"
steken uitdelen, als aankondiging van hun uiteindelijke
vernietiging. Dat betekent dat het steken plaatsvindt na
de definitieve verzegeling van de gezalfden; enige tijd
na het openen van het 6de zegel, wat tijdens de grote verdrukking
plaatsvindt. Als de sprinkhanen alleen degenen zonder zegel
steken, is het duidelijk dat degenen die daadwerkelijk steken
de gezalfden zelf zijn. Daar de sprinkhanen zelf beschreven
worden als dat ze kronen van goud dragen en een koning
over zich hebben, wordt ook duidelijk dat deze sprinkhaan-achtige
wezens de verzegelde gezalfden zijn, die op dat moment in
gezelschap van Christus, hun koning, hun koninkrijk hebben
ontvangen.
Met betrekking
tot het 2de gedeelte van je vraag: Jaren geleden huldigde
de Wachttoren de verkeerde interpretatie dat Openbaring
9:1 van toepassing was op de zogenoemde gevallen engel,
Satan de Duivel. Waarom zou God Jezus als een gevallen engel
afschilderen? Beschouw eens wat de profetie van Daniël
in verband hiermee te zeggen heeft. Daniël 8:10, 11
zegt het volgende aangaande de toekomstige activiteiten
van de koning met bars gelaat: "En hij bleef groter
worden, totdat hij zelfs tot aan het heerleger van de hemel
reikte, zodat hij er van het heerleger en van de sterren
ter aarde deed vallen en ze vervolgens vertrapte. En zelfs
tegen de Vorst van het heerleger nam hij een groot air aan,
en hem werd het bestendige kenmerk ontnomen, en de vaste
plaats van zijn heiligdom werd omvergehaald."
In Daniëls
profetie worden de heiligen aangeduid als "het heerleger
van de hemel." De symbolische hemelen, welke uit
144.000 sterren bestaat, hebben hun koning Jezus over zich
- die wordt beschreven als de "Vorst van het heerleger."
Klaarblijkelijk wordt de heiligen die op aarde zijn wanneer
Christus uiteindelijk zijn koninkrijk wordt gegeven, daarna
ook hun koninkrijk met Christus gegeven, zoals in het 7de
hoofdstuk van Daniël staat vermeld. Maar, Satans koning
met bars gelaat richt hen ten gronde. Daarom wordt er gezegd
dat hij "van de sterren ter aarde deed vallen."
Daar, zoals Jezus zei, alles wat er tegen zijn broeders
wordt gedaan, wordt beschouwd alsof het tegen Christus zelf
wordt gedaan, kan er worden gezegd dat wanneer zijn gezalfde
broeders vallen, vooral nadat zij koningen zijn geworden,
Christus zelf lijdt en valt. Het lijkt er daarom op dat
Jehovah op miraculeuze wijze tussenbeide komt nadat de heiligen
ten val worden gebracht en vertrapt worden; en Christus
daarna zijn eigen groep sprinkhaan-achtige strijders ter
vergelding loslaat, of ze nu vlees zijn of als gemartelde
en opgestane geesten.
Het 33ste hoofdstuk
van Jesaja spreekt over Jehovah's rechterlijke beslissingen
tegen de verraderlijke plunderaars van Gods volk en geeft
aan dat Jehovah de zaken zal omdraaien, zodat de plunderaars
zelf geplunderd worden. Het 4de vers luidt: "En
de buit van u zal werkelijk bijeengeraapt worden zoals wanneer
de kakkerlakken bijeenrapen, zoals de stormloop van sprinkhanenzwermen
die op iemand losstormt." Dat wijst er dus op dat
Gods vijanden, alsook zijn eigen volk, met sprinkhanen kunnen
worden vergeleken wanneer zij hun vijanden plunderen.
|
|
| Wat is het doel van
het leven? |
|
|
| De Wachttoren heeft een mooie brochure uitgegeven welke
die vraag bespreekt. Je kunt hem online lezen door hier te
klikken: (LINK) |
|
| Met betrekking tot
mijn voorgaande vraag aangaande het middelaarschap van Christus,
zeg je dat hij niet de middelaar is van allen is en
ik ben het daar niet mee eens. De Bijbel zegt duidelijk dat
hij de middelaar tussen God en mensen is, niet tussen God
en bepaalde mensen, of enkele mensen! Als hij
enkel de middelaar van de 144.000 zou zijn, door bemiddeling
van wie zou de rest van de mensheid, vooral de zogenoemde
aardse klasse, dan moeten bidden? Het wachttorengenootschap?
