Ten Dienste van Jehovah's Getuigen en het Wachttorengenootschap
 

Week van: 1 t/m 7 Februari 2004


 

Als Jezus zijn tempel in de toekomst reinigt, zullen de broeders en zusters die buiten geworpen worden dan "bokken" zijn volgens Christus, daar de schriftplaats zegt dat het OORDEEL begint bij het Huis van God? Wat dientengevolge betekent dat die voormalige broeders voorbestemd zijn om de kant van het Beest 666 te kiezen en het merkteken te ontvangen?


Vergeef me als ik enigszins lijk af te wijken hier, maar het lijkt belangrijk een paar dingen te verduidelijken.

De inspectie en oordelen van Gods geestelijke tempel heeft specifiek te maken met de gezalfden; terwijl de profetie van de schapen en de bokken te maken heeft met de gehele wereld van niet-gezalfde mensen en hun relatie tot de dan-goedgekeurde gezalfde "broeders" van Christus.

Wanneer Christus Gods tempel reinigt, werpt hij degenen die als ontrouw geoordeeld worden eruit. De uitdrukking "daar zal hij wenen en knarsetanden" heeft betrekking op de zonen van het koninkrijk die een onomkeerbaar oordeel ontvangen en uit het koninkrijk worden gezet. Daarna begint de volgende fase van Gods oordeel over de wereld.

Merk de volgorde van gebeurtenissen op die op diverse plaatsen in de Schrift wordt uitgelegd.

Na gesproken te hebben over de getrouwe en beleidvolle slaaf, spreekt Jezus vervolgens over een boze slaaf. Mattheüs 24:48-51 luidt: "Maar indien die boze slaaf ooit in zijn hart zou zeggen: 'Mijn meester blijft uit', en zijn medeslaven zou beginnen te slaan en met de verstokte dronkaards zou eten en drinken, dan zal de meester van die slaaf komen op een dag waarop hij het niet verwacht en op een uur dat hij niet weet, en hij zal hem met de grootste strengheid straffen en hem zijn deel met de huichelaars toewijzen. Daar zal hij wenen en knarsetanden."

Vervolgens gaf Jezus in het 25ste hoofdstuk van Mattheüs nog twee illustraties aangaande het oordeel van degenen die overeenkomstig de verwachting het hemelse koninkrijk zullen beërven; de illustratie van de beleidvolle en dwaze maagden en de illustratie van de talenten. De illustratie van de talenten besluit ook met de veroordeling van de meester van de ontrouwe slaaf, wanneer de volgende opdracht wordt gegeven: "En werpt de onnutte slaaf in de duisternis buiten. Daar zal hij wenen en knarsetanden. (Mattheüs 25:30)

Het volgende vers beschrijft het andere aspect van het oordeel nadat Gods geestelijke tempel in orde is gemaakt. Dat vers luidt: "Wanneer de Zoon des mensen gekomen zal zijn in zijn heerlijkheid, en alle engelen met hem, dan zal hij op zijn glorierijke troon plaats nemen. En alle natiën zullen vóór hem vergaderd worden, en hij zal de mensen van elkaar scheiden, zoals een herder de schapen van de bokken scheidt. En de schapen zal hij aan zijn rechterhand zetten, maar de bokken aan zijn linkerhand." (Mattheüs 25:31-33)

Merk op dat dit gedeelte van het oordeel voor alle natiën is, in plaats van voor de zonen van het koninkrijk. Daar het oordeel van alle mensen van alle natiën volgt op de tijd waarin Christus een appeltje schilt met zijn gezalfde broeders, is het redelijk te concluderen dat de broeders van Christus in de illustratie van de schapen en de bokken de verzegelde zonen van het koninkrijk zijn en niet de gezalfden in hun huidige toestand. De verzegeling zal natuurlijk plaatsvinden nadat de ontrouwe zonen buiten geworpen zijn. De verzegelden zullen dan op één of andere wonderbaarlijke wijze geopenbaard worden aan de andere schapen in wat Paulus noemde "de openbaring van de zonen Gods."

