Ten Dienste van Jehovah's Getuigen en het Wachttorengenootschap
 

Week van: 25 April t/m 1 Mei 2004


 

Je lijkt te beweren dat vrijwel alle veroordelende profetieën die door het Genootschap op de Christenheid van toepassing worden gebracht, in werkelijkheid op hen van toepassing moet worden gebracht, Jehovah's "zichtbare organisatie". Wanneer we in beschouwing nemen dat de Christenheid een grote entiteit is en elke dag godslasterlijke dingen doet in de naam van de "ware God," lijkt het passend te zijn dat enkele van deze veroordelende profetieën in de Bijbel inderdaad van toepassing zijn op de Christenheid en niet de organisatie. Welke kunnen terecht van toepassing worden gebracht op de Christenheid, zoals het Genootschap beweert? Nu neem ik aan dat je degenen uit Openbaring gaat noemen, maar welke anderen zijn strikt van toepassing op de Christenheid en welke anderen zijn van toepassing op de zichtbare organisatie (wtbts)?


Voor het grootste deel werden de oorspronkelijke profeten ertoe geleid tot en tegen het huis van Israël te spreken; daarom valt het niet te rechtvaardigen zulke profetieën van toepassing te brengen op een andere entiteit dan het geestelijk Israël. Hoe het ook zij, Israël stond in een verbondsverhouding tot Jehovah. Ze beweerden niet enkel in een verbond met Jehovah te zijn - zoals het Wachttorengenootschap dikwijls onjuist heeft beweerd - ze bevonden zich echt in een verbond dat Jehovah's veroordeling over hen zou brengen wanneer ze zich niet hielden aan de voorwaarden van dat verbond. Het geestelijk Israël bevind zich ook in een verbond met Jehovah door middel van Christus. Er bestaan dus vele overlappende parallellen.

Op de tweede plaats werden alle omliggende natiën van Israël en Juda ook op een bepaald moment aan de kaak gesteld door dezelfde profeten. Een aanzienlijk deel van de profeten is gericht tot Israëls vijanden. Die natiën kwamen onder Gods oordeel vanwege de wijze waarop ze de Israëlieten gedurende hun oordeel behandelden - of mishandelden. Nadat Juda bijvoorbeeld verbrijzeld was door Babylon, richtte Jehovah zijn aandacht op de natiën en zei door middel van Ezechiël: "Daarom, profeteer betreffende Israëls bodem, en gij moet zeggen tot de bergen en tot de heuvels, tot de stroombeddingen en tot de dalen: 'Dit heeft de Soevereine Heer Jehovah gezegd: "Ziet! Ikzelf moet in mijn ijver en in mijn woede spreken, omdat het door de natiën bezorgde schande is die gij hebt gedragen."' Daarom, dit heeft de Soevereine Heer Jehovah gezegd: 'Ikzelf heb mijn hand opgeheven in een eed dat de natiën die rondom u zijn - zij zullen zelf hun eigen schande dragen.'" (Ezechiël 36:6, 7)

Evenzo zullen de natiën der wereld gedurende het besluit van het samenstel worden geoordeeld op basis van de wijze waarop ze het geestelijk Israël behandelen. En de precieze volgorde van gebeurtenissen moet vooral opgemerkt worden: dat Israël en Juda als eerste geoordeeld werden, net zoals het oordeel begint bij het Christelijke huis van God en vervolgens verder gaat bij de natiën.

Van alle natiën rondom Israël, lijken Moab, Ammon en Edom op passende wijze de drie hoofdstromingen van de Christenheid te symboliseren, namelijk, Katholicisme, Protestantisme en Orthodox. De reden voor een dergelijke relatie is gebaseerd op het feit dat de natiën Moab, Ammon en Edom rechtstreeks verbonden waren aan de Israëlieten, doordat Moab en Ammon de twee zonen van Lot waren en de Edomieten nakomelingen van Esau waren - Jakobs tweelingbroer. Jehovah beschouwde de nakomelingen van Esau als Jakobs broer (zie Obadja). De Moabieten, Ammonieten, Edomieten en Hebreeërs deelden dezelfde gebruiken en spraken een zelfde taal en waren ook nog geografische buren. Vanwege religieuze vijandschap waren Moab, Ammon en Edom echter altijd in strijd met Israël.

