Ten Dienste van Jehovah's Getuigen en het Wachttorengenootschap
 

Week van: 10 t/m 16 Augustus 2003


 

Jezus verklaarde zichzelf "Koning der Joden." Hoe kunnen Jehovah's Getuigen denken dat God alleen met hen is? Wanneer God zijn eigen zoon op een missie stuurt, en zijn zoon zei dat hij een Jood was, de Koning der Joden, hoe kan God dan tegen de Joden zijn en alleen met de Getuigen?


De vraag waarmee jij worstelt, is zo oud als het Christendom zelf. De apostel Paulus werd herhaaldelijk geconfronteerd met de kwestie van het Judaïsme, zowel van de zogenoemde Christelijke Judaïsten als van de Joden zelf. De beweging van de tot het Christendom bekeerde Joden in de 1ste Eeuw stond erop dat de vleselijke Joden nog steeds in een speciale relatie met God stonden, welke hen superieur aan de Heidense Christenen maakte. In meerdere van Paulus' geïnspireerde brieven ontkrachtte hij echter grondig de bewering dat Israël een speciale plaats in de verdere uitwerking van Gods voortgaande voornemen had.

Vooral de brieven aan de Romeinen en de Galaten zijn waardevolle documenten om het feit vast te stellen dat de fysieke natie Israël door God was verlaten en dat Christus het ware Israël van God had ingesteld, in de vorm van de Christelijke gemeente. Romeinen 11:25, 26 zegt bijvoorbeeld gedeeltelijk: "Dat er over Israël gedeeltelijk een afstomping der zinnen is gekomen totdat het volledige aantal mensen der natiën is binnengekomen, en op deze wijze zal heel Israël gered worden." Paulus zei dat niet-Joodse Christenen feitelijk deel uitmaakten van wat Paulus "Israël" noemde. Het moge duidelijk zijn dat Paulus niet sprak over het letterlijk Israël.

Het zou trouwens ook duidelijk moeten zijn dat de Joodse natie als geheel Christus weigerde te erkennen of accepteren als hun koning, ondanks dat Jezus de Koning der Joden werd genoemd. Bij de gebeurtenis van Jezus' veroordeling, verklaarden de Joodse leiders openlijk dat ze geen andere koning dan Caesar hadden. Tot op de dag van vandaag erkennen de Joden Jezus nog steeds niet als hun koning. Jezus werd echter door een klein overblijfsel van Joden, alsook Heidenen, erkend als koning. Hen werd dus toegestaan Christus' geestelijke koninkrijk binnen te gaan. Zij werden het werkelijke Israël van God, zoals Paulus de Christelijke gemeente in Galaten 6:16 noemde. Hetzelfde patroon zal zich voordoen tijdens de terugkeer van Jezus, waarbij het grootste gedeelte van hen door profetie is voorbestemd Jezus met ongeloof af te wijzen, wanneer hij het volledige koningschap van de wereld overneemt en enkel een klein overblijfsel Christus zal erkennen en de zegeningen van zijn koninkrijk zal ontvangen. Hedendaagse Jehovah's Getuigen zijn de toekomstige erfgenamen van Gods koninkrijk.



Nu naar mijn echte vraag en dat is de betekenis van Mattheüs 24:30, waar staat: "En dan zal het teken van de Zoon des mensen in de hemel verschijnen, en dan zullen alle stammen der aarde zich in weeklacht slaan, en zij zullen de Zoon des mensen op de wolken des hemels zien komen met kracht en grote heerlijkheid." Dit zou erop wijzen dat Christus' tegenwoordigheid voor de gehele mensheid duidelijk is en niet alleen voor Christus' gezalfde broeders. Toch?


Er zitten twee aspecten aan de tegenwoordigheid van Christus. Het eerste deel van Christus' tegenwoordigheid zal niet door de wereld worden gezien. Daarom vergeleek Jezus zijn tegenwoordigheid met de dagen van Noach, toen mensen geen acht sloegen op de naderende toestand. 2 Thessalonicenzen 2:8 spreekt in verband met de mens der wetteloosheid echter over de "manifestatie van zijn tegenwoordigheid." Met andere woorden, Christus heeft de macht om zijn tegenwoordigheid zelfs aan ongelovigen te laten voelen.


