Ten Dienste van Jehovah's Getuigen en het Wachttorengenootschap
 

Week van: 5 t/m 11 Januari 2003


 

We hebben bemerkt dat de hervormingsbeweging binnen het Wachttoren Bijbel & Traktaatgenootschap een wereldwijd fenomeen is, van gewone gemeenteleden tot toegewijde "mollen" die naar rechtvaardigheid streven binnen de hoogste gelederen van de organisatie. Zal hervorming in de volgende eeuw zegen vieren tot eer van Jehovah? Waarom, of waarom niet? Bekrachtig je antwoorden alsjeblieft met ondersteunende Schriftplaatsenen commentaar.


Iedereen is verantwoordelijk voor God om in overeenstemming met hun geloof te leven en in het belang van hun broeders te werken. Elke Christen is in eerste instantie verantwoordelijk voor het continue "hervormen" van zichzelf naar het beeld van Jezus Christus. Romeinen 12:2 moedigt ons aan: "wordt veranderd door uw geest te hervormen, opdat gij u ervan kunt vergewissen wat de goede en welgevallige en volmaakte wil van God is." Het is daarom mogelijk onszelf te veranderen in bereidwillige dienstknechten van God, Jehovah's volmaakte wil te waarderen en in overeenstemming hiermee te leven, ongeacht de geestelijke gesteldheid van de Christelijke gemeente.

De "hervorming" van de organisatie door mensen lijkt echter niet mogelijk te zijn, noch lijkt het Jehovah's zegen te hebben. De reden hiervoor is dat Jezus Christus het hoofd van de gemeente is. Het is zijn voorrecht en verantwoordelijkheid hervormingen op zijn eigen manier en op zijn eigen tijd in te zetten. Maleachi 3:1 zegt bijvoorbeeld: ""Ziet! Ik zend mijn boodschapper, en hij moet een weg voor mijn aangezicht banen. En plotseling zal tot Zijn tempel komen de ware Heer, die gijlieden zoekt, en de boodschapper van het verbond, in wie gij behagen hebt. Ziet! Hij zal stellig komen", heeft Jehovah der legerscharen gezegd."

Terwijl de Wachttoren ervan uit lijkt te gaan dat de boodschapper van het verbond reeds in de periode van 1914-1919 gekomen is, bewijzen de feiten het tegenovergestelde. Het volgende vers van Maleachi zegt bijvoorbeeld: "Doch wie zal de dag van zijn komst verdragen, en wie zal standhouden wanneer hij verschijnt?" Op een andere plaats moedigde Christus zijn volgelingen zelf aan ten alle tijden te smeken zodat zij blijven 'staan voor het aangezicht van de Zoon des mensen.' Staan voor de Zoon des mensen heeft te maken met het ontvangen van een gunstig oordeel tijdens de periode van verdrukking. Daar het duidelijk is dat de verdrukking nog niet begonnen is, is het ook duidelijk dat Christus ook nog niet is gearriveerd om "de weg voor Jehovah te bereiden."

Wat betekent het dat Christus de weg voor God zal bereiden? Maleachi 3:2, 3 geeft het antwoord. Er staat: "Want hij zal zijn als het vuur van een louteraar en als het loog van de wassers. En hij moet zitten als een louteraar en reiniger van zilver en moet de zonen van Levi reinigen; en hij moet hen zuiveren als goud en als zilver, en zij zullen voor Jehovah stellig mensen worden die een offergave aanbieden in rechtvaardigheid."

"De zonen van Levi" hebben betrekking op de gezalfde priesterlijke klasse in de Christelijke gemeente. De profetie geeft aan dat Christus, de boodschapper van het nieuwe verbond, gedurende de oordeelsfase eerst komt om een volledige reiniging en loutering van het huis in te zetten, voordat Jehovah volledig komt en regeert als koning. De apostel Paulus verwees hiernaar toen hij elke dienaar aanmoedigde erop toe te zien op dat fundament te bouwen of ze dat nu met kostbare metalen deden, zoals goud en zilver, of dat ze hooi en stoppels gebruikten, wat natuurlijk belangrijk is gedurende de vurige oordeelsperiode.

In het licht van het feit dat de profetieën reeds van te voren hebben aangekondigd hoe Jehovah zich voorgenomen heeft hervorming uit te voeren, zal elke menselijke poging om een soort van organisatorische hervorming te bereiken, in het beste geval nietig zijn en in het slechtste geval ongelovig en verwaand.