|
|
|
|
Wellicht herinner je dat Petrus als volgt verwees naar
de brieven van Paulus: "Daarin zijn echter sommige
dingen moeilijk te begrijpen, die de niet-onderwezenen en
onstandvastigen verdraaien, zoals zij dat ook met de overige
Schriften doen..." Als we dus niet in de valkuil
willen vallen de Schriften te verdraaien, moeten we erkennen
dat sommige dingen in de Bijbel moeilijk te begrijpen zijn.
Het is daarom onverstandig een hele leerstelling op onze
voorkeursinterpretatie van een enkel vers of één
woord in een vers te bouwen. De Wachttoren heeft in dit
verband de waarheid onderwezen. Beschouw het volgende eens:
De
postzak van vorige week verwees de lezer naar diverse passages
in Paulus' brief aan de Hebreeën, waar Jezus een middelaar
wordt genoemd. Op de plaatsen waar de term middelaar
wordt gebruikt, is het altijd een verwijzing naar Christus
als zijnde de middelaar van een verbond. Maar, betekent
dat dat God een verbond met alle mensen sluit? Nee.
Degenen die door middel van de middelaar Christus in een
verbond worden gebracht met Jehovah, zijn degenen die gezalfd
zijn en uitgekozen door God om uiteindelijk met Christus
in zijn koninkrijk te regeren. Het doel van het verbond
is uiteindelijk ter zegening van alle natiën, zoals
God beloofde toen hij aanvankelijk zijn verbond met Abraham
instelde. (Zie Genesis 22:18).
Wanneer
de mensheid een zegening zal ontvangen als gevolg van het
zaad van Gods belofte, en alleen de gezalfden deel uitmaken
van dat zaad, is het duidelijk dat de mensheid in het algemeen
niet in een verbondsverhouding met God staat. Als gevolg
daarvan is Christus niet hun middelaar. Met andere
woorden: De mensen der natiën zijn ontvangers
van de zegening van het zaad door God. Maar Christus en
zijn gezalfden zijn het zaad van God. (Galaten 3:29)
Daarom is het niet voor alle mensen noodzakelijk Christus
als middelaar te hebben, omdat ze gezegend worden door
middel van het koninkrijk - ook al zijn ze niet in een
verbond opgenomen voor een koninkrijk.
Beschouw
dit eens: Jehovah God luisterde lang voordat Christus naar
de aarde kwam naar de gebeden van mannen en vrouwen. Het
is daarom geen vereiste Christus als middelaar te hebben
om onze gebeden bij God verhoord te krijgen. Neem het voorbeeld
van Cornelius: voordat hij gezalfd werd, wist hij niet wie
Jezus was, en toch zei de engel hem dat God zijn gebeden
en gaven van genade erkende. Als God dus gebeden verhoorde
voordat Christus Jehovah's middelaar werd, waarom zou het
dan nu voor alle mensen nodig zijn een middelaar te hebben,
wil men verhoord worden? De waarheid is dat bidden door
bemiddeling van Jezus, hem aldus erkennend als Jehovah's
middel tot redding, hem niet automatisch een middelaar maakt
voor elke smekeling.
De
vraag die we ons moeten stellen is: Waarom hebben gezalfden
een middelaar nodig en anderen niet? Het is niet enkel om
hun gebeden te verhoren. Het gaat veel dieper dan dat. Het
antwoord heeft te maken met het feit dat de gezalfden in
een staat zijn gebracht waardoor ze rechtvaardig verklaard
kunnen worden voor God. Rechtvaardig verklaard worden
betekent in essentie dat God hen als volmaakt en foutloos
oordeelt. Maar, natuurlijk zijn ze niet zonder fouten of
volmaakt. Maar, wil God rechtvaardigen dat hij zondige mensen
in zijn tegenwoordigheid in de hemelen brengt, moet hij
geldige middelen hebben hun zondigheid over het hoofd te
zien. Hen moet rechtvaardigheid geschonken worden, omdat
het niet iets is wat ze bezitten. Daar komt Christus' tussenkomst
en middelaarschap hen ten bate.
