Home  |  LinksGastenboek | Contact | Forum
 

 

STRUIKELBLOKKEN - HOE KUNNEN WE ER HET HOOFD AAN BIEDEN?

"De Zoon des mensen zal zijn engelen uitzenden en zij zullen alle dingen die aanleiding tot struikelen geven en degenen die wetteloosheid bedrijven, uit zijn koninkrijk verzamelen, en zij zullen hen in de vuuroven werpen. Daar zullen zij wenen en knarsetanden." - Mattheüs 13:41 en 42

Sommigen van ons nemen op naïeve en onrealistische wijze aan dat er onder Jehovah's getuigen geen struikelblokken voorkomen of horen voor te komen, omdat we Gods volk zijn. De bijbel laat echter duidelijk zien dat geloof in een struikelblokvrije gemeenschap van ware aanbidders momenteel slechts een mythe is.

Het volk Israël was vroeger Gods uitverkoren volk, maar de Hebreeuwse Geschriften tonen desondanks aan dat er situaties waren waarover de natiën rondom Israël en de ware aanbidders van toendertijd struikelden (vergelijk Ezechiël 36:13-15; Maleachi 2:7, 8). Ook de stichter van het christendom, Jezus Christus, liet hier geen misverstand over bestaan. Hij zei met grote realiteitszin dat "het onvermijdelijk [is] dat er oorzaken tot struikelen komen". In het vervolg daarvan sprak Jezus een wee uit over degene die een ander tot struikelen brengt en waarschuwde hij dat de veroorzaker daarvan rekenschap gevraagd wordt (Lukas 17:1, 2) In Jezus profetie aangaande zijn parousia voorzegde hij dat "dan ook velen tot struikelen zullen worden gebracht" (Mattheüs 24:10). En in Jezus illustratie waarbij op een veld onkruid tussen de tarwe gezaaid werd, verklaarde hij verder dat 'in zijn Koninkrijk' struikelblokken zouden bestaan totdat hij zijn engelen de opdracht zou geven om 'alle dingen die aanleiding tot struikelen geven' uit zijn Koninkrijk te verzamelen en weg te doen (Mattheüs 13:41 en 42). Op grond van deze profetische woorden dient het ons niet te verbazen dat we ook in deze tijd als Gods volk met struikelblokken geconfronteerd worden. Jehovah staat blijkbaar het bestaan van struikelblokken onder zijn ware aanbidders toe met het doel om Satans mond te snoeren en zijn volk te louteren en te reinigen (verg. Spreuken 27:11 en Daniël 11:35). Gods profetische woord garandeert een struikelblokvrije gemeenschap pas na het rechterlijk ingrijpen van Jezus Christus, het hemelse hoofd van de christelijke gemeente.

Om te voorkomen dat we zelf op de een of andere manier het slachtoffer worden van struikelblokken is het nu zeer belangrijk om te leren hoe we met struikelblokken moeten omgaan. Het is derhalve wijs om een zorgvuldige bijbelstudie te maken over het onderwerp "struikelen". Hierdoor krijgen we inzicht in het "struikel-mechanisme", of te wel in de redenen waarom de ene persoon wel en de andere persoon niet over een bepaalde kwestie struikelt.

Op grond van de praktijk zou je kunnen zeggen dat personen 'hun struikelblok' zelf uitkiezen. Hoe zou je anders kunnen verklaren waarom personen over bepaalde kwesties struikelen, terwijl anderen door exact dezelfde kwesties niet tot struikelen gebracht worden? Toen Jezus bijvoorbeeld tot zijn discipelen zei dat ze zijn vlees moesten eten en zijn bloed moesten drinken, waren sommigen van hen door deze 'aanstootgevende rede' ernstig geschokt en weigerden hem nog langer te volgen. Zij werden tot struikelen gebracht omdat ze blijkbaar naar een excuus zochten om zonder gezichtsverlies met het volgen van Jezus te stoppen. Jezus bediende hen op hun wenken door een schokkende uitspraak te doen. Eindelijk hadden ze een "fout" in Jezus onderwijs gevonden: Jezus wilde hen kennelijk aanzetten tot kannibalisme en letterlijk bloeddrinken. Uit het bijbelse verslag blijkt echter nergens dat Jezus apostelen wel begrepen wat hij met deze woorden bedoelde. Maar zij hadden inmiddels genoeg gezien en gehoord om er volledig van overtuigd te zijn dat Jezus de Messias was, en derhalve was het voor hen niet zo van belang dat Jezus iets schokkends gezegd had. Ze hadden simpelweg het geloof dat er een redelijke verklaring voor zijn uitspraak was, ook al begrepen ze die op dat moment nog niet. Derhalve stapten Jezus getrouwe apostelen met een grote stap over dat potentiële struikelblok heen, terwijl anderen door Jezus woorden tot struikelen gebracht werden. Soortgelijke "struikel-mechanismen" zijn ook in onze tijd gemakkelijk te onderscheiden. - Johannes 6:48-69.

Ondanks het feit dat Jehovah en Jezus rekenschap zullen vragen aan iedereen die struikelblokken op onze weg plaatst, laat de bijbel zien dat we ook zelf verantwoordelijkheid moeten nemen en niet mogen toestaan dat anderen ons tot struikelen brengen. De bijbel helpt ons bijvoorbeeld een sterk geloof te ontwikkelen in degene die 'ons voor struikelen kan behoeden' (Judas 24) en Psalm 119:165 zegt: "Overvloedige vrede behoort hun toe die uw wet liefhebben, en voor hen is er geen struikelblok". De bijbel zegt dus dat iemand die echte liefde voor Jehovah en Zijn woord ontwikkeld heeft, niet van zijn innerlijke vrede beroofd en tot struikelen gebracht kan worden. Waarom niet?

