| In het licht van deze "verklaring" lijkt
het helaas echter niet alleen zo te zijn dat het Wachttorengenootschap
schuldig is aan geestelijke prostitutie, maar dat ze zichzelf
nu als regelrechte leugenaars bloot hebben gesteld aan openbare
schande!
Het Wachttorengenootschap beweert bijvoorbeeld dat de
DPI registratiepapieren "geen
verklaringen bevatten die in strijd zijn met onze christelijke
geloofsopvattingen."
Is dat echter werkelijk waar?
We hebben de registratiepapieren niet tot onze beschikking
om ze eens te bekijken, maar de website van de VN legt uit
dat aanvragers hun toezegging en vermogen om met de VN samen
te werken moeten aantonen en dat ze tenminste zes
voorbeelden moeten aanleveren die aantonen hoe ze propaganda
maken voor de VN voordat hun aanmelding zelfs maar in beschouwing
wordt genomen. Was het Wachttorengenootschap op de hoogte
van deze aanmeldingsprocedure? Kennelijk wel. Er bestaat
geen reden om te geloven dat de VN in hun geval een uitzondering
heeft gemaakt en hun aanmelding heeft goedgekeurd zonder
dat ze voldaan hebben aan de gestelde vereisten voor NGO's.
Het is duidelijk dat het Wachttorengenootschap reeds lang
voordat ze in 1991 een aanmelding indiende, begonnen is
met lonken naar de VN. Zie de ingebonden jaargangen. Daarom
bevatte de Wachttoren en Ontwaakt in de 80'er
jaren kennelijk VN propaganda, voordat ze zich feitelijk
aanmeldden om een NGO te worden.
In het document dat de lezer heeft verschaft, citeerde
het WTG de VN door te zeggen: "Als
een NGO geassocieerd is met DPI betekent dit niet dat de
NGO deel uitmaakt van het systeem van de Verenigde Naties
en heeft de NGO en haar staf evenmin recht op privileges,
immuniteiten of speciale status."
Ok, alles goed en wel. Niemand beweert dat NGO's deel
uitmaken van het systeem van de Verenigde Naties. De hele
definitie van een non-gouvernementele organisatie is dat
ze geen deel uitmaken van de Verenigde Naties, maar
dat ze enkel overeenkomen ermee samen te werken. En dat
is wat het Wachttorengenootschap heeft gedaan.
Het is interessant dat het document waaruit het citaat
genomen is, teruggevonden kan worden op de website van de
VN door deze
link te volgen. Scroll naar beneden tot het onderkopje:
"Wat is de procedure voor NGO's om zich te associëren
met DPI?" (klik
hier voor de Nederlandse versie) Merk op: De voetnoot
bij die sectie werd door het Wachttorengenootschap geciteerd.
Maar, daarboven, direct onder het kopje, staan de werkelijk
criteria voor NGO's die zich aanmelden.
Dit is wat er staat: "Een
NGO die voldoet aan de gestelde criteria moet een officiële
brief sturen naar het Hoofd van de NGO Sectie van het Departement
Informatie waaruit belangstelling blijkt voor associatie
met DPI. In de brief moet ook de redenen staan waarom de
organisatie wil aansluiten. Bovendien moet de betreffende
NGO kort zijn informatieprogramma's beschrijven. De brief
moet vergezeld worden van minstens zes voorbeelden van informatiemateriaal,
geproduceerd door de organisatie. Referentiebrieven van
VN-departementen, VN- programma's en gespecialiseerde agentschappen,
en/of VN-informatiecentra en diensten (UNIC's en UNIS's)
zullen de kansen aanmerkelijk vergroten."
Het Wachttorengenootschap beweert dat men niet
wist wat een NGO zijn precies inhield. Toch hebben ze geciteerd
uit een document, waarin de criteria voor toekomstige NGO's
duidelijk uiteen worden gezet!
Volgens de criteria zou het Wachttorengenootschap,
zoals reeds eerder vermeld, tenminste zes voorbeelden moeten
aanleveren van de wijze waarop ze actief VN propaganda aan
het lezerspubliek verspreiden. En niet alleen dat, maar
het Wachttorengenootschap zou aan de VN moeten beschrijven
waarom ze als een NGO verbonden willen zijn. Het
moge duidelijk zijn dat "we willen een bibliotheekkaart"
op het aanmeldingsformulier niet erg overtuigend zou overkomen.
