| |
Week van: 31 Augustus t/m 6 September 2003
|
| Hoe denk jij over de
gebeurtenissen van 9-11? Niemand lijkt erover te willen praten;
het lijkt alsof iedereen tracht te vergeten wat er is gebeurd.
Hoe denk jij erover? Gewoon uit nieuwsgierigheid. |
|
|
|
Vanuit een humanitair standpunt bezien was 9-11 een afgrijselijke
tragedie, overeenkomstig het zinken van de Titanic. Maar,
vanuit een historisch perspectief bezien lijkt 9-11 veel
belangrijker te zijn.
Sommigen hebben 9-11 vergeleken met de Japanse bombardementen
op Pearl Harbor. En er zijn duidelijke overeenkomsten. Maar,
anderen hebben 9-11 met inzicht vergeleken met de beruchte
Reichstag
brand, welke aanleiding is geweest om Hitler en zijn Nazi
partij in een onbetwistbare positie van politieke suprematie
te brengen. Beschouw de parallellen eens:
Terwijl het Duitse parlement nog in brand stond, beschuldigden
de Nazis onmiddellijk de communisten van brandstichting.
Op 9-11, voordat de zon zelfs maar onder was gegaan, zei
President Bush, zonder enig voorafgaand onderzoek, dat Bin
Laden het kwade meesterbrein was en een paar weken later
viel de Verenigde Staten Afghanistan binnen om hem te grijpen.
Ondanks Amerika's omvangrijke opsporingsmogelijkheden, is
er ironisch genoeg nog geen spoor gevonden van Dhr. Bin
Laden.
De Nazis gebruikten de Reichstag brand als een voorwendsel
om een Gestapo politiestaat te stichten. Natuurlijk weten
we allemaal waar dat toe heeft geleid. Evenzo heeft
het aannemen van de Patriot
Act na 9-11 de regering van de Verenigde Staten brede
en verstrekkende machten gegeven die gewoonlijk als ongrondwettelijk
zouden zijn beschouwd.
Hetzelfde patroon kan worden gezien in het feit dat de
Nazis, na de Reichstag brand, hun politieke vijanden
oppakten. Na Pearl Harbor heeft de Verenigde Staten ook
illegaal duizenden Japanse Amerikanen verhoord. Sinds 9-11
zijn Islamitische en Arabische
Amerikanen ook oneerlijk aangevallen.
Eens dat het Nazi dictatorschap volledig aan de macht was,
belasterde Hitler Polen als een bedreiging voor de nationale
veiligheid van het Duitse land en gebruikte dit als voorwendsel
om het binnen te vallen, wat de officiële start van
de Tweede Wereldoorlog was. Scott
Ritter, de wapeninspecteur die nationale beroemdheid
verwierf als autoriteit op het gebied van het wapenprogramma
van Irak, heeft de recentelijke invasie van Irak vergeleken
met de invasie van Polen.
In de patriotistische vurigheid van 9-11, heeft de regering
Bush de zogenaamde As
van het Kwaad-drieëenheid van Irak, Iran en Noord
Korea aangevallen. Eén van die drie natiën is
reeds binnengevallen door het Amerikaanse leger. En er vindt
nu aanzienlijk militair vertoon plaats richting de andere
twee. Juist deze afgelopen week kondigde Noord
Korea aan dat ze geen keuze hebben dan zichzelf voor
te bereiden tegen Amerikaanse vijandigheden door de produktie
van haar eigen nucleaire wapens te laten stijgen. Het zou
in de komende weken een test
explosie op touw kunnen zetten om publiekelijk haar
nucleaire capaciteit te demonstreren. Dat zou zeker een
onheilspellende uitbarsting van spanningen teweeg brengen
in het thermonucleaire pokerspel waarbij hoog wordt ingezet.
Wat wellicht nog onheilspellender is, is dat de Verenigde
Staten onlangs de wet tegen onderzoek en produktie van zogenoemde
mini
kernbommen heeft ingetrokken. Dat zou waarschijnlijk
niet gebeurd zijn wanneer Amerika niet aangevallen was op
11 september.