Bedankt voor je site. Het is een frisse wind. Mijn vraag is waarom we zoveel waarde hechten aan chronologie, terwijl de Christelijke geschriften heel weinig over chronologie spreken? Zelfs in wereldlijke kringen is chronologie geen exacte wetenschap en staat het open voor verandering. Moeten we niet voorzichtig en verstandig zijn in ons gebruik van welke chronologie maar ook?


Het echte probleem met chronologie is dat het niet gescheiden van wereldlijke referentiepunten gebruikt kan worden. De Wachttoren erkent dat er enkele cruciale sleuteldatums in de wereldlijke chronologie zijn welke essentiëel zijn, wil men een connectie maken tussen bijbelse gebeurtenissen en historische datums. Zonder deze wereldlijke sleuteldatums is profetische bijbelse chronologie waardeloos. De controverse omtrent 607 is hier een klassiek voorbeeld van. Wanneer Jehovah het had gewild, had hij echter eenvoudig chronologische gegevens in de Bijbel zelf kunnen opnemen om geschiedkundige gebeurtenissen aan het moderne tijdperk te koppelen. Maar, dat heeft hij niet gedaan. Dus, Bijbelse chronologen worden nu gedwongen om bepaalde datums van buiten het geïnspireerde verslag van de Bijbel te gebruiken om de Bijbelse chronologie te kunnen gebruiken. Dat wordt problematisch, omdat dat betekent dat ons geloof in Gods woord uiteindelijk afhankelijk kan worden van astronomische waarnemingen en oude wereldlijke geschiedenis.


Jij denkt dus dat Lukas 21:24 niet verwijst naar het jaar 1914? Maar, wat dan te denken van de 7 tijden uit Daniël? En wat betekent de term "op de bestemde tijd" in Daniël 11:29 volgens jou dan? En is het niet zeer duidelijk dat Mattheüs 24:14 in de 20ste eeuw is vervuld? Het predikingswerk is de laatste tientallen jaren zeer groots geweest, dus ik denk dat het onlogisch is te denken dat de vervulling van dat vers (en vers 3-13) nog in de toekomst ligt. Nog één ding: je zegt dat het feit dat er sinds 1914 niets veranderd is in de wereld, aangeeft dat Jezus niet in 1914 Koning in de hemelen is geworden. Maar, wat dan te denken van Psalm 110:2 waar wordt gezegd dat Jezus zou gaan "onderwerpen te midden van zijn vijanden"?


Wanneer we de datum 1914 even aan de kant schuiven en enkel kijken naar wat er gedurende de Eerste Wereldoorlog werkelijk gebeurde met de Wachttoren en de Bijbelonderzoekers, lijkt het duidelijk dat de bestemde tijden der natiën waarin "Jeruzalem" vetreden wordt, toen niet eindigde. En, door bestudering van alle relevante profetieën, wordt het duidelijk dat de zogenoemde bestemde tijden der natiën niet alleen niet geëindigd zijn, ze zijn nog niet begonnen. (Zie het essay: Was 1914 het Einde van de Tijden der Heidenen?)

Met betrekking tot de zeven tijden van Daniël, het kan zijn dat de 7 tijden van toepassing zijn op een onbepaalde periode die nog moet eindigen. Of het kan wijzen op een letterlijke 7-jarige periode die nog niet begonnen is. We moeten in gedachte houden dat de profetie van Daniël verzegeld is tot de tijd van het einde. De tijd van het einde is het feitelijke besluit van het samenstel van dingen, wanneer Christus de goddelozen van de rechtvaardigen zal scheiden. Die periode ligt nog in de toekomst. (Zie het essay: Wat en Wanneer is de Tijd van het Einde?)

