| |
Week van: 2 t/m 8 Mei 2004
|
| Als gezalfde Jehovah's
Getuigen het overblijfsel zijn van de 'bruid van Christus'
en het Besturend Lichaam de vertegenwoordigers van dat overblijfsel,
zou het dan niet zo zijn dat, wanneer het Besturend Lichaam
geestelijk overspel heeft gepleegd, wat ze duidelijk gedaan
heeft, Christus, als zijnde de bruidegom, zijn bruid verworpen
heeft voor haar geestelijke hoererij? Daaruit volgt dat Jehovah
en Christus niet langer gebruik maken van het huidige Besturend
Lichaam van Jehovah's Getuigen en hun kanaal om 'voedsel terechter
tijd' te verschaffen. Zou je het eens zijn met die redenering?
|
|
|
| Nee. Jezus voorzei dat zowel de getrouwe
als de boze slaven tegelijkertijd zouden bestaan in het zelfde
huisgezin, tot het moment waarop hij aankomt als een dief
in de nacht om het oordeel in werking te stellen. Vervolgens,
na de aankomst van de meester, zal elk van hen individueel
geoordeeld worden.
Kijk eens naar de profetie in het 9de hoofdstuk van Ezechiël.
Daar lezen we: "Grijsaard, jongeling en maagd en klein
kind en vrouwen dient gij te doden - ten verderve. Maar
nadert geen enkele man op wie het kenteken is, en bij mijn
heiligdom dient gij te beginnen." Dus begonnen zij bij de
oude mannen die vóór het huis waren. (vers 6)
Ezechiël wijst erop dat Jehovah de natie als geheel oordeelde,
maar ook keek naar elk individueel persoon. Het Wachttorengenootschap
past Ezechiëls profetie zoals gewoonlijk toe op de Christenheid.
Het feit dat het oordeel begon bij Jehovah's heiligdom is
echter in complete harmonie met hetgeen de apostel Petrus
schreef aangaande het oordeel dat begint bij het huis van
God. Dus, ondanks dat de gehele organisatie bezoedeld is
in Gods ogen, net zoals dat met het oude Jeruzalem het geval
was, baseert Jehovah zijn oordeel op het feit of zijn volk
"zucht en kermt over al de verfoeilijkheden die in het midden"
van zijn organisatie plaatsvinden.
De profeten voorzeggen dat Jehovah uiteindelijk, nadat
het oordeel voorbij is, een Terugkoper van zijn volk zal
worden en in grote mate vergeving zal schenken.
|
|
| Ik weet niet of je
al eens op de NGO "Aidafrique"
bent gestuit die in Frankrijk door het WTG wordt gebruikt?
Hier bestaat informatie over die toegankelijk is via Google…
Deze informatie was/is gesitueerd op de officiële
website van JG in Frankrijk. Ik kan hem niet vinden op
de huidige lijst van NGO's op de website van de VN en ik vraag
me af of hij er wellicht onder een andere naam op staat… Kennelijk
zijn de broeders in Frankrijk en Afrika goed op de hoogte
van deze organisatie en sommigen beginnen zich te realiseren
waar ze precies deel aan hebben genomen. Ik geloof dat de
JG site zei dat ze een non-gouvernementele organisatie waren,
maar dat de gewone JG kennelijk niet begreep waarom ze die
terminologie gebruikten. Ik heb echter gehoord dat enkele
broeders wel wisten dat er een soort van samenwerking bestond
tussen hen en de VN. Op Google vond ik een brief aan de gemeenten
waarin hen werd gevraagd om door middel van donaties ondersteuning
te geven aan de Aidafrique organisatie. Het zou helpen wanneer
je iemand zou hebben die het Frans kan vertalen en wellicht
kun je meer info ontdekken. |
|
|
| Bedankt voor de link. Wellicht kan iemand
die Frans spreekt wat tijd vrijmaken om de vertaling voor
ons te maken. Het lijkt of er wat kanttekeningen zijn bij
het feit dat het Wachttorengenootschap een mensenrechten NGO
is/was. |
|
| Geachte Watchman. Ik
heb enkele vragen die met elkaar van doen hebben. Hoe weten
we dat het aantal van 144.000 - of het nu letterlijk is of
niet - verwijst naar het volledige aantal personen dat sinds
de 1ste eeuw gezalfd is en niet enkel naar het aantal van
de LEVENDE gezalfden die UITEINDELIJK als getrouw worden verzegeld,
GEDURENDE HET EINDE? Openbaring 7 zegt "brengt geen schade
toe aan de aarde…tot nadat wij verzegeld hebben." De context
is (waarschijnlijk) dus de definitieve verzegeling van de
dan levende gezalfden, toch? Het volgende vers zegt verder
echter: "En ik hoorde het aantal van hen die verzegeld werden,
144.000." Betekent dit dat het aantal dat verzegeld zal worden
OP DAT MOMENT 144.000 zal zijn (nadat ze getrouw zijn bevonden)
en dat het volledige aantal gezalfden dat sinds de 1ste eeuw
vergaderd is veel groter kan zijn? Ik begrijp dat er tegen
deze tijd een opstanding van de gezalfden plaats kan hebben
gevonden, maar werden deze opgestane personen niet eerder
verzegeld, óf voor hun dood óf VOOR hun opstanding, zoals
wordt gesymboliseerd door de witte gewaden uit Openbaring
6:9-11? Dit leidt tot mijn laatste vraag. Vers vier van Openbaring
7 zegt dat de 144.000 verzegeld zijn "uit" elke stam van Israël.
