Ten Dienste van Jehovah's Getuigen en het Wachttorengenootschap
 

Week van: 21 t/m 27 Maart 2004


 

Er bestaat veel verwarring omtrent de tijd van het einde. Sommige schriftplaatsen zeggen dat er een grote afval zal plaatsvinden, anderen juist dat er een grote toestroming richting Jehovah zal zijn. Gebeuren deze beiden tegelijkertijd of op verschillende tijden?


Er bestaat geen echte verwarring onder Jehovah's Getuigen - nog niet tenminste. Het Genootschap denkt het allemaal te weten. Eén ding moet echter duidelijk zijn en dat is het volgende: Jehovah heeft een Oordeelsdag, waarop hij mensen zal scheiden, de één van de ander - de goeden van de slechten - de getrouwen van de ontrouwen. Echter, onmiddellijk vóór en tijdens Jehovah's dag zal er een afval plaatsvinden.

Sprekend over Christus' tegenwoordigheid, schreef Paulus het volgende aan ons: "Laat niemand u op enigerlei wijze misleiden, want die dag komt niet tenzij eerst de afval komt en de mens der wetteloosheid wordt geopenbaard, de zoon der vernietiging." (2 Thessalonicenzen 2:3)

Helaas zijn Jehovah's Getuigen ertoe misleid te geloven dat Paulus' profetie meer dan duizend jaar geleden in vervulling is gegaan op het moment dat de Katholieke instelling tot bestaan kwam; als zijnde de oorspronkelijke belichaming van de afval van Christus' leerstellingen. Natuurlijk is de Christenheid een afval van de waarheid. Het is echter niet redelijk dat Jehovah, als teken van Christus' op handen zijnde tegenwoordigheid, een teken zou geven dat zo'n 1700 jaar geleden in vervulling is gegaan. Het is redelijker te geloven dat de afval die voorafgaat aan Christus' tegenwoordigheid een afval onder Jehovah's eigen gezalfde gemeente is - zoals die bijvoorbeeld reeds gezien kan worden in de NGO affaire van het Wachttorengenootschap.

Wat betreft de grote toestroming, zoals jij dat noemt, de profetie van Haggaï zegt dat God alle natiën zal schudden en dat de begeerlijke personen uit alle natiën als gevolg van die wereldschokkende ontwikkelingen verzameld zullen worden in Gods gereinigde huis van aanbidding. Strikt genomen is er nog geen "grote schare". Die wordt gevormd gedurende de verdrukking en elk lid van de zogenoemde grote schare komt uit de verdrukking in Jehovah's nieuwe wereld. De grote bijeenverzameling is daarom hoogstwaarschijnlijk een herverzameling van degenen die tegen die tijd gestruikeld en verstrooid zijn door de vervolgingen en beproevingen die nog komen gaan.

Maar, terwijl de meerderheid van Jehovah's Getuigen echter niet verward is over hetgeen de nabije toekomst zal brengen, wat zal er gebeuren wanneer onze verwachtingen niet overeenkomen met de zich ontvouwende realiteit? Het is zeker dat het een tijd van grote verwarring zal zijn voor Jehovah's Getuigen, omdat het Wachttorengenootschap ons geïndoctrineerd heeft met een verkeerd beeld van wat er zal gebeuren tijdens de verdrukking. Verder wekt het Wachttorengenootschap niet de indruk de profetieën opnieuw in beschouwing te willen nemen. Hun koppige weigering te luisteren naar elke raad geeft ons vrijwel de verzekering dat de aankomst van Jehovah's Dag binnen de organisatie voor grote verwarring zal zorgen.

Dat lijkt echter het middel te zijn waardoor Jehovah de scheiding en definitieve inzameling zal veroorzaken. Zoals je je wellicht kunt herinneren, moesten de apostelen een zeer moeilijke tijd van verwarring doorstaan toen Christus, in tegenstelling tot hun verkeerde verwachtingen, werd gedood door de Joden. Jezus waarschuwde Petrus zelfs van tevoren dat Satan de discipelen had opgeëist om hen te ziften als tarwe. Wij worden binnenkort ook onderworpen aan een zelfde soort beproeving van zifting, opschudding en verwarring die enkel doorstaan kan worden door degenen die werkelijk geloof hebben in Jehovah en Christus.

Jesaja 22:5 zegt bijvoorbeeld: "Want het is de dag van verwarring en van vertreding en van ontsteltenis die de Soevereine Heer, Jehovah der legerscharen, heeft in het dal van het visioen. Daar is de vernieler van de muur, en het geschreeuw naar het gebergte."