In
het geval van de rest van de mensheid, het is voor Jehovah
niet nodig hen rechtvaardig te verklaren wanneer ze dat
niet zijn. Jezus zal zelfs de massa's onrechtvaardige mensen
uit de doden opwekken die hem of Jehovah nooit hebben erkend.
Dat op zichzelf is al een bewijs dat niet-gezalfde personen
geen middelaar nodig hebben om Gods zegening van eeuwig
leven te verkrijgen. Christus' koninkrijk zal de mensheid
geleidelijk uit de zondige toestand tillen gedurende
de 1000-jarige periode die speciaal daarvoor bestemd is.
Zelfs degenen die Armageddon overleven worden niet rechtvaardig
verklaard. Nadat de rook is opgetrokken, zullen zij zich
nog steeds in een zondige toestand bevinden en zullen ook
zij het programma moeten volgen wat hen tot menselijke volmaaktheid
zal leiden. Aan het einde van de 1000 jaar zal Jehovah de
bevrijde mensheid als rechtvaardig kunnen oordelen, omdat
ze op dat moment rechtvaardig zullen zijn. Maar,
in het geval van gezalfden, die hebben niet zo'n periode
waarin ze hervormd worden zodat ze zondeloos worden in Gods
ogen. Ze zijn in feite zondige schepselen tot op het moment
dat ze, in een oogwenk, worden veranderd in onsterfelijke
en onverwoestbare wezens en Jehovah hen in zijn tegenwoordigheid
brengt.
En
dat is heel, heel belangrijk! Jehovah doet niet zomaar
iets wat hem invalt. Hij is ethisch en leeft naar zijn eigen
beginselen van rechtvaardigheid. God kon zichzelf zoiets
buitengewoons pas toestaan, wanneer hij de rechtsgeldigheid
ervan gesteld had. Daarom hebben zij een speciale regeling
nodig, zodat Jehovah onmiddellijk hun zonde kan wegdoen
en hen als zijn rechtvaardige zonen verklaren. Dat is wat
het nieuwe verbond en Christus' middelaarschap brengt.
Wat
betreft "bidden door middel van het Wachttorengenootschap"
zoals je schertsent vroeg: Ironisch genoeg, wanneer Jehovah
de schande van zijn gezalfden wegneemt en zijn eigen naam
ter voorbereiding van de zegening van de andere schapen
heiligt, wijst Jesaja 45:14 erop dat de niet-gezalfden de
verheven positie van Christus' broeders zullen erkennen.
Er staat gedeeltelijk: "En voor u zullen zij zich
neerbuigen. Tot u zullen zij bidden en zeggen: Waarlijk,
God is in eendracht met u, en er is geen ander; er is geen
andere God.
Dat
anderen erkennen dat God in eendracht is met een bepaalde
groep mensen, wijst erop dat Jehovah een heel speciale organisatie
heeft waarmee hij een verbond heeft gesloten, en op een
gegeven moment zullen we dat feit moeten erkennen.
|
|
| Ondanks dat Christenen
opgedragen is te prediken en dicipelen te maken, staat er
nergens in de schrift dat we van deur tot deur moeten gaan.
Waarom is dit een vereiste voor Jehovah's Getuigen, terwijl
de schrift zegt niet buiten hetgeen geschreven is te gaan?
|
|
|
| Het is geen vereiste voor ons van deur tot deur
te gaan. De laatste jaren heeft de Wachttoren getracht Jehovah's
Getuigen aan te moedigen andere mogelijkheden tot getuigenis
geven te benutten. Maar, het is klaarblijkelijk een moeilijke
gewoonte om mee te breken. |
|
| Paulus gebruikte in
Hebreeën 1 ook de frase "deze laatste dagen,"
maar het NWV vertaalcomité heeft ervoor gekozen deze
woorden te vertalen met "op het einde van deze dagen."