Merk op hoe Mattheüs 13:41-43 beschrijft dat de ware zonen van het koninkrijk pas nadat het onkruid verwijderd is zo helder schijnen als de zon: "De Zoon des mensen zal zijn engelen uitzenden en zij zullen alle dingen die aanleiding tot struikelen geven en degenen die wetteloosheid bedrijven, uit zijn koninkrijk verzamelen, en zij zullen hen in de vuuroven werpen. Daar zullen zij wenen en knarsetanden. In die tijd zullen de rechtvaardigen zo helder schijnen als de zon in het koninkrijk van hun Vader. Wie oren heeft, hij luistere."

Openbaring is in harmonie met deze volgorde van gebeurtenissen. Het 7de hoofdstuk beschrijft bijvoorbeeld de engelen die de vier winden van verwoesting tegenhouden, de verdrukking verkortend om de overgebleven van de 144.000 te verzegelen. Dan worden we voorgesteld aan een tweede groep genaamd de "grote schare," die "uit de grote verdrukking komen."

Het 14de hoofdstuk van Openbaring maakt ook gewag van een definitieve bijeenverzameling van de 144.000, maar daar wordt niet gesproken over de andere schapen of de grote schare - of toch wel?

Openbaring 14:6, 7 luidt: En ik zag een andere engel in het midden van de hemel vliegen, en hij had eeuwig goed nieuws, om dat als blijde tijdingen bekend te maken aan hen die op de aarde wonen, en aan elke natie en stam en taal en elk volk, en hij zei met een luide stem: "Vreest God en geeft hem heerlijkheid, want het uur van het oordeel door hem is gekomen, en aanbidt daarom Degene die de hemel en de aarde en de zee en de waterbronnen gemaakt heeft."

Het is interessant dat Openbaring verwijst naar het "uur van het oordeel" voor "hen die op de aarde wonen," in plaats van de 144.000 die in dezelfde context worden genoemd en die het koninkrijk besturen. Dat is exact dezelfde opeenvolging die we vinden met betrekking tot de schapen en de bokken en de grote schare.

De volgende verzen in het 14de hoofdstuk van Openbaring waarschuwen vervolgens tegen het ontvangen van het merkteken van het beest, wanneer we lezen: En een andere engel, een derde, volgde hen en zei met een luide stem: "Indien iemand het wilde beest en zijn beeld aanbidt en een merkteken aan zijn voorhoofd of op zijn hand ontvangt, zal hij ook drinken van de wijn van de toorn van God, die ongemengd in de beker van zijn gramschap is ingeschonken, en hij zal gepijnigd worden met vuur en zwavel ten aanschouwen van de heilige engelen en ten aanschouwen van het Lam. En de rook van hun pijniging stijgt op tot in alle eeuwigheid, en dag noch nacht hebben zij rust, zij die het wilde beest en zijn beeld aanbidden, en al wie het merkteken van zijn naam ontvangt. Hier komt het op volharding aan voor de heiligen, voor hen die de geboden van God en het geloof van Jezus onderhouden."

Het feit dat de 144.000, die in het 14de hoofdstuk worden genoemd, de naam van Jehovah en van Christus op hun voorhoofd geschreven hebben staan, wijst erop dat ze verzegeld zijn. De verzegeling van de 144.000 betekent dat de eeuwenlange roeping en uitverkiezing van de zonen van het koninkrijk op dat moment geëindigd is. Maar, ondanks dat de 144.000 worden afgeschilderd als staande op de Berg Sion met het Lam, bevindt het overblijfsel van de verzegelden zich nog op aarde. Ze zullen enkel de onomkeerbare toestemming gekregen hebben om het hemelse koninkrijk binnen te gaan. De verzegelde broeders van Christus beginnen te regeren als koningen terwijl ze nog op aarde zijn gedurende de verdrukking. Toch moeten ze, zoals het bovenstaande vers aangeeft, de tirannie van het beest verduren nadat ze verzegeld zijn.