Ezechiël 7:5-7 luidt: "Dit heeft de Soevereine Heer Jehovah gezegd: 'Een rampspoed, een unieke rampspoed, zie! hij komt. Ja, een einde moet er komen. Het einde moet komen; het moet voor u ontwaken. Zie! Het komt. De krans moet tot u komen, o bewoner van het land, de tijd moet komen, de dag is nabij. Er is verwarring, en niet het gejuich van de bergen.'"

Het 1ste hoofdstuk van Joël voorzegt de verwoesting van Gods heilige plaats: "Ach de dag; want de dag van Jehovah is nabij, en als een gewelddadige plundering van de Almachtige zal hij komen! Is niet het voedsel zelf voor onze eigen ogen afgesneden, van het huis van onze God verheuging en blijdschap? Verdroogde vijgen zijn verschrompeld onder hun spaden. Voorraadschuren zijn verwoest. Graanschuren zijn omvergehaald, want het koren is verdord. O hoe heeft het huisdier gezucht! Hoe hebben de kudden runderen in verwarring rondgedoold! Want er is geen weide voor ze. Ook zijn het de kudden schapen geweest die schuld hebben moeten dragen."

Micha 7:4 voorzegt evenzo een dag van verwarring: "De dag van uw wachters, waarop er aandacht aan u wordt geschonken, moet komen. Nu zal hun ontsteltenis komen."



Mijn vraag gaat over de schriftplaats van Mattheüs 22:30 waar staat: "Want in de opstanding huwen de mannen niet noch worden de vrouwen ten huwelijk gegeven, maar zij zijn als engelen in de hemel." Het Genootschap leert dat dit letterlijk genomen moet worden, dat degenen die een opstanding krijgen tot leven op aarde niet zullen huwen. Gods oorspronkelijke voornemen met de mensheid, voordat Adam en Eva zondigden, was de aarde te vullen en in onderworpenheid te hebben, wat natuurlijk het huwelijk en het baren van kinderen noodzakelijk maakte. Als Jehovah belooft de dingen weer terug te brengen naar hoe het oorspronkelijk bedoeld was, waarom zou het huwelijk dan zomaar niet meer mogelijk zijn? Het is gewoon volkomen onlogisch voor mij.


Veel van Jehovah's Getuigen hebben dezelfde conclusie getrokken als jij, namelijk dat de leerstelling van het Wachttorengenootschap over dat aspect van de opstanding volkomen onlogisch is. Verder is de leerstelling van het Wachttorengenootschap ook niet schriftuurlijk. Helaas is het echter zo dat wanneer twijfelachtige leerstellingen eenmaal in de Wachttoren gepubliceerd zijn, ze de neiging hebben te veranderen in heilig geschrift - hoe onredelijk ze ook mogen zijn. Het enige wat we kunnen doen is op zulk soort leerstellingen blijven hameren, totdat ze uit elkaar vallen. Klik hier en scroll naar beneden naar de tweede vraag waarin het onderwerp van huwelijk en opstanding wordt besproken.


Er wordt in de publicaties veel gesproken over een 'Groots wereldwijd getuigenis dat gegeven wordt' en dat de regeringen e.d. 'gewaarschuwd zijn' enzovoort. In mijn ervaring hebben de meeste mensen die wel van Jehovah's Getuigen gehoord hebben geen enkel idee waar ze nu precies voor staan, behalve dat ze niet drinken (fout), niet roken, geen bloed nemen en geen verjaardagen, Kerstmis en andere feestdagen vieren. Wanneer je bekijkt hoeveel tijdschriften er gedrukt worden - zo'n 25 miljoen Wachttorens en 25 miljoen Ontwaakts, en de meeste getuigen hebben er tenminste twee van elk: persoonlijke studie en wachttorenstudie - zijn dit er al 12 miljoen, waardoor er 13 miljoen overblijven. Ik ken vele getuigen die hier en daar grote stapels hebben liggen en deze 'dumpen' bij wasserettes, verzorgingstehuizen en de vuilnisbak om er vanaf te komen. Dus, laten we zeggen dat het aantal wat verspreid wordt 6 miljoen is, dat is nauwelijks een Groots wereldwijd getuigenis. Het vergaderingbezoek lijkt vast te staan of zelfs te verminderen en ik zie bijna nooit een nieuweling (buiten 'import' vanuit andere gemeentes). Tellen we hierbij op dat de meeste familieleden zijn die gedoopt worden in plaats van nieuwelingen en bijna een even groot aantal er via de achterdeur weer uit valt, heben we een verklaring voor enkel een klein groeipercentage. Hoe kan er vredesnaam gezegd worden dat dit een wereldwijd getuigenis is?