Naarmate we de tweede gedenkdag van 11 september naderen,
zullen we ongetwijfeld herinnerd worden aan de regelrechte
verschrikkingen van die dag waarop de twin towers van het
World Trade Center ineenstortten tot een verwrongen puinhoop
en het hoofdkantoor van het leger van de VS werd aangevallen.
Degenen die het leven lieten zullen opnieuw worden herdacht;
en de brandweermannen die moedig de brandende torens binnengingen
om slechts hun eigen leven te verliezen, zullen worden geëerd.
Maar, de nawerking van 11 september zal in de gehele wereld
met toenemende intensiteit blijven weergalmen. En net zoals
Hitlers Reichstag brand een kritiek keerpunt was
dat uiteindelijk in het niet viel bij de daarop volgende
Holocaust, en net zoals de moord op Aartshertog Ferdinand
aanleiding was van de onevenredige afgrijselijkheden van
de Grote Oorlog van 1914, zou 11 september uiteindelijk
vergeten kunnen worden als een menselijke tragedie en meer
herinnerd worden als de voorbode van de Derde Wereldoorlog,
of zoals sommigen het reeds noemen - Wereldoorlog
IV. Aan de aanval van 9-11 kan worden toegeschreven
dat ze de natiën een stap dichter bij de Botsing der
Beschavingen heeft gebracht. En als gevolg daarvan zou nog
een gebeurtenis zoals 9-11, wellicht een politieke moord,
of misschien een terroristische aanval met gebruik van massavernietigingswapens
of iets soortgelijks, als ontsteker kunnen dienen voor het
uitbreken van wereldwijde oorlog.
Het is moeilijk voor te stellen dat een grootschalige oorlog
met gebruik van slechts weinig nucleaire wapens niet zou
passen in de beschrijving van de in de Bijbel voorzegde
natie die tegen natie opstaan, vreeswekkende tekenen uit
de hemel en een tijd van grote verdrukking.
|
|
| Op hoeveel tronen zal
Jezus gaan zitten? Het Wachttorengenootschap zegt dat hij
in 1914 op zijn troon van koninkrijksregering is gaan zitten,
maar dat de 'glorierijke troon' waarnaar wordt verwezen in
Mattheüs 25:31 en waar Jezus op zal plaatsnemen wanneer
hij 'komt in grote glorie' een onderscheiden 'Oordeels troon'
is. Dat schijnt mij allemaal een beetje vreemd toe. Is dit
wederom een kwestie van omzeilen om hun bewering omtrent 1914
omhoog te houden? |
|
|
|
Een paar jaar geleden heeft het Wachttorengenootschap haar
leerstelling omtrent de illustratie van de schapen en de
bokken bijgesteld. Het Genootschap leerde dat Mattheüs
25:31 in 1914 in vervulling was gegaan en dat de schapen
en de bokken sinds die tijd zijn gescheiden door middel
van het predikingswerk van Jehovah's Getuigen. Maar, we
realiseren ons nu dat het een toekomstige gebeurtenis is.
Zoals jij echter opmerkt, is er nu een grote contradictie
ontstaan omdat het vers duidelijk zegt dat het oordelen
van de natiën begint wanneer de Zoon des mensen komt
in zijn glorie en plaats neemt op zijn troon.
Er is slechts één troon. Toch houdt het Wachttorengenootschap
hardnekkig vast aan de leerstelling dat Christus ook in
1914 op zijn troon is gaan zitten. Jehovah's Getuigen lijken
zich niet bewust te zijn van de grote contradictie. Klaarblijkelijk
is de feitelijk aankomst van Jezus Christus nodig om Jehovah's
Getuigen afstand te laten doen van hun onredelijke vasthoudendheid
aan 1914.
|
|
| Bij het lezen van jouw
kritiek op het Wachttorengenootschap en de organisatie in
het algemeen, kan ik er niets aan doen op te merken dat je
taalgebruik afkomstig is uit JG onderwijs. De termen die je
gebruikt en de manier waarop je ze gebruikt, vertellen me
dat de organisatie die je bekritiseert het fundament is van
je bijbelkennis. Waar of niet waar? |
|
|
| Waar, absoluut waar. Dat komt omdat ik één
van Jehovah's Getuigen ben en reeds lang de Wachttoren bestudeer.