[Zie Kingdom Interlinear en kijk ook in andere vertalingen
die dikwijls door het genootschap worden geciteerd] |
|
|
| Bedankt dat je ons hierop gewezen hebt. |
|
| De eerste eeuwse Christelijke
gemeente werd geïnfiltreerd door satanische handlangers
en hebben uiteindelijk vele valse leerstellingen aangenomen,
zoals de drie-eenheid; toch beweer je dat die ware Christenen
nog steeds zouden omgaan met de gemeente, omdat de "tarwe
en het onkruid" samen zouden opgroeien. Wanneer was die
Christelijke gemeente dus niet meer de ware Christelijke gemeente,
wanneer zagen de ware Christenen de noodzaak in de schriftuurlijk
raad "van hen uit te gaan" op te volgen en waar
gingen zij naartoe voor geestelijke omgang? |
|
|
| Na de dood van de laatste apostel vervaagde de Christelijke
gemeente geleidelijk tot duisternis. Het werk van Jehovah's
Getuigen in moderne tijden heeft zich gecentreerd rond het
herontdekken van de waarheid en de verzamelende oproep "van
hen uit te gaan." Er zijn in werkelijkheid slechts
twee cruciale periodes in het gehele Christelijke era wanneer
Gods gemeente kenbaar is. De eerste keer was natuurlijk direct
volgend op de stichting van het Christendom. De tweede
keer is onmiddellijk voor het oordeel en het besluit
van het samenstel. |
|
| Bedankt voor je beredeneerde
argumenten. Veel dingen die je schrijft heb ik reeds sinds
lange tijd gedacht, bijvoorbeeld, de liefde van de meesten
die zal verkoelen; dit betekende voor mij altijd al binnen
de gemeenten. Ook Jezus' veroordeling van de Farizeeën
was volgens mij een aanduiding van de hedendaagse organisatie
en Jezus' kijk erop. Ook zei ik tegen een ouderling (waarschijnlijk
nogal onverstandig) dat ik de belangrijkheid van het luiden
van de trompetten in 1920 niet relevant vond, omdat niemand
die nu leeft er iets vanaf weet. Ik kan niet begrijpen hoe
het collectieve Besturende Lichaam, die Jehovah's kanaal zouden
moeten zijn, zulke fundamentele fouten kan maken en waarom
ze de argumenten die bijvoorbeeld op deze site worden gegeven
niet hebben beredeneerd. Wat is daar de reden van? Als jij
het ziet, moeten zij het toch ook zeker zien? |
|
|
|
We moeten erkennen dat de meeste fouten van de Wachttoren
te maken hebben met het verkeerd interpreteren van profetieën.
En, de profetieën zelf hebben voorzegd dat dat het
geval zou zijn. Het 28ste en 29ste hoofdstuk van Jesaja,
en ook andere profetieën, hebben voorzegd dat God de
hoofden van zijn profeten en visionairs zou bedekken, zodat
zij niet in staat zouden zijn de boodschap van de profetieën
met intelligentie te ontcijferen. (Zie het essay: Wie
is Blind als de Knecht van Jehovah?) Als je je het nog
herinnert, heeft Jehovah evenzo de realiteit van Christus'
dood voor de apostelen verborgen gehouden. Daar alle schatten
van wijsheid en kennis dus in Christus verborgen zijn en
Christus het niet toestaat dat zijn dienstknechten een bepaald
iets begrijpen, zullen we blind zijn zonder dat we zelf
weten dat we blind zijn.
Wanneer
Jehovah's opgetekende voornemen aangeeft dat hij zijn eigen
volk zal verblinden om zijn voornemen in verband met hen
te volbrengen, moeten we niet verbaasd zijn wanneer we zo'n
blindheid ook daadwerkelijk zien. Beschouw eens wat de apostel
Paulus schreef aangaande het vleselijk Israël in Romeinen
11:25: "Want ik wil niet, broeders, dat gij onwetend
zijt omtrent dit heilige geheim, opdat gij niet beleidvol
zijt in uw eigen ogen: dat er over Israël gedeeltelijk
een afstomping der zinnen is gekomen totdat het volledige
aantal mensen der natiën is binnengekomen, en op deze
wijze zal heel Israël gered worden."