Ten eerste is het belangrijk op te merken dat mensen niet noodzakelijkerwijs positief hoeven te reageren op Gods boodschap wil de profetie in vervulling gaan. Wanneer we de 1ste eeuw als graadmeter nemen: ondanks dat veel mensen religieus waren, was de meerderheid er eenvoudig niet in geïnteresseerd God in geest en waarheid te aanbidden. En dat zijn degenen naar wie God op zoek is. Dus, het feit dat de meeste mensen het niet begrijpen is niet belangrijk - velen doen dat wel.

Maar, met betrekking tot het wereldwijde aspect van onze prediking: Het is ironisch dat de broeders vóór 1914 geen mogelijkheid zagen om vóór het einde over de hele wereld te prediken - zoals Christus' profetie beschrijft. Maar, met volledig geloof in God gingen ze stap voor stap aan het werk en kregen enkele zeer innovatieve ideeën, zoals het Fotodrama der Schepping alsook het gebruik van kranten en radio-uitzendingen.

Gedurende de Tweede Wereldoorlog, toen het voor de broeders leek alsof de wereld zich in Armageddon zou storten, maakte de president van het Wachttorengenootschap een opmerking die het citeren waard is, namelijk dat het er toch niet op leek dat de grote schare zo heel groot zou worden.

Nu, meer dan 50 jaar later, heeft het Wachttorengenootschap zeer zeker de middelen om massa's mensen over de gehele wereld te bereiken in meer dan 100 talen.

De vraag is echter of hetgeen we nu doen werkelijk de volledige vervulling is van de profetie die zegt: "En dit goede nieuws zal over de gehele bewoonde aarde worden gepredikt tot een getuigenis voor alle natiën, en dan zal het einde komen."

Gedurende de afgelopen jaren heeft het Genootschap dan weer wel en dan weer niet aangegeven dat Jehovah's Getuigen op een bepaald moment een scherpe, veroordelende ondergangsboodschap aan de wereld zullen brengen. Helaas zijn we nu blijven steken bij de gedachte dat we de ondergang van de wereld reeds hebben aangekondigd.

Om dit punt te illustreren: Het Openbaring Climax boek van het Genootschap houdt nog steeds vast aan het absurde idee dat diverse congressen in de 1920'er jaren samenvielen met de op trompetten blazende engelen die Jehovah's geweldige oordeel aankondigen. De Wachttoren van 15 maart 1982 wees echter vooruit naar de verdrukking wanneer Gods oordeelsboodschappen verkondigd zullen worden. Er staat:

"Thans, nu het hoogtepunt der tijden is bereikt, kunnen wij een overeenkomstige expansie van onze predikingsactiviteit verwachten. Voordat de "grote verdrukking" is geëindigd, zullen wij ongetwijfeld met eigen ogen zien dat met betrekking tot Gods naam en koninkrijk het allergrootste getuigenis in de gehele geschiedenis van deze wereld zal worden gegeven. En hoewel het getuigenis thans de uitnodiging omvat om voor redding naar Jehovah's organisatie te komen, zal de tijd ongetwijfeld komen dat de boodschap een hardere klank krijgt, als een "luide strijdkreet". Openbaring 16:21 toont aan dat "een grote hagel, waarvan elke steen ongeveer het gewicht van een talent [tegen de honderd pond] had, . . . uit de hemel op de mensen [neerviel], en de mensen lasterden God wegens de plaag van de hagel, want de plaag ervan was ongewoon groot". Hagel is hard omdat het bevroren water is. Dit beeldt derhalve af hoe Jehovah's oordeelsboodschap die ten slotte aan de ongehoorzame mensheid moet worden bekendgemaakt, als een spervuur van hard aankomende hagel zal zijn. Dat de plaag van de hagelstenen "ongewoon groot" wordt genoemd, duidt erop dat Jehovah's dienstknechten vlak voordat dit samenstel zijn einde bereikt een harde bekendmaking van Jehovah's "dag der wraak" zullen doen."

Dus, wat is het? Staat er een toekomstige periode van een intensiever getuigenis op stapel voor Jehovah's Getuigen of hebben we Gods werk reeds volbracht?