Op dezelfde wijze delen de religies van de Christenheid een erfenis met het geestelijk Israël. We kunnen zeggen dat de Christenheid een uitloper van het ware Christendom is - waardoor het een ver familielid is geworden. En inderdaad zijn vele gebruiken in de Christenheid gelijk de onze, in de zin dat ze in bepaalde mate uit de Bijbel afkomstig zijn. In dat opzicht zou je kunnen zeggen dat we dezelfde taal spreken. Daarom zijn naamschristenen het ontvankelijkst voor onze boodschap, terwijl het met mensen met een heidense achtergrond veel moeilijker is over de Bijbel te spreken.

Het is interessant dat de drie natiën, Edom, Moab en Ammon, in profetie gebruikt worden lang nadat de oorspronkelijke natiën ophielden te bestaan. In de profetie van Daniël waarin de veroveringen van de koning van het noorden gedurende de tijd van het einde voorzegd worden, lezen we bijvoorbeeld: "Ook zal hij werkelijk het Sieraadland binnentrekken, en vele landen zullen tot struikelen worden gebracht. Maar deze zijn het die aan zijn hand zullen ontkomen: Edom en Moab en het voornaamste deel van de zonen van Ammon." (Daniël 11:41)

Merk alsjeblieft de nauwkeurige volgorde van gebeurtenissen op. Eerst wordt het Sieraadland binnengevallen door de koning van het noorden, terwijl Edom, Moab en Ammon ontkomen. Daarna gaat de koning van het noorden echter over tot een genocidale razernij, wat de profetie beschrijft als een grote verdrukking. We mogen verwachten dat Moab, Ammon en Edom dan niet aan hun vernietiging zullen ontkomen. Dat komt overeen met de wijze waarop het oordeel voltrokken werd toen Nebukadnezar handelde als Jehovah's aangestelde Terechtsteller. Eerst trad Jehovah op tegen het koppige Juda en Jeruzalem en nadien kwamen de andere natiën rondom onder het oordeel te staan.

Joël is nóg een profetisch boek dat geen eerdere vervulling kent. Ondanks dat de apocalyptische profetie van Joël zich afspeelt in een primitieve, landelijke setting, is ze in werkelijkheid van toepassing op de tijd van oordeel over Gods huis en Armageddon. In de laatste verzen van Joël zegt de profeet echter: "En wat Edom aangaat, een wildernis van een verlaten woestenij zal het worden, wegens de geweldpleging tegenover de zonen van Juda, in wier land zij onschuldig bloed hebben vergoten. Maar wat Juda betreft, tot onbepaalde tijd zal het bewoond worden, en Jeruzalem van geslacht tot geslacht. En ik wil hun bloed dat ik niet als onschuldig had beschouwd, als onschuldig beschouwen; en Jehovah zal verblijf houden in Sion." (Joël 3:19-21)

Moab en Ammon worden niet genoemd in Joël. Het patroon is echter hetzelfde. Eerst veroorzaakt Jehovah dat zijn eigen volk getroffen wordt. Vervolgens oordeelt hij, na het herstel, de vervolgers van zijn volk. Daar Edom opvallender is dan Moab en Ammon, lijkt het erop dat Edom het meest prominente deel van de Christenheid vertegenwoordigt, namelijk de Katholieke Kerk. Daarom verschaft de dikwijls voorbijgeziene profetie van Obadja, die geheel gewijd is aan Edoms veroordeling, enkele interessante inzichten.

Ondanks dat het Wachttorengenootschap keer op keer heeft beweerd dat Babylon de Grote als eerste valt, is dat niet wat de Bijbel aangeeft. In plaats daarvan wordt keer op keer het patroon gesteld dat Jehovah's natie eerst geoordeeld wordt en dat daarna anderen geoordeeld worden op basis van de wijze waarop ze Christus' broeders gedurende hun vernedering hebben behandeld.