Als de Getuigen het verkeerd hebben, waarom benje er dan zo op gericht uit te vinden wat er verkeerd is? Ze zullen vanzelf afbrokkelen. Je zou jezelf moeten afvragen waarom je zo in hen geïnteresseerd bent. Ben je er zo van overtuigd dat je niet aan de verkeerde kant staat?


Jehovah's Getuigen zijn precies wat de naam doet vermoeden. We zijn Jehovah's getuigen, doordat we een relatie met God hebben door middel van zijn woord en door middel van ons geloof in Christus. Ondanks dat afvallige Jehovah's Getuigen en andere niet-Getuigen het druk hebben met anderen ervan te overtuigen dat Jehovah's Getuigen, als gevolg van bepaalde fouten en struikelblokken, in werkelijkheid geen echte Jehovah's getuigen zijn, blijf ik er persoonlijk van overtuigd dat Jehovah ons erkent als zijn bezit - net zoals de Joden eens werden beschouwd als Gods speciale bezit.

En natuurlijk werd de Joodse natie regelmatig door God gestraft voor hun vele dwalingen en fouten. De profetieën onthullen evenzo dat het hedendaagse Israël van God, als straf voor onze vele fouten en dwalingen, streng getuchtigd zal worden door God. Feit is dat onze fouten de basis zijn voor Gods ingrijpen in menselijke aangelegenheden. Er zal een tijd komen waarin Jehovah zijn naam zal ontdoen van de schande die zijn getuigen helaas over zijn naam hebben gebracht. Degenen die het geloof hebben om de korte uiting van Jehovah's ongenoegen te verduren, zullen bewijzen dat ze feitelijk Jehovah's getuigen zijn en nadien de zegeningen van Gods belofte te beërven.



Wat bedoelde Paulus toen hij zei "Vlees en bloed kunnen Gods Koninkrijk niet beërven"? Betekent dit dat de aarde geen deel uitmaakt van Gods Koninkrijk, of betekent het dat de zachtmoedigen geestelijke wezens worden voordat ze de aarde beërven? Ik ben mijn hele leven overtuigd van de aardse hoop. Hoe kan ik dat verenigen met Paulus' opmerking?


Beërven van Gods koninkrijk kan verschillende dingen betekenen, afhankelijk van de context. In het 15de hoofdstuk van 1 Korinthiërs sprak Paulus over de hemelse opstanding; dat vlees en bloed het hemelse rijk van Gods koninkrijk niet kunnen binnengaan. Maar Christus sprak ook over degenen die het einde van de wereld zouden overleven als dat ze het koninkrijk dat voor hen bereid is, beërven. In die betekenis betekent beërven van het koninkrijk echter niet dat de schapen uit Jezus' illustratie feitelijk in het geestelijke rijk worden opgenomen, samen met Christus' gezalfde broeders. Het betekent eenvoudigweg dat ze de zegening ontvangen voor het zijn van aardse onderdanen van Gods koninkrijk, net zoals Jezus' beloofde dat de zachtmoedigen "de aarde beërven." Het is duidelijk dat vlees en bloed de aarde kunnen beërven.


Ligt het aan mij, of dragen er steeds meer mensen een kruis? Misschien ben ik me er meer van bewust door mijn recentelijke geestelijke zoektocht, maar het lijkt wel overal te zijn!…Ik was benieuwd naar je gedachten over dit fenomeen en kan er enige relatie zijn naar het kruis en een begrip van de waarheid omtrent Jezus Christus, iets waarvan je eerder hebt gezegd dat het verbonden is aan onze redding? Is de swastika geen variatie op het kruis? Zijn er andere religies die hetzelfde over het kruis denken als JG's?


De wereld is overgeleverd aan diverse rages die komen en gaan. Body piercing en tattoeages zijn nu de hype. Maar het lijkt er inderdaad op dat steeds meer mensen sieraden met het kruis als beeltenis dragen. En ja, de Nazi swastika is een variatie op het kruis. Het Duitse leger vertoonde ook een feitelijk kruis naast de swastika.