Natuurlijk wordt Satan verleid tot het ontketenen van een meedogenloze aanval op de verzegelden en te trachten Jehovah in verlegenheid te brengen. Als Jehovah tenslotte verklaard dat de zalving geëindigd is en één van de verzegelden toch tot ontrouwheid zou vervallen, zodat het koninkrijk eindigt met 143.999 in plaats van 144.000 - dat zou duidelijk een probleem zijn. We kunnen dus zien waarom er van Jehovah gezegd wordt dat hij haken in Satan's kaken zal slaan om hem te prikkelen tot een intensieve aanval op de ogenschijnlijk kwetsbare koningen van het koninkrijk.

Het is in die periode, wanneer de broeders van Christus zich in een verzwakte toestand bevinden, dakloos zijn, honger hebben en in de gevangenis zitten, dat de andere schapen hen dienen.

Wat betreft de boze slaaf die het merkteken van het beest ontvangt; het lijkt een vanzelfsprekende conclusie te zijn dat dat het geval zal zijn. De boze slaven zullen de rol van Judas vervullen door hun voormalige broeders over te leveren aan het Beest; net zoals Judas Christus verraadde aan de Joden en de toen heersende koning van het noorden.



Bedankt dat je de moed hebt om moeilijke vragen te beantwoorden, iets wat het Genootschap tot nog toe niet heeft gedaan. Kun je ons vertellen of het Genootschap of een vertegenwoordiger ervan contact met je heeft gezocht met betrekking tot hetgeen je schrijft op deze site? Wat is voor jouw gevoel de impact die deze site heeft gehad op de Getuigen en het Genootschap?


Het Wachttorengenootschap heeft geen contact met me gezocht met betrekking tot de e-watchman website.

Wat betreft de impact die e-watchman heeft op het Wachttorengenootschap of de gemeenschap van de Getuigen, ik vermoed dat het tot nog toe niet noemenswaardig is. De Bijbel herinnert ons er echter aan de dag der kleine dingen niet te verachten.

Eén van de meest aanmoedigende dingen tot nu toe is dat tenminste een dozijn broeders en zusters die zichzelf als gezalfden identificeren contact hebben opgenomen en hun ondersteuning hebben geuit. Dat wijst erop dat er een sterke stroom van Jehovah's geest in andere werkt. Op een bepaald moment verwachten we de realisatie van Christus' oordeel over de gezalfden te zien waarbij de laatste eerst en de eerste laatst gemaakt wordt.

Het lijkt echter dat het Wachttorengenootschap zich enkel maar meer ingraaft en dogmatischer wordt. Op het laatste Districtscongres stonden sprekers van het Besturend Lichaam ietwat geprikkeld op het podium, niet vanwege hun gehoon tegen de Christenheid, zoals gewoonlijk, maar door het hardnekkig volhouden dat Jehovah's Getuigen in een geestelijk paradijs leven en dat Christus in 1914 gekomen is! En natuurlijk zijn de recente Wachttorenartikelen ook een weerspiegeling van die ingraving.

Wanneer we reëel zijn, zouden we niet moeten verwachten dat het Wachttorengenootschap iemand die hun beleid of leerstellingen bekritiseert of hen vermaant goed ontvangt - hoeveel bijbelse ondersteuning er ook aangedragen wordt dat tegen hen spreekt. In dat opzicht is de Wachttoreninstelling als de koppige en hardvochtige Joden in de dagen van de profeten.

Maar, wanneer we de profetische wachter uit vroegere tijden als voorbeeld nemen, de verplichting van een wachter is om eenvoudig Gods oordelen publiekelijk bekend te maken, ongeacht of dat wel of niet goed ontvangen wordt. Daarom lezen we in Ezechiël 2:4, 5 de volgende woorden: "En de zonen onbeschaamd van gezicht en hard van hart - ik zend u tot hen, en gij moet tot hen zeggen: 'Dit heeft de Soevereine Heer Jehovah gezegd.' En wat hen aangaat, of zij zullen horen of het zullen laten - want zij zijn een weerspannig huis - zij zullen stellig ook weten dat een profeet zich in hun midden heeft bevonden."