In overeenstemming daarmee lezen we in Obadja: "En gij hadt niet mogen kijken naar wat er te zien was op de dag van uw broeder, op de dag van zijn tegenspoed; en gij hadt u niet mogen verheugen over de zonen van Juda op de dag dat zij omkwamen; en gij hadt geen grote mond mogen opzetten op de dag van hun benauwdheid. Gij hadt niet in de poort van mijn volk mogen komen op de dag van hun ongeluk. Gij, ja gij, hadt niet naar zijn rampspoed mogen turen op de dag van zijn ongeluk; en gij hadt geen hand mogen uitsteken naar zijn vermogen op de dag van zijn ongeluk. En gij hadt niet aan de splitsing van de wegen mogen staan, om zijn ontkomenen af te snijden; en gij hadt zijn overlevenden niet mogen uitleveren op de dag van benauwdheid. Want de dag van Jehovah tegen alle natiën is nabij. Zoals gij gedaan hebt, zal u gedaan worden. Uw soort van behandeling zal op uw eigen hoofd terugkomen." (Obadja 12-15)

Bijbelonderzoekers zien in dat Jeruzalem nooit weer een koning heeft gehad nadat de Babyloniërs het koninkrijk verwoestten. Het laatste vers van Obadja heeft daarom kennelijk betrekking op de 144.000 wanneer ze met Christus staan op de Berg Sion om over de wereld te regeren: "En redders zullen stellig de berg Sion bestijgen, om het bergland van Esau te oordelen; en het koningschap moet van Jehovah worden."

Een ander fascinerend aspect van de profetie van Obadja is dat het in overeenstemming blijkt te zijn met Openbaring waarin wordt beschreven dat de 8ste koning zich keert tegen Babylon de Grote. In Obadja 7 en 8 wordt gezegd: "Juist de mannen die in een verbond met u staan, hebben u allen bedrogen. De mannen in vrede met u hebben u overweldigd. Degenen die voedsel met u eten, zullen een net onder u plaatsen als onder iemand in wie geen onderscheidingsvermogen is. Zal het niet op die dag zijn?" is de uitspraak van Jehovah.

Het is alsof het Vaticaan in een vredesverbond is met de Verenigde Naties. Het Vaticaan is bijvoorbeeld het enige religieuze lichaam dat een officiële waarnemersstatus heeft bij de VN. In zijn jaarlijkse benedictie riep de Paus zelfs op tot een Nieuwe Wereldorde gebaseerd op de beginselen van de Verenigde Naties. Het lijkt erop dat de Katholieke hiërarchie zich niet bewust is van het feit dat krachtige netwerken van Vrijmetselaars sinds lange tijd één wereldregering hebben gepromoot en dat het hun intentie is het Christendom te vernietigen en een heidense Nieuwe Wereldorde te stichten.

De "wijze mannen" van het Vaticaan promoten onvoorstelbaar genoeg juist het werktuig dat door God is aangewezen om hen te vernietigen! Geen wonder dat Jehovah het volgende tegen hen zegt in Obadja: "En ik zal stellig de wijzen uit Edom verdelgen, en het onderscheidingsvermogen uit het bergland van Esau."

Beschouw, om definitief vast te stellen dat Sion geen afbeelding is van de Christenheid, de volgende profetie in het 34ste hoofdstuk van Jesaja:

"Want in de hemel zal mijn zwaard stellig worden gedrenkt. Zie! Op Edom zal het neerdalen en op het volk dat door mij rechtens aan de vernietiging is prijsgegeven. Jehovah heeft een zwaard; het moet vol bloed worden; het moet worden besmeerd met het vet, met het bloed van jonge rammen en bokken, met het vet van de nieren van rammen. Want Jehovah heeft een slachtoffer in Bozra en een grote slachting in het land Edom. En de wilde stieren moeten met hen neerstorten, en jonge stieren met de sterken, en hun land moet worden gedrenkt met bloed en zelfs hun stof zal worden besmeerd met het vet. Want Jehovah heeft een dag van wraak, een jaar van vergeldingen voor het rechtsgeding over Sion." (Jesaja 34:5-8)

Van de bovenstaande profetie wordt over het algemeen erkend dat ze van toepassing is op het feitelijke einde van het samenstel. Maar, wanneer Sion de Christenheid zou vertegenwoordigen, waarom zou Jehovah dan een afrekening hebben en "een jaar van vergeldingen voor het rechtsgeding over Sion"? Het punt is dat de oordelen tegen Edom, Moab en Ammon in volledige overeenstemming zijn met het feit dat God evenzo Babylon de Grote zal oordelen voor het geweld dat ze tegen Gods profeten en heiligen begaat tot aan en vooral tijdens de verdrukking.