Omdat struikelblokken vaak te maken hebben met andermans fouten en misstappen. De reden waarom Jehovah zo'n struikelblok niet als een legitiem excuus accepteert om van ons geloof af te vallen, is dat iemands geloof in de allereerste plaats in Jehovah en Jezus moet zijn. En omdat Jehovah ons de verzekering geeft dat hij zijn aanbidders nooit in de steek laat, hoort wat een medegelovige doet of niet doet geen enkele invloed te hebben op onze persoonlijke band met onze hemelse Vader.

Als iemand zich dus door andermans fouten tot struikelen laat brengen en van zijn geloof afvalt, blijken zijn band met en zijn geloof in Jehovah niet sterk genoeg te zijn, zoals bijvoorbeeld uit Daniël 11:32 blijkt. Daar wordt na een voorzegde 'afval door gladde woorden' het volgende opgemerkt: "En degenen die goddeloos handelen tegen [het] verbond, zal hij door middel van gladde woorden tot afval brengen. Maar wat het volk betreft dat zijn God kent, zij zullen zegevieren en doeltreffend handelen. "

Met andere woorden: Als wij 'onze God werkelijk kennen' of een navolger van God zijn, dan zullen we niet 'tot afval of struikelen gebracht worden'. Dat is dus de sleutel om niet door mensen tot struikelen gebracht te worden: Wees een navolger van God! Alleen dan is het mogelijk om over struikelblokken te 'zegevieren en doeltreffend te handelen'.

Maar dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Het is nooit gemakkelijk voor godvruchtige personen geweest om geloof te stellen in een God die ze niet kunnen zien. Het is veel makkelijker om naar mensen in plaats van God op te zien. Bijvoorbeeld de Israëlieten die met Jehovah een verbond gesloten hadden, vervielen steeds weer in de strik van afgoderij doordat ze geloofden dat God in de een of andere zichtbare vorm voorgesteld kon worden. Niet dat Jehovah geheel uit het beeld verdween, maar hij werd verkeerd voorgesteld. Toen Aäron bijvoorbeeld een gouden kalf gemaakt had, presenteerde hij dat gouden kalf als volgt: "Dit is uw God, o Israël, die u uit het land Egypte heeft opgevoerd" (Exodus 32:4)

Bijna alle religieuze mensen zijn helaas geneigd om toe te laten dat hun aanbidding van de onzichtbare God degenereert in het aanbidden van de zichtbare religie zelf. Ook Jehovah's getuigen moeten ervoor waken niet in dezelfde fout te vervallen. We kennen allemaal de uitdrukking "Gods zichtbare organisatie", maar we moeten ervoor waken dat we ons persoonlijk geloof in de Almachtige en zijn geliefde Zoon nooit geheel of gedeeltelijk vervangen door "geloof" in louter mensen, ook al vormen ze een belangrijk deel van "Gods zichtbare organisatie". Dat zou namelijk een subtiele vorm van afgoderij zijn. Ons recente boek "Nader dicht tot Jehovah" dat op de districtscongressen 2002 uitgegeven is, vormt een fantastische hulp om niet in deze val verstrikt te raken.

Denk in dit verband eens aan de Korinthische christenen. Zij volgden prominente figuren uit "Gods zichtbare organisatie" van toendertijd na: Paulus, Apollos en Petrus. Hun geloof was eerder in "Gods zichtbare organisatie" dan in God zelf. Degenen die zich niet lieten corrigeren, struikelden en vielen uiteindelijk van het geloof af. Of denk - meer recent - aan de personen die broeder Russell verafgoodden. Ook zij volgden liever een persoon dan Jehovah God. Velen van hen verlieten uiteindelijk Gods organisatie. Of denk - nog recenter - aan de duizenden personen die de organisatie verlieten na 1975. Zij lieten zich blijkbaar tot struikelen brengen door vooraanstaande broeders die verkeerde verwachtingen over dat jaar gewekt en gepubliceerd hadden. Later in het Jaarboek van 1980 stond de volgende opmerking over een congreslezing in 1979:

*** yb80 30 Jaarboek van Jehovah's getuigen 1980 ***
"De broeders waardeerden in dezelfde lezing ook de openhartigheid waarmee het Genootschap de verantwoordelijkheid erkende voor een deel van de teleurstelling die een aantal personen met betrekking tot 1975 ondervond."

Maar waarom struikelden niet alle broeders en zusters over de niet uitgekomen verwachting van 1975? Omdat de meesten van hen navolgers van God en Jezus Christus waren, en niet zoveel belangrijkheid toekenden aan "Jehovah's zichtbare organisatie" dat ze daardoor "navolgers van mensen" geworden waren. Daarom konden zij met een grote stap over dat struikelblok heenstappen.

Uit deze voorbeelden leren we hoe belangrijk het is om een sterk persoonlijk geloof in Jehovah en Jezus te ontwikkelen. Vroeg of laat zullen we allemaal geconfronteerd worden met de vraag: Ben ik een navolger van mensen of van God? Alleen navolgers van God zullen niet tot struikelen of afval gebracht worden. De woorden van de Psalmist (91:9-12) gaan dan ook in hen in vervulling:

"Omdat gij [hebt gezegd]: "Jehovah is mijn toevlucht",
Hebt gij de Allerhoogste zelf tot uw woning gemaakt;
Geen rampspoed zal u treffen,
En nog geen plaag zal uw tent naderen.
Want hij zal zijn eigen engelen aangaande u een bevel geven,
Om u te behoeden op al uw wegen.
Op hun handen zullen zij u dragen,
Opdat gij uw voet aan geen steen stoot."

| Terug |