Met betrekking tot je vraag of andere religies de heidense oorsprong van het kruis erkennen, dat weet ik niet. De waarheid is echter dat ze dat wel zouden moeten. Het boek The Two Babylons werd oorspronkelijk bijna 150 jaar geleden gepubliceerd en stelde grondig vast dat het kruis reeds lang vóór Christus een heidens symbool was. Net zoals bij Kerstmis en Pasen, veel mensen weten dat zulke dingen heidens zijn, maar dat maakt ze niet uit.



Ik stond gisteren aan een deur en de vraag was - Is de aartsengel Michael Jezus? De man was verafschuwd door het feit dat de broeder ja zei. Ik heb er zelf nooit erg over nagedacht, maar ik ging naar huis en deed nazoekwerk; er zijn slechts 5 verslagen. Geen enkele verbindt Jezus echt aan Michael, behalve het feit dat we Jezus beschouwen als iemand in een hoge positie en als een geest. Zijn hier nog meer feiten aan verbonden die ik over het hoofd zie?


De Bijbel zegt niet specifiek dat Jezus Christus de aartsengel Michaël is. Echter, op alle plaatsen waar Michaël of een niet bij name genoemde aartsengel wordt genoemd in de Schrift, doen ze iets wat op andere plaatsen wordt beschreven als Jezus' exclusieve voorrecht. Jezus zei bijvoorbeeld dat hij de opstanding en het leven was, wat betekent dat God hem heeft toegerust om zowel de opstanding van de heiligen als de mensheid in het algemeen uit te voeren. Maar, bij het beschrijven van de feitelijke opstanding van de heiligen, in 1 Thessalonicenzen 4:16, zei Paulus dat "de Heer zelf uit de hemel [zal] neerdalen met een bevelende roep, met de stem van een aartsengel en met Gods trompet, en zij die dood zijn in eendracht met Christus zullen eerst opstaan." Paulus identificeert Jezus dus als een aartsengel.

Als ander voorbeeld: het 12de hoofdstuk van Openbaring schildert Michaël af als degene die al Gods engelen in oorlogsvoering tegen Satan en zijn demonen leidt. Waarom wordt Christus in deze beschrijving niet eens genoemd? Zijn duidelijke afwezigheid is vooral verbazingwekkend, daar het 19de hoofdstuk van Openbaring Christus afbeeldt als degene die Jehovah's hemelse ruiterij in oorlog te Armageddon leidt. Verder, waarom zegt Openbaring 20:1 dat een engel uit de hemel de Duivel grijpt en hem in de afgrond werpt? Toen Jezus op aarde was, erkenden zelfs de demonen dat hij degene was die door profetie was aangewezen de Duivel af te straffen. De demonen vroegen Jezus zelfs of hij was gekomen om hen voor hun tijd in de afgrond te zenden. Daar Jezus ter dood werd gebracht door de slang de Duivel, vereist Gods volmaakte gerechtigheid dat de verheerlijkte Jezus persoonlijk de Duivel vernietigt. Het moet daarom duidelijk zijn dat Michaël in feite Christus Jezus is en dat de engel die in Openbaring wordt beschreven als degene die de Duivel grijpt, ook Jezus is.

Daniël 12:1 verwijst naar Michaël als de grote vorst "die staat ten behoeve van de zonen van uw volk," gedurende de tijd van de grote verdrukking. Op een andere plaats in de Schrift, namelijk Jesaja 9:6, wordt de Messias de Vredevorst genoemd. Daar Daniël 12:1 gedurende de climax van Armageddon in vervulling gaat, kunnen de zonen waarnaar wordt verwezen niet de vleselijke Joden zijn, maar in plaats daarvan Christenen. Daarom moet Michaël de grote vorst, die opstaat om Jehovah's volk gedurende de verdrukking te redden, de Messiaanse Vredevorst zijn. Dat komt omdat Jezus er persoonlijk verantwoordelijk voor is, Gods volk door de grote verdrukking naar redding te leiden.



 
         
Home | Essays | Postzak | Commentaren | Gastenboek | Links | Tools | Site Map | The Watchman