Als
de "afstomping der zinnen" van kracht zal
zijn totdat het volledige aantal (144.000) is binnengekomen,
op welk moment "heel Israël gered zal worden,"
betekent dat in werkelijkheid dat het "Israël"
dat door God verblind is, helemaal niet het vleselijke Israël
is. Dat betekent dat God een afstomping van de geestelijke
waarneming toestaat bij degenen die zelf geestelijke Joden
zijn, totdat Jehovah zijn werk van het roepen en uitkiezen
van alle leden van zijn natie voleindigd heeft. Dus,
terwijl de Wachttoren instelling, waar, zoals we zouden
kunnen zeggen, de oude garde gezalfden rondom gegroepeerd
is, niet in staat is te erkennen dat Gods roepen en uitverkiezen
niet geëindigd is in 1935, maar voortgaat tot
in het huidige 11de uur, is de afstomping der zinnen in
zichzelf een bewijs van Gods werk en de laatheid van het
uur.
|
|
| Wie stichtte het Wachttorengenootschap
en wanneer begon het? |
|
|
| Op de website van de
Wachttoren kun je antwoorden vinden op je vragen. Klik hier:
(LINK) |
|
| Ik moet het vragen:
zal mijn mening, net zoals jouwe op bepaalde terreinen, niet
worden bezien als afvalligheid? En als ik uitgesloten wordt
voor het hebben van deze ideeën, hoe kan ik en mijn familie
dan in staat zijn Jehovah van buiten de beschermde organisatie
te dienen? Zullen we buiten de organisatie niet veel meer
gevaar lopen voor Satans aanvallen? Je antwoord op zulke vragen
zijn heel erg nodig, mijn geweten gaat niet akkoord met antwoorden
als "zwijg er gewoon over," zoals ik het voel heb
ik de waarheid opnieuw gevonden, en ik kán er niet
over zwijgen. |
|
|
|
Salomo schreef dat er een bestemde tijd was om te spreken
en een tijd om te zwijgen. Jezus adviseerde zijn volgelingen
ook omzichtig als slangen te zijn en toch zo onschuldig
als duiven. Welke "waarheid" je ook gevonden hebt,
wanneer het ervoor zorgt dat je uit de gemeente gesloten
wordt voor het "prediken" tegen anderen, is het
wellicht wijs te zwijgen. Natuurlijk komen wij allemaal
wel eens wijsheid tekort. Daarom verzekert Jakobus ons ervan
dat, wanneer we om wijsheid smeken bij God, hij die ons
zal geven, zonder ons te straffen voor dat gebrek aan wijsheid.
Paulus
gaf ook raad welke je ook de meest wijze weg kan doen zien
in dit opzicht. Hij schreef het volgende aan Timotheüs:
"Daarom wens ik dat in elke plaats de mannen zich
aan gebed wijden, waarbij zij loyale handen opheffen, zonder
gramschap en woordenstrijd." Nu, vraag jezelf eens
af, wanneer ik mijn ideeën aan de gemeente predik,
zelfs als ik volledig overtuigd ben van de rechtmatigheid
van mijn standpunt, wat zal dan het waarschijnlijke resultaat
zijn? Heeft het tot resultaat dat de gemeente opgebouwd
en aangemoedigd wordt, of zal het resulteren in verdeeldheid,
wrevel, onnodige gramschap en woordenstrijd? Wanneer je
zelf een eerlijk antwoord vindt op die vraag, moet je in
staat zijn te bepalen welke koers je zult gaan volgen.
|
|
| Geachte Watchman, wanneer
je tijd hebt, zou je me het volgende kunnen laten begrijpen:
Wanneer Jezus niet onzichtbaar gekomen is in 1914 en hij "de
getrouwe en beleidvolle slaaf" niet over al zijn bezittingen
heeft aangesteld om voedsel te rechter tijd uit te delen,
enz, dan: (1) Bij welke autoriteit beweren Jehovah's Getuigen
dan dat ze Jehovah's organisatie zijn? (2) Wat onderscheidt
hen van de Christenheid? (3) Als het Jehovah's organisatie
is, is het dan het "enige" kanaal waardoor Jehovah
en Jezus met ons communiceren? (4) Zijn alle gezalfden op
aarde gedoopte Jehovah's Getuigen? |
|
|
|
Deel 1: Onze bewering dat we Jehovah's organisatie
zijn, is er het gevolg van dat er zich gezalfde Christenen
onder ons bevinden. Zij vormen samen wat in de Schrift Gods
huis wordt genoemd. Volgens Lukas 12:42 wordt de
zogenoemde "getrouwe slaaf" over Christus' lichaam
van bedienden in het huisgezin van de meester aangesteld.
Merk alsjeblieft op dat de getrouwe slaaf, zowel in het
verslag van Mattheüs als dat van Lukas, twee
verschillende aanstellingen krijgt bij twee verschillende
gelegenheden. De 1ste aanstelling, zoals hierboven al aangehaald,
is enkel over het lichaam van bedienden van de meester.