Ik ben ook zeer veel verschuldigd aan individuele Jehovah's
Getuigen, alsook de Wachttorenorganisatie, die me geholpen
hebben een dienstknecht van God te zijn. Ik ben een kind van
het Wachttorengenootschap, in dat ze geholpen hebben een diepe
liefde voor Gods Woord in me te planten en een persoonlijke
verplichting om de waarheid te publiceren. |
|
| In Mattheüs 5:18
zei Jezus dat hij Gods wet niet het kleinste beetje zou veranderen
voordat de hemelen en de aarde voorbij zouden gaan. Betekent
dit dat de hemelen en de aarde voorbij gingen ten tijde van
zijn dood? En aan het eind van het vers, waar hij zegt "en
alles geschiedt," verwijst hij daar alleen naar de profetieën
over zijn dood en offer, of naar alle profetieën over
hem? |
|
|
|
Jezus zei niet dat de letterlijke hemel en aarde eens voorbij
zullen gaan, hij zei: "dat hemel en aarde eerder
zouden voorbijgaan dan dat ook maar één kleinste
letter of één deeltje van een letter uit de
Wet voorbijgaat en niet alles geschiedt." Dat was
Jezus' manier om te zeggen dat Gods Woord nooit onvervuld
zal blijven. Natuurlijk zullen de symbolische hemelen
en aarde voorbij gaan - zoals Petrus zei, "Met een
sissend gedruis."
In het voorgaande 17de vers zei Jezus dat hij gekomen was
om de Wet en de Profeten te vervullen. Jezus' dood
maakte een einde aan het Wetsverbond dat God door bemiddelling
van Mozes had gesloten met Israël. Dat bevrijdde de
Joden van de verplichting van de Wet van Mozes en bracht
hen onder de wet van Christus, mits zij geloof hadden. En
Christus' leven en bediening, alsook zijn dood en opstanding,
vervulden ook vele van de profetieën die over hem geschreven
waren.
In Hebreeën 10:1 zei Paulus dat de Wet enkel een schaduw
was van toekomstige goede dingen, maar niet het wezen van
die dingen zelf. In dat opzicht werpt de Wet ook schaduwen
die bepaalde zaken schetsen welke voortduren. Hoe dat zo?
Ondanks dat Paulus onderwees dat het houden van een wekelijkse
Sabbat geen bindend vereiste was voor Christenen, wees Paulus
er in het 4de hoofdstuk van Hebreeën op dat er een
Sabbatsrust zou blijven voor de volgelingen van Christus.
In Hebreeën 4:11 schreef Paulus: "Laten wij
daarom ons uiterste best doen die rust in te gaan, opdat
niemand in hetzelfde patroon van ongehoorzaamheid vervalt."
Terwijl veel profetieën op de eerste komst van Christus
wezen, wijzen veel anderen op "de tweede maal dat
hij verschijnt," zoals Paulus het verwoordde. Dus,
terwijl Jezus' dood een succesvol einde maakte aan Gods
voornemen met betrekking tot de vleselijke natie Israël,
was het enkel het begin van Gods bemoeienissen met de natie
van het geestelijk Israël. De woorden van de Wet en
profeten leven met betrekking tot het geestelijke
huis van Israël dan ook voort tot hun uiteindelijke
vervulling.
Daarom schreef Paulus in Hebreeën 3:1-6: "Dientengevolge,
heilige broeders, deelgenoten van de hemelse roeping, beschouwt
de apostel en hogepriester die wij belijden Jezus.