Door het gebrek aan begrip van de Wachttoren met betrekking tot de koning van het noorden, de koning met bars gelaat, de profetie van het 11-hoornige beest en het metalen beeld, is het duidelijk dat het boek nog verzegeld is. We kunnen daarom gerekend worden tot degenen die "dwalen" en die het oprechte verlangen hebben nauwkeurige kennis te verwerven. Er moet echter worden opgemerkt dat alle profetieën in Daniël op dezelfde wijze eindigen; waarbij een bepaald aspect van Christus' koninkrijk tussenbeide komt. Uitzondering hierop is natuurlijk het 4de hoofdstuk van Daniël. Maar, zelfs dat hoofdstuk leent zich ervoor van toepassing te worden gebracht op Christus, doordat hij de 'geringste der mensen' is, zoals de profetie beschrijft. Het is dus niet wijs de 7 tijden af te doen alsof het enkel van toepassing is op Nebukadnezars periode van krankzinnigheid. In het licht van het feit dat alle profetie verbonden is met Christus en het feit dat Daniël nog steeds verzegeld is, kan het heel goed zijn dat de ware betekenis van de 7 tijden nog steeds verborgen is tot de aankomst van Christus voor het oordeel.

Met betrekking tot de uitdrukking "de bestemde tijd" in Daniël 11:29, die uitdrukking hoeft niet persé van toepassing te zijn op de "bestemde tijden der natiën" waarnaar Christus verwees. Er zijn diverse plaatsen in profetie waar dezelfde uitdrukking wordt gebruikt, maar die niet verbonden zijn aan de periode van de Eerste Wereldoorlog. Habakkuk 2:3 zegt bijvoorbeeld: "Want het visioen is nog voor de bestemde tijd, en het blijft voorthijgen naar het einde." Het visioen van Habakkuk heeft te maken met het loslaten van Jehovah's tirannieke wrekende werktuig dat het wereldlijke samenstel zoals we dat kennen omver zal werpen. De bestemde tijd waarin dat afschrikwekkende visioen werkelijkheid wordt, is duidelijk nog niet gekomen. Daar Daniël 11:29 geen specifieke verwijzing geeft dat de bestemde tijd dezelfde bestemde tijd is waarin Jeruzalem vertreden wordt, moeten we voorzichtig zijn met het leggen van zulke verbanden.

Met betrekking tot de vervulling van Mattheüs 24:14, Jehovah's Getuigen hebben zeker grote vorderingen gemaakt in het wereldwijd publiceren van de koninkrijksboodschap. De honderden verschillende talen waarin onze boodschap is vertaald, is zeker heel indrukwekkend.

Maar, volgens de profetie begint ons werk pas wanneer de verdrukking begint. Het probleem is dat we flink in het nadeel zijn, omdat we niet in de toekomst kunnen kijken. We moeten daarom trachten de huidige realiteit te combineren met de profetie. In het licht van onvoorziene gebeurtenissen, is het voor ons erg moeilijk te voorzien hoe dingen zich kunnen ontwikkelen. Daarom is onze gehechtheid aan 1914 ook zo ongelukkig. Ondanks dat die datum als bindend element heeft gediend, heeft het ons ook verblind voor de mogelijkheid dat veel profetieën zich in de toekomst kunnen ontvouwen. Dat komt omdat we een groot deel van profetie als vervuld hebben aangemerkt, terwijl dat helemaal niet het geval hoeft te zijn.

In verband met Mattheüs 24:14; Openbaring 10:11 beschrijft hoe Christus zijn slaven aanmoedigd: "Gij moet wederom profeteren met betrekking tot volken en natiën en talen en vele koningen." De Wachttoren leert ons dat die profetie in Openbaring in 1919 is vervuld, toen de gezalfden opnieuw opgeladen werden na hun moeilijke periode. Openbaring 10:7 laat de Heer van de aarde echter verklaren dat "er geen uitstel meer zal zijn" en dat het helige geheim van God "inderdaad tot een einde gebracht" wordt. Geloven we werkelijk dat Gods voornemen onthuld en tot uitvoer is gebracht in 1919? Wat te denken van de bewering van de engel dat "er geen uistel meer zal zijn"? Het 2de hoofdstuk van Habakkuk, welke hierboven werd geciteerd, erkent zelfs dat het kan lijken alsof het visioen uitblijft. Is het niet onredelijk te beweren dat er in de afgelopen eeuw geen ogenschijnlijk uitstel is geweest, waarin Jehovah's Getuigen met verwachting hebben uitgekeken naar Jehovah's oordelen?