Ik ben als één van Jehovah's Getuigen opgevoed, ik ben nu meer dan 10 jaar gedoopt… Ik heb liefde voor veel dingen van Jehovah's Getuigen, de fundamentele bijbelse leerstellingen die ze delen, de liefde en nauwe omgang die door velen genoten wordt…en bovenal heb ik liefde voor Jehovah. Maar, met al de dingen die er spelen, vraag ik mezelf werkelijk af wat ik moet doen. Moet ik de organisatie verlaten? Het overlaten aan mijn eigen begrip over wat er komen gaat? Of onderdruk ik mijn gevoelens en wacht ik op Jehovah's dag?

Deze vragen en bezorgdheden worden nog groter wanneer ik Mattheüs 24:15 beschouw. Is het WTG, door haar handelwijze, het "walgelijke ding" geworden? Of moet het walgelijke ding nog komen tijdens de Grote Verdrukking?



Het is goed dat we ons zo nu en dan de vele positieve zaken in herinnering brengen over het geloof dat we delen. Ongeacht de tekortkomingen van het Wachttorengenootschap, laten we niet vergeten dat we de waarheid over Jehovah en zijn voornemen grotendeels geleerd hebben door middel van het onderwijsprogramma van het Wachttorengenootschap. De ironie is dat ons geloof vroeg of laat de struikelblokken die het Wachttorengenootschap voor ons heeft neergelegd moet overwinnen.

Wat betreft het verlaten van de organisatie, we zouden Petrus vraag aan Christus op andere wijze kunnen uitdrukken en vragen: Naar welke organisatie zullen wij dan gaan? Er is geen andere Christelijke organisatie die zelfs maar in de buurt komt van het onderwijzen van de waarheid.

In dit opzicht kunnen we ook Christus' voorbeeld volgen. Als een Jood stond Jezus onder de Mozaïsche Wet. Toch was Jezus er ongetwijfeld van op de hoogte hoe verdorven het Joodse religieuze stelsel geworden was. Trok Jezus zich terug van die religie? Nee, dat deed hij niet. Kennelijk was Jezus aanwezig bij alle religieuze bijeenkomsten en feesten in Jeruzalem en woonde hij op de Sabbat zelfs de wekelijkse bijeenkomst in de plaatselijke synagoge bij. Enkelen van zijn wonderen vonden plaats in de synagoge. Men trachtte zelfs een keer zijn leven te nemen voor opmerkingen die bij maakte in de synagoge, maar dat weerhield hem er niet van naar de bijeenkomsten te gaan.

Het uitzonderlijke is dat Jezus heel goed wist dat de Joodse tempel en de manier van aanbidding vernietigd zou worden, toch gaf hij tot aan zijn dood de volledige ondersteuning.

Wat betreft de Wachttoren die het profetische "walgelijke ding" zou zijn, dat is niet in overeenstemming met de bijbel. Het "walgelijke ding" is een politiek werktuig. In de 1ste eeuw past het Romeinse leger, ter vervulling van Daniël 9:27, in de beschrijving van het walgelijke ding toen het verwoesting bracht over Jeruzalem. Daar staat: "En op de vleugel van walgelijkheden zal degene komen die verwoesting veroorzaakt; en totdat een verdelging voltrokken is, zal zich dan juist datgene waartoe besloten is, ook over degene die woest ligt, uitstorten."

In de moderne vervulling is het walgelijke ding een politieke schepping van de gecombineerde inspanningen van de koning van het noorden en de koning van het zuiden. De heilige plaats van God wordt volgens Daniël 11:30, 31 vertreden door de koning van het noorden en zijn "walgelijke ding": "En hij zal werkelijk terugkeren en verdoemenissen tegen het heilig verbond slingeren en doeltreffend handelen; en hij zal moeten terugkeren en zal acht geven op hen die het heilig verbond verlaten. En er zullen strijdkrachten opstaan die uit hem voortkomen; en ze zullen werkelijk het heiligdom, de vesting, ontwijden en het bestendige kenmerk verwijderen. En men zal stellig het walgelijke ding dat verwoesting veroorzaakt, plaatsen."



