Ten Dienste van Jehovah's Getuigen en het Wachttorengenootschap
 

Week van: 16 t/m 22 November 2003


 

Ik heb slechts weinig over Raymond Franz gehoord, dat hij het WTG verlaten heeft en uitgesloten is. Kun je details hierover geven en is hij volgens jou, niet het WTG, nu een afvallige?


Ray Franz was de neef van Fred Franz, de 4de President van het Wachttorengenootschap. Hij was zo'n tien jaar lang een lid van het Besturend Lichaam. Hij verliet de organisatie in de vroege 1980'er jaren doordat hij in diverse zaken niet meer op één lijn zat met het Wachttorengenootschap. Later schreef hij een paar boeken over zijn ervaringen, waarin hij zijn persoonlijke kijk op wat er fout gaat binnen het Genootschap vanuit het perspectief van een insider beschrijft.

In grond der zaak blijkt dat Ray Franz gestruikeld is over enkele van de foute zienswijzen en leerstellingen van de organisatie. Franz is een droevig figuur, doordat het lijkt alsof hij niet veel geloof in Jehovah bezat, ondanks dat hij duidelijk een heldere geest had voor de grondbeginselen van de waarheid. Als gevolg hiervan was het voor hem onmogelijk om de zaken die hij als tekortkomingen zag in de waarheid met zijn eigen magere geloof in overeenstemming te brengen. Hij ervoer daardoor zijn zogenoemde gewetensconflict.

Ironisch genoeg heeft Ray Franz een soort "anti-cult" gevolg ontwikkeld. Zijn schrijfsels raken een gevoelige snaar bij vele vervreemde Jehovah's Getuigen. Hij wordt geprezen als een grote Christelijke martelaar door de Jezus-is-God schare.

Natuurlijk heeft de mening van mensen, inclusief de mijne, geen enkele invloed op Jehovah's verheven oordeel. De mening van God is feitelijk de enige die er iets toe doet. Dus, wat is Gods kijk op zulke mannen? Zijn zij afvalligen? De 50ste Psalm lijkt Jehovah's rechterlijke beslissingen in deze kwestie precies te beschrijven.

Onze God zal komen en kan onmogelijk het stilzwijgen bewaren.
Vóór hem uit verslindt een vuur,
En rondom hem is het buitengewoon stormachtig weer geworden.
Hij roept tot de hemel daarboven en tot de aarde,
Om gericht te houden over zijn volk:
"Vergadert mij mijn loyalen,
Die mijn verbond sluiten over slachtoffer."
En de hemel vertelt van zijn rechtvaardigheid,
Want God zelf is Rechter.

De Psalm beschrijft Jehovah God die zijn lange stilzwijgen verbreekt, komend in een stormwind om zijn volk te oordelen. Na zijn loyalen gezegd te hebben naar voren te komen, degenen die in een verbondsverhouding met God staan, uit Jehovah verder zijn oordelen aan hen. Nadat hij zijn volk voor hun ondankbaarheid getuchtigd heeft, verlegt God zijn aandacht naar de niet loyale hypocrieten die denken Gods woord te onderwijzen en hij zegt tot hen:

Maar tot de goddeloze zal God moeten zeggen:
"Wat voor recht hebt gij om mijn voorschriften op te sommen,
En mijn verbond in uw mond te nemen?

Zonder enige twijfel heeft Ray Franz gedacht dat hij Jehovah's bepalingen heeft bekend gemaakt door zichzelf op te werpen als een goed geïnformeerde Jehovah's Getuige en expert op het gebied van Christus' koninkrijksverbond. In werkelijkheid zien mensen als Franz echter alleen maar wat er fout is en kunnen ze geen frisse geloofsversterkende geestelijke inzichten uit Gods Woord verschaffen. Daarom zegt Jehovah verder:

Zie, gij - gij hebt streng onderricht gehaat,
En gij blijft mijn woorden achter u werpen.
Wanneer gij ook maar een dief zaagt, waart gij zelfs ingenomen met hem;
En uw deel was met overspelers.