Als Jezus Christus de aartsengel Michael is, hoe kan het dan dat Michael Gabiël te hulp schiet in Daniël 10 tegen de vorst van Perzië? Daniël ziet vervolgens Michael, Gabriël en een demon; waarom ziet Daniël in vers 18 dan ook de zoon des mensen? Evenzo, als Jezus de aartsengel Michael is, waarom heeft hij Gabriël dan nodig voor kracht?


De Schrift zegt niet dat Gabriël Michael sterkte. Het is juist andersom - Michael kwam om Gabriël te sterken in zijn gevecht tegen de demonische vorst van Perzië. Daniël 10:18 zegt ook niet dat Daniël de zoon des mensen zag. Er wordt enkel gezegd dat de verlichtende engel de uitstraling van een aardse mens had.


Met betrekking tot de 144.000, worden enkel mannen "van de aarde gekocht"? Of, ook vrouwen, zoals het WTB&TG op dit moment gelooft?


De 144.000 bestaat uit mannen en vrouwen. Ondanks dat het 14de hoofdstuk van Openbaring naar de 144.000 verwijst als mannelijk, door over hen te zeggen: "Dezen zijn het die zich niet met vrouwen hebben bevlekt; ja, zij zijn maagden," wordt ze op een andere plaats in de Schrift beschreven als de bruid van Christus. Paulus legde natuurlijk uit dat er noch mannelijk noch vrouwelijk is in Christus. Toch zijn wij mensen wel degelijk onder te verdelen in twee geslachten. Alle aardse schepselen, enkele uitzonderingen daargelaten, zijn óf mannelijk óf vrouwelijk. We kunnen ons zelfs niet zo erg veel voorstellen bij geslachtsloze schepselen. Daar Gods engelen en de verheerlijkte 144.000 echter wel geslachtsloos zijn, worden ze soms als mannen en soms als vrouwen afgebeeld - zoals het geval is met de bruid van Christus.


Zie jij en parallel tussen Mozes die op de rots slaat om water te geven aan de Israëlieten en dat hij vervolgens zegt dat *hij* het voor hen gemaakt heeft en het Genootschap dat herhaaldelijk wijst op hun "getrouwheid" en hun "beleidvolheid" en hoe *zij* degenen zijn die waarheden en begrip voortbrengen? En als Mozes het verboden werd het Beloofde Land binnen te gaan vanwege deze struikeling, is het dan niet redelijk te verwachten dat het Genootschap zelf misschien geen toestemming zal krijgen om de beloofde Nieuwe Wereld binnen te gaan? Tot slot, welke les of waarschuwing zit er voor alle Jehovah's Getuigen in?


Je verwijst naar het verslag in het 20ste hoofdstuk van Numeri, waar we lezen:

Mozes dan nam de staf van voor het aangezicht van Jehovah, juist zoals hij hem geboden had. Daarna riepen Mozes en Aäron de gemeente vóór de steile rots bijeen, en vervolgens zei hij tot hen: "Hoort nu, gij weerspannigen! Zullen wij uit deze steile rots water voor u te voorschijn doen komen?" Daarop hief Mozes zijn hand op en sloeg met zijn staf op de steile rots, tweemaal; toen kwam er veel water uit, en de vergadering en hun lastdieren gingen drinken. Later zei Jehovah tot Mozes en Aäron: "Omdat gij geen geloof in mij hebt getoond, om mij voor de ogen van de zonen van Israël te heiligen, daarom zult gij deze gemeente niet in het land brengen dat ik hun stellig geven zal." (vers 9-12)

Jehovah nam Mozes in feite weg. Ondanks dat Mozes 120 jaar oud was, onderging hij niet de verwoesting van ouderdom. Het Bijbelverslag zegt verder: "En Mozes was honderd twintig jaar oud toen hij stierf. Zijn oog was niet dof geworden en zijn vitaliteit was niet gevloden." (Numeri 34:7)