Hij was getrouw aan Degene die hem daartoe aangesteld heeft,
zoals ook Mozes het was in Diens gehele huis. Want deze
is meer heerlijkheid waardig geacht dan Mozes, aangezien
hij die het huis bouwt, meer eer heeft dan het huis. Natuurlijk
wordt elk huis door iemand gebouwd, maar hij die alle dingen
heeft gebouwd, is God. En Mozes was als dienaar getrouw
in Diens gehele huis, tot een getuigenis van de dingen die
later gesproken zouden worden, maar Christus was getrouw
als Zoon over Diens huis. Diens huis zijn wij, indien wij
onze vrijmoedigheid van spreken en ons roemen over de hoop
tot het einde toe stevig vasthouden."
|
|
| Kan ik als een JG worden
gedoopt wanneer ik het oneens ben met de WTG leerstelling
omtrent 1914-1919? Moet ik doen alsof ik het eens ben met
de WTG leerstelling om gedoopt te worden? |
|
|
|
Dat hangt er waarschijnlijk vanaf hoe je je gevoelens over
dat onderwerp uitlegt aan de ouderlingen in je gemeente
wanneer ze de doopvragen met je doornemen. Het is spijtig
dat onze geloofsbelijdenis zo nauw verbonden is aan chronologie
en dogmatische interpretaties van profetieën. Het probleem
is dat de leerstelling omtrent de chronologie van 1914 en
daaraan gerelateerde interpretaties van het hoofdkantoor
van Bethel van de getrouwe en beleidvolle slaaf komen, dus
wanneer we hun onderwijs in twijfel trekken wordt er over
het algemeen aangenomen dat we hun autoriteit in andere
zaken ook niet aanvaarden. Dat is dus de werkelijke
kwestie, of we de getrouwe en beleidvolle slaaf als zijnde
het Wachttorengenootschap accepteren.
Daar onze doop enkel een uiterlijk symbool is van onze
innerlijke opdracht aan God, niet aan mensen, moet je vertrouwen
hebben in God om deze kwestie op te lossen. Voor leiding
op hem vertrouwen zal bewijzen dat je werkelijk opgedragen
bent aan hem en dat je klaar bent om gedoopt te worden.
Het zou zelfs kunnen zijn dat het helemaal geen punt meer
is.
|
|
| Ik ben terecht uitgesloten...jaren
geleden in de 90'er jaren...Mijn vrouw en familie hebben me
vergeven. De ouderlingen die het comité vormden, ontvingen
me 2 jaar geleden koeltjes. Ze zeiden dat ik maanden lang
elke vergadering achterin de zaal moest zitten voordat ze
me terug aannamen ALS VERGEVEN DOOR GOD en JEZUS. Ik heb het
2 vergaderingen geprobeerd, met al mijn oude kennissen die
aanwezig waren en deden alsof ze me niet zagen. Waar in de
Bijbel staat deze vernederende procedure beschreven? Bestaat
er een precedent dat GOD vergeeft, maar mensen niet? |
|
|
|
Er staat een verslag in de Bijbel waarin Paulus de kwestie
van vergeving van een broeder die voorheen uit de gemeente
is gesloten, bespreekt. In zijn 1ste brief aan de Korinthiërs
zei Paulus de broeders dat ze een bepaalde broeder, die
een immorele verhouding had, uit hun midden moesten verwijderen.
Klaarblijkelijk zorgde Paulus' raad ervoor dat de gemeente
dat ook deed. In het 2de hoofdstuk van 2 Korinthiërs
verwees Paulus echter kennelijk naar dezelfde man en moedigde
de gemeente aan hem goedgunstig te vergeven. Dat gedeelte
in de Schrift luidt:
"Indien iemand nu droefheid heeft veroorzaakt,
dan heeft hij niet mij bedroefd, maar in zekere mate u allen
om mij niet te hard uit te drukken. Deze bestraffing,
die door de meerderheid is gegeven, is voldoende voor zo
iemand, zodat gij hem nu integendeel goedgunstig dient te
vergeven en dient te vertroosten, opdat zo iemand niet op
de een of andere wijze door zijn overmatige bedroefdheid
wordt verzwolgen. Daarom vermaan ik u, uw liefde jegens
hem te bevestigen. Want ook met dit doel schrijf ik, om
het bewijs van u te verkrijgen of gij in alle dingen gehoorzaam
zijt. Alles wat gij iemand goedgunstig vergeeft, vergeef
ik ook. Trouwens, wat mij aangaat, alles wat ik goedgunstig
heb vergeven, zo ik iets goedgunstig vergeven heb, is ter
wille van u geweest voor het aangezicht van Christus, opdat
wij niet door Satan worden overmeesterd, want wij zijn niet
onwetend van zijn bedoelingen."