Gezien het feit dat er veel dingen zijn die we nog niet begrijpen, hoe kunnen we dan zeggen dat God zijn werk tot een einde heeft gebracht? En wanneer we nederig erkennen dat Jehovah's heilige geheim nog niet volledig onthuld is, kunnen we begrijpen dat Christus zijn volgelingen nog moet aanmoedigen te "wederom [te] profeteren met betrekking tot volken en natiën en talen en vele koningen." Dus, terwijl het vanuit ons gezichtspunt, aan deze zijde van Christus aankomst, kan lijken alsof we het predikingswerk in die mate hebben volbracht zodat de profetie vervuld is, kunnen we beredeneren dat er zich binnenkort een geheel nieuwe realiteit voor ons zal ontvouwen.

Met betrekking tot het derde aspect van je vraag aangaande Christus die gaat "onderwerpen te midden van zijn vijanden": Jezus is altijd actief geweest te midden van zijn vijanden. Het 1ste eeuwse predikingswerk werd volbracht onder stevige, vijandige tegenstand. Hetzelfde is het geval geweest in de 20ste eeuw. De 110de Psalm is van toepassing op de tijd waarop Christus feitelijk voor het oordeel arriveert. Die profetie voorzegt verder dat Christus, als gevolg van zijn onderwerpen te midden van zijn vijanden, koningen zal verpletteren en "Hij zal gericht oefenen onder de natiën; Hij zal een volheid van dode lichamen veroorzaken." Het moge duidelijk zijn dat Christus' oordeel nog niet begonnen is.



Daar alle voorgaande "profetische" interpretaties over wanneer de oorlog van Armageddon uitgevochten zal worden "fout zijn geweest," naar welke datum is het nu "verzet"?


Armageddon is niet verzet. Het visioen van Habakkuk spreekt over onze situatie, waar Jehovah de profeet het volgende zegt: "Want het visioen is nog voor de bestemde tijd, en het blijft voorthijgen naar het einde, en het zal geen leugen vertellen. Zelfs al zou het op zich laten wachten, blijf er vol verwachting naar uitzien; want het zal zonder mankeren uitkomen. Het zal niet te laat komen."

Vanuit het gezichtspunt van Jehovah's Getuigen bezien lijkt het visioen inderdaad op zich te laten wachten. Het doet denken aan een hond die afgepeigerd is van een lange achtervolging, maar die ondanks zijn vermoeidheid voort blijft hijgen. Toegegeven, het is een geloofstest voor ons geweest om tientallen jaren lang op de uitkijk te blijven staan, kijkend en wachtend op het begin van Jehovah's oordeelsdag. En daarom zegt het volgende vers van Habakkuk dat de rechtvaardige zal leven dankzij zijn getrouwheid.

Het meest ironische is dat veel van Jehovah's Getuigen de verwachting om het einde van de wereld mee te maken, hebben opgegeven, terwijl het juist nu steeds duidelijk wordt dat de wereld voor een periode van opschudding staat die de potentie heeft de gruwelijkheden van de laatste wereldoorlog ver te overtreffen en de profetieën op een manier te vervullen die Jehovah's Getuigen niet hebben zien aankomen. Daarom moedigt Jehovah zijn getuigen aan wakker te blijven en op wacht te blijven staan, omdat de dingen zich niet exact op de manier zullen ontvouwen zoals we ons hebben voorgesteld.



Is het absoluut noodzakelijk onze zonden aan de ouderlingen te belijden om geestelijke genezing te verkrijgen? Hoe is de situatie bijvoorbeeld wanneer iemand uitgesloten is geweest, hersteld is, maar opnieuw grove zonden heeft begaan? Angst om opnieuw te worden afgesneden van vrienden en geliefden kan iemand ervan weerhouden openheid van zaken te geven aan ouderlingen. Wanneer ze er privé hard aan hebben gewerkt de dingen met Jehovah recht te zetten, om zijn vergeving hebben gesmeekt en persoonlijk berouw hebben getoond, moeten ze dan werkelijk naar de ouderlingen en wederom de vernedering en vreselijke emotionele zorg van uitgesloten worden meemaken? In licht van het feit dat het nog maar de vraag is of de regeling van ouderlingen en de organisatie als geheel Jehovah's zegen hebben, kan iemand "om" het rechterlijke comité van ouderlingen "heen" en toch ware vergeving verkrijgen van Jehovah? Ik zou je oprechte gedachten hierover zeer op prijs stellen.