De VN wil weten wat de aanvrager aan hen te bieden
heeft, niet wat de aanvrager van hen wil.
Het Wachttorengenootschap suggereert dat zulke vereisten
niet bestonden toen ze zich oorspronkelijk inschreven als
een NGO, maar dat enkel nadien, zonder hun medeweten,
de NGO vereisten veranderd werden.
Nadat ik deze vraag vorige week via de e-mail binnenkreeg,
heb ik de VN's
DPI (Departement van Informatie) persoonlijk gemaild
en hen hierover vragen gesteld.
Ze antwoordden onmiddellijk met een standaard email, kennelijk
omdat zoveel Jehovah's Getuigen in de laatste maanden onderzoek
hebben gedaan naar deze kwestie. Ze vermeden het specifiek
op de zaak van het Wachttorengenootschap in te gaan, vanzelfsprekend
om juridische redenen, maar in essentie bevestigden ze dat
het Wachttorengenootschap willens en wetens voldaan
heeft aan de vereisten van de VN voor NGO's.
Hier is de
e-mail die de VN aan e-watchman gezonden heeft.
Er valt niet aan het feit te ontkomen dat het Wachttorengenootschap
vanaf het begin haar toewijding aan de principes
van de VN heeft moeten demonstreren, wilde ze door de VN
geaccepteerd worden als een NGO.
Dat zijn opgedragen dienaren zo iets doen, staat volgens
Jehovah's criteria gelijk aan geestelijke prostitutie!
Kennelijk moeten NGO's zich elk jaar opnieuw registreren
en regelmatig de meest recente voorbeelden insturen van
de wijze waarop ze samenwerken met de VN met de afgesproken
middelen daartoe. Een NGO van de Verenigde Naties zijn is
een voortdurende relatie en niet simpelweg een kwestie
van het invullen van een eenmalige aanmelding - zoals de
brief van het Wachttorengenootschap suggereert. En, zoals
werd aangetoond in de essays over dit onderwerp, is het
Wachttorengenootschap kennelijk voortgegaan met het sturen
van delen uit haar werk aan de Verenigde Naties, zoals
vereist was, om zodoende te bewijzen dat ze de vereisten
van een NGO na is gekomen.
(De mensenrechten website
van de VN vermeldt een Ontwaakt artikel uit 1998,
als een voorbeeld van een ondersteunende organisatie. Voor
een online voorbeeld van het soort van artikelen die het
Wachttorengenootschap zou kunnen indienen, klik
hier.)
Het Wachttorengenootschap beweert dat de aanvraag die ze
in de archieven hadden liggen, geen bezwaarlijke taal bevatte,
maar dat een latere editie van de NGO aanvraag "bewoordingen
bevatte die wij niet kunnen onderschrijven".
En, "toen wij ons dit realiseerden, hebben wij onze registratie
onmiddellijk ingetrokken. Wij zijn dankbaar dat deze aangelegenheid
onder onze aandacht werd gebracht."
Maar, zelfs wanneer latere aanvragen werkelijk andere
taal bevatten, wat zou dat ertoe doen wanneer het Wachttorengenootschap
zich niet elke jaar opnieuw zou moeten registreren
of opnieuw zou moeten kwalificeren om aan de criteria te
voldoen? Dat bewijst in zichzelf al dat het Wachttorengenootschap
zich jaarlijks moest registreren en het meest recente
werk moest overleggen om aan te tonen op welke wijze ze
informatie over de VN verspreidden.
In de laatste
persverklaring van het DPI van de VN, worden er nieuw
geaccepteerde NGO's opgesomd, alsook NGO's die niet langer
aan de criteria voldeden en als gevolg daarvan afgescheiden
zijn van het DPI. Dit geeft duidelijk aan dat NGO lidmaatschap
voorwaardelijk is en jaarlijks opnieuw beschouwd
werd en niet eenvoudig een kwestie is van eenmalige inschrijving.
Van NGO's wordt verwacht dat ze voortdurend hun toewijding
om met het DPI samen te werken demonstreren en ze worden
onderzocht of ze nog voldoen aan de eisen. Zo niet, dan
worden ze gediskwalificeerd. Laat de lezer opmerken dat
het Wachttorengenootschap niet gediskwalificeerd
is door het DPI.