In plaats van zijn innerlijke gewetensconcflict te aanvaarden als Jehovah's middel om zijn geloof te louteren en hem te tuchtigen, worden Franz en mensen zoals hij op twee manieren deelgenoten met dieven en overspelers. Ten eerste geven ze Jehovah's Getuigen die betrokken zijn bij onrecht rechtvaardiging voor hun eigen ontrouw aan de waarheid. En ten tweede rusten ze onze religieuze en wereldlijke vijanden toe met ammunitie dat tegen Jehovah's Getuigen gebruikt kan worden. God vervolgt zijn berisping door te zeggen:

Uw mond hebt gij laten gaan in slechtheid,
En uw tong laat gij aan bedrog verbonden blijven.
Gij zit neer en spreekt tegen uw eigen broeder,
Ten nadele van de zoon van uw moeder stelt gij een gebrek aan de kaak.

Naar mijn mening is veel van wat Franz schrijft weinig meer dan roddelbladpraat. Moet hij bewonderd of geprezen worden omdat hij het vertrouwen dat zijn hoge ambt met zich meebracht beschaamd heeft doordat hij details van privé-gesprekken die hij voerde met zijn vertrouwde broeders op Bethel weggeeft? Hij heeft zelfs vertrouwelijke memo's gepubliceerd waartoe hij als gevolg van zijn positie toegang had. Jehovah verafschuwt zulke trouweloosheid. Sommigen zouden kunnen veronderstellen dat hij Jehovah's werk deed als een soort van gezalfde klokkenluider. Dat is niet waar, daar Jehovah verder zegt:

Deze dingen hebt gij gedaan, en ik bewaarde het stilzwijgen.
Gij hebt u ingebeeld dat ik beslist wel zo zou worden als gij.
Ik zal u terechtwijzen, en ik wil orde op zaken stellen voor uw ogen.
Begrijpt dit, alstublieft, gij Godvergeters,
Opdat ik u niet verscheur zonder dat er ook maar een bevrijder is.

Ondanks dat hij door vele ex-Jehovah's Getuigen en Trinitarische evangelisten-types verheven wordt als een grote cult bevrijder, heeft Jehovah een compleet andere kijk op de zaken. Volgens de Bijbel zal Jehovah uiteindelijk zijn naam voor de wereld heiligen. Jehovah's Getuigen zijn een centrale element van Gods voornemen geweest en zullen dat in de toekomst ook zijn. Ray Franz en zijn dicipelen hebben volledig vergeten wat Jehovah's voornemen is. Ondanks dat Franz Jehovah's bestaan niet rechtstreeks ontkent, wil hij ons laten geloven dat Jehovah geen organisatie heeft en dat God niet bij machte is om de zaken onder zijn volk recht te zetten. Zoals de Psalm aangeeft, heeft Franz het lange stilzwijgen van God verward met Jehovah's stilzwijgende goedkeuring van zijn werk. Dat lijkt een fatale fout in de beoordeling van zijn kant te zijn.



Aangaande Daniël 8:11-13 en in gedachte houdend dat de leden van het Besturend Lichaam erg oud zijn en steeds minder te maken heeft met het besturen van het Wachttorengenootschap; is het mogelijk dat de produktie van VN propaganda er bewijs van is dat het bestendige kenmerk weggenomen is van de gezalfde getrouwe slaaf? Is het heerleger zelf reeds overgegeven aan het walgelijke ding? … Wees alsjeblieft niet te hard voor me als ik er helemaal naast zit. Ik wil ons enkel situeren in de geschiedenis.


De sleutel tot het begrijpen van de profetie van de koning met bars gelaat, is inzien dat de vervulling plaatsvindt gedurende "de tijd van het einde." In het 17de vers zegt de engel: "Versta, o mensenzoon, dat het visioen voor de tijd van het einde is." Het volgende vers luidt: "Zie, ik doe u weten wat er op het laatst van de openlijke veroordeling zal geschieden, want het is voor de bestemde tijd van het einde."

Het Wachttorengenootschap leert natuurlijk dat we sinds 1914 in de "tijd van het einde" leven. Is er een manier om te bepalen of dit juist is? Ja, door te redeneren over enkele feiten kunnen we bepalen of dat wel of niet waar is. Beschouw dat het woord dat in de Griekse Septuaginta vertaling van de Hebreeuwse tekst wordt gebruikt en dat in het Nederlands vertaald is met "tijd van het einde", syntelia is. Dat is ook het woord dat Jezus gebruikte en dat in de NWV met "besluit" is vertaald, als in "besluit van het samenstel van dingen."