Ik heb een ouderling wat vragen gesteld over het rechterlijke proces dat staat beschreven in Mattheüs 18 en hij zei dat het van toepassing is op kleine zonden zoals bedrog. Waarom heeft het genootschap de tekst op een dergelijke wijze geïnterpreteerd? Is het juist? De Twee-Getuigen regel lijkt redelijk wanneer het van toepassing wordt gebracht op grove zonden. Kunnen misbruikte kinderen en familieleden niet gewoon gerechtigheid zoeken via de kanalen van de Superieure Autoriteiten? Je antwoord hierop is belangrijk voor me, omdat ik het gevoel heb dat je teveel maakt van de NGO-kwestie en kindermisbruik. Ik vind het op muggenzifterij lijken. Ik vind dat je betere punten hebt op het vlak van leerstellingen.


Het Wachttorengenootschap gebruikt menigmaal de uitdrukking "ware aanbidding" in relatie tot Jehovah's Getuigen. Maar, wat is "ware aanbidding" nou eigenlijk precies? Jakobus 1:27 geeft het antwoord: "De vorm van aanbidding die van het standpunt van onze God en Vader uit bezien rein en onbesmet is, is deze: voor wezen en weduwen zorgen in hun verdrukking en zichzelf onbevlekt van de wereld bewaren."

Het is interessant dat leerstellige zaken hier niet genoemd worden, zelfs niet de koninkrijksprediking. Vanuit Jehovah's standpunt bezien vormt zorgen voor minderbedeelde mensen en zich onbevlekt bewaren van de wereld de basis voor ware aanbidding. Het zou daarom duidelijk moeten zijn dat kinderen beschermen tegen misbruik door seksuele roofdieren in de gemeente een prioriteit is bij ware aanbidding - tenminste, vanuit Jehovah's standpunt bezien.

Tevens, hoe kan het Wachttorengenootschap pochen over de beoefening van ware aanbidding wanneer ze zich niet onbevlekt heeft gedragen door haar wereldse verstrengeling met de Verenigde Naties?

Terwijl Jehovah's Getuigen wellicht de neiging hebben zulke zaken luchtig weg te wuiven, alsof ze onbelangrijk zijn, staat het falen van de organisatie om kinderen adequaat te beschermen tegen seksueel misbruik en het jammerlijke NGO-overspel van het Wachttorengenootschap vanuit Jehovah's standpunt bezien nauwelijks gelijk aan "muggenzifterij."

Wat betreft Mattheüs 18, Jezus gaf instructies om onenigheden tussen broeders op te lossen. Mattheüs 18:15-17 luidt: "Wanneer voorts uw broeder een zonde begaat, ga zijn fout dan blootleggen tussen u en hem alleen. Indien hij naar u luistert, hebt gij uw broeder gewonnen. Luistert hij echter niet, neem dan nog één of twee met u, opdat uit de mond van twee of drie getuigen elke zaak bevestigd wordt. Indien hij naar hen niet luistert, spreek dan tot de gemeente. Indien hij zelfs naar de gemeente niet luistert, dan zij hij u net als een mens uit de natiën en als een belastinginner."

Jezus' raad om te trachten onze onenigheden onder vier ogen op te lossen, is van toepassing op zaken als bedrog en laster en dergelijke. Het is niet van toepassing op zonden tegen God, zoals hoererij en zeker niet op kindermisbruik! Het is complete dwaasheid om van misbruikte kinderen te verwachten dat ze hun misbruiker onder vier ogen confronteren en trachten de zaken op te lossen. (Niet dat de organisatie dat adviseert.)

Verder zegt de tweede stap van Jezus' instructie, één of twee anderen meenemen die als getuigen dienen, niet dat die persoon of personen getuigen moeten zijn van de zonde zelf. Zij dienen als getuigen dat de gekwetste partij getracht heeft de zaken recht te zetten.

Dat het Wachttorengenootschap misbruikte kinderen gerechtigheid onthoudt omdat een derde partij niet getuige is geweest van de misdaad, is een verdorven verkeerde toepassing van Jezus' raad.

Wat betreft misbruikte kinderen die zich tot de autoriteiten wenden, dat is waarschijnlijk sowieso het beste om te doen. Het Wachttorengenootschap heeft onomstotelijk duidelijk gemaakt dat ze de organisatie op de eerste plaats zullen stellen, vóór de belangen van misbruikte kinderen, zodat er weinig over lijkt te blijven dan naar de wettelijke autoriteiten te gaan.