Dit is de DEFINITIEVE verzegeling, is het daarom niet zo dat
degenen die op dit moment definitief verzegeld worden "uit"
- van onder - het geestelijk Israël genomen worden, wat betekent
dat deze 144.000 de "uitverkorenen" zijn en NIET het volledige
aantal van gezalfden "uitverkorenen" die op dat moment leven?
|
|
|
| Het 14de hoofdstuk van Openbaring noemt
de 144.000 ook. Ze worden beschreven als staande op de top
van de Berg Sion samen met Jezus. Er wordt verder gezegd dat
alleen de 144.000 zich het lied eigen konden maken, zodat
ze zich uiteindelijk kwalificeren om samen met Jezus te regeren.
Dat is dus vrij helder.
Alle gezalfde personen moeten met Jehovah's stempel van
goedkeuring verzegeld worden voordat ze sterven. Paulus
schreef bijvoorbeeld aan de Filippenzen dat hij niet van
zichzelf dacht dat hij de prijs reeds gegrepen had, maar
dat hij streefde naar het doel om de prijs van de roeping
van boven te verwerven. Enkele jaren later schreef Paulus
echter aan Timotheüs dat het voelde alsof hij zijn beloning
zo goed als zeker verkregen had. Met andere woorden, hij
was verzegeld. 2 Timotheüs 4:6-8 zegt: "Want ik word
reeds als een drankoffer uitgegoten en de bestemde tijd
voor mijn losmaking is aanstaande. Ik heb de voortreffelijke
strijd gestreden, ik heb de loopbaan tot het einde gelopen,
ik heb het geloof bewaard. Van nu af is voor mij weggelegd
de kroon der rechtvaardigheid, die de Heer, de rechtvaardige
rechter, mij op die dag als beloning zal geven, doch niet
alleen aan mij, maar ook aan allen die zijn manifestatie
hebben liefgehad."
Alle 144.000 worden dus voor hun dood verzegeld. In het
geval van de 1ste eeuwse Christenen betekende dit dat ze
individueel Jehovah's zegel van goedkeuring verkregen op
enige tijd gedurende hun aardse leven - zoals Paulus hierboven
ook beschreef.
De verzegeling die in Openbaring hoofdstuk 7 echter wordt
beschreven, voorzegt een massaverzegeling van alle overgebleven
zonen van het koninkrijk gedurende verdrukking. Dan zal
ook de opstanding van de heiligen plaatsvinden. Degenen
die dus vóór Christus' aankomst gestorven zijn, maar die
verzegeld zijn, worden vrijwel op dezelfde tijd opgewekt
als wanneer de dan nog levende overgebleven zonen verzegeld
worden. Daarom geeft Openbaring een beschrijving van het
gehele lichaam dat verzegeld wordt.
Het doel van deze definitieve verzegeling van de overgebleven
heiligen is dat het de Duivel tegenover een onweerstaanbare
verleiding stelt. De definitieve verzegeling betekent namelijk
dat Jehovah geen verdere zalving meer zal doen - geen vervangingen
meer. De verzegeling betekent dat God zijn gehele voornemen
inzet op de integriteit van de overgebleven verzegelde personen.
Zonder twijfel wordt dit bedoeld met het haken in Satans
kaken slaan en hem te verlokken tot zijn eigen ondergang.