In het 13de hoofdstuk van Mattheüs gebruikte Jezus twee verschillende illustraties om ons duidelijk te maken dat het besluit een tijd van volledige scheiding van de rechtvaardigen en onrechtvaardigen is. Het 49ste vers luidt: "Zo zal het gaan in het besluit van het samenstel van dingen: de engelen zullen uitgaan en de goddelozen uit het midden der rechtvaardigen afscheiden en hen in de vuuroven werpen. Daar zullen zij wenen en knarsetanden."

Het Wachttorengenootschap veronderstelt dat de profetische illustratie reeds vervuld is, omdat Jehovah's Getuigen afgescheiden zijn van de Christenheid. Als dat het geval is, hoe verklaren we de aanwezigheid van de vele goddeloze mensen onder Jehovah's Getuigen dan? Het Wachttorengenootschap is kennelijk los van de realiteit, wanneer ze pochend zegt een organisatie van geestelijke en morele reinheid te zijn.

Jezus wees erop dat de scheiding volledig zal zijn, net zoals in Noachs dagen: "de een zal meegenomen en de ander achtergelaten geworden." Daar het overduidelijk is dat Jehovah's engelen nog niet ingegrepen hebben om de rechtvaardigen van de onrechtvaardigen te scheiden, is het ook duidelijk dat de besluitende tijd van het einde ook nog niet begonnen is. Daarom wacht de profetie van Daniël een toekomstige vervulling.

Maar, hoe kunnen we "onszelf situeren in de geschiedenis," zoals je het zelf uitdrukt?

Eén manier om onze plaats, gerelateerd aan de gevolgen, te ontdekken, is door te beschouwen wat de verlichtende engel Daniël zei in het 12de vers, waar hij zegt: "En een heerleger zelf werd geleidelijk overgegeven, te zamen met het bestendige kenmerk, wegens overtreding; en hij bleef waarheid ter aarde werpen, en hij handelde en had succes."

Het Wachttorengenootschap leert ons dat de "overtreding" van de kant van de verontwaardigde koning komt. Die op eigenbelang gestoelde interpretatie neemt echter niet in beschouwing dat er een groot aantal profetieën zijn die Jehovah's volk van overtreding beschuldigen en een toekomstige vertreding van de geestelijke heilige plaats voorzeggen. Zoals op een andere plaats werd besproken, is Jesaja 29 bijvoorbeeld een parallelle profetie die duidelijk van toepassing is op een toekomstige vertreding. Het is daarom duidelijk dat de overtreding komt van de zijde van het Christelijke heerleger van God. Daar dit zo is, bestaat "de overtreding die verwoesting veroorzaakt" ongetwijfeld uit het NGO compromis van het Genootschap en andere bedriegelijke, wereldse betrekkingen, tezamen met de afgodische verheerlijking van het Wachttorengenootschap zelf.

Hoe zou die verwoesting plaats kunnen vinden? Volgens de verdere uitleg van de engel uit de profetie, verderft de koning met bars gelaat niet alleen de heiligen, maar ook de zogenoemde "machtigen". Daniël 8:24 luidt: "En zijn kracht moet machtig worden, maar niet door zijn eigen kracht. En op verwonderlijke wijze zal hij verderf stichten, en hij zal stellig succesvol blijken te zijn en doeltreffend handelen. En hij zal machtigen werkelijk in het verderf storten, ook het volk dat uit de heiligen bestaat." (Voor een gedetailleerdere beschouwing, zie het essay: Een Koning Met Bars Gelaat)

De verderving van de zonen van het koninkrijk gaat dus hand in hand met de verderving van de machtigen van dit samenstel. Wie kunnen deze "machtigen," die bestemd zijn om verderft te worden, zijn? Kennelijk zijn zij de democratische regeerders, alsook de vele financiële en commerciële instellingen waaruit het huidige kapitalistische samenstel bestaat. De koning met bars gelaat zal waarschijnlijk een soort van wereldwijd, totalitair regime instellen, gelijkend op het communisme.

