| |
Week van: 29 December t/m 4 Januari 2003
|
| Je lijkt het beide
kanten op te willen, het ís Jehovah's Organisatie (met
Jehovah die een God van Waarheid is, enz.) en vervolgens zeg
je dat ze verkeerde leerstellingen onderwijzen, leerstellingen
die de basis zijn van de organisatie en het geloof van de
JG. Hoe kan iemand met een rein geweten personen aanmoedigen
te geloven in wat in werkelijkheid een leugen is? Ik kan met
mijn verstand niet bij de antwoorden die je geeft, omdat ze
vol lijken te staan met, zoals Orwell het noemde, 'double-speak'
en 'zwartwit' waarbij je vasthoudt aan een geloof en ook al
weet je dat het niet waar is, je gelooft het toch. |
|
|
|
De waarheid
is: het is "beide kanten." Maar, je vergist je wanneer
je zegt dat verkeerde leerstellingen de basis van de organisatie
en ons geloof zijn. Onze fundamentele leerstellingen zijn
waar. Waar we in de problemen zijn gekomen is bij de interpretatie
van profetieën en bij bepaald verkeerd beleid en de hypocriete
houding die is ontstaan.
Neem als voorbeeld
eens de natie Israël. Als natie waren ze gebouwd op de waarheid
die God hen had onthuld in de Wet van Mozes. Uiteindelijk
werd de natie echter verdorven en hypocriet. Betekende dat
dat ze Gods natie niet waren? Nee, het betekende slechts
dat ze waren afgedreven en dat Jehovah aldus verplicht was
ze te straffen om ze weer in overeenstemming met zijn wil
te richten. Onze situatie is niet anders.
|
|
| Beste e-Watchman, wat
ik me altijd heb afgevraagd: Als ALLE gezalfden, met behulp
van de heilige geest, dezelfde gedachten hebben aangaande
Gods voornemens, hoe komt het dan dat het Genootschap geen
acht slaat op de inbreng van gezalfden buiten Bethel? Waarom
worden er niet meer gezalfden gebruikt voor geestelijk onderricht
in Brooklyn? Vraagt het Genootschap andere gezalfden om hulp
wanneer ze leerstellige punten bediscussiëren? Als het
Genootschap zoveel dingen fout heeft gehad, is het dan correct
te veronderstellen dat ze de gedachten van alle gezalfden
vertegenwoordigen? En is het de gezalfden toegestaan om al
hun 'interpretaties' door te geven aan de grote schare of
moeten ze 'zich stil houden' tot de juiste tijd? |
|
|
|
Toen Paulus de Korinthiërs onderwees in overeenstemming
met elkaar te spreken en één te zijn in dezelfde gedachtegang,
sprak hij klaarblijkelijk over de ideale situatie.
In werkelijkheid waren de Korinthiërs het op verschillende
punten oneens, wat uiteraard de reden was dat de apostel
dat onderwijs überhaupt gaf.
Maar, de eerste eeuwse gezalfde Christenen waren niet
zozeer op leerstellige punten verdeeld, maar in geest en
gezindheid. Klaarblijkelijk leefden sommige Korinthiërs
bijvoorbeeld een makkelijk leven - vrij van de onderdrukking
en vurige beproevingen waar andere broeders een zusters
mee te maken hadden. Zij genoten het respect en de eer van
de gemeente. Paulus werd hierdoor geprikkeld en vroeg sarcastisch:
"Gijlieden zijt toch reeds verzadigd? Gij zijt toch reeds
rijk? Gij zijt toch als koningen gaan regeren zonder ons?"
Paulus vervolgde door de ongelijkheid die bestond te belichten
en zei: "Wij zijn dwazen ter wille van Christus, maar
gij zijt beleidvol in Christus; wij zijn zwak, maar gij
zijt sterk; gij staat goed aangeschreven, maar wij zijn
in oneer."
Heden ten dage bestaat dezelfde gesteldheid onder de gezalfden.
De oudere gezalfden, vooral degenen die rechtstreeks met
de instelling van de Wachttoren verbonden zijn, genieten
het respect en achting van de organisatie. Ze hebben zichzelf
gevestigd als de echte gezalfden en hebben subtiel het idee
gepromoot dat elke jonge gezalfde met een groot scepticisme
moet worden bekeken. Dit heeft een sfeertje in de organisatie
gecreëerd waarbij jongere gezalfden als 'zwak' worden beschouwd
en net zoals Paulus worden onteerd.