Het hoofddoel van uitsluiting is de reputatie en geestelijke zuiverheid van de gemeente te behouden. Het verslag in 1 Korinthiërs, waar Paulus de Korinthiërs sterk aanmoedigde "de goddeloze uit hun midden te verwijderen", was noodzakelijk omdat de man geen berouw had en de gemeente het klaarblijkelijk nogal licht opvatte. Indien de man zelf berouw had gehad, was het voor Paulus niet nodig geweest hen te onderrichten om rechterlijke actie tegen de man te ondernemen.

Uiteindelijk is het Jehovah Gods beslissing of hij ons vergeving schenkt. En zijn vergeving manifesteert zich in ons eigen geweten. Daarom zegt de schriftplaats dat we God moeten verzoeken om een rein geweten. Dus, wanneer jouw geweten aangeeft dat Jehovah je vergeven heeft, zou je voorwaarts moeten gaan in het besef dat God heeft geoordeeld dat je berouw oprecht is. Wanneer je geweten echter iets anders aangeeft, is het wijs Jakobus' raad op te volgen en de oudere mannen in te schakelen.



Hallo Watchman, mijn vraag gaat over Openbaring 20:5, waar staat: "(De overigen der doden kwamen niet tot leven totdat de duizend jaar geëindigd waren.)..." We leren dat de opstanding tijdens de 1000 jaar zal plaatsvinden, maar deze tekst zegt duidelijk iets anders. Wat zijn jou gedachten hierover?


De Wachttoren geeft een aanvaardbare uitleg van dit vers. Ze wijzen erop dat de doden die in dat vers tot leven komen geen verwijzing is naar de feitelijke opstanding van de doden, maar in plaats daarvan betekent het 'tot leven komen' dat zij uiteindelijk bevrijd zijn van de veroordeling tot de dood als gevolg van Adams zonde. Dat is in overeenstemming met het feit dat de dood aan het einde van de 1000-jarige regering van Christus verdwenen zal zijn en mensen kunnen genieten van de volmaaktheid die Adam en Eva kort mochten meemaken in de Tuin van Eden.

Merk ook op dat het vers niet zegt dat de doden tot leven terugkeren, maar dat ze "tot leven komen." Dat is een subtiel verschil. Het meest belangrijke is echter dat we beseffen dat we de dingen vanuit Jehovah's gezichtspunt bezien. En vanuit Jehovah's perspectief bevinden we ons in een dode toestand, ook al leven we biologisch bezien. Daar we echter allen onder de veroordeling van de dood vallen, spreekt de Bijbel over de zondige mensheid alsof ze dood is. Kolossenzen 2:13 zegt het volgende over gezalfde Christenen: "Bovendien heeft God u, ofschoon gij dood waart in uw overtredingen en in de onbesneden staat van uw vlees, met hem levend gemaakt. Hij heeft ons al onze overtredingen goedgunstig vergeven." Merk op dat God de Heidenen als dood in hun zonden bezag, maar dat ze als gevolg van zijn vergeving tot leven kwamen.

Daar spreekt het 20ste hoofdstuk van Openbaring in werkelijkheid over. Terwijl gezalfde Christenen, vanuit Jehovah's standpunt bezien, tot leven komen wanneer ze opgewekt worden door zijn geest (ofwel, bij hun opstanding worden zij onsterfelijk), moeten "de overigen der doden" wachten tot de tijd waarop zij feitelijk volmaakt en zondeloos worden, voordat zij eeuwig leven ontvangen.



Door de WT wordt ons geleerd dat Jehovah alle leed, enz. heeft 'toegelaten' om een punt te bewijzen, namelijk dat de mens niet zonder zijn leiding kan leven - ondanks dat ik nog moet zien waar ik dat in de bijbel kan lezen. Mijn vraag is deze: Wanneer het bovenstaande waar is, welke rechtvaardiging bestond er dan om een einde aan de wereld te maken door middel van de vloed? Is het geen erkenning van falen en waarom opnieuw beginnen met slechts 8 overlevenden…? De gehele mensheid uitroeien (met uitzondering van de 8) moet toch zeker aanleiding hebben gegeven tot meningsverschillen in de hemelen, net zoals dat het geval zou zijn wanneer hetzelfde op Aarde zou gebeuren. Is dit geen dubbele maatstaf?