Kennelijk verkeren sommige ouderlingen in de dwaling dat Paulus' raad om een broeder niet voor de rechtbank te slepen van toepassing is op misdaden als misbruik. Dat is dus niet het geval. Paulus sprak over zaken die behandeld zouden moeten worden door het drie-stappen-proces uit Mattheüs 18 toe te passen. Maar, zoals reeds eerder opgemerkt, dit is niet van toepassing op kindermisbruik. Wanneer de gemeente en de organisatie geen gerechtigheid verlenen in deze zaken, dienen de wereldlijke autoriteiten zeker ook als Gods dienaren om te straffen en te beschermen.



Geachte heer, voor Kerstmis heb ik een vraag aan je ingezonden over hoe JG's die jouw materiaal gelezen hebben toch kunnen prediken binnen de regelingen die door de organisatie getroffen zijn, maar je hebt hier nog geen aandacht aan geschonken. Ik heb je gevraagd welke methoden jij persoonlijk gebruikt om te vermijden dat je lectuur met valse leerstellingen en VN propaganda aanbiedt, en hoe je omgaat met vragen vanuit je gemeente over je onorthodoxe stijl… Hoe kunnen we ons door Christus gegeven verplichting om tot anderen te prediken harmoniëren binnen het stelsel dat door de organisatie is gegeven? Dit is een groot struikelblok voor mij en anderen die treuren omdat ze het gevoel hebben dat ze niet met een zuiver geweten JG lectuur kunnen aanbieden die vol staan met onwaarheden… dus waar brengt dat ons met betrekking tot de prediking? Zou je alsjeblieft een commentaar of essay hierover kunnen schrijven met wat tips…wanneer je werkelijk bezorgd bent om ons in deze zaak te helpen?


Ok. Voor wat het waard is, het commentaar van deze week zal over dat onderwerp gaan. Bedankt.


Kan het zijn dat het Besturend Lichaam zichzelf manifesteert als de boze slaafklasse doordat ze wereldwijd vele gezalfden hebben misleid door de verkeerde interpretaties van profetie en door hun koppigheid om te veranderen? Of kan het Besturend Lichaam als geheel zich manifesteren als de feitelijke mens der wetteloosheid? Ze lijken hun 'medeslaven te slaan' door arrogant iedere alternatieve uitleg van hun medegezalfden te verwerpen, zelfs door personen met afwijkende ideeën uit de organisatie te werpen. En ze lijken hun mede Christenen ook constant te 'slaan' door vol te houden dat de meetlat van onze dienst aan God bestaat uit de mate waarin we het zware en uitputtende programma van werken volgen dat het BL ons heeft opgelegd.


Ik zou die conclusie niet te haastig trekken. Bedenk dat de boze slaaf en de getrouwe slaaf zich in hetzelfde huisgezin bevinden tot het moment dat de meester werkelijk aankomt. Dus, wanneer we alle leden van het Besturend Lichaam als de boze slaaf identificeren, wie dient er dan als de getrouwe en beleidvolle slaaf?

Het doel van de komst van de meester is de individuen die de leiding hebben in zijn huisgezin te belonen of te straffen. Het probleem zit hem dus niet in de instelling van het Besturend Lichaam of het Wachttorengenootschap, maar in de individuele personen die erin zitten. Hoogstwaarschijnlijk zijn de meeste broeders in het Besturend Lichaam eerlijk en oprecht. De meeste van hen zijn echter al vrij oud, dus we kunnen ons vanzelfsprekend afvragen hoe effectief een 80 of 90-jarige man in zijn toebedeling kan zijn, vooral wanneer hij beperkt wordt door slimmere en meer overtuigende jongere mannen.

Bedenk ook hoe Judas zich bevond binnen het lichaam van de oorspronkelijk persoonlijk uitgekozen apostelen van Christus. In het licht daarvan zijn de hedendaagse boze slaven waarschijnlijk in de minderheid. Maar, er zijn slechts enkele krachtige persoonlijkheden nodig om een gehele organisatie hun richting op te sturen.