Vanuit Satans gezichtspunt lijkt het echter een zekerheidje
te zijn; het enige wat hij hoeft te doen is slechts één
van de verzegelden tot het ontrouw aan Jehovah te brengen
en hij wint. Een koninkrijk dat bestaat uit 143.999 zou
tenslotte betekenen dat Jehovah gelogen heeft. En houd ook
in gedachte dat Satan oorspronkelijk pochte dat hij elk
schepsel van God af zou kunnen keren wanneer hij werkelijk
druk zou mogen uitoefenen. Jehovah geeft hem dus nog één
kans bij het overblijfsel van de 144.000.
Natuurlijk weten we dat ze getrouw zullen zijn tot aan
hun dood, maar dit is nu eenmaal wat er voor de goede orde
moet gebeuren. Daarom is 144.000 een letterlijk aantal.
Jehovah zet zijn gehele naam en reputatie op het spel om
te bewijzen dat hij het vermogen bezit een volk te scheppen
dat tot de laatste persoon getrouw aan hem zal blijven.
Door het nauwkeurige aantal personen te geven die getrouw
zullen blijven, zet Jehovah daarom heel hoog in; om eens
en voor altijd te bewijzen dat Satan een grove leugenaar
is en een enorme verliezer.
|
|
| Geachte e-Watchman,
je gelooft kennelijk dat Jehovah's Getuigen zich als Gods
volk onderscheiden van andere Christenen en dat hun organisatie
Gods organisatie is, ook al is ze afgedwaald. Wat maakt je
hier zo zeker van? Als het 'tarwe en het onkruid' samen op
moeten groeien en dit meer dan tweeduizend jaar BINNEN de
'christenheid' heeft plaatsgevonden, waarom geloof je dan
dat God zijn volk als Jehovah's Getuigen apart heeft gezet
in deze hedendaagse tijd, ondanks dat je niet gelooft dat
de scheiding van het tarwe en het onkruid al begonnen is?
Welke schriftuurlijke aanwijzingen zijn er dat God zoiets
zou doen en eind 19de en begin 20ste eeuw een 'ware Christelijke
gemeente' zou stichten? |
|
|
| Daar zijn vele redenen voor. Maar, laat
één ding duidelijk zijn: Het tarwe en het onkruid groeien
niet samen op binnen de christenheid. Dat is een jammerlijke
interpretatie die het Wachttorengenootschap ons geleerd heeft.
In Jezus' illustratie groeien de tarwe en het onkruid samen
op in het koninkrijk - dat is het koninkrijk van Christus
dat in Kolossenzen 1:13 wordt genoemd.
Volgens Jezus vindt de scheiding plaats gedurende het
feitelijke besluit, en in plaats dat de op tarwe gelijkende
zonen zogenaamd gescheiden worden van het onkruid, wordt
het onkruid van tussen de tarwe vandaan genomen - waarna
de tarwe geoogst zal worden.
De interpretatie van het Wachttorengenootschap is volledig
omgekeerd, daar ze ons geleerd heeft dat de tarwe lang geleden,
wanneer dat ook maar moge zijn, uit de Christenheid geoogst
is. Christus zei echter het volgende over de scheiding:
"Zoals daarom het onkruid wordt verzameld en met vuur
wordt verbrand, zo zal het ook gaan in het besluit van het
samenstel van dingen. De Zoon des mensen zal zijn engelen
uitzenden en zij zullen alle dingen die aanleiding tot struikelen
geven en degenen die wetteloosheid bedrijven, uit zijn
koninkrijk verzamelen, en zij zullen hen in de vuuroven
werpen."
Daar er tot op dit moment vele struikelblokken en wetteloze
personen aanwezig zijn binnen de organisatie, zou het duidelijk
moeten zijn dat de engelen nog niet met hun werk begonnen
zijn. De 35ste Psalm maakt dat duidelijk door het werk van
de engelen als volgt te beschrijven: "Mogen zij als kaf
voor de wind worden, en laat Jehovah's engel hen voortdrijven.
Laat hun weg tot duisternis en glibberige plaatsen worden,
en laat Jehovah's engel hen achtervolgen."
Het punt met betrekking tot je vraag is dat de tarwe en
het onkruid tot het besluit samen opgroeien in dezelfde
organisatie, wanneer de engelen met kracht de goddeloze
van onder de getrouwe weg zullen nemen. En daar er gezegd
wordt dat de goddeloze totdat ze uitgetrokken worden in
Christus' koninkrijk zullen zijn, kan er maar één organisatie
zijn waarbinnen de engelen de oogst uitvoeren.