Als de terechte soeverein van de wereld, is Jehovah gerechtvaardigd om in bepaalde situaties in te grijpen om Satan en zijn demonen te dwarsbomen in het overheersen van de mensheid. De situatie voor de vloed was uniek, doordat gematerialiseerde engelen zichzelf alle vrouwen die zij zich wensten tot vrouw namen; dit weerhield de zonen van Adam ervan zichzelf een vrouw te nemen en hun eigen nageslacht voort te brengen. Als dit door had gegaan, had uiteindelijk het gehele ras uitgestorven (extinct). En niet alleen dat, maar de Nefilim, de bizarre bastaard-nakomelingen uit de onnatuurlijke samenvoeging van engelen en vrouwen, waren geweldadige mensenmoordenaars. De wereld van voor de vloed werd bedreigd met genocide. De Vloed was dus het middel dat door Jehovah werd gebruikt om de wereld te vernietigen en de eigenzinnige zonen van God ertoe te dwingen hun vleselijke lichamen te dematerialiseren en terug te keren naar het geestenrijk. Door acht zielen te redden voor het opnieuw voortplanten van ons ras, redde Jehovah de mensheid van de hebzuchtige tirannie van engelachtige rebellen en hun kwellende nakomelingen.


Waarom zegt de Openbaring dat het koninkrijk [mannelijke kind] bij zijn geboorte naar Gods tegenwoordigheid wordt weggerukt ter bescherming, wanneer de Koning ervan reeds alle nodige macht en autoriteit in de hemel en op aarde is gegeven? En op welke manier heeft Gods vrouw bescherming nodig in een veilige plaats, waardoor de Draak oorlog zal voeren tegen de overgeblevenen van haar Zaad?


Volgens het symbolisme in Openbaring is de symbolische "vrouw" die het mannelijke kind baart op de aarde. Daarom wijst Openbaring 12:15, 16 op de aarde die de vrouw te hulp komt door de satanische vloed van onderdrukking, die bedoeld is om haar te verdrinken, te verzwelgen. Dus, terwijl het mannelijke kind op de troon in de hemel zit, ver boven de verdreven demonische horde, zijn degenen die aardse koningen van Gods koninkrijk zijn kwetsbaar voor de woedende Satan. Voor een korte periode van 42 maanden, bestaan de 144.000 koningen van Gods koninkrijk dus tegelijkertijd op twee plaatsen. De meesten van hen zullen zich reeds bij Christus in de hemel bevinden, maar een overblijfsel van hen zal nog op aarde zijn nadat Satan en zijn demonen uit de hemel geworpen zijn en zij moeten het lijden van zijn boosaardige verdrukking verdragen. Daarom wordt de moeder-achtige organisatie die de zonen van God heeft voortgebracht, beschreven als zijnde kwetsbaar voor Satan.


WAAROM ZOU JEZUS JEHOVAH GOD NIET BIJ ZIJN NAAM NOEMEN

DE BIJBEL LAAT ZIEN DAT JEZUS HEM ALTIJD VADER NOEMDE?


Ten eerste had Jezus een unieke relatie met Jehovah. God was zijn Vader op een heel speciale manier. En daar Jezus de eerste van vele spoedig wedergeboren zonen van God was, was het voor Jezus passend het vaderschap van Jehovah ten opzichte van hem te benadrukken. Maar, ondanks dat is het waarschijnlijk dat Jezus de naam van Jehovah wel gebruikte. Jezus zei dat hij 'in de naam van zijn Vader kwam.' Toen Christus Jesaja 61:1 in de synagoge voorlas, heeft hij de goddelijke naam, die door het Tetragrammaton wordt weergegeven, gelezen. Het probleem is echter dat er heden ten dage geen oorspronkelijke manuscripten van het Evangelie bestaan, en daar de Bijbel onderworpen is geweest aan afschrijvers die, net zoals veel van de huidige bijbelgeleerden en geestelijken, geen waarde hechten aan Gods persoonlijke naam, is het erg waarschijnlijk dat de Goddelijke naam daar eens stond, maar dat hij uit de Griekse Geschriften verwijderd is. Je kunt nog meer behulpzame informatie vinden op de website van de Wachttoren. [LINK]


 
         
Home | Essays | Postzak | Commentaren | Gastenboek | Links | Tools | Site Map | The Watchman