Maar weinig mensen lijken zich te realiseren hoe kwetsbaar het huidige samenstel is voor verderf. Beschouw eens enkele relevante feiten: In de tientallen jaren nadat Hiroshima en Nagasaki verwoest werden door atoombommen, werd een nucleaire oorlog ondenkbaar geacht, omdat het te vernietigend zou zijn. Echter, sinds 9-11 heeft de regering Bush zich hard gemaakt voor de ontwikkeling en het gebruik van zogenoemde mini-nukes (kleine atoombommen). Enkele politieke waarnemers vrezen dat de ontwikkeling van mini-nukes een gevaarlijk destabiliserend effect op de wereld zal hebben. Tot deze afgelopen week heeft de US Congress de ontwikkeling ervan verboden, maar die wet is nu ingetrokken, waardoor de weg voor uiteindelijke produktie en gebruik van zulke wapens in de oorlog tegen terrorisme geopend is. Een oorlog uitvechten met gebruikmaking van nucleaire wapens is niet langer ondenkbaar, maar maakt feitelijk onderdeel uit van het nieuwe beleid van Amerika.

De andere kant van de medaille is dat de Verenigde Staten extreem kwetsbaar is voor een terroristische aanval waarbij massavernietigingswapens worden gebruikt. Het is echter voldoende wanneer we stellen dat het gebruik van nucleaire wapens door welke partij dan ook, de wereld op onvoorspelbare wijze zal veranderen.

Nu de financiële kant van de zaak: de Verenigde Staten heeft te maken met een enorm, onhoudbaar handelstekort en nationale schuld die gecombineerd een biljoen dollars per jaar benadert. En niet alleen dat, maar schulden van bedrijven en consumenten zijn ook gestegen tot een hoogtepunt. Het aantal persoonlijke faillisementen staat ook op de grootste hoogte allertijden. Sinds 9-11 heeft de Centrale Bank van de Verenigde Staten de rente van leningen tot bijna nul verlaagd in een poging het op de dollar leunende wereldwijde financiële stelsel van ineenstorting te weerhouden. Maar, met de rentes nabij het nulpunt, is het duidelijk dat de bankieren hun laatste kruit waarschijnlijk verschoten hebben. Sommige economen in GB waarschuwden er recentelijk voor dat een financiële ineenstorting onontkoombaar is wanneer de rentes omhoog gaan.

Gezien de onzekere toestand van het financiële stelsel en de astronomische groei van beleggingen die bekend staan als derivaten, welke nu 's werelds BNP met een factor vijf overstijgt, zal een onverwachte moord op een prominente leider, een terroristische aanslag, of het gebruik van massavernietigingswapens door de VS of Israël, of elk aantal onvoorziene gebeurtenissen, vrijwel zeker een kettingreactie-achtige ineenstorting doen ontstaan voor wat een in toenemende mate onstabiele en op precaire wijze in evenwicht gehouden berg van schuld en speculatie is.

Als een miljoenenuitgeverij is ook het Wachttorengenootschap steeds meer afhankelijk geworden van de continue economische levensvatbaarheid van het huidige stelsel om haar werk te kunnen doen. Het is echter zeer wel mogelijk dat de Verenigde Staten in een economische depressie zal worden gestort, die de verwoestende Grote Depressie uit de 1930'er jaren ver overstijgt. Dat zou heel goed het middel kunnen zijn waardoor de heiligen in het verderf worden gestort door een opkomende koning met bars gelaat.

We zullen blijven waken.



Waarom zeg je dat je site ten dienste van het Wachttorengenootschap is, terwijl Jehovah duidelijk zijn geest ervan heeft weggenomen als gevolg van de fouten die ze maken? Wat denk je dat Jehovah van Jeremia gedacht zou hebben, wanneer hij, nadat hij was verteld dat hij ze Jehovah's ongenoegen en komende tuchtiging moest bekend maken, nog steeds onderdeel van hen bleef uitmaken? Bedenk dat hij afgescheiden van hen bleef. Hij wist wat er komen zou. Jehovah heeft de zaken altijd helder gemaakt: Scheid je af van elk wangedrag. Wanneer hij zijn geest van een gemeente terugtrekt vanwege zelfs één persoon, hoe denk je er dan over wanneer de gezalfden en andere schapen de wateren van waarheid vergiftigen?


Je vergist je in meerdere zaken. Ten eerste scheidde Jeremia zich niet van de Joden af. Als een priester en profeet voor de natiën maakte Jeremia deel uit van het Joodse samenstel. In werkelijkheid bracht hij de meeste van zijn geïnspireerde boodschappen rechtstreeks naar de Joodse koningen en priesters, waarbij hij vaak in het tempelvoorhof of de stadspoorten stond.