Een andere factor die beschouwd moet worden: Enkele jaren geleden heeft het Besturend Lichaam het bestuur van het Wachttorengenootschap uit handen gegeven. Ze hebben niet langer het opzicht over de dagelijkse gang van zaken van de organisatie. Dat betekent bijvoorbeeld dat de wettelijke afdeling niet langer verantwoording aflegt aan het Besturend Lichaam. Zoals het er nu voorstaat, zou het Besturend Lichaam niet eens controle kunnen uitoefenen over de Wachttoren Corporatie, ook al zouden ze dat proberen!

Een ding lijkt echter zeker: De voorzegde afval die onmiddellijk vooraf gaat aan Christus' tegenwoordigheid is reeds begonnen, en het "mysterie van zijn wetteloosheid" wordt zichtbaar, wat bewezen wordt door de NGO verbintenis van het Wachttorengenootschap met de Verenigde Naties.

Paulus onthulde verder dat de mens der wetteloosheid tot een bepaald moment zekere beperkingen zou hebben, totdat hij zich volledig zal manifesteren in Jehovah's geestelijke tempel. 2 Thessalonicenzen 2:6-8 luidt:

"En zo weet gij nu wat als een belemmering werkt, met het oog op het geopenbaard worden van hem op zijn eigen bestemde tijd. Het mysterie van deze wetteloosheid is weliswaar reeds aan het werk, maar alleen totdat hij die op het ogenblik als een belemmering werkt, niet meer in de weg staat. Want dan zal de wetteloze geopenbaard worden, die door de Heer Jezus weggedaan zal worden door de geest van zijn mond en tenietgedaan zal worden door de manifestatie van zijn tegenwoordigheid."

Het zou kunnen zijn dat de oude leden van het Besturend Lichaam, met al hun gebreken als degenen "die als een belemmering werkt" zijn geweest, maar dat ze uit de weg geschoven worden door een opkomende satanische mens der wetteloosheid. In ieder geval is het een "mysterie," zoals de apostel het beschrijft, wiens hulpmiddelen we enkel zullen zien op de tijd wanneer Christus de mens der wetteloosheid aan een ieder openbaart.



Wanneer we zouden geloven dat Adam de laatste Schepping was op de zesde dag, dan zou het waar zijn dat 1975 het einde was van de rustdag (7de dag). Maar, we weten nu dat Eva de laatste schepping was. Stel je voor dat Eva honderden jaren na de schepping van Adam geschapen is, dan zou dit betekenen dat er nog honderden jaren moeten volgen voordat het einde van de rustdag plaatsvindt. Hoe kun je zo zeker weten dat de tegenwoordigheid van Jezus nabij is?


We willen niet nogmaals door dit soort chronologie misleid worden, maar is het werkelijk redelijk te veronderstellen dat Adam honderden jaren alleen was in de Tuin? Ongetwijfeld ging de tijd voor een volmaakte man anders voorbij in het paradijs dan wij ons kunnen voorstellen, maar honderden jaren lijkt niet redelijk te zijn. De enige indicatie over hoeveel tijd er voorbij is gegaan tussen Adam en Eva's schepping, is dat Adam alle dieren een naam gaf in de tijdsperiode vóór de schepping van Eva. Dat kan Adam vele jaren, zelfs decennia hebben beziggehouden.

Er wordt ons ook het gevoel gegeven dat Adam plotseling besef kreeg van het feit dat hij alleen was in die periode, want toen hij uiteindelijk Eva zag, zei hij: "Dit is eindelijk been van mijn gebeente en vlees van mijn vlees!" Maar hoe lang was Adam alleen in de Tuin? We weten het eenvoudig niet.

Het is echter interessant dat veel van de patriarchen van na de Vloed die in het 11de hoofdstuk van Genesis worden opgenoemd, vader werden van zonen toen ze dertig jaar oud waren. Onder de Joodse wet mocht een man niet in de tabernakel dienen totdat hij 30 jaar oud was. En niet toevalligerwijs had Jezus (Ook wel de "tweede mens" en de "laatste Adam" genoemd) ook die leeftijd toen hij door Johannes de Doper werd aangekondigd als de messiaanse bruidegom. Het feit dat Christus zijn moeder en vader in geestelijke zin verliet en zijn "vrouw" nam en de twee één vlees werden, werd door Paulus een groot heilig geheim genoemd.