Het Wachttorengenootschap wil bij ons de indruk
wekken dat hun lidmaatschap als een NGO beperkt was tot
het enkel toegang hebben tot VN archieven en dat ze niet
vrijwillig in enige hoedanigheid hebben gefunctioneerd die
wellicht gewoon is voor een NGO.
Dat is een schaamteloze leugen!
Hier is bijvoorbeeld een link naar een organisatie genaamd
Vilnius
International Forum, die in oktober van het jaar 2000
een bijeenkomst organiseerde die exclusief voor internationale
gouvernementele en non-gouvernementele organisaties (NGO's)
bedoeld was die geïnteresseerd zijn in de holocaust; specifiek
- het terughalen van buit van de Nazi's.
Wanneer we de bovenstaande link volgen, zien we dat het
Wachttorengenootschap in het programma wordt genoemd als
een deelnemende internationale NGO, alsook drie Jehovah's
Getuigen die genoemd worden als functionarissen die het
Wachttorengenootschap vertegenwoordigen. James Pellechia
wordt genoemd als een redacteur van het Wachttorengenootschap
en een lid van de public relations afdeling van het hoofdkantoor.
Hij was één
van de sprekers op het forum in het programma van 5
oktober en zijn korte, zeven minuten durende presentatie
voor het forum kan gedownload worden. (Hij staat bijna onderaan
de gelinkte pagina, onder 9:30)
In zijn lezing bedankt Broeder Pellechia het forum uit
naam van Jehovah's Getuigen voor het speciaal uitnodigen
van het Wachttorengenootschap om aan het programma deel
te nemen. Hij verwijst discreet niet naar de NGO status
van het Wachttorengenootschap, maar daar het Wachttorengenootschap
feitelijk samen met andere erkende NGO's deelnam aan de
presentatie, is het duidelijk dat het Wachttorengenootschap
wist dat haar eigen NGO status veel meer inhield dan enkel
het doen van onderzoek in de bibliotheek faciliteiten van
de VN.
Toegegeven, er is niets sinisters aan Jehovah's Getuigen
die spreken over de kwesties in de Holocaust. Vele duizenden
Bijbelonderzoekers waren tenslotte slachtoffers van de Nazi
Holocaust; dus er is niets op tegen dat onze stem gehoord
wordt in die kwestie of op het eisen van wettelijke restitutie.
Het punt is echter dat het Wachttorengenootschap binnen
het forum als een NGO vertegenwoordigd was. In het
licht van de vasthoudendheid van het Wachttorengenootschap
dat ze niet wisten wat er bij het NGO lidmaatschap gemoeid
was, is dat het probleem.
Dit is dus nóg een leugen, omdat het Vilnius Forum een
jaar voordat de Guardian de NGO relatie van het Wachttorengenootschap
blootlegde, plaatsvond. Functionarissen van het Wachttorengenootschap
moeten heel goed geweten hebben dat Jehovah's Getuigen door
andere organisaties erkend werden als een functionerende
NGO op het moment dat ze een uitnodiging ontvingen om deel
te nemen aan het Vilnius Forum. Daarom logen ze toen ze
zeiden dat ze "de registratie onmiddellijk introkken"
toen het in oktober 2001 onder hun aandacht werd gebracht.
Iets anders waardoor velen het "bibliotheekkaart" verhaal
van het Wachttorengenootschap in twijfel trekken, is dat
het niet eens waar blijkt te zijn dat een organisatie als
een NGO geregistreerd moest zijn om toegang te krijgen
tot VN documenten en bibliotheken - in ieder geval niet
vóór 11 september 2001.
Volgens het hoofd
bibliotheekzaken van de Dag Hammarskjöld bibliotheek
faciliteit van de VN, werden voor 9-11 tijdelijke toegangspassen
toegewezen aan bevoegde wetenschappers en onderzoekers zonder
NGO status. Als gevolg van de toegenomen veiligheidsmaatregelen
in de nasleep van 11 september heeft de VN echter iedereen
de toegang tot het gebouw ontzegd, met uitzondering van
VN functionarissen. Ook NGO vertegenwoordigers vormen een
uitzondering.