Het antwoord is dat er een veel intensievere fase van koninkrijksprediking komt gedurende het feitelijke besluit van het samenstel van dingen. Het 10de hoofdstuk van Openbaring bevat waarschijnlijk de meest relevante en essentiële profetie die licht laat schijnen op het toekomstige predikingwerk. Wanneer het Wachttorengenootschap profetieën bestempelt als reeds vervuld, wanneer ze dit in werkelijkheid niet zijn, maakt dit Jehovah's Getuigen enkel maar blind in plaats van geestelijk verlicht. Helaas is dat het geval met het 10de hoofdstuk van Openbaring.

De profetie in kwestie geeft een beeld van een "sterke engel" die uit de hemel neerdaalt, "getooid met een wolk, en er was een regenboog boven zijn hoofd, en zijn aangezicht was als de zon, en zijn voeten waren als vuurzuilen, en in zijn hand had hij een kleine geopende boekrol." (Openbaring 10:1, 2) De engel staat in het visioen wijdbeens op de aarde en de zee - alsof hij beslag legt op de planeet. Het Wachttorengenootschap identificeert de engel correct als Christus Jezus op de tijd dat hij komt om zijn koninkrijk over de aarde op te eisen. Heeft een dergelijke heugelijke gebeurtenis echter plaatsgevonden in 1914 zoals we nu veronderstellen? Beschouw eens nauwkeurig wat de grote engel met donderstem tegen Johannes zei: En de engel die ik op de zee en op de aarde zag staan, hief zijn rechterhand op naar de hemel, en hij zwoer bij Degene die tot in alle eeuwigheid leeft, die de hemel en wat daarin is en de aarde en wat daarop is en de zee en wat daarin is, heeft geschapen: "Er zal geen uitstel meer zijn; maar in de dagen waarin de zevende engel zich laat horen, wanneer hij op het punt staat op zijn trompet te blazen, wordt het heilige geheim van God overeenkomstig het goede nieuws dat hij aan zijn eigen slaven, de profeten, heeft bekendgemaakt, inderdaad tot een einde gebracht." (Openbaring 10:5-7)

Redenerend over de interpretatie waaraan het Wachttorengenootschap al zo lang aan vasthoudt: Als Christus in 1914 terugkeerde, hoe kan er dan redelijkerwijs worden gezegd dat "er geen uitstel meer zal zijn"? Zijn de personen uit die generatie niet vrijwel allen reeds gestorven? In elke redelijke berekening is een periode van 80 jaar een uitstel. Verder, als Christus in 1914 kwam, hoe kan het dan mogelijkerwijs waar zijn dat het goede nieuws toen "inderdaad tot een einde gebracht" is? Was dat jaar, volgens de eigen leerstelling van het Wachttorengenootschap, niet het begin van het hedendaagse predikingwerk? Hoe kan die profetie dan in 1914 in vervulling zijn gegaan, wanneer het juist de aandacht vestigt op een moment waarop het heilige geheim en het goede nieuws tot een einde komen?

Het is belangrijk vast te stellen dat het visioen nog niet in vervulling is gegaan, omdat het besluit van het visioen erop wijst dat er een definitief predikingwerk zal worden gedaan nadat het heilige geheim en het goede nieuws tot hun einde zijn gebracht. Openbaring 10:8-11 voorzegt dit: En de stem die ik uit de hemel hoorde, spreekt wederom met mij en zegt: "Ga, neem de geopende boekrol welke zich in de hand bevindt van de engel die op de zee en op de aarde staat." En ik ging naar de engel toe en zei hem de kleine boekrol aan mij te geven. En hij zei tot mij: "Neem ze en eet ze op, en ze zal uw buik bitter maken, maar in uw mond zal ze zoet zijn als honing." En ik nam de kleine boekrol uit de hand van de engel en at ze op, en in mijn mond was ze zoet als honing; maar toen ik ze opgegeten had, werd mijn buik bitter. En zij zeggen tot mij: "Gij moet wederom profeteren met betrekking tot volken en natiën en talen en vele koningen."

De instructie om "wederom te profeteren" heeft zonder twijfel te maken met een intensieve koninkrijksgetuigenis gedurende de verdrukkingperiode. Hoe dat precies tot stand zal worden gebracht is nog niet duidelijk, maar we moeten niet twijfelen aan Jehovah's vermogen het tot stand te brengen, zodat alle dingen vervuld mogen worden.



 
         
Home | Essays | Postzak | Commentaren | Gastenboek | Links | Tools | Site Map | The Watchman