Dus, ondanks dat er geen manier bestaat om het met zekerheid te weten, blijft het mogelijk dat Jehovah Eva aan Adam voorstelde toen hij 30 jaar oud was. Volgens onze huidige tijdsrekening zou dit betekenen dat het jaar 2005 het 6000ste jaar is sinds de start van Gods grote Sabbat rustdag.

Maar, daar zouden we niet teveel aandacht aan moeten besteden omdat het enkel gissen is. De nabijheid van Christus' tegenwoordigheid wordt niet onderscheiden door middel van wiskundige berekeningen. Het is duidelijk door wat er gebeurt in de wereld en onder Gods volk.

Er zijn vele dingen waar we op kunnen wijzen. Kijk naar de zich opstapelende donkere oorlogswolken aan de horizon. Het nieuws van deze week versloeg bijvoorbeeld dat Rusland een grote militaire oefening in de planning heeft om een grootscheepse nucleaire oorloge te simuleren. Maar, waarom doen ze dat? Is de Koude Oorlog niet over?

De reden is dat ze zich bedreigd voelen door de groeiende militaire expansie van de Anglo-Amerikaanse Zionistische machten. In de wereld van geopolitiek waarin veel op het spel staat, zijn grootschalige nucleaire oorlogsspelen bedoeld om een boodschap over te brengen - soortgelijk aan een leeuw die brult en zijn scherpe tanden blootlegt. De Russen zien natuurlijk dat de Verenigde Staten de bedoeling heeft de controle over de olierijke Kaspische Zee uit te breiden. Gezien de huidige trends lijkt het onvermijdelijk dat er een nucleaire confrontatie zal plaatsvinden.

Misschien zal de dreigende storm overwaaien, maar misschien ook niet. Het lijkt waarschijnlijk dat zelfs een kleine nucleaire confrontatie zal dienen als het middel waardoor de natiën mat van vrees worden - zoals Jezus voorzegd heeft over zijn tegenwoordigheid.

Kijk ook naar de politieke situatie omtrent de drie grootste nucleaire bondgenoten: Israëls premier, de Britse premier en de gehele Amerikaanse regering staan onder grote politieke druk en worden zelfs beschuldigd van misdadige praktijken, wat hun collectieve ineenstorting zou kunnen betekenen. De andere kant van de medaille is dat het hun kan dwingen tot het vooraf starten van nieuwe oorlogen, omdat ze bang zijn uit hun positie gestoten te worden. Met andere woorden, intense druk kan hen ertoe dwingen datgene wat ze doen met nog meer spoed te doen.

Nog iets anders: de Verenigde Staten is failliet. Zoals conservatieve Republikeinen zijn verward over de verbazingwekkende snelheid waarmee de nationale schuld oploopt. De situatie is kennelijk zo ernstig dat de waarde van de dollar op dit moment tot een nulpunt gedaald zou zijn (en daarmee het wereldwijde financiële stelsel in de afgrond meenemend), ware het niet dat de Japanse centrale bank via reguliere grootse "vrije markt" ingrepen miljoenen en miljoenen dollars koopt. Op een bepaald moment, ongetwijfeld zeer binnenkort, kan geen enkele financiële truck de onvermijdelijke crash voorkomen.

In geen enkele andere tijd in de geschiedenis heeft de wereld zich op een dergelijk cruciaal breekpunt bevonden.

Dan zijn er ook nog de interne kwesties van Jehovah's Getuigen die erop wijzen dat de omstandigheden er zijn voor Christus om het uur van oordeel te beginnen.

Ironisch genoeg zou de jaartekst van de organisatie de meest tijdige tekst ooit kunnen zijn:

"Waakt voortdurend…toont u gereed."



 
         
Home | Essays | Postzak | Commentaren | Gastenboek | Links | Tools | Site Map | The Watchman