Maar, natuurlijk heeft Jehovah de mogelijkheden tot zijn
beschikking iedereen te vernederen. Uiteindelijk zullen
degenen die nu als "koningen" regeren hun geringe broeders
natuurlijk moeten erkennen. Jesaja voorzei dit al, toen
hij zei: "Hoort het woord van Jehovah, gij die voor zijn
woord beeft: "Uw broeders die u haten, die u uitsluiten
wegens mijn naam, hebben gezegd: 'Moge Jehovah verheerlijkt
worden!' Hij moet ook met verheuging van uw zijde verschijnen,
en zij zijn degenen die beschaamd gemaakt zullen worden."
|
|
| Daar de 1ste eeuwse
gemeente beïnvloed werd door afvallige leerstellingen
zullen er nieuwelingen zijn geweest die deze leerstellingen
als waar hebben aangenomen, omdat ze niet beter wisten. Zou
Jehovah hen nog steeds als gezalfden aannemen, ondanks hun
verkeerde ideeën? |
|
|
|
De met afstand meest vernietigende, afvallige leerstelling
van de afval is de babylonische leerstelling van de Drie-eenheid.
Jezus zei: "Dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend
kennis in zich opnemen van u, de enige ware God, en van
hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus." De vereisten
zijn duidelijk. We moeten Jehovah en Jezus kennen. De Drie-eenheid
maakt het echter onmogelijk zowel Jehovah als Jezus Christus
nauwkeurig te kennen, omdat het op een duivelse manier het
onderscheid tussen de twee heeft vervaagd. Volgens de Drie-eenheid
gaf God in werkelijkheid niet zijn enig-geboren zoon. Hij
gaf zichzelf en gaf zichzelf daarna een opstanding
en beloonde zichzelf voor zijn eigen getrouwheid.
Volgens zo'n leerstelling was Jezus gehoorzaam aan zijn
eigen opdracht! Hoe onzinnig! Wie van degenen die zulke
onzin geloven kan werkelijk de liefde van God leren kennen?
Daar Jezus dus als een middelaar fungeert tussen Jehovah
en degenen die gezalfd zijn, is het absoluut noodzakelijk
het verschil tussen Jehovah en Christus te erkennen.
Het is daarom hoogst onwaarschijnlijk dat een Trinitariër
in het nieuwe verbond kan zijn opgenomen. Toen de afval
na de dood van de apostelen opkwam en de leerstelling van
de Drie-eenheid door tirannie aan alle gemeenten was opgelegd,
werd het roepen en kiezen van de zonen van God sterk beknot.
|
|
| Er is wel eens opgemerkt
dat er kleine niet-Trinitarische religies zijn die minder
fouten in hun leerstellingen hebben dan de Wachttoren. Zal
de aanbidding van deze religies acceptabel zijn voor Jehovah
en zal hij hen louteren en reinigen als onderdeel van zijn
organisatie? |
|
|
|
Ware religie wordt niet afgemeten aan hoe veel of hoe
weinig fouten er in de één of andere sekte bestaan. Wat
bepaald of iets de ware gemeente is, is het bestaan
van Jehovah's gekozenen - ongeacht hun geestelijke conditie.
God weet zeer zeker wie aan hem toebehoren. En, zoals de
realiteit en profetieën laten zien, zijn al zulke gekozenen
onderdeel van één huisgezin.
Wanneer de meester voor het oordeel arriveert, komt hij
naar één huisgezin van dienstknechten en binnen dat
huisgezin zullen sommigen als getrouwen worden geoordeeld
en anderen zullen als boze en luie slaven worden geoordeeld.
|
|
| In Openbaring zijn
er twee ruiters op witte paarden. De Wachttoren identificeert
beide rijders als Jezus Christus ondanks dat hun verschijning
van elkaar lijkt te verschillen. Wie zijn in werkelijkheid
deze ruiters? |
|
|
|
Je verwijst naar het 6de en 20ste hoofdstuk van Openbaring,
waar we twee visioenen vinden over een ruiter op een wit
paard. Er moet geen onduidelijkheid over bestaan dat beide
visioenen Christus Jezus afbeelden als een krijgsman koning.
In het 20ste hoofdstuk wordt de ruiter het Woord van God
genoemd. Maar, je hebt juist opgemerkt dat er subtiele verschillen
zitten tussen de twee visioenen. In het 6de hoofdstuk heeft
de ruiter enkel een kroon en een boog en hij trekt uit om
zijn overwinning te voltooien. In het latere visioen komt
er een zwaard uit Christus' mond.
Het is interessant dat een krijger tijdens oorlogsvoering
in oude tijden gebruik kan hebben gemaakt van zowel het
zwaard als een boog, afhankelijk van de verschillende typen
gevechten met de vijand. Een boog is bruikbaar wanneer de
vijand op enige afstand is, terwijl het zwaard alleen bruikbaar
is bij een man tegen man gevecht. Het lijkt erop dat Christus
in eerste instantie met een boog wordt afgebeeld, omdat
zijn eerste militaire treffen, aan het begin van zijn tegenwoordigheid
als de nieuwe koning van de aarde, als het ware van een
afstand is. Dat is omdat Christus' eerste veldtocht gericht
is tegen de demonen in de hemelen. Het resultaat is dat
Christus dan op de wolken des hemels komt, waarbij hij een
onheilspellende confrontatie met zich meeneemt naar de aarde.