In plaats van zich af te scheiden, smeekte Jeremia zijn landgenoten om naar Jehovah's boodschap te luisteren en zodoende het opdoemende oordeel te ontvluchten. In Jeremia 26:12 lezen we bijvoorbeeld: "Daarop zei Jeremia tot alle vorsten en tot heel het volk: "Het was Jehovah die mij gezonden heeft om betreffende dit huis en betreffende deze stad al de woorden te profeteren die gij hebt gehoord. En nu, maakt uw wegen en uw handelingen goed, en gehoorzaamt de stem van Jehovah, uw God, en Jehovah zal spijt gevoelen over de rampspoed die hij tegen u gesproken heeft."

Merk alsjeblieft op dat Jeremia in het bovenstaande vers, wanneer hij spreekt tegen degenen aan wie de profetische veroordelingen waren gericht, verwees naar "Jehovah uw God." Een verbondsrelatie met God, waarin de Joden zich toen bevonden, wordt niet automatische ontbonden omdat één van de partijen zich niet houdt aan hun deel van de overeenkomst. Jehovah was in de tijd van Jeremia nog steeds de God van de Joden. Jeruzalem was nog steeds de stad van Jehovah, ook al hadden de Joden hun aanbidding van hem verdorven.

Jeremia scheidde zich niet af van de Joden. Jeremia bleef in Jeruzalem, zelfs gedurende de belegering van Nebukadnezar. Verder gaf Jeremia's profetie hoop aan de Joden, omdat niet enkel de verschrikkelijke vernietiging die God over hen zou brengen werd voorzegd, maar ook hoe Jehovah een berouwvol overblijfsel zou bevrijden. Beschouw Jeremia 31:1, waar staat: "In die tijd", is de uitspraak van Jehovah, "zal ik God worden voor al de families van Israël; en wat hen betreft, zij zullen mijn volk worden."

Door middel van profetieën is hetzelfde patroon voorbestemd om herhaald te worden, waarbij Jehovah toestaat dat zijn organisatie verwoest zal worden waarna hij een getrouw overblijfsel dat zijn tuchtiging aanvaard heeft, zal herstellen.

Ten tweede: Je hebt het verkeerd wanneer je aanneemt dat God zijn geest terugtrekt van een hele gemeente of organisatie, simpelweg vanwege de ontrouwheid van enkelen. Er bestaat natuurlijk zoiets als gemeenschappelijke verantwoordelijkheid, maar Jezus oordeelt ons ook individueel. Dat wordt duidelijk in de brieven van Jezus aan de gemeenten in Openbaring. Jezus zei de gemeente in Thyatíra, welke van binnenuit geplaagd werd door de immorele en verdorven invloed van een op Izébel gelijkende groep mensen, het volgende: "En haar kinderen zal ik met dodelijke plagen doden, zodat alle gemeenten zullen weten dat ik het ben die de nieren en harten doorzoek, en ik zal een ieder van u geven overeenkomstig uw daden."

De Bijbel moedigt ons aan de gave van het gezonde verstand te gebruiken. Het is onredelijk en niet wijs om overhaast de conclusie te trekken dat we onszelf moeten afscheiden van de gemeente en organisatie, eenvoudig omdat dingen niet helemaal goed gaan. We worden beproefd op onze getrouwheid in samenwerking met Christus' gemeente, niet afgescheiden ervan.



Heeft Jezus' profetie aangaande de Getrouwe en Beleidvolle slaaf en het straffen van de Boze slaaf enige relatie tot Jezus' illustratie van de Minen? Zo niet, wat betekent de illustratie dan?


Ja, de illustratie van de slaven aan wie de minen van de meester worden toevertrouwd is in basis hetzelfde als de illustratie die Jezus in het 25ste hoofdstuk van Mattheüs gebruikte aangaande de zilveren talenten. Het hoofdpunt in beide illustraties is dat er een oordeelsdag zal zijn waarop de gezalfden ter verantwoording worden geroepen. Dan zullen de boze of slechte slaven verdreven worden en de getrouwen worden beloond. Dat het van toepassing is op de gezalfden blijkt uit het feit dat de meester de getrouwe slaven beloont door hen heerschappij te geven over een bepaald aantal steden.