Ondanks Jehovah zeer verontwaardigd was over Mozes' gebrek aan geloof bij die gelegenheid, oordeelde God Mozes als ontrouw? Nee, eeuwen laten schreef de Christelijke apostel Paulus het volgende over Mozes: "En Mozes was als dienaar getrouw in Diens gehele huis, tot een getuigenis van de dingen die later gesproken zouden worden, maar Christus was getrouw als Zoon over Diens huis. Diens huis zijn wij, indien wij onze vrijmoedigheid van spreken en ons roemen over de hoop tot het einde toe stevig vasthouden." (Hebreeën 3:5, 6)

Mozes als dienaar in Gods huis zou ons aan de positie van Christus' getrouwe en beleidvolle slaaf moeten herinneren, die ook als dienaar over Gods huisgezin is aangesteld. In verband met zijn bespreking van de getrouwe slaaf in het 12de hoofdstuk van Lukas, gaf Jezus het beginsel dat er van degenen die de leiding hebben meer zal worden geëist. In overeenstemming daarmee mogen we verwachten dat Christus zijn getrouwe slaaf ter verantwoording zal roepen voor zijn fouten.

Op dit moment wordt er binnen de leerstellingen van het Wachttorengenootschap echter geen dergelijke verantwoording erkend. Volgens onze nauwkeurig ingekerfde theocratische mythologie heeft het oordeel lang geleden plaats gevonden in 1918 en is de getrouwe slaaf sindsdien aangesteld over alle bezittingen van de meester en niet slechts het huisgezin van mededienaren.

Het Wachttorengenootschap heeft er zelfs over gespeculeerd dat enkele gezalfden na Armageddon nog een poosje op aarde zullen blijven. In dat opzicht zijn ze als Mozes - ze verwachten het Beloofde Land binnen te gaan. Die bewering wordt echter in het geheel niet ondersteund door de Bijbel. Integendeel, er bestaan diverse schriftplaatsen die bewijzen dat het gehele lichaam van gezalfden voor Armageddon worden vermoord; als een straf van God voor hun fouten. In dat opzicht zal hen, net als Mozes, geen toegang worden gegeven tot de Nieuwe Wereld, in tegenstelling tot de grote schare van overlevenden van Armageddon.

Het is interessant dat Mozes Jehovah zijn oordeel trachtte af te raden en daarvoor streng terechtgewezen werd. Deuteronomium 3:25, 26 doet verslag van de conversatie tussen Mozes en Jehovah: "Laat mij alstublieft naar de overkant trekken en het goede land zien dat aan de overkant van de Jordaan ligt, dat goede bergland en de Libanon." En Jehovah bleef vanwege u verbolgen op mij en luisterde niet naar mij; maar Jehovah zei tot mij: "Nu is het genoeg! Spreek mij nooit meer over deze zaak."

De profetieën bevatten soortgelijke terechtwijzingen die gericht zijn tot de dienaren van Gods geestelijke huis. Dus, ja, het voorval waarbij Mozes geen respect toonde voor Jehovah lijkt een hedendaagse parallel te hebben. De 89ste Psalm lijkt ook te spreken over een toekomstige terechtwijzing: "Maar gij - gij hebt verstoten en gij blijft versmaden; Gij zijt verbolgen geworden op uw gezalfde." (vers 38)



Welk advies zou je geven aan iemand die reeds vele jaren met JG's verbonden is en minder en minder naar de vergaderingen is gegaan en zichzelf nu wil opdragen en laten dopen? Veel van de dingen waarop je op je website hebt gewezen zijn voor mij reden geweest me niet te laten dopen. Maar wanneer ik op zoek ga naar een andere kerk voor waarheid is er niets. Ik heb bijna het gevoel dat de deur van Noachs ark aan het sluiten is en ik opgeslokt zal worden door de vloed. Is het met al de afval die plaatsvindt binnen het Wachttorengenootschap te laat of is het nooit Jehovah's tempel geweest? Ik ben het eens met de leerstellingen, maar het is de organisatie waarmee ik altijd een probleem heb gehad. Als we in Jezus' voetstappen moeten treden, waar zou hij ons nu leiden?


Wanneer je Jezus' voetstappen volgt, zul je opmerken dat Jezus het pad van een getrouwe Jood volgde, ondanks dat het Joodse religieuze stelsel vervuld was van verderf en huichelarij. Toch erkende Jezus dat hij een persoonlijke verplichting had de Wet te volgen.