De 2de aanstelling vindt plaats wanneer de meester uiteindelijk
als een dief in de nacht arriveert voor het oordeel. De
slaaf die als getrouw in hun eerste aangestelde opdracht
worden geoordeeld, worden dan aangesteld over al
zijn bezittingen.
Helaas
heeft de Wachttoren verkeerd geconcludeerd dat de meester
reeds is aangekomen en de getrouwe slaaf in 1919 over al
zijn "bezittingen" heeft aangesteld. Ook al is
dat niet waar, we moeten niet haastig de conclusie trekken
dat de getrouwe slaaf niet over Gods huisgezin is aangesteld.
Kennelijk heeft de toekomstige aanstelling van de getrouwe
slaaf over al de bezittingen van de meester te maken met
het uiteindelijk ontvangen van hun koninkrijk in gezelschap
van Christus. Het 32ste hoofdstuk van Jesaja bevat een profetie
die beschrijft wat er plaats zal vinden wanneer Jezus feitelijk
koning wordt. Vers 3 en 4 zeggen: "En de ogen der
zienden zullen niet dichtgestreken zijn, en zelfs de oren
der horenden zullen aandacht schenken. En zelfs het
hart der voorbarigen zal acht geven op kennis..."
Op
grond van dat vers lijkt het dat degenen die Jehovah geestelijk
zal verlichten, zijn eigen gezalfde dienaren en hun vrienden
zijn. Er bestaat geen twijfel over dat we voorbarig
zijn geweest door veel profetieën een vervulling te
laten hebben in de periode van 1914-1919. Jehovah heeft
natuurlijk de macht ons dingen in een geheel ander licht
te laten zien, wat te vergelijken is met Paulus die een
ontmoeting had met de verheerlijkte Christus wat hem letterlijk
blind maakte, en waardoor een paar dagen later wat leek
op schubben van zijn ogen vielen. Paulus zei dat zijn ontmoeting
met Christus uniek was, doordat hij als een te vroeg geborene
was. Dat wil zeggen dat Paulus Jezus zag zoals de gehele
bruid hem zal zien in zijn heerlijkheid, terwijl alle andere
getuigen van Jezus' opstanding hem zagen in zijn bekende
menselijke gedaante. Het feit dat de schubben van Paulus'
ogen vielen doordat hij Christus in zijn heerlijkheid zag,
is waarschijnlijk een voorbode van de ogen openende ervaring
die Jehovah's Getuigen bij de openbaring van Christus' heerlijkheid
zullen meemaken.
Deel
2: Jehovah's Getuigen onderscheiden
zich op vele manieren van de Christenheid. Ten eerste getuigen
we van Jehovah God. We hebben de relevante strijdvragen
aangaande Jehovah's universele soevereiniteit en 's mensens
integriteit aan de wereld bekend gemaakt. We hebben ons
vrijgemaakt van Babylonische leerstellingen. We streven
ernaar geen deel van Satans wereld te zijn. Jehovah's Getuigen
maken het goede nieuws van Gods koninkrijk bekend - wat
een feitelijke regering is die over een nieuwe aarde van
vrede en rechtvaardigheid zal regeren. Onze bediening geeft
mensen feitelijk een basis voor de zuivere hoop voor eeuwig
op in het paradijs te leven. Uiteindelijk heeft onze organisatie
Jehovah een basis verschaft om in te grijpen in de menselijke
samenleving om eerst zijn afgedwaalde getuigen te corrigeren;
en vervolgens wraak te nemen op de wereld die tegen die
tijd getracht zal hebben zijn zonen te vernietigen.
Deel
3: De voornaamste manier
waarop God met ons communiceert, is door middel van zijn
heilige geest en zijn woord. Daar er slechts één
God is, één Heer, en één geloof,
en de meester slechts één huisgezin heeft,
is het redelijk dat er slechts één weg is
door middel waarvan God zijn voornemen bewerkstelligt.
Deel
4: Ja. Nogmaals, volgens
de illustratie van de getrouwe slaaf bevinden al de dienstknechten
van de meester, wanneer hij arriveert voor het oordeel,
zich als het ware onder één dak.
|
|
|
|
|