Natuurlijk was het Wachttorengenootschap lang voor 9-11
een NGO en trok het zichzelf één maand na 9-11 terug, in
oktober 2001.
In principe is het dus waar wat het Wachttorengenootschap
zegt, namelijk, dat toegang tot de VN bibliotheek faciliteiten
op het hoofdkantoor van de Verenigde Naties op dit moment
beperkt is tot VN personeel, regeringsfunctionarissen en
NGO's. Dat was echter niet het geval op het moment
dat het Wachttorengenootschap zich in 1991 aanmeldde voor
lidmaatschap als een NGO. Een nauwkeurige beschouwing van
de feiten leidt tot de onvermijdelijke conclusie dat het
Wachttorengenootschap misleidend is.
Het Wachttorengenootschap laat trouwens na op iets volkomen
logisch te wijzen. En, wat is dat? Volgens het DPI is de
enige reden dat NGO's door het Departement van Informatie
geassisteerd worden in het toegang krijgen tot informatie,
dat NGO's op effectievere wijze hun rol kunnen vervullen
in het verspreiden van informatie aan het lezerspubliek.
Wederom kan er niet onderuit gekomen worden dat NGO's
moesten instemmen in samenwerking met het DPI door ten gunste
van de Verenigde Naties te propageren.
De tweede paragraaf onder het kopje "Wat
is een NGO" zegt: "Het
DPI helpt deze NGO's om toegang te krijgen tot informatie
over de reeks activiteiten waarbij de VN betrokken is en
deze te verspreiden. Zo geven ze ook het publiek de gelegenheid
de doelstellingen van de Wereldorganisatie beter te begrijpen."
(klik
hier voor de Nederlandse versie)
Onder het kopje "Hoe
ondersteunt het Departement Informatie de NGO's?" bespreekt
dezelfde VN website ook de criteria voor NGO lidmaatschap.
Er wordt gezegd dat DPI "de
toegangspassen verzorgt voor hoofd- of plaatsvervangende
NGO-vertegenwoordigers voor "open" bijeenkomsten van de
VN-organen; voor foto-, film- en audiobibliotheken van
het Departement Informatie; voor de Dag Hammarskjöld-bibliotheek…"
(klik
hier voor de Nederlandse versie)
Dus, nadat de beveiliging is toegenomen, bewerkstelligt
het hebben van NGO status zeker dat vertegenwoordigers van
een dergelijke organisatie toegang krijgen tot bepaalde
bijeenkomsten en faciliteiten in het VN hoofdkantoor, alsook
de Dag Hammarskjöld Bibliotheek. Zelfs met de toegenomen
veiligheidsmaatregelen is het echter nog steeds niet nodig
dat een organisatie een NGO moet worden om toegang te krijgen
tot de vele zogenoemde depotbibliotheken van de VN.
Maar, wat zijn depotbibliotheken? Dit zijn officiëel aangewezen
en op andere plekken gesitueerde bibliotheken met
VN materiaal. Er zijn er meer dan 400 over de hele wereld.
Wie hebben toegang tot informatie in depotbibliotheken?
Op de Depot
website van de VN wordt onder het eerste onderkopje
"Wat is het Doel van het Depotbibliotheken Stelsel?"
gezegd: "Het
algemene publiek kan het materiaal in depotbibliotheken
zonder kosten inzien."
De VN Depotbibliotheken plaatsbepaler noemt Columbia
University als één van de depotbibliotheken in New York
(Scroll naar beneden tot New York). Het Wachttorengenootschap
in Brooklyn had in de Universiteit eenvoudig toegang kunnen
krijgen tot researchmateriaal van de VN, zonder daarvoor
naar het VN hoofdkantoor te moeten.
En in het licht van de nogal lichte en oppervlakkige wijze
waarop de Wachttoren en Ontwaakt verslag hebben
gedaan van activiteiten van de Verenigde Naties, hadden
ze al de benodigde research eenvoudig kunnen doen zonder
zich als NGO aan de VN te verbinden.