En daarbij komt dat het verslag in het 19de hoofdstuk van Lukas bewijst dat de getrouwe slaaf niet in 1919 over alle bezittingen van de meester is aangesteld, omdat de beloning en straf van beide klassen van slaven onmiddellijk voor het einde van de wereld plaatsvindt. Dat wordt duidelijk uit het feit dat Jezus zijn illustratie besloot met te zeggen: "En die vijanden van mij die niet wilden dat ik koning over hen werd, brengt hen hier en slacht hen voor mijn ogen."



Toen Jezus zei ons niet bezorgd te maken over wat wij zullen aantrekken en eten (het koninkrijk op de eerste plaats stellen en de rest zal u worden toegevoegd); is dit geen indicatie van een toekomstige Derde Wereldoorlog? Jezus sprak namelijk tegen al zijn volgelingen wereldwijd, en de broeders in arme landen uitgezonderd, de meeste broeders maken er zich geen zorgen over waar de volgende maaltijd vandaan moet komen. Is het, in een situatie van Wereldoorlog, echter niet waar dat IEDEREEN onder voedsel restricties zal staan?


Jezus' onderwijs om eerst het koninkrijk te zoeken en dat alle andere dingen zullen worden toegevoegd, is van toepassing op alle Christenen gedurende alle tijden. Het is eenvoudig Gods garantie dat hij voor ons zal zorgen, ongeacht onze persoonlijke situatie of wereldtoestanden.


Citaat: "Hierbij draag ik deze website officiëel op aan Jehovah God - Degene Die Veroorzaakt te Worden."

Wat moet dit eigenlijk precies betekenen of toevoegen aan de website, alsof Jehovah het nodig heeft dat er iets aan hem opgedragen wordt; daar hij alles weet?

Het lijkt een beetje schijnheilig en bijna bedrieglijk. Ik ben bang dat je verstrengeld raakt in je eigen propaganda en eigendunk en begint te geloven dat jij de redder van de wereld bent. Herinner je Ceausescu van Romeinse faam, die zijn eigen propaganda begon te geloven? En kijk wat er met hem is gebeurd! Verneder jezelf een beetje, want Jehovah haat een hoogmoedig hart.



Het is in het geheel niet ongebruikelijk dat iemand die persoonlijk toegewijd is aan God iets aan hem opdraagt. Koning Salomo droeg officiëel een tempel op aan Jehovah. In hedendaagse tijden dragen Jehovah's Getuigen hun koninkrijkszalen en bijkantoorfaciliteiten aan Jehovah op. Deze website is evenzo gewijd aan het verspreiden van de waarheid en om die reden is hij opgedragen aan God. Er is niets hoogmoedigs of bedrieglijks aan om jezelf of iets opdragen aan zo'n zaak.


Wie zijn de 24 oudere mannen uit Openbaring 4? Kan ik wat Schriftplaatsverwijzingen krijgen die je antwoord ondersteunen?


De 24 oudere mannen moeten een afbeelding zijn van de 144.000 in de hemel. Dat kunnen we zeggen omdat de oudere mannen worden afgeschilderd als dat ze kronen dragen en op tronen zitten. De enige andere hemelse koningen, buiten Jehovah en Christus, zijn de 144.000.

In het 22ste hoofdstuk van Lukas zei Jezus zijn apostelen dat ze op tronen zouden zitten en de 12 stammen van Israël zouden oordelen. Openbaring 3:21 geeft aan dat Jezus' uitnodiging om als koningen te regeren zich uitstrekt over alle gezalfde Christenen. Dat vers luidt: "Wie overwint, hem zal ik geven met mij plaats te nemen op mijn troon, evenals ik heb overwonnen en met mijn Vader plaats heb genomen op zijn troon."

Openbaring 1:6 zegt dat Jezus hen tot koningen en priesters maakte. Het is interessant dat het 24ste hoofdstuk van 1 Kronieken verslaat hoe de vroegere Levitische priesterschap uit 24 afdelingen bestond en dat zij omstebeurt dienden in de tabernakel. Dus, net zoals de 144.000 worden gesymboliseerd als 12.000 afkomstig uit elk van de 12 stammen van Israël, worden ze ook afgeschilderd als 24 regerende oudere mannen; wat erop wijst dat ze genomen zijn uit de 24 afdelingen van priesters.