Jehovah's vereisten voor redding zijn niet veranderd. Hij heeft altijd van zijn volk vereist dat ze hun geloof onder diverse beproevingen en omstandigheden tonen. Jesaja 7:9 zegt onomwonden: "Indien gijlieden geen geloof hebt, zult gij in dat geval niet lang bestaan."

Denk je eens in dat je in Duitsland leefde onder de tirannie van de Nazi's. Je verbondenheid met de Bijbelonderzoekers had er destijds voor kunnen zorgen dat je in een concentratiekamp belandde. Toch namen vele Duitsers vrijwillig dat risico in die donkere periode uit de geschiedenis. Dat deden ze omdat ze geloof in Jehovah hadden. De beste manier om tegen dit soort uitdagingen aan te kijken is ze te bezien als een mogelijkheid om ons geloof in God te tonen - in tegenstelling tot het blind volgen van mensen.

Als je in Christus' voetstappen wilt treden, zul je gedoopt worden - net als hij. En net als Christus zul je je opdragen aan Jehovah, de rechtvaardige Rechter over allen, en zul je geloof oefenen in de wetenschap dat Jehovah de grote kwesties met betrekking tot de organisatie zal aanpakken.



Wat zijn je gedachten over Deuteronomium 31:29?


Deuteronomium 31:29 zegt: "Want ik weet heel goed dat gij na mijn dood zonder mankeren verderfelijk zult handelen, en gij zult stellig afwijken van de weg waaromtrent ik u geboden heb; en op het einde der dagen zal u stellig rampspoed overkomen, omdat gij zult doen wat kwaad is in de ogen van Jehovah door hem met de werken van uw handen te krenken."

We zouden de overeenkomst met de woorden van Paulus kunnen zien toen hij het volgende zei tegen de ouderlingen van Eféze: "Ik weet dat er na mijn heengaan onderdrukkende wolven bij u zullen binnendringen, die de kudde niet teder zullen behandelen, en uit uw eigen midden zullen mannen opstaan die verdraaide dingen zullen spreken om de discipelen achter zich aan te trekken." (Handelingen 20:29, 30)

Op een andere plaats profeteerde Paulus dat er voor Christus' tegenwoordigheid eerst een afval zou komen, en dat een verwoestende mens der wetteloosheid als een ineengedoken dier in de tempel van God zou zitten. In plaats van te veronderstellen dat de voorzegde afval 1700 jaar geleden plaats heeft gevonden bij het ontstaan van de Christenheid, geeft een gedetailleerde bestudering van de Hebreeuwse profeten te kennen dat de afval waarnaar Paulus verwees op soortgelijke wijze onder Jehovah's Getuigen zou plaatsvinden aan het "einde der dagen" - zoals Mozes met betrekking tot het Joodse stelsel zei.



Ik las een essay op de Pathways website genaamd "Understanding the Memorial" ("De Gedachtenisviering Begrijpen"). En terwijl ik weet dat je de redenatie van het WTG volgt (dat enkel gezalfden van de symbolen nemen), draait deze publicatie, in combinatie met mijn eigen gedachten, de zaak om en zegt dat al degenen die Christus als hun Koning en Loskoper willen volgen tijdens de Gedachtenisviering nemen van de symbolen. Ik weet dat het WTG dit gebruikt om het aantal gezalfden bij te kunnen houden. En ik heb heel veel respect voor jullie leerstellingen. Ik zou echter een meer heldere schriftuurlijke onderbouwing willen zien voor deze redenatie, áls die bestaat. En wil je vragen of jij hier zelf zeker over bent?


De Bijbel is vrij duidelijk wanneer er wordt gezegd dat het eten van Christus' vlees en bloed door middel van het ritueel van het brood en de wijn voorbehouden is aan degenen die zich door middel van Christus in het nieuwe verbond bevinden. Jezus zei zijn apostelen: Evenzo ook de beker, nadat zij het avondmaal hadden gebruikt, terwijl hij zei: "Deze beker betekent het nieuwe verbond krachtens mijn bloed, dat ten behoeve van u vergoten zal worden." (Lukas 22:20)