De VN is een enorme bureaucratie met een ontstellend aantal
documenten. En kennelijk hebben ze zich veel inspanningen
getroost om die informatie voor het algemene publiek toegankelijk
te maken. De VN zegt op de website van het Informatie
Centrum zelfs het volgende: "De
Verenigde Naties kan haar doelen niet bereiken wanneer de
mensen in de wereld niet volledig geïnformeerd zijn over
haar doelen en activiteiten."
In de afgelopen jaren is er een geweldige hoeveelheid
informatie beschikbaar geworden via het Internet. Hier is
bijvoorbeeld een link naar UN-I-QUE
(United Nations info Request). Die pagina heeft links naar
de United
Nations Documentation Info Guide, de United
Nations Depository Library, alsook United
Nations Information Centers over de gehele wereld. Er
is ook een overvloed aan Publicaties
van de Verenigde Naties beschikbaar voor aanschaf. Dan
bestaat er het UNBISnet,
dat beschikbaar is voor het algemene publiek. Er is een
UN
Documents on Demand website die aangevraagde documenten
tegen vergoeding opstuurt. Dan zijn er zogenoemde Small
and Field Libraries die online beschikbaar zijn. En
er is de website van de Dag
Hammarskjöld Bibliotheek.
Zonder enige twijfel bestaan er ontoegankelijke en geheime
documenten die enkel beschikbaar zijn voor regeringsfunctionarissen
en dergelijke, waartoe zelfs NGO's geen toegang hebben, maar
bij het onderzoeken van de informatie-websites van de VN heeft
deze onderzoeker niets gevonden dat erop wijst dat
VN-informatie en bibliotheken ooit exclusief toegankelijk
waren voor NGO's.
Zoals eerder gezegd lijkt er geen informatie te zijn over
de VN waarover de Wachttoren en Ontwaakt verslag
hebben gedaan, die voor gewone onderzoekers niet eenvoudig
toegankelijk is.
Het lijkt erop dat de gehele officiële verklaring
van het Wachttorengenootschap voor hun NGO lidmaatschap
een fictie is. Wellicht zou het Wachttorengenootschap eens
commentaar kunnen geven op het feit dat er geen enkel bewijs
is dat ze een NGO moesten worden om toegang te hebben
tot de VN bibliotheken.
Trouwens, gezien het feit dat het Wachttorengenootschap
kennelijk een diepgaand begrip heeft van de diverse
VN instellingen en hun vele programma's om de wereld te
redden, hoe zouden ze dan niet kunnen weten wat er
bij het NGO zijn betrokken was? Voor zulke expert onderzoekers
van de VN is dat een ongeloofwaardige bewering!
Zonder twijfel is het meest vernietigende bewijs echter
niet het feit dat het Wachttorengenootschap geregistreerd
was als een NGO, maar dat het Wachttorengenootschap zo plichtsgetrouw
is geweest in het verslag doen van VN activiteiten op de
gedrukte bladzijden van de Ontwaakt en de Wachttoren
- zoals werd besproken in het "Prostitutie"
essay.
De openingszin in de brief van het Wachttorengenootschap
(in de vraag van de lezer) luidt: "Het
doel van ons geregistreerd staan bij de "Department of Public
Information" als een NGO in 1991 was toegang te hebben tot
beschikbaar researchmateriaal over gezondheid, ecologie
en sociale problemen in de bibliotheekfaciliteiten van de
Verenigde Naties."
De vraag die we ons zouden moeten stellen is: Waarom?
Waarom zou het Wachttorengenootschap überhaupt
toegang willen hebben tot onderzoeksinformatie over de VN
programma's?
Waarom die obsessie voor het onderzoeken van en
verslag doen over de VN? Waarom wordt "Verenigde
Naties" bijvoorbeeld twee maal zoveel aangetroffen in de
Ontwaakt dan de uitdrukking "Gods koninkrijk"?
Waarom heeft het Wachttorengenootschap het gevoel
dat het zo belangrijk is Jehovah's Getuigen in die
mate te informeren over de VN?
Als de VN een "walgelijk ding" is in Gods ogen,
waarom moeten Jehovah's Getuigen dan zo geïnformeerd
zijn over al haar programma's en instellingen?
Wellicht zou het Wachttorengenootschap enkele van deze
vragen willen beantwoorden?
De schriftplaats zegt "liefde gelooft alle dingen."