Wat is volgens JOU de Bijbelse zienswijze op "zelfmisbruik"? Het Genootschap lijkt geneigd te zijn om mensen (tieners zijn op dit gebied echter vatbaarder) zich schuldig te laten voelen voor iets wat de meesten als "natuurlijk" beschouwen. Ik begrijp dat deze daad kan leiden tot "overspel in het hart," daar Jezus ons waarschuwde om niet te blijven kijken als een vorm van lust, maar voor een 16 jarige is dit vrijwel onmogelijk. De Bijbel zwijgt over deze specifieke daad of hoe ermee om te gaan. Het lijkt alsof geen van de "oudere mannen" in de gemeente zich zelfs maar herinnerd hoe het was, laat staan hoe het is om in deze tijd 16 te zijn.


Christenen worden niet gebonden door een uitgebreide lijst van wat wel en wat niet mag, zoals de Joden toen ze onder de Wet leefden. In plaats daarvan zijn ons beginselen gegeven waarnaar we moeten leven. Kolossenzen 3:5 zegt: "Doodt daarom uw lichaamsleden die op de aarde zijn ten aanzien van hoererij, onreinheid, seksuele begeerte, schadelijke verlangens en begerigheid, welke afgoderij is. Wegens die dingen komt de gramschap van God."

Ondanks dat het hier niet specifiek wordt genoemd, is het niet zo dat masturbatie direct tegen bovenstaande raad ingaat? In plaats van sexuele begeerte te doden, zorgt zelfmisbruik juist voor het opwinden van iemands passie. De Schriften zeggen ook dat Gods gramschap als gevolg van deze komt. Masturbatie wordt geclassificeerd als "onreinheid."

Ondanks dat masturbatie heel algemeen is en door de meeste mensen als natuurlijk wordt bezien, keurt God zulke praktijken niet goed. Na hoererij, onreinheid en ontuchtig gescherts te hebben besproken, moedigt Paulus ons verder aan niet verleid te worden in deze kwestie door in Efeziërs 5:6, 7 te zeggen: "Laat niemand u met ijdele woorden bedriegen, want wegens de voornoemde dingen komt de gramschap van God over de zonen der ongehoorzaamheid. Wordt daarom niet hun deelgenoten."

Dus, in plaats van de fout te zoeken in de toegespitste raad van het Wachttorengenootschap met betrekking tot hoe om te gaan met verlangens van het gevallen vlees, doen we er goed aan te erkennen dat zelfmisbruik tegen Jehovah's Wil voor ons ingaat.



Vanuit het Genootschap krijg ik het gevoel dat van deur tot deur gaan een Bijbelse opdracht voor iedereen is. Bij het lezen van mijn Bijbel bemerk ik dit echter helemaal niet. Ondanks dat prediken over Gods Koninkrijk een grootse activiteit is en door Jehovah gezegend wordt, schijnt het mij toe dat het gedaan moet worden overeenkomstig de persoonlijke mate van geloof in en relatie met Jehovah van de iedere persoon (Romeinen 12:3). Waarom laat men ons voelen veroordeeld te zijn wanneer we niet deelnemen aan deze vorm van prediking? Waarom moedigt de Apostel Paulus vrouwen niet aan om een volledig aandeel te hebben aan deze activiteit wanneer hij spreekt over hun verantwoordelijkheden? Het Genootschap laat het lijken alsof we allemaal het niveau van Paulus moeten hebben, anders zijn we mislukkelingen.


Van deur tot deur prediken is geen Bijbelse opdracht. Jezus zei ons enkel, mannen en vrouwen, dicipelen te maken. Daar zoveel mensen in deze tijd niet thuis zijn of in ontoegankelijke gebouwen leven, is het ironisch dat van deur tot deur prediken waarschijnlijk de minst effectieve manier is om mensen te bereiken. In alle eerlijkheid denk ik echter niet dat het Wachttorengenootschap ons veroordeelt omdat we niet aan een bepaald niveau voldoen. Wellicht doen enkele overijverige pioniers dat, maar dat is een geheel ander onderwerp.


 
         
Home | Essays | Postzak | Commentaren | Gastenboek | Links | Tools | Site Map | The Watchman