Wanneer Christus zich echter eenmaal als de nieuwe koning
van de aarde geïnstalleerd heeft, wordt hij de oordeler
van de wereld. Daarom zegt Openbaring 19:11: "Hij oordeelt
en voert oorlog in rechtvaardigheid." Op het moment
dat de mensheid dus volledig heeft laten blijken dat ze
niet de intentie hebben zich aan Christus' leiderschap te
onderwerpen, komt Jezus in nauw contact met de mensen op
aarde, alsof ze een man tegen man gevecht houden; op dat
moment hanteert Christus zijn oordeelszwaard tegen een ieder
die zijn koningschap ontkent. Door alle wedijverende koning
van de aarde te vernietigen wordt Jezus de Koning der koningen
- waarmee hij zijn overwinning voltooit.
|
|
| Als 1935 het jaar was
waarin alle gezalfden verzameld waren, waarom is na bijna
70 jaar het einde dan nog niet gekomen? Waarschijnlijk zullen
er weinig vervangingen zijn
maar, hoe zullen ze dit weten?
Enige gedachten hierover? |
|
|
|
Het kiezen van het jaar 1935 als het einde van de zalving
is klaarblijkelijk ietwat arbitrair "uit de hoge hoed getoverd."
Tegen die tijd waren er meer en meer Bijbelstudenten die
beweerden niet het gevoel te hebben een hemelse hoop te
hebben. In 1935 werd er tijdens het jaarlijkse congres aangekondigd
dat het groeiende aantal niet-gezalfde personen feitelijk
deel uitmaken van de grote schare welke Armageddon zullen
overleven en voor eeuwig op aarde zullen leven. Daar zoveel
Jehovah's Getuigen vanaf dat moment van nature de aardse
hoop aannamen, werd er aangenomen dat Jehovah zijn uitverkiezing
van de gezalfde klasse had voltooid. 1935 werd enkel als
een kritisch scheidingsjaar beschouwd, omdat dat het jaar
was waarin Joseph Rutherford onthulde dat de grote schare
uit Openbaring de niet-gezalfde andere schapen symboliseerde.
In werkelijkheid heeft de veronderstelling dat God zijn
zalving voltooid heeft als een geloofstest gewerkt voor
degenen die na die tijd gezalfd zijn. En dat is niet persé
slecht. De Wachttoren heeft als het ware een soort van verkeersdrempel
gelegd, welke ervoor heeft gezorgd dat Jehovah's Getuigen
stilstaan en overdenken of ze werkelijk de hemelse hoop
bezitten of niet.
Maar, als iemand geroepen is, zullen ze dat zeer zeker
weten. 1 Johannes 2:27 zegt: "De zalving die gij van
hem hebt ontvangen...gij hebt niet nodig dat iemand u onderwijst."
Toen Paulus gezalfd was zei hij dat hij 'niet terstond
te rade was gegaan bij vlees en bloed.' Zo is het ook
met degenen die in recente jaren geroepen zijn; zij hebben
niet de goedkeuring van andere mensen nodig en ook hoeft
het Wachttorengenootschap hun bevinding niet te verifiëren
of te bekrachtigen, noch hen te vertellen hoe het werkt.
Wanneer "gekozenen" zichzelf in dit late uur openbaren,
moeten ze hier voor het grootste gedeelte zelf mee leren
omgaan.
Een ander aspect van de opinie van de Wachttoren dat 1935
de scheidingsdatum was, is dat het een atmosfeer in de organisatie
heeft gecreëerd waarin degenen die net gezalfd zijn door
anderen nogal sceptisch worden bezien en wellicht zelf met
een mate van afkeer.
Deze heersende houding is klaarblijkelijk de vervulling
van de profetische illustratie van de wijngaard, waarover
Jezus in het 20ste hoofdstuk van Mattheüs sprak. Daar huurde
de meester mannen in om op verschillende tijden van de dag
aan het werk te gaan in de wijngaard, en uiteindelijk huurde
hij enkele mannen op het 11de uur van de dag. Deze werkten
slechts één uur en kregen hetzelfde betaald als sommigen
die de hele dag hadden gewerkt. Dit veroorzaakte enige afkeer
onder degenen die vonden dat ze tekort gedaan waren door
de vrijgevigheid van de meester ten opzichte van degenen
die het laatst waren ingehuurd. Jezus besloot de illustratie
door te zeggen: "Aldus zullen de laatsten de eersten
zijn, en de eersten de laatsten."
Maar, dat de zalving niet geëindigd is in 1935, zoals
sommigen hebben gedacht, betekent niet dat Gods volledige
uitvoer van zijn voornemen lang op zich zal laten wachten.
Alleen al het feit dat er personen zijn die passen in de
beschrijving van degenen die tijdens het 11de uur ingehuurd
worden, is op zichzelf al een indicatie van het late uur.
|
|
|
|
|