Het feit dat Paulus de gemeente aanmoedigde de kennelijk
berouwvolle man goedgunstig te vergeven, wijst erop dat
ze dat tot op dat moment niet wilden. Als ze de man
hadden vergeven, had Paulus geen reden om hen te schrijven
wat hij schreef. Maar, kennelijk achtte Jehovah het gepast
dat verslag in de Bijbel te laten optekenen om ons te helpen
een evenwicht te vinden tussen het verwijderen van onberouwvolle
zondaars uit de gemeenten en het terug aannemen van berouwvolle
personen. Het verslag toont ook aan dat elke gemeente het
recht heeft vergeving te schenken, maar ook om geen
vergeving te schenken. Paulus beval hen niet als
een apostel de man terug aan te nemen, hij richtte zich
enkel als broeder tot hen dat ze het zouden moeten doen
ter wille van Christus. Er wordt ons niet verteld of de
Korinthiërs luisterden naar Paulus en de man terug
aannamen.
Uiteindelijk moet jij echter de verantwoordelijkheid
accepteren voor je eigen situatie. Koning David beging eens
een vreselijke zonde toen hij een overspelige relatie had
met Bathséba, en haar man zelfs liet vermoorden.
Toen Jehovah's profeet David hiermee confronteerde, bekende
hij de misdaden en schonk God hem vergevensgezind een pardon
en liet hem niet ter dood brengen, wat volgens de wet moest
gebeuren met overspelers en moordenaars. Maar, Jehovah beschermde
David niet tegen de hartepijn en vernedering die hij door
zijn zonde de rest van zijn leven moest dragen. Als indirect
gevolg van zijn zonde stond Jehovah het Davids zoon, Absalom,
toe zich de troon toe te eigenen en in het openbaar Davids
bijvrouwen op het dak van het paleis te misbruiken.
Terwijl je er verzekerd van kan zijn dat God je vergeven
heeft, sta je nu tegenover het verkrijgen van vergeving
door de gemeente. De vraag is hoe vastbesloten je bent hun
liefde te herwinnen? Toen David ertoe gedwongen werd van
de troon weg te vluchten, accepteerde hij dat als straf
van God. (Zie 2 Samuël 16:11, 12) Ben je bereid jezelf
te vernederen en de voorwaarden die de gemeente heeft gesteld
aan je terugkeer te accepteren?
Het klinkt alsof je jezelf na je zonde en uitsluiting volledig
hebt teruggetrokken van de gemeente. Dus, in dat opzicht
heb je het complete gevolg van het verliezen van het voorrecht
van hun omgang niet helemaal meegemaakt, omdat je verkozen
hebt absent te zijn. Nu dat je bent teruggekomen, lijk je
te verwachten dat de gemeente je onmiddellijk weer
zal omhelzen. Zo werkt het niet. Zo werkte het niet voor
de Korinthische man, en zo zal het ook voor jou niet werken.
Maar, het feit is dat tienduizenden Jehovah's Getuigen
net als jij uitgesloten zijn - sommige zelfs meer dan eens.
En van dat aantal wordt een groot gedeelte hersteld. Daar
jij deel wilt uitmaken van de gemeente en onder autoriteit
van de plaatselijke ouderlingen wilt staan, en daar je vroeg
om raad, waarom begin je, in plaats van hun vergeving te
eisen, niet met nederig te vragen aan de ouderlingen wat
je moet doen om hersteld te worden en doe je vervolgens
wat ze je zeggen? Door dat te doen geef je een openbaar
bewijs van je oprechte berouw.
|
|
|
|
|