Met dat in gedachten zijn er vele redenen waardoor we
zouden moeten erkennen dat Jehovah's Getuigen het ware geloof
zijn dat onder oordeel van Jehovah zal komen. Het Wachttorengenootschap
noemt vele aspecten die Jehovah's Getuigen als de ware religie
identificeren. Natuurlijk past het Wachttorengenootschap
geen van Gods veroordelingen toe op zichzelf - zoals e-watchman
dat doet. Maar voor degenen die profetie op een andere manier
begrijpen, bestaat er zelfs nog meer reden om Jehovah's
Getuigen als het ware geloof te identificeren.
|
|
| Ik heb twee vragen.
1) Waarom beweer je dat Christenen in twee categorieën worden
onderverdeeld, namelijk één met een hemelse roeping en één
met een aardse roeping, wanneer Paulus zegt dat we slechts
één hoop hebben (Efeziërs 4:4). 2) Op basis waarvan beweert
het WTG dat alle gezalfden in 1935 uitverkozen waren of dat
reeds gestorven gezalfde Christenen in 1918 een opstanding
hebben gekregen? Volgens Openbaring 1:18 heeft alleen Christus
het recht en de autoriteit dat te zeggen. |
|
|
| In dezelfde brief aan de Efeziërs beweert
Paulus dat het Gods voornemen is mensen tot zowel een aardse
als hemelse bestemming te verzamelen. "Het is overeenkomstig
zijn welbehagen, dat hij bij zichzelf had voorgenomen, aan
de volledige grens van de bestemde tijden een bestuur te hebben,
om namelijk alle dingen weer bijeen te vergaderen in de Christus,
de dingen in de hemelen en de dingen op de aarde."
Wanneer je veronderstelt dat de "dingen in de hemelen"
engelen zijn, zou je moeten uitleggen waarom het voor Christus
noodzakelijk zou zijn engelen tot zichzelf te vergaderen.
Nee, "de dingen in de hemelen" is in werkelijkheid
een verwijzing naar de gezalfden; zelfs terwijl ze op aarde
zijn. Dat wordt even verderop door Paulus duidelijk gemaakt,
wanneer hij in Efeziërs 2:6 zegt: "En hij heeft ons mede
opgewekt en ons mede plaats doen nemen in de hemelse gewesten
in eendracht met Christus Jezus, opdat in de komende samenstelsels
van dingen de allesovertreffende rijkdom van zijn onverdiende
goedheid getoond zou worden in zijn goedgunstigheid jegens
ons in eendracht met Christus Jezus."
Paulus verwijst dus zelfs in dit samenstel naar degenen
die in eendracht met Christus zijn als plaatsnemend in de
"hemelse gewesten." Dat betekent dus dat de "dingen
op de aarde" degenen zijn die de grote verdrukking hopen
te overleven om de aarde te beërven.
De "ene hoop" waar Paulus in die context naar verwijst,
is de hemelse hoop van het gehele lichaam van Christus,
maar het is in beginsel ook zeker van toepassing op "de
dingen op de aarde," daar zij ook de hoop hebben dat
Christus hen redding zal schenken.
|
|
| Denk je dat er bijbelse
gronden bestaan om te verwachten dat de grote verdrukking
nog vóór ons ligt? Het schijnt mij toe dat de
grote verdrukking binnenkort over is gezien de huidige toestand
van de wereld. Het jaar 1914 kan worden bezien als 'een begin
van de weeën der benauwdheid'. |
|
|
| De grote verdrukking is nog niet begonnen.
Het Wachttorengenootschap leerde vroeger dat de verdrukking
in 1914 begonnen was, maar dat Jehovah hem verkort heeft.
Nu geloven Jehovah's Getuigen echter dat de verdrukking nog
voor ons ligt.
Wat betreft de "huidige toestand van de wereld,"
die is maar net afhankelijk van in welke wereld je leeft.
Wat ik bedoel is dat het veel mensen aardig voor de wind
gaat. Rijke mensen, de zogenaamde hogere stand, lijken geïsoleerd
te zijn van de moeilijkheden waartegen de rest van de wereld
moet vechten. Toch zei Jezus dat de verdrukking over de
"gehele bewoonde aarde" zou komen. Met andere woorden
- iedereen zal erdoor geraakt worden.
|
|
|
|
|