We willen dus werkelijk geloven wat het Wachttorengenootschap
ons over deze kwestie zegt. We willen niet overdreven
achterdochtig of beschuldigend zijn - vooral niet tegen
onze broeders die de leiding hebben.
Helaas tonen de feiten echter aan dat het Wachttorengenootschap
ons vertrouwen geschaad heeft. Ze hebben ons ronduit voorgelogen
en rekenen erop dat de zachtmoedige en vertrouwende natuur
van Jehovah's Getuigen hen ervan weerhoudt hen verder te
ondervragen. De Public Relations afdeling van Bethel wil
ons laten geloven dat 'tegenstanders' wilde verhalen verzinnen
over het Wachttorengenootschap en het trachten te besmeuren
met leugens. Oh! Was dat maar waar!
Ondanks dat onze vele tegenstanders de hypocrisie van
het Wachttorengenootschap natuurlijk trachten uit te buiten,
is de waarheid dat het Wachttorengenootschap zelf heeft
toegestaan dat "bepaalde mannen" de gehele organisatie
richting hypocrisie en regelrechte afval hebben gestuurd.
En het is werkelijk schandalig dat Jehovah's Getuigen
die bekend worden met de situatie en in de gemeente spreken
over de slinksheid van het Wachttorengenootschap in de NGO
kwestie, het risico lopen als afvalligen gebrandmerkt te
worden en zelfs de kans lopen dat gerechtelijke actie tegen
hen wordt ondernomen, voor het enkel suggereren dat
het Wachttorengenootschap schuldig is aan ook maar iets
ongepasts!
Toch wordt het door de uitleg van het Genootschap duidelijk
dat Bethel niet de geneigdheid bezit om schuld te bekennen
en ons de waarheid te vertellen. De verantwoordelijke broeders
in Brooklyn die heel goed op de hoogte zijn van de diepte
van de NGO verwikkeling van het Wachttorengenootschap, zijn
bereid arrogant achterover te leunen en toe te staan dat
Jehovah's Getuigen worden uitgesloten vanwege hun
eigen dubbelhartige, leugenachtige hypocrisie.
Hoe passend is Ezechiëls profetische beschrijving van
onze vorsten op Bethel: "Haar vorsten in haar midden
zijn als wolven die prooi verscheuren, doordat zij bloed
vergieten, doordat zij zielen verdelgen om onrechtvaardige
winst te maken. En haar profeten hebben voor hen met witkalk
gepleisterd, door een onwerkelijkheid te schouwen en een
leugen voor hen te waarzeggen…" (Ezechiël 22:27, 28)
De organisatie is werkelijk gezonken tot een deplorabele,
geestelijk zieke toestand.
Het Wachttorengenootschap gedraagt zich echter alsof ze
boven verantwoording staat. Realistisch bezien zouden ze
echter niet al te bezorgd moeten zijn over kleine stemmetjes
als e-watchman die hen in dit opzicht leugenaars
noemt.
Jehovah's Getuigen zijn echter niet de belangrijkste partij
die door de dubbelhartigheid en oneerlijkheid van het Wachttorengenootschap
getroffen wordt. In plaats daarvan zou ons leiderschap op
Bethel eens ernstig moeten nadenken over de implicaties
van Jesaja 57:11. Dat is Jehovah's vooraf opgetekende rechterlijke
beslissing die tegen de leiders van zijn volk gericht zal
zijn gedurende hun oordeel. Op vooruitziende wijze
vraagt Jehovah:
"Voor wie werdt gij beducht en bevreesd, zodat gij
uw toevlucht tot liegen hebt genomen? Maar aan mij hebt
gij niet gedacht. Gij hebt niets ter harte genomen. Bewaarde
ik niet het stilzwijgen en hield ik geen zaken verborgen?
Voor mij hadt gij dus geen vrees."
Jehovah's Getuigen willen wellicht geloven dat de betrokkenheid
van het Wachttorengenootschap bij de VN onschuldig was,
en dat moeten ze zelf weten; maar denk je werkelijk dat
Jehovah in de 'bibliotheekkaart' smoes zal trappen
wanneer de tijd voor hem komt om zijn lange stilzwijgen
te verbreken en verantwoording te vragen voor de godslastering
van degenen die pochend zeggen 'een rein volk voor zijn
naam' te zijn?
|