Het nieuwe verbond waarover Jezus sprak is gesloten met de 144.000 die uitgenodigd zijn om met Christus te regeren. Daarom zei Jezus bij de instelling van het Avondmaal des Heren verder het volgende: "Doch gij zijt degenen die in mijn beproevingen steeds bij mij zijt gebleven; en ik sluit een verbond met u, evenals mijn Vader een verbond met mij heeft gesloten, voor een koninkrijk, opdat gij in mijn koninkrijk aan mijn tafel moogt eten en drinken, en op tronen moogt zitten om de twaalf stammen van Israël te oordelen." (vers 28-30)

Het nieuwe verbond geeft Jehovah de mogelijkheid Christus' gezalfde volgelingen volmaakt te verklaren - mits zij het geloof tot het einde behouden. De reden dat zij volmaakt verklaard moeten worden is omdat ze bij hun opstanding ogenblikkelijk veranderd worden in onsterfelijke en onvernietigbare geesten. Dat wordt er door het nieuwe verbond bereikt.

Wil enig schepsel onsterfelijkheid verkrijgen, dan vereist dit dat ze leven in zichzelf hebben. Het nieuwe verbond maakt juist dat mogelijk. Merk alsjeblieft op dat leven in zichzelf hebben niet hetzelfde is als enkel eeuwig leven bezitten. Jezus zei dat alleen Jehovah leven in zichzelf heeft en Hij de Zoon leven in zichzelf gaf. ("Want evenals de Vader leven in zichzelf heeft, zo heeft hij ook de Zoon gegeven leven in zichzelf te hebben." - Johannes 5:26)

Jezus zei verder dat hij de gave van het hebben van leven in zichzelf tevens zou schenken aan degenen die zich werkelijk voeden met zijn vlees en bloed en dat een ieder die zijn vlees niet zou eten of zijn bloed niet zou drinken geen leven in zichzelf zou hebben. In Johannes 6:53-55 lezen we: "Derhalve zei Jezus tot hen: "Voorwaar, voorwaar, ik zeg u: Indien gij het vlees van de Zoon des mensen niet eet en zijn bloed niet drinkt, hebt gij geen leven in uzelf. Wie zich met mijn vlees voedt en mijn bloed drinkt, heeft eeuwig leven, en ik zal hem op de laatste dag uit de dood opwekken; want mijn vlees is waar voedsel en mijn bloed is ware drank."

Jezus zei verder echter dat al degenen in de herinneringsgraven zijn stem zullen horen - zelfs degenen die "verachtelijke dingen" hebben beoefend. Jezus verwees natuurlijk duidelijk naar de aardse opstanding van de rechtvaardigen en de onrechtvaardigen.

Wanneer we nu ons redenatievermogen gebruiken: Als een onrechtvaardig persoon, die verachtelijke dingen heeft beoefend, van Christus een opstanding ontvangt, en er waarschijnlijk velen een opstanding krijgen die zelfs voor Christus hebben geleefd en zijn vlees en bloed dus niet symbolisch hebben kunnen eten ook al hadden ze dat gewild, hoe kunnen we dan zeggen dat ze zich hebben gevoed met Christus' vlees en bloed voordat ze een opstanding ontvangen? Dat hebben ze duidelijk niet. Degenen die een aardse opstanding ontvangen, ontvangen die ongeacht of ze Christus erkenden of niet. Hun oordeel vindt pas plaats na hun opstanding.

Verder redenerend, als zelfs ongelovigen een opstanding uit het herinneringsgraf ontvangen door Christus, waarom veronderstel je dan dat de andere schapen, die de hoop hebben de aarde te beërven, Christus' vlees moeten eten en zijn bloed moeten drinken?

Geloof hebben in Christus is niet hetzelfde als gezalfd zijn. Noch is het beërven van eeuwig leven op aarde afhankelijk van het opgenomen zijn in het nieuwe verbond. Degenen die in een nieuw verbond zijn geroepen hebben een speciale toewijzing die vereist dat ze in elk opzicht hetzelfde als Christus worden. Het betekent dat ze hun aardse leven op moeten geven en Christus in de hemel moeten volgen. Nemen van het brood en de wijn is een openbare bekendmaking dat een persoon daarvoor door Jehovah is geroepen.



 
         
Home | Essays | Postzak | Commentaren | Gastenboek | Links | Tools